blog | werkgroep caraïbische letteren
0
 

door Ewoud Sanders

De Universiteit Leiden heeft aangekondigd dat het de aanduiding „Vaderlandse geschiedenis” wil inruilen voor „Nederlandse geschiedenis” omdat dit eigentijdser is en beter past bij de inhoud van dit vak. Ik kan me daar wel in vinden, want wat moet je precies verstaan onder vaderlandse geschiedenis?

De Dikke Van Dale, de scheidsrechter in veel taalzaken, geeft dit curieuze antwoord: vaderlandse geschiedenis = de geschiedenis van het moederland. Moederland betekent volgens dit naslagwerk: „land ten opzichte van zijn overzeese bezittingen” of „land van oorsprong”. En vaderland: „gewest, naderhand land of staat waar iemands vader, waar de voorvaderen hebben gewoond, waar je geboren en getogen bent, waar je als burger woont en je thuis voelt”.

Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat sommige definities in dit woordenboek hard aan actualisering toe zijn, want ik zou bijvoorbeeld niet weten waarom de vader hier bepalender is dan de moeder. En is je ergens thuis voelen voldoende om het land waar je woont je vaderland te noemen? Ik betwijfel sterk of de Immigratie- en Naturalisatiedienst zich hierin kan vinden.

Ewoud Sanders schrijft elke week in NRC over taal. Twitter: @ewoudsanders.

[Uit NRC Handelsblad, 26 februari 2020]

on 02.03.2020 at 8:06
Tags: / /

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter