blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Walle Johan van de

Eenzaam tussen twee vaderlanden

De rubriek Herlezen vraagt aandacht voor boeken die langer geleden zijn verschenen en de moeite van het herlezen waard zijn. Suggesties? Laat het ons weten via ons emailadres. Vandaag een stuk over de integrale Romans en verhalen van J. van de Walle, verschenen in 1993, dertig jaar nadat Van de Walle’s werk uitkwam.

door  Wim Rutgers

De Nederlandse journalist-auteur Johan van de Walle (geboren Den Haag 1912) was van 1934 tot 1942 (hoofd)redacteur van het Curaçaose dagblad Beurs- en Nieuwsberichten, waarna hij naar Suriname vertrok waar hij hoofd van de Gouvernements Persdienst werd. Nadat hij na de oorlogsjaren repatrieerde werd hij chef van de Caraïbische afdeling van Radio Nederland Wereld Omroep, een functie die hij tot aan zijn pensionering zou bekleden. Hoewel fysiek van de Caraïben gescheiden, was hij er mentaal voortdurend mee bezig – niet alleen beroepsmatig maar met zijn gehele wezen dat een gevoel van heimwee naar de tropen nooit meer kwijtraakte. Van de Walle noemt zichzelf dan ook bij voorkeur een gecreoliseerd mens.

Tien jaar na zijn terugkeer uit Suriname publiceerde Van de Walle zijn eerste ‘tropenroman’ De slavenopstand (1956), die de daarop volgende jaren gevolgd werd door een serie andere, zoals Achter de spiegel (1958), Wachtend op de dag van morgen (1959), De muggen van San Antonio (1961), de verhalenbundel De overtocht (1962) en de grote Surinaamse slavenroman Een vlek op de rug (1963). De Nederlandse kritiek reageerde positief op dit werk, maar Van de Walles inspiratie leek opgedroogd. Het werd stil rond de auteur Van de Walle, tot hij na een pauze van tien jaar nog zijn herinneringen aan Curaçao in Beneden de wind (1974) en aan Suriname in Een oog hoven Paramaribo (1975) aan het papier toevertrouwde. In 1990 ten slotte verscheen zijn uit het begin van de jaren zeventig daterende nostalgische briefwisseling met de op Curaçao wonende Nederlandse arts Chris Engels, onder de titel Klein Venetië; Curaçao in vroeger dagen.

Stofomslag van de 1e druk van Een vlek op de rug

In oktober 1993 verscheen bij Aldus Uitgevers/De Prom de verzamelbundel Romans en verhalen waarin de zes romans en de ene verhalenbundel in een mooi gebonden boek met stofomslag samen werden gepubliceerd. In het nawoord op deze bundeling: ‘J. van de Walle: verteller tussen de grenzen’ – karakteriseerde Michiel van Kempen de auteur op buitengewoon heldere wijze in amper zes bladzijden. Johan van de Walle neemt in de twee historische slavenromans Achter de spiegel, gesitueerd op een fictief Caraïbisch land met kenmerken van Suriname en Curaçao, en Een vlek op de rug, dat in Suriname speelt, zijn lezers mee naar het verleden, waar hij laat zien hoe er verschillende vormen van slavernij waren die zich niet met elkaar verdroegen. In het eerste werk loopt het uit op een grote opstand, in het tweede wordt de emancipatie eindelijk afgekondigd. De personages bevinden zich op cruciale momenten, die polair staan voor traditie en vernieuwing.

Omslag 1e druk De muggen van San Antonio

Dat is ook het geval in de in Zuid-Amerika spelende De muggen van San Antonio en Achter de spiegel, dat de periode van Curaçao zonder en met de grote raffinaderij beschrijft. Omdat de Curaçaose verhalenbundel De overtocht tijdens de Tweede Wereldoorlog speelt, wordt het ons mogelijk Johan van de Walles visie op ongeveer honderd jaar Antilliaans-Caraïbische geschiedenis te volgen. Hij kiest daarvoor nogal eens het perspectief van de toeschouwer die alles meebeleeft maar die niet partijdig is. Zo kiest de pater in De slavenopstand niet voor de traditie of de vernieuwing maar beperkt hij zich tot het verkondigen van het Woord van God. Impliciet geeft Van de Walle zijn romans een dieper idee mee: godsdienst en politiek horen gescheiden te zijn. De priester verkondigt het woord en helpt de noden lenigen waar nodig is, maar hij bemoeit zich niet met de politieke issues van de dag. De priester in Een vlek op de rug woont ver teruggetrokken en diep verborgen in een melaatsenkolonie aan de mond van de rivier in het oerwoud.

In het meest autobiografische Wachten op de dag van morgen draagt de hoofdpersoon Van de Walles standpunt uit: ‘Het is wel vreemd dat mensen zoals ik, geboren in Europa, maar werkzaam onder de tropenzon, twee vaderlanden hebben, die ze om beurten verzaken en toch niet missen kunnen. Je voelt je nergens thuis. In Europa niet. In de tropen niet. Overal draag je je eigen eenzaamheid met je mee.’

Pocketherdruk van De muggen van San Antonio

Hoewel Johan van de Walle vergeefs gezocht wordt in de Nederlandse literatuurgeschiedenissen, lazen de leerlingen van de middelbare scholen op de Antillen en in Suriname zijn boeken gretig – al raakte hij ook daar de laatste jaren enigszins op de achtergrond. Ik maakte kennis met zijn werk toen ik in het begin van de jaren zeventig in Suriname leraar Nederlands werd. Ik las zijn werk met plezier, want het is journalistiek vaardig geschreven en met een helder oog voor het sprekende detail zet het de personages haarscherp voor ogen. Toen ik naar Aruba verhuisde, merkte ik dat ook daar de havo-vwo-leerlingen Van de Walles werk veelvuldig voor hun eindexamenlijsten kozen. Ik kon de romans met dichte ogen uiteindelijk dromen. Johan van de Walle raakte op de achtergrond toen ik zijn werken wegens een andere functie in Nederland niet meer behandelde.

Handtekening J. van de Walle

Nu ik na vijf jaar Europa op Aruba terug ben, intrigeerde me de vraag of Van de Walles werk bestand zou zijn tegen herlezing – nadat ik er zovele keren tijdens de literatuurlessen mee geconfronteerd werd in het verleden. Met die vraag heb ik de zes romans en de verhalenbundel achter elkaar herlezen en ziedaar: de tijd viel weg en Van de Walle slaagde er opnieuw in mij geheel mee te slepen met zijn problematiek en stijl.

Johan van de Walle, Romans en Verhalen, Aldus Uitgevers/De Prom, ‘s-Hertogenbosch/Baarn, 1993, 574 p.

[verschenen in Ons Erfdeel, jaargang 37]

Media Caribisch Nederland willen voortzetting Wereldomroep

Philipsburg — De voortzetting van de nieuwsvoorziening door Radio Nederland Wereldomroep (RNW) in Caribisch Nederland is het onderwerp van een brief die door media op Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba en St. Eustatius verstuurd is naar ministers Marja van Bijsterveldt (Cultuur) en minister Liesbeth Spies (Koninkrijksrelaties).

 

Geheel links Johan van de Walle, de eerste chef van de Caribische Afdeling van de Wereldomroep. Verder van l.n.r. dr. M.F. Da Costa Gomez, Lucila Engels-Boskaljon, Chris Engels (Luc Tournier), H.C. Jorissen, Frits van der Molen en mr. L.C. Kwartsz bij de opening van een boekententoonstelling in ‘De Gezelligheid’.

 

Van Bijsterveldt heeft vorig jaar aangekondigd dat de vijftien redactieleden van RNW in het Caribisch gebied eind dit jaar ontslagen zullen worden. Nieuwsuitzendingen voor de radio in Caribisch Nederland zullen overgenomen worden door de staatsomroep Landelijke Publieke Omroep (LPO) met ingang van 1 januari 2013.

De sluiting van de redactie-afdelingen is het resultaat van dat er gesneden is in de jaarlijkse overheidssubsidie, die daarmee van 46 miljoen euro gedaald is tot 14 miljoen euro.

RNW heeft sinds 1947 toen zij van start ging, programma’s voor de Nederlandse eilanden in het Caribisch gebied verzorgd. Oorspronkelijk maakte dit deel uit van de West-Indische Afdeling.

De media in het Caribisch gebied zijn van mening dat het staken van de uitzendingen ernstige gevolgen zullen hebben voor nieuws binnen het Koninkrijk, evenals informatie over de eilanden en de grote Antilliaanse gemeenschap in Nederland. RNW fungeert als een belangrijke brug.

De mediapartners hebben de ministers met klem verzocht RNW te verzoeken een voorstel te presenteren waarbij de nieuwsvoorziening voor de Nederlandse eilanden in het Caribisch gebied en gemeenten in het rijk wordt voortgezet zoals dit het geval is met andere regionale omroepen in het Koninkrijk.

De mediapartners zijn ook van mening dat de LPO alleen een selectie kan geven van Nederlands nieuws, verzorgd door bijvoorbeeld de NOS en bestemd voor het in Nederland gevestigde publiek. “Wat de LPO te bieden heeft is niet genoeg voor ons in die zin dat wij als mediapartners de behoefte hebben aan specifiek en onafhankelijk nieuws over en voor dit gedeelte van het Koninkrijk”, wordt in de brief naar voren gebracht.

Vervolgens stelt men dat ‘de meeste Caribische mediapartners financieel en structureel niet in staat zijn deze belangrijke taak van de Wereldomroep over te nemen’. Bovendien willen zij er de nadruk op leggen dat RNW gedeeltelijk door de bedrijvigheid van de journalisten in het Caribisch gebied over een expertise beschikt die niet aanwezig is bij de nationale omroepen in Nederland.

Zij verzoeken de mogelijkheden dat het nieuws hen blijft bereiken in de talen die gebezigd worden in het Koninkrijk, Nederlands, Papiaments en Engels, aan te houden.

[uit Amigoe, maandag 13 februari 2012]

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter