blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Verrest Hebe

Johan Ferrier Fonds

[Bericht van het Johan Ferrier Fonds]

December 2018

Lieve Donateurs en Vrienden,

Als bestuur van de Stichting Johan Ferrier Fonds kijken we dankbaar terug op een veelbewogen jaar.

Veelbewogen, al was het alleen al vanwege de prachtige Johan Ferrier Lezing die op 24 mei jl. in een volle Koningskerk in Amsterdam door niemand minder dan Sheila Sitalsing uitgesproken werd. Haar speech was prikkelend en humoristisch, zoals we dat van haar gewend zijn, maar dat verhulde de ernst van haar boodschap niet: Suriname heeft behoefte aan kritische burgers. read on…

Ongemakkelijke relaties

Op zondag 25 oktober 2015 vond in het Tropenmuseum het debat Ongemakkelijke relaties in het kader van het Suriname – Nederland 40 jaar later weekend plaats. De debatten gingen over de ongemakkelijke relaties in de politiek, cultuur en economie en leverde weer veel stof tot overdenking en reflectie. Zoals altijd was er weinig tijd voor debat met de zaal maar kon er in de aansluitende borrel nog goed nagepraat worden. Een fotoreportage van Peter Sanches. read on…

In Memoriam Ad de Bruijne

by Isa Baud and Hebe Verrest

Ad de Bruijne held the chair of Human Geography of Developing countries at the University of Amsterdam since 1985 and before that at the Free University. During this period he taught many generations of students at the University of Amsterdam, Free University, and various universities and educational institutions in Suriname and India. He supervised many PhDs, who now themselves hold staff positions in academic institutions. read on…

Colloquium IBS: Taal Tori: Kultura den Boka

Meertaligheid in Suriname, Curaçao en de Caraïbische diaspora

Amsterdam, 17 november 2012
Het IBS colloquium 2012 gaat over taal en onderzoekt de relatie tussen taal en cultuur anno 2012. Uiteraard staan hierbij de talen van Suriname en de voormalige Antillen centraal. Het uitgangspunt van het colloquium is  dat taal een performatieve handeling is. De nadruk komt dan te liggen op  de constante verandering waaraan taal onderhevig is en op de opvatting dat  zij  een afspiegeling vormen van wat er gebeurt binnen een gemeenschap.
Het IBS colloquium brengt taal en cultuur samen en toont daarmee de flexibiliteit en dynamiek van Caraïbische gemeenschappen in verschillende thuislanden én Nederland. Taal- en cultuurwetenschappers zullen laten zien hoe de vorm, structuur, betekenis en functie van de talen van de Caraïbische gemeenschappen samenhangen met de complexe culturele identiteiten van verschillende bevolkingsgroepen. Wat je zegt, hoe je iets zegt en in welke taal, hangt af van je gesprekspartner, de omgeving, je achtergrond, je taalvaardigheid en wat je precies wil overbrengen. Deze samenhang is niet statisch maar dynamisch.
Ochtendprogramma
Dagvoorzitter: Hebe Verrest
10.15 – 10.45 uur Ontvangst en koffie
10.45 – 11.00 uur Opening door Peter Sanches, Voorzitter IBS
11.00 – 11.25 uur Pieter Muysken: Meertaligheid in het Caraïbisch gebied en Suriname
11.25 – 11.50 uur Guiselle Starink-Martha: Kultura den boka: de constructie van een Curaçaose identiteit
11.50 – 12.15 uur Margot van den Berg, Kofi Yakpo, Bob Borges: Talen in contact in Suriname en Nederland
12.15 – 12.20 uur Performance Walter Palm
12.20 – 12.40 uur Vragenronde/slotdebat aan de hand van stellingen
12.40 – 13.40 uur: Lunchpauze
Tijdens lunch schrijft men oude/nieuwe/grappige/vergeten woorden op een muur, die vervolgens plenair besproken worden

 

Middagprogramma
Dagvoorzitter: John Schuster
13.40 – 13.45 uur Performance Tipiko
13.45 – 14.00 uur Gracia Blanker: Vergeten woorden
14.00 – 14.25 uur Sjaak Kroon: Meertaligheid in het onderwijs in Suriname
14.25 – 14.50 uur Ruben Severina: Meertaligheid in het onderwijs in Curaçao
14.50 – 15.10 uur Vragenronde/slotdebat aan de hand van stellingen
15.10 – 15.20 uur Afsluiting
15.20 – 15.35 uur Performance Walter Palm + Tipiko
15.35 – 16.30 uur Informeel samenzijn
Locatie: Het Tropentheater
Adres: Linnaeusstraat 2, Amsterdam
Entree: E10,00
(vanaf CS Amsterdam tramlijn 9)
Antiquariaat Buku zal als vanouds aanwezig zijn met een uitgebreide boekenkraam. Dit jaar zal, met het oog op de aanstaande herdenking van 150 jaar afschaffing slavernij in 2013, als speciale actie het boek van Pater Rikken Ma Kankantrie, Een verhaal uit de Slaventijd voor de speciale actieprijs van eur15,– worden aangeboden (normale winkelprijs eur25,–; zolang de voorraad strekt). Dit verhaal speelt in Paramaribo rond 1800 en verscheen als feuilleton in de krant in 1907.

I love SU!?: Colloquium Surinamistiek 12 november 2011

 

De Stichting Instituut ter Bevordering van de Surinamistiek organiseert op zaterdag 12 november a.s. in samenwerking met NiNsee, Stichting Wan’atti en Stichting Terra en SIO het jaarlijkse colloquium Surinamistiek, dat gewijd zal zijn aan jongeren en jongerencultuur in Suriname.

 

Ochtendprogramma
Dagvoorzitter: John Schuster
10.15 – 10.45 uur Ontvangst en koffie
10.45 – 11.00 uur Opening door Peter Sanches,
Voorzitter IBS
11.00 – 11.25 uur Nina Jurna: Surinaamse jongeren, origineel, talentvol en zelfbewust
11.25 – 11.50 uur Frank Bovenkerk: Waarom is de jeugdcriminaliteit in Suriname zo uitzonderlijk laag?
11.50 – 12.15 uur Lucy Lewis: Suïcidaal gedrag onder jongeren in Paramaribo en Nickerie
12:15 – 12:40 uur Carla Bakboord: Disi na mi, mi e prodo nanga mi kondre!
12:40 – 13:00 uur Vragenronde
13.00 – 14.00 uur: Lunchpauze

 

Middagprogramma
Dagvoorzitter: Hebe Verrest
14:00 – 14:25 uur Inge van der Welle: Jonge Surinamers in Amsterdam
14:25 – 14:50 uur Marcus Balkenhol: Kulturu, het cultureel geheugen van de slavernij en de ‘afwezigheid’ van jongeren
14:50 – 15.15 uur Alida Neslo: No drai baka, no fadon
15.15 – 15.35 uur Vragenronde
15.35 – 15.45 uur Afsluiting
15.45 – 17.00 uur Informeel samenzijn

Locatie: Het Tropentheater
Adres: Linnaeusstraat 2, Amsterdam
Entree: E10,00
(vanaf CS Amsterdam tramlijn 9)

 

 

Nederlands slavernijverleden leidt tot verhitte discussies

Keti Koti (donderdag 1 juli), de dag waarop Surinamers en Antilianen de afschaffing van de slavernij vieren, is nog maar net een week voorbij of intellectuelen rollen over elkaar heen over het Nederlandse slavernijverleden. Vooral ‘slavernijprofessor’ Piet Emmer weet de aandacht op zich gericht.

Toen emeritus hoogleraar in de geschiedenis van Europese expansie dr Piet Emmer (Universiteit Leiden) zijn boek Who abolished slavery? Resistance and accomodation in the Dutch Caribbean (2008) publiceerde, kwam hem dat naast lofprijzen op felle kritiek te staan. Toen hij uitgerekend op de ‘Dag der Vrijheden’ (Keti Koti) in een publicatie in de Volkskrant aan zijn boek refereerde, wist hij de discussie over het Nederlandse slavernijverleden opnieuw aan te jagen. Intellectueel Nederland kroop weer in de pen om hem goed van repliek te dienen. Zij benadrukten hún visie op de slavernij nog duidelijker op bijeenkomsten. Wat stuit deze criticasters zo tegen de borst dat zij een reactie niet kunnen nalaten?

Politiek correct
Om te beginnen zegt Emmer in het stuk dat Surinamers en Antilianen de afschaffing van de Trans-Atlantische slavenhandel en slavernij te danken hebben aan ‘de kliek deftige, oude, blanke, mannelijke leden van Europese en Amerikaanse parlementen’. ‘Moet je daar een feestelijk gezicht bij trekken?’, vraagt hij zich af. Hij voert aan dat de opstanden van de tot slaaf gemaakten – behalve die in Haïti – vrijwel niets hebben bijgedragen aan het besluit een punt achter de slavernij te zetten. Emmer vindt studies, die het slavenverzet als belangrijkste oorzaak van de afschaffing van de slavernij noemen, maar ‘politiek correct’.

Sociaal-historicus Michaël Deinema, promovendus in sociale geografie en Hebe Verrest, universitair docent ontwikkelingsstudies, beiden verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, haasten zich 4 dagen later in dezelfde krant bezwaar te maken tegen de opvattingen van Emmer. ‘Emmer ziet enkele cruciale en bekende feiten over het hoofd die de gangbare “politieke correcte” interpretaties ondersteunen’, stellen ze. Zij wijzen op de abolitionisten die zich juist door het ‘zwarte verzet’ hebben laten inspireren. ‘Was het toeval dat de eerste golf van het Britse abolitionisme uitbrak net nadat in 1791 de slaven in Saint Domingue in opstand waren gekomen?’ Zo noemen

zij meerdere opstanden in andere ex-koloniën die van grote invloed zijn geweest op de beweging van abolitionisten zoals de beroemde opstand van François Dominique Toussaint Louverture (afbeelding hierboven), die als vrijgemaakte negerslaaf in opstand kwam tegen de Franse kolonisten in Haïti.

Een dag later deed Anil Ramdas, publicist, in NRC Handelsblad er nog een schepje bovenop. Hij vindt het slavernijdebat ‘harteloos en rancuneus’ en noemt Emmer ‘landskampioen zakelijk spreken over de slavernij.’

Koe Bertha
Het is niet de eerste keer dat Piet Emmer het vuur aan de schenen krijgt gelegd. Sandew Hira, historicus en auteur van het boek Decolonizing the mind (2010) wist niet wat hij hoorde toen Emmer de afschaffing van de slavernij als een ‘typisch kenmerk van de Westerse beschaving’ bestempelde. ‘Als de afschaffing van de slavernij een typisch kenmerk is van de Westerse beschaving, dan kan de invoering daarvan geen typisch kenmerk zijn van diezelfde beschaving’, betoogt Hira. Verbolgen is hij over Emmers stelling ‘dat Afrikaanse slaven het brandmerken als een bewijs zagen dat hun nieuwe eigenaar voor hen zou zorgen.’ Emmer zegt geen enkel bewijs te hebben gevonden dat tot slaaf gemaakten het brandmerken als gruwelijk en pijnlijk ervoeren. Deze interpretatie is een gruwel in de ogen van Hira. ‘Is dit serieuze wetenschap van de Universiteit Leiden? Een hoogleraar die zich bezighoudt met slavernijgeschiedenis en die zwarte mensen beschrijft zoals je koe Bertha beschrijft, die stelt dat ze geen notie van vrijheid hadden en dankbaar waren voor hun brandmerk, die concludeert dat ze graag in slavernij wilden leven?’ vraagt hij retorisch. ‘Die hoogleraar is geen wetenschapper, maar een racistische kwakzalver’, aldus Hira. .

Waar is Emmers bewijs?
Aan de kring van ‘Emmercritici’ kan ook Stephen Small worden toegevoegd. Small werd op 29 juni benoemd tot bijzonder hoogleraar Nederlands Slavernijverleden en erfenis aan de Faculteit der Geesteswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam. ‘Ik geloof niet dat hij voldoende onderzoek heeft gedaan om tot zulke conclusies te komen. Mijn vraag aan hem is: waar is je bewijs? En zijn je bevindingen gebaseerd op de zienswijze van de witte gemeenschap of heeft de zwarte gemeenschap hier ook aandeel in?’
Small gaat vanaf september één dag in de week onderzoeken hoe men in Nederland omgaat met het slavernijverleden. Hoe denkt men over deze donkere periode in de Nederlandse geschiedenis? Hoe wordt daarover gediscussieerd in boeken, het dagelijkse leven, op school, in de kunst en cultuur sector en in de media? ‘Ik ben specifiek geïnteresseerd in de mening van de zwarte gemeenschap. Juist hún bijdrage maakt het onderzoek wetenschappelijker, rijker en meer humaan.’
De recente en geruchtmakende studie Herstelbetalingen van Armand Zunder is Small niet ontgaan. ‘Zijn boek opent de deur voor het debat over wie nu echt van de slavernij hebben geprofiteerd. Boeken als dat van Zunder zijn belangrijk voor het slavernijdebat’, zegt Small.

‘Witte studies’
De vraag is waarom de overwegend ‘witte studies’ een totaal ander beeld geven van het Nederlandse slavernijverleden dan zwarte onderzoekers? ‘Zij presenteren dit deel van het verleden bewust als fabel dan als systeem van onderdrukking en uitbuiting’, weet Hira. ‘Opvattingen zoals het mijne circuleren in tegenstelling tot in Nederland reeds langer in wetenschappelijk Amerika. Zunder is bijvoorbeeld de eerste die het onderwerp van reparaties in Nederland op de agenda zette.’ Small is het hartgrondig met hem eens. ‘Nederland loopt goed achter op landen zoals Brazilië en de Verenigde Staten.’ Daarmee wil hij niet beweren dat de situatie in die landen perfect is. ‘Maar je ziet dat landen met goed georganiseerde zwarte sociale bewegingen het veel beter doen. Neem als voorbeeld de civil rights movement in the Verenigde Staten die de universiteiten en intellectuelen hebben gedwongen om beter onderzoek te verrichten. Nederland heeft in zijn onderzoeken de zwarte gemeenschap totaal genegeerd.’

Piet Emmer was niet bereikbaar voor een reactie.

[Bron: Wereldjournalisten, 7 juli 2010]

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter