blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Soemodihardjo Harto

Volksmuziekschool viert jubileum met Doe Theater

De Nationale Volksmuziekschool (NVMS) bestaat op 2 maart 10 jaar en viert dit jubileum met een ‘ODE aan het DOE Theater’. Het is een Edutainment project geschreven voor Surinaamse jongeren. De musicals van het DOE Theater van Thea Doelwijt en Henk Tjon, met stukken als Land te koop, Ba Uzi en andere, worden onder regie van Ivan Tai A Pin nieuw leven ingeblazen. “Voor de Surinaamse ouderen is het voornamelijk een geweldig stuk nostalgie”, zegt voorzitter van de NVMS, Karin Refos. read on…

Prinses Beatrix bij première jubileumvoorstelling Juliana, moeder van het volk

Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Beatrix der Nederlanden woont zaterdagavond 19 december in de Stadsschouwburg
in Amsterdam de première bij van de muzikale theaterreading Juliana, moeder van het volk – over koningschap en emancipatie. De voorstelling wordt gehouden ter gelegenheid van het tienjarig jubileum van Stichting Julius Leeft! read on…

Juliana, moeder van het volk – over koningschap en emancipatie

10-jarig jubileumvoorstelling in de regie van John Leerdam

 

Stichting Julius Leeft! presenteert haar 10-jarig jubileumvoorstelling Juliana, moeder van het volk in het weekend van 19 en 20 december in de Stadsschouwburg Amsterdam. Juliana is de tiende voorstelling in de reeks van muzikale theaterreadings in de regie van John Leerdam. Na Claus! (2010), die in de aanwezigheid van toenmalig Koningin Beatrix in première ging, is dit opnieuw een muzikale reading over een lid van het Nederlands Koningshuis. Hoe duur was de suiker?, Kain Pikul II en Tikkop waren eerdere muzikale producties van SJL. read on…

Milestone Emancipation

Vandaag 2 augustus 2015 speelt Guilly Koster met een formatie die de naam draagt van de allereerste band waaraan hij leiding gaf: Milestone Emancipation. Hij heeft een stel getalenteerde muzikanten om zich heen verzameld die geweldige muziek maken: read on…

Geniale anarchie: All chiefs no Indians

Machismo, intriges en machtswellust binnen de politieke context op Curaçao

Maandag 28 en dinsdag 29 januari 2013 in Paradiso Amsterdam
Boeli van Leeuwen
Wat is belangrijker, liefde voor de macht of liefde voor je geboortegrond? De nieuwe voorstelling van Stichting Julius Leeft!, Geniale Anarchie, is gebaseerd op het gelijknamige boek van de Antilliaanse schrijver Boeli van Leeuwen over de politieke en sociale verhoudingen op Curaçao in de tachtiger jaren.
De voorstelling heeft de vorm van een  geënsceneerde muzikale reading en neemt ons via de ogen van de schrijver en de politiek van de tachtiger jaren op Curaçao mee naar de politiek aldaar anno nu. Een reeks aan personages komt langs, zoals de jonge student politicologie Chevy, die mijmert over wat hij voor de toekomst zou kunnen betekenen, drie mannelijke politici en drie vrouwelijke ex-minister-presidenten die hun mening geven over wat er moet gebeuren met het eiland Curaçao of Mai de schoonmaakster die besluit dat ze een carnavalshit wil schrijven. Allen met hun eigen worsteling met fatale gevolgen.
Boeli van Leeuwen schreef in zijn boek: Wij zijn een volk van ongedisciplineerde, inventieve, natuurlijk begaafde mensen, die op geen enkele manier gebundeld kunnen worden tot een regiment. All chiefs, no Indians!Geniale Anarchie is liefde, seks, geweld en politiek gebracht met prikkelende teksten en swingende songs in een regie van John Leerdam met teksten van Paulette Smit, Guus Pengel en Manoushka Zeegelaar Breeveld.
De cast bestaat uit onder andere Frits Barend, Joop Daalmeijer, Bo Bojoh, Glenn Helberg, Kenneth Herdigein, Maartje van Weegen, Paulette Smit, Rick Nicolet en Raymi Sambo. Muzikale bijdragen komen van ondermeer Izaline Calister, Manoushka Zeegelaar Breeveld, Gerda Havertong, Jeannine la Rose en Anna Makaloy. De composities zijn van Harto Soemodihardjo.
Stichting Julius Leeft wil via theatrale opvoeringen maatschappelijke issues bij een breed publiek onder de aandacht brengen. Eerdere succesvolle producties waren onder andere De Tranen van Den Uyl, Dubbelspel, Amandla, Claus! en Hoe duur was de suiker?
Geniale Anarchie, maandag 28 en dinsdag 29 januari 2013 in Paradiso Amsterdam, 20.00 uur. Zie voor meer informatie www.juliusleeft.nl

Thea Doelwijt: ‘Het blijft een kick: kritisch en muzikaal werken in Suriname’

door Ko van Geemert

Op 25 november ging Ons Kent Ons in première in het Bijlmer Parktheater in Amsterdam, een cabaretmusical van Thea Doelwijt, onder regie van Kenneth Herdigein en met muziek van Harto Soemodihardjo. Daarmee voegde Thea Doelwijt weer een stuk toe aan haar toch al omvangrijke en veelzijdige oeuvre.

Ons Kent Ons is een aaneenschakeling van sketches en liedjes met thema’s die, zeker voor wie het werk van Doelwijt een beetje kent, niet zullen verrassen: het slavernijverleden, de verhouding zwart-blank, Suriname-Nederland. Hilarisch zijn de scènes waarin de spelers een klompendansje doen of typisch Hollandse kinderliedjes zingen als ‘Witte zwanen, zwarte (of groene) zwanen’, ‘De boer had maar enen schoen’ en ‘Iene Miene Mutte’, waar in Suriname niets van begrepen werd (en in Nederland trouwens ook niet).
De cast bestond uit Maikel van Hetten, Adeiye Tjon (de zoon van Thea’s oud-collega Henk Tjon) en de helaas niet altijd zuiver zingende Lucinda Sedoc. Een kernpunt in de voorstelling is een lied over het verleden: ‘Vroeger hebben wij geleerd / Wie zijn verleden niet kent / Komt nooit vooruit / Luister naar mijn tori / Ja, tori is verhaal / Wij zijn ook verbaal / Verdiep u in uw historie / Onze basis is het verleden / Zo niet… dan stikt u in het heden’.
Componist en pianist Harto Soemodihardjo, de vaste begeleider van Jörgen Raymann, viel positief op, maar de meeste indruk maakte toch wel het enorme enthousiasme van alle spelers, met als gevolg: een even enthousiast publiek.

Thea: “Ik vind het vooral belangrijk ook hier jonge(re) Surinamers te inspireren, zoals een startende theatermaker Lucinda Sedoc, die een eigen groep heeft en eveneens schrijft. En Adeiye Tjon, die spoken words rapt, maar ook iets aan toneel wilde doen. Verder heb ik voor deze nieuwe cabaretmusical voor het eerst geprobeerd teksten te schrijven die ook voor Nederlanders toegankelijk zijn.”

Thea Doelwijts achtergrond is niet in een paar woorden te schetsen, maar hier volgt toch een poging. Haar Surinaamse vader, technicus van beroep, kwam in de dertiger jaren van de vorige eeuw naar Nederland, waar hij bij de marine ging werken. Hij ontmoette de Nederlandse vrouw met wie hij trouwde. In 1938 werd Thea geboren, in de marineplaats Den Helder. Van jongs af aan trok Suriname. Ze had het in Nederland niet naar haar zin, het is er koud en ze werd door haar uiterlijk menigmaal gepest en bijvoorbeeld voor ‘Papoea’ uitgemaakt.
Haar artistieke kwaliteiten heeft ze niet van een vreemde: vader kon mooi zingen en moeder was een geboren vertelster. Al vroeg voelde Thea zich aangetrokken tot de journalistiek, ze volgde een opleiding en in 1961 vertrok ze naar Paramaribo, waar ze medewerkster werd van het dagblad Suriname en later redactrice van het literaire tijdschrift Moetete, wat Indiaanse draagmand betekent, een initiatief van onder andere Dobru, Jozef Slagveer, Ruud Mungroo en Shrinivasi – niet de eerste de besten dus.
Ze ging in 1963 nog een jaar naar Nederland om daar bij de Margriet te werken, maar keerde al spoedig naar Paramaribo terug. Daar volgden een scenario voor de eerste Surinaamse televisiefilm, een theaterstuk, een verhaal over de komende onafhankelijkheid, een dichtbundel en een bloemlezing uit de Surinaamse literatuur (Kri, kra!, 1971), waarmee heel wat jongeren in Suriname zijn opgegroeid.

Thea woont al vele jaren samen met Marijke. Is de liefde voor een vrouw een thema in haar werk? Wat zijn überhaupt haar inspiratiebronnen?
“Geloof het of niet, maar ik praat nooit over matisma, vrouwen die van vrouwen houden. Het belangrijkste vond en vind ik de ontwikkelingen in de Surinaamse wereld, die onderontwikkeld werd genoemd. Daar hebben mijn vrienden, schrijvers, theatermakers, schilders en ook ik, ons mee bezig gehouden, op de weg naar zelfstandigheid en erkenning. Eén keer heb ik in een musical een jongen en een meisje laten zingen:
‘My love is a girl / Yes, a woman like me’ en: ‘My love is a boy / Yes, a man like me’. Dat was in de eerste rockmusical Fri libi (Leven in Vrijheid), opgevoerd in 1975 en ‘76 met veertig tieners die inspraak wilden in de ontwikkeling van hun onafhankelijke land. Ik vond het geweldig dat jongeren ook over een speciale liefde wilden zingen. Mijn stukken willen prikkelen, mensen wakker schudden. Ik bemoei me niet met politiek, maar ik zeg er af en toe wel wat over. Toen ik na 1983 terugkwam in Nederland, na ruim twintig jaar Suriname, heb ik mij ook gestort op de wereld van de Marokkanen en Turken, maar Suriname is en blijft mijn grote inspiratiebron.”

Doe-theater
Samen met Henk Tjon (1948-2009) richtte Thea Doelwijt in 1973 het Doe-theater op, de eerste (semi)professionele toneelgroep van Suriname. Deze groep, die veel van Doelwijts stukken speelde, heeft zonder twijfel een belangrijke rol gespeeld in de emancipatie van de literatuur en het toneel in Suriname. En passant publiceerde ze in 1972 ook nog de eerste Surinaamse thriller: Toen Mathilde niet wilde…
De stukken die het Doe-theater speelde waren kritisch. Vlak na de Decembermoorden in 1982 werd Doeltwijts jeugdtheaterstuk Roy nanga den foefoeroeman (Roy en de dieven) opgevoerd.
Doelwijt: “Maar dat ging niet zonder slag of stoot. De spelers waren bang geworden. In het stuk werd het jonge publiek uitgedaagd om zelf de afloop mee te bepalen. En dat in een tijd waarin zowel de denkvrijheid als de bewegingsvrijheid werd beknot door de militaire machthebbers. Het zou het laatste stuk van het Doe-theater worden. Ik heb het nog wel geprobeerd, maar de angst zat er te veel in.”

Helen Kamperveen en Detta Dilrosun in Land te koop (1973). Collectie Theater Instituut Nederland.

In 1983 keerde ze naar Nederland terug, waar ze een jaar later de stichting Prépré-theater, theater met een speelse glimlach, oprichtte. Een van haar toneelstukken is Iris (uit 1987), waarin een Surinaamse vrouw van tegen de zeventig in een Nederlands verzorgingshuis een monoloog houdt. Haar ene zoon werkte mee aan een systeem dat de moord op haar andere zoon niet berecht. ‘Heb ik Kaïn en Abel gebaard?’, vraagt ze zich af. Els Moor, sinds 1993 redacteur van de literaire pagina van de Ware Tijd, schrijft over Iris (in Paramaribo brasa! uit 2010): ‘Het is een theaterspel vol herkenbare emoties voor wie in Suriname deze tijd meemaakte en ook hier geven structuur, taalgebruik en sfeer er een grote kwaliteit aan.’

Du
Christine van Russel-Henar van de stichting Fu Memre Wi Afo (Gedenk onze voorouders) vroeg Thea Doelwijt in 1998 of zij het zogeheten du-genre weer nieuw leven in kon blazen.
De du was in de slaventijd een bijzonder zang-, dans- en toneelspel met vaste rollen: de koning die op de gouverneur lijkt, de fiscaal die rechters en wetgevers in de kolonie verbeeldt, Aflaw, die nergens tegen kan en altijd flauw valt, de dokter, die meestal een Hollandse dokter imiteert, Asrengi, die heen en weer slingert tussen goed en kwaad, Temeku, de lastige vrouw, Afrankeri, de ijdele vrouw die pronkt met haar uiterlijk, kleren en sieraden. De du was een groep slavinnen, die ervoor zorgde dat de liedteksten werden gemaakt en de dansen ingestudeerd.

Blanke dame
De du-gezelschappen stonden onder voorzitterschap van een meestal blanke dame die Sisi werd genoemd. Omdat er steeds minder getrainde danseressen en zangeressen waren, raakte het spel in het begin van de twintigste eeuw in het vergeetboek. Het verzoek aan Thea Doelwijt resulteerde in Na Gowtu Du (Het gouden spel), daarna, in 2003, in Na Dyamanti Du (Het diamanten spel) en in 2008 in Na Bigi Du, Het grote spel (een volksopera-slavenspel na de afschaffing van de slavernij). Thea kijkt hierin terug naar haar overgrootmoeder, misi Bethania, slavin. Vijf jaar mocht ze niet in de kerk komen omdat ze niet wilde trouwen. Wat dacht en voelde ze? De schrijfster vroeg twee componisten om mee te denken en te schrijven: Denise Jannah en Francine van Dam. Alle drie de du-voorstellingen waren zowel in Nederland als in Suriname te zien.
De tot nu toe laatste keer dat een stuk van Thea Doelwijt in Suriname uitgevoerd werd, was in 2010. Doelwijt: “Al vele jaren vroegen artiesten in Nederland en Suriname aan me: ‘Kunnen we nog een keer Land te koop opvoeren, de succesvolle musical uit 1973’. Ook enthousiaste toeschouwers van toen vroegen ernaar. Ik heb altijd ja gezegd, maar toch kwam het er niet van. Tot theater Thalia mij vroeg of ik iets zou kunnen maken voor de verjaardag van Thalia, 27 april 2010. Toen iemand zei: ‘Misschien kun je delen van Land te koop gebruiken’, begon het voor mij te spoken… Hoe was het vroeger, hoe is het nu? Welke teksten en liederen hebben nog steeds, tot en met vandaag, kracht en betekenis? Zo ontstond deze cabaretmusical Spokendansen/Land te koop vroeger en nu.” In het programmaboekje schrijft ze: ‘Het is en blijft een kick: kritisch en muzikaal werken in Suriname. Ben ik ooit weggeweest? Natuurlijk! Maar ik was hier de laatste jaren steeds weer’. Ze vult aan:
“Nu denk ik af en toe: ‘Zal ik teruggaan naar Suriname en iets voor en met kinderen doen…’ Als ik mijn grote liefde trouw blijf, geëngageerd theater maken, krijg ik problemen met sommige mensen die sommige wantoestanden niet zien…”

Beeld uit Mi kondre, mi lobi yu (1985) met Noraly Beyer en Sabri Saad el Hamus. Foto: Bob van Dantzig, collectie Theater Instituut Nederland

IJskou
“Maar hoe dan ook: in die ijskou van Nederland wil ik niet blijven. Op Curaçao heb ik ook familie, vrienden en kennissen, en zwemmen in zee is ook lekker. Kortom, de tropen blijven roepen. Un sa si wan fasi, we zullen een manier vinden om tot een oplossing te komen.”
Thea Doelwijt lijkt meer genen van haar Surinaamse vader te hebben dan van haar Nederlandse moeder. Want al woont ze nog zo lang in Nederland, ze blijft een Surinaamse schrijfster. Achttien jaar geleden schreef Michiel van Kempen een portret van haar (in Woorden op de Westenwind – Surinaamse schrijvers buiten hun land van herkomst, 1994), dat in een Amsterdams café op de volgende manier wordt afgesloten: ‘Het einde van het gesprek nadert. En dan zegt ze plotseling kordaat: ‘Ik vind dat ik nu een beetje op een te Nederlandse manier met je praat. Surinamers houden niet zo van die toon. Cheers!’’
In datzelfde Amsterdamse café blijkt ze daar vele jaren later nog steeds zo over te denken: “Nederlanders zijn over het algemeen wat directer, brutaler. Wij, Surinamers, houden daar niet zo van. Proost!”[uit Parbode, 1 februari 2012]

‘Ons kent ons’ luchtig, maar kritisch over Nederland

Op de 36ste Onafhankelijkheidsdag van Suriname gaat de cabaretmusical Ons kent ons van Thea Doelwijt in première in het Bijlmerparktheater. Het stuk is kritisch over de Nederlandse samenleving en humoristisch tegelijk. De verhoudingen in de samenleving en het slavernijverleden komen luchtig, maar met een serieuze ondertoon, aan de orde.

In het stuk zijn nog wat elementen terug te vinden uit de periode van het Doe-theater in Suriname van weleer. Zo is Harto Soemodihardjo ook betrokken bij het stuk, naast Doelwijt. “Dit is mijn leven”, zegt ze over haar zoveelste productie. Ze werkte met Soemodihardjo aan een ander stuk, maar dat ging niet door. “Toen zei hij tegen mij: laten we gewoon iets proberen zoals vroeger.”

Nederlands publiek
Op het resultaat is Doelwijt (foto links) trots. Ons hent ons is toch duidelijk iets anders geworden dan het toenmalige Doe-theater. De cabaretinvloeden zijn er wel, maar de productie is ook op een Nederlands publiek afgestemd: “En uiteraard mijn eigen Surinaamse publiek.” Ze denkt dat het stuk de Nederlanders zal aanspreken: “Ze kunnen het aan. Het is goed dat ze zoiets horen.”

Ons kent ons is vanuit de tekst ontstaan, zegt Soemodihardjo, die de muziek maakte. “Om het luchtig te maken probeer ik iets luchtigs tegenover de tekst te zetten.” Hij houdt het eenvoudig om het niet te dramatisch te maken.

Boodschap
Volgens Lucinda Sedoc, een van de spelers, zal het publiek tevreden zijn. “Het is een mix van dingen die niet gezegd mogen worden, maar toch gezegd kunnen worden in een vrolijk jasje.” De eerste reacties bij de try-outs waren positief, juist omdat het luchtig wordt gebracht, zegt Sedoc. Maikel van Hetten ziet invloeden van het volkstoneel terug in het stuk. “De uitdaging was dat het publiek het mooi zou vinden.” En dat lijkt gelukt. Hij hoopt dat de toeschouwers er een goede boodschap uithalen, want die zitten er genoeg in.

[RNW, 25 november 2011]

Foto’s: @ Christian van Geest

Hoe duur was de suiker? “Van slavernij naar moderne slavernij”

De Stichting Julius Leeft! (SJL) presenteert op 18 december de muzikale geënsceneerde reading Hoe duur was de suiker? in De Balie.

Aan de vooravond van de herdenking van 150 jaar afschaffing van slavernij, is gekozen voor deze voorstelling die de gelijknamige historische roman van de Surinaamse auteur Cynthia Mc Leod verschenen bij uitgeverij Conserve, als uitgangspunt heeft. De regie is in handen van John Leerdam. Zoals gebruikelijk bij de voorstellingen die Leerdam de laatste jaren op de planken brengt, is hierbij wederom gekozen voor de beproefde vorm van een geënsceneerde reading met muzikale begeleiding. Dit keer in de wat intiemere setting van De Balie, platform voor cultureel en politiek debat.

In de roman van Mc Leod wordt het verhaal verteld van een Joodse plantersfamilie en hun slaven. Het boek wordt volgend jaar verfilmd door Jean van de Velde. In de toneelvoorstelling wordt gekeken naar de rol van Nederland zowel in de historische slavenhandel als in hedendaagse vormen van slavernij.

Muziek, zang en dans voegen elementen toe die het verhaal, zonder afbreuk te doen aan de boodschap, bij het publiek laten aankomen.

Harto Soemodihardjo componeert ook dit keer speciale muziek voor deze voorstelling.

Deelnemers zijn onder meer: Vastert van Aardenne, Gerda Havertong, Izaline Calister, Giovanca, Phi Nguyen, Denise Jannah, Roger Goudsmit, Paulette Smit en Manoushka Zeegelaar Breeveld. En: Jandino Asporaat, Job Cohen, Hein Jens, Maartje van Weegen en Joop Daalmeijer.

Teksten: Cynthia Mc Leod, Paulette Smit, Manoushka Zeegelaar Breeveld, Pieter Hilhorst, Yoeri Albrecht.
Liedteksten: Guus Pengel.

Datum: zondag 18 december 2011, 14.00 en 17.00 uur
Locatie: De Balie, Amsterdam

De voorstelling Hoe duur was de Suiker? is een samenwerking tussen Stichting Julius Leeft!, NiNsee en De Balie, mede mogelijk gemaakt door: Het Amsterdams Fonds voor de Kunst, NiNsee, Telesur, Forum, Paradiso en De Balie.

Ons kent ons: nieuwe musical van Thea Doelwijt

 

Dansen op klompen… Wie doet dat nog?
Zingen van witte, zwarte en groene zwanen… Wie kent dat nog?
De grenzen sluiten… Kan dat nog?
Wij zijn er mee bezig! Wij zijn Hollandse nieuwen, hebben een Surinaamse achtergrond en doen mee aan de nieuwe cabaret-musical Ons kent Ons van Thea Doelwijt (tekst) en Harto Soemodihardjo (composities), met Kenneth Herdigein als regisseur.
Wij zijn: Lucinda Sedoc (foto rechts), Maikel van Hetten en Adeiye Tjon (zoon van de in 2010 overleden Henk Tjon, samen met Thea Doelwijt oprichter van het Doe-theater in Suriname).
Wij worden begeleid door Harto Soemodihardjo.
Met spel, zang, muziek en beweging is Ons kent Ons een kritische voorstelling over de huidige situatie in Nederland, waarin kleuren, vooral zwart en wit, een rol spelen en daarbij het slavernij-verleden.
Wij kijken terug
Wij kijken vooruit
Wij kijken naar vandaag
Kijkt u mee?
Teksten: Thea Doelwijt (foto rechts)
Decor: Joffrey van der Vliet
Productie: Prépré-theater, Marijke en Emar van Geest, 020-6232693
Try-outs: 22 en 23 november in het Betty Asfaltcomplex 20:30 uur tel: 020-6264695
Première: 25 november in het Bijlmer Parktheater 20:00 uur tel: 020-3113930
Overige voorstellingen: 7 december Bijlmer Parktheater
9 december: Tropentheater grote zaal 20:30 uur tel: 020-5688500
Kaarten zijn ook te bestellen via de websites: www.bijlmerparktheater.nl en
www.bettyasfalt.nl en www.tropentheater.nlMet dank aan: Vereniging Ons Suriname, NiNsee, Amsterdams Fonds voor de Kunst

Claus! naar Aruba en Curaçao

Na de succesvolle eenmalige voorstelling Claus! in Koninklijk Theater Carré met Thom Hoffman als prins Claus brengt Stichting Julius Leeft! deze muzikale theatrale reading naar Aruba en Curaçao. Vanaf 16 juli zal de Nederlandse cast en crew, aangevuld met lokale talenten, zes keer een voorstelling geven over het leven van de markante prins.

John Leerdam, regisseur en initiatiefnemer van SJL, bracht het stuk in 2009 in Carré met een spraakmakende cast van politici, prominente Nederlanders en professionele artiesten. De voorstelling, die werd bijgewoond door koningin Beatrix en haar zoon prins Constantijn en schoondochter prinses Laurentien, mocht zich verheugen in een massale belangstelling.

Claus! is gegoten in de vorm van een theatrale reading met muzikale omlijsting. Ze vertelt niet alleen de geschiedenis van het leven van Prins Claus. Ze vertelt het verhaal over menselijkheid, hoop, teleurstelling en de zoektocht naar liefde. Het verhaal gaat over zijn band met Afrika, de Nederlandse Antillen en Suriname. En Claus! gaat natuurlijk over zijn relatie met de vorstin.

Opnieuw heeft John Leerdam met zijn stichting bijzondere mensen om zich heen verzameld voor een bijzonder theaterproject. Eerder waren er voorstellingen over Suriname (2005), de Nederlandse Antillen (2006), de Molukken (2007) en Zuid-Afrika (2008). Vorig jaar vierde de stichting haar jubileum met de boekpresentatie van Onverwerkt verleden, vijf jaar theatrale verbeelding door Stichting Julius Leeft!

Nu reist het Nederlandse gezelschap dus af naar Aruba en Curaçao. De cast en musici bestaan onder anderen uit Kenneth Herdigein, Denise Jannah, Gerda Havertong, Maartje van Weegen, Izaline Calister, Giovanca, Bert Koenders, Paulette Smit (rol van Máxima), Bo Bojoh, en Thom Hoffman (rol van Claus). En deze keer doen ook mee de gevolmachtigd minister van Aruba Edwin Abath, Eugene Maduro én Omayra Leeflang, de oud-minister van onderwijs van Curaçao. Opnieuw tekende Harto Soemodihardjo voor de muzikale leiding en composities. De teksten zijn van Paulette Smit, Pieter Hilhorst, Yoeri Albrecht, Manoushka Zeegelaar Breeveld en Guus Pengel, naar een idee van John Leerdam. Regie: John Leerdam, oud-Tweede Kamerlid voor de PvdA en oud-directeur van Cosmic Theater.

De voorstellingen op Aruba vinden plaats op uitnodiging van het eiland dat dit jaar zijn 25 jaar status aparte viert, in nauwe samenwerking met Cas di Cultura. Op Curaçao heeft SJL een samenwerkingspartner gevonden in Luna Blou en vinden de voorstellingen plaats in het auditorium van het World Trade Centre. Op beide eilanden geeft SJL daarnaast een benefietconcert (in Cas di Cultura, Aruba, en De Brakkeput Mei Mei, Curaçao), ten bate van projecten die jongeren in contact brengen met cultuur.

Speeldata

Aruba:

18 juli Benefietconcert, Cas di Cultura
19 juli Première, Cas di Cultura
20 juli Voorstelling, Cas di Cultura

Curaçao:

22 juli Première, World Trade Center, auditorium
23 juli Avondvoorstelling, World Trade Center, auditorium
24 juli Middag- en avondvoorstelling, World Trade Center, auditorium
26 juli Benefietconcert, Brakke Put Mei Mei

In het kader van de theatervoorstelling Claus!, een ode aan prins Claus, worden van 11 tot en met 20 juli verschillende (gratis) artistieke en educatieve activiteiten georganiseerd op Aruba. Belangstellenden kunnen onder meer workshops theater, dans en zang volgen in Cas di Cultura. Bovendien maken deelnemers kans om mee te spelen in het theaterstuk en dus op het podium te komen staan naast bekenden als zangeres Izaline Calister, de ministers Arthur Dowers en Edwin Abath en advocaat Dello Gomez.

De producent van de theatrale lezing Claus!, zijnde stichting Julius Leeft! (SJL) heeft samen met partner Cas di Cultura besloten om deze evenementen rondom de voorstelling te organiseren. Het publiek krijgt de kans om via workshops, lezingen en exposities kennis te maken met de organisatie. Bovendien wordt er bij de workshop zang en dans een auditie gehouden. Degene die succesvol door deze auditie heen komt, krijgt een rol in de voorstellingen op 18, 19 en 20 juli. De voorstelling van 18 juli is een benefietvoorstelling. Doel van deze activiteiten is het ‘verrijken, inspireren en professionaliseren’ van alle betrokkenen en de banden tussen Koninkrijksgenoten aan te halen. Alle personen die meespelen met het theaterstuk, doen dit overigens belangeloos.

Bo Bojoh

Regisseur en initiatiefnemer Leerdam geeft op 15 juli een informatieve lezing over ‘theater als instrument’ om allerlei thema’s en maatschappelijke issues op een creatieve manier onder de aandacht te brengen van een breed publiek. Hij gaat in op de voorstelling Claus! en het motto van de overleden prins dat ‘cultuur een basisbehoefte is’. De lezing wordt gehouden van twee tot vier uur ’s middags en is toegankelijk voor iedereen vanaf veertien jaar. Verder is er van 13 tot en met 20 juli een expositie te zien van fotograaf Jean van Lingen. De fototentoonstelling, gepresenteerd door Theater Instituut Nederland (TIN), werpt een blik achter de schermen van het multiculturele theater.

Workshops
Van 11 tot en met 14 juli wordt een workshop theater gegeven door directeur van SJL en regisseur van Claus!, John Leerdam. Deze activiteit is van vijf tot zeven uur ’s middags en is toegankelijk voor jongeren vanaf 16 jaar, docenten, acteurs en andere geïnteresseerden. De dansworkshop wordt gegeven door Ayaovi Kokousse en Faizah Grootens. De auditie en de eerste training wordt op 12 juli gehouden. De workshop loopt tot 18 juli en neemt dagelijks plaats van half negen ’s morgens tot half een ’s middags. Degene die door de auditie komen, mogen dus meedoen met de show op 19 en 20 juli. Leeftijdsgrens voor deze workshop ligt op vijftien jaar en ouder. De zangworkshop wordt gegeven door Denise Jannah. Deze lessen beginnen op 11 juli en lopen tot en met 15 di juli. Dagelijks van half drie tot half vijf ’s middags. Drie personen wordt uiteindelijk geselecteerd en mogen meedoen met de voorstellingen. Ook bij deze workshop is de leeftijdsgrens vijftien jaar.

Op 20 juli, van negen tot half twaalf ’s morgens is de workshop theaterproductie. Tijdens deze ‘interactieve workshop’ moeten de deelnemers een actieplan maken voor een theatervoorstelling. Deze workshop is alleen toegankelijk voor personen van achttien jaar en ouder. De hands on workshop theatertechniek (licht, geluid en decor) wordt gegeven op 20 juli van vier uur ’s middags tot zes uur ’s avonds. Leeftijdsgrens voor deze activiteit is 16 jaar. De workshop publiciteit en markteing wordt gegeven door Ingrid Lochum en Mitsui Maduro. Hierin wordt uitgelegd hoe de theaterzaal gevuld kan worden met publiek en hoe de productie aantrekkelijk gemaakt wordt voor de pers. Deze workshop is ook op 20 juli van half twee tot vier uur ’s middags. Tenslotte wordt op 20 juli ook de workshop camera- en videotechniek gegeven. Deze is van een uur tot drie uur ’s middags.

Hoewel de workshops gratis zijn, is vooraf inschrijven wel verplicht. Dit kan bij Cas di Cultura via het telefoonnummer 582-1010 of info@casdicultura.aw.

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter