blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Simia Literario

Balans: Arubaans letterkundig leven (35)

door Wim Rutgers

04.10 Simia literario

In Postkoloniaal Nederland; vijfenzestig jaar vergeten, herdenken, verdringen (Amsterdam: Uitgeverij Bert Bakker 2010) bespreekt Gert Oostindie de begrippen bonding, bridging en belonging als karakteristiek voor de migrant in zijn relatie met de autochtone bevolking van een land, een sociologische indeling die ook op de literatuur toepasbaar is, ook op die van Arubaanse auteurs. De begrippen houden een dubbele oriëntatie in: de positie die de migrant zich in de nieuwe samenleving wenst en zoekt, maar ook de positie die deze migrant ervaart van de autochtone bevolking: wil de emigrant meedoen, krijgt de migrant van de autochtone bevolking de ruimte om in de nieuwe maatschappij te participeren. read on…

Balans: Arubaans letterkundig leven (31)

door Wim Rutgers

Olga Orman: Een dichter op weg
Olga Orman (Aruba 1943) woont vanaf haar veertiende jaar in Nederland, werkte tot haar pensionering in het onderwijs en is momenteel nog actief op literair-cultureel gebied, met name sinds 2001 in de Arubaanse schrijverswerkgroep ‘Simia literario’, waar ze in diverse door de groep gepubliceerde bundels gedichten en verhalen publiceerde. Ze werd bekend door haar creatieve vertellingen met behulp van de kamishibai, een op een lange traditie bogende Oosterse vertelwijze met behulp van een klein vertelkastje dat als een minitheatertje fungeert en waarin losse vertelplaten geschoven kunnen worden die het vertelde verhaal verlevendigen door het aanschouwelijk te maken. Daarnaast publiceerde ze ook boeken voor kinderen in het kader van intercultureel onderwijs in Nederland. read on…

Presentatie Charlotte Doornhein zaterdag 25 april / Stimulering identiteit Aruba

Bewegende boeken – Charlotte Doornhein heeft verschillende boeken geschreven waarin zij in haar verhaal gebruik heeft gemaakt van bewegende beelden (filmpjes). In haar presentatie neemt Charlotte ons eerst mee naar het Aruba van 1950 en fotomateriaal uit de tijd dat haar moeder opgroeide op Aruba. Vervolgens gaat zij in op vijf van haar Caribische boeken waarin bewegend beeldmateriaal een grote rol speelt. Uiteraard krijgt het publiek dit te zien en kunnen zij zelf o.a. ervaren hoe een kapokboom en een stervende hond tot hen spreekt, wat voor gevoel een Papiamento rapsong met videoclip hen geeft, hoe Caribische dieren over het scherm heen krioelen en tot hen dichten & hoe je met je vinger een piratenboot achteruit kunt laten varen of de zee kunt laten ontstaan uit een plas water op de keukenvloer! read on…

Literaire oogst van Caribische bodem

Tekst en foto’s: Mineke de Vries

 

Een club van een kleine twintig Caribische auteurs zet zich in Nederland in om de literatuur van de Caribische eilanden bekend te maken. “We willen het moois wat wij te bieden hebben op literair gebied propageren en uitdragen”, zegt Sandra Sue, voorzitter van de stichting Simia Literario. De schrijversclub organiseert lezingen, adviseert elkaar en geeft met regelmaat boekjes uit van de gezamenlijke auteurs. read on…

In memoriam Richard de Veer

Richard de Veer: 10 juni 1929 – 6 maart 2014

Dag Richard
 
door Libèrta Rosario

Vandaag kreeg ik het droevige bericht dat Richard de Veer op 6 maart 2014 op 84-jarige leeftijd is overleden. Richard was al een tijd ziek en woonde in een verzorgingshuis. Richard was een bescheiden, rustige persoon, de nestor van Simia Literario, die haar net als zijn vrouw Janny altijd trouw is gebleven.

Hoewel Richard al vele jaren hier in Nederland woonde, is hij altijd veel van zijn geboorte-eiland Aruba en zijn taal Papiamento blijven houden. Het volgende gedicht ‘Oda na  Hooiberg’ is daar een bewijs van.
Richard bedankt voor alles wat je voor Simia Literario hebt betekend en rust zacht.
Ayó  Richard
Awe m’a haña e notisia tristu ku Richard de Veer a fayesé dia 6 di mart 2014 na edat di 84 aña. Richard tabata malu un tempu kaba i tabata biba den un kas di kuido. Richard tabata un persona modesto, trankil, e nestor di Simia Literario, ku semper a keda fiel na dje, meskos ku su kasá Janny.
Ounke Richard tabata biba hopi aña aki na Hulanda, semper e la keda ku un amor grandi pa su isla natal Aruba i su idioma Papiamento. E siguiente poesia ‘Oda na Hooiberg’ ta demostrá esei.
 
Richard danki pa tur loke b’a nifiká pa Simia Literario i sosegá na pas.

Oda na Hooiberg

Sinta den stupi di mi wela
Cara fiha pariba
Mi ta weita y gosa ful
Con mahestuoso bo ta.
O, wardado di Playa!
Unda cu mi bay
Bo ta mane mi sombra
Cu no ta laga mi so.
Ora mi ta core auto
Bo ta mi Stre’I Nort
Pa indica mi sin faya
Na unda asina mi ta.
Den tempo di awacero
Bo ta gusta laba cabes
Mane ta fiesta bo ta bay
Perfuma pa hole dushi.
Despues flor di kibrahacha
Ta tapa bo dj’ariba te abou
Un bata mane di oro
Ni si ta rei di Congo bo ta.
O, mi guia di tur dia
Con mi por lubida bo nunca!
Ta bo ta mi compañe
Mainta, merdia, atardi.
Awor, cada bes mi yega dj’afo
Bo ta di prome pa cuminda mi.
Mi curason ta mane habri
Mirando alomenos un cos conoci.
                       
Richard de Veer

Frida Domacassé over Griekse poëzie

Simia Literario organisatie een lezing over de klassieke geschiedenis van de poëzie, Spiegel van de Griekse Poëzie, door Frida Domacassé Winklaar. Het programma bestaat uit: Introductie, voordrachten van poëzie en muziek (cd) uit de periode van de Oudheid, Hellenisme, Byzantijnse tijd, onder Frankisch en Turks bewind, negentiende eeuw [?] tot heden.

read on…

Poëziemiddag Simia Literario

[Bericht van Wendela de Vries]

Beste Simiavrienden,

Het is bijna zover. Op 15 juni, om 15.30 u in het prachtige lichte kerkje van Sloten (A’dam), gaan gedichten die door 5 van ons zijn geschreven het levenslicht zien! Alida Kock, Artwell Cain, Joan Lesie, Quinsy Gario (T. Martinus) en Olga Orman dragen hun eigen werk voor, afgewisseld met bijzondere koorzang door het Koor van Meneer de Wit en solozang uit de 20ste eeuw.

De muziek en de gedichten zullen heel lieflijk en stralend als de zomerzon zijn, maar soms ook rauw, somber of confronterend, zoals het leven zelf.

Ik hoop echt dat iedereen van Simia, met partners en kennissen en familie kan komen! In de flyer staan alle gegevens mbt adres, kaartverkoop. Wees er snel bij, want er kunnen maximaal 180 mensen in de kerk. We hopen allen te ontmoeten die middag!

Hartelijke groet, Wendela

Workshop spelling Papiaments (Papiamentu en Papiamento)

Zaterdag 11 mei aanstaande, organiseert Stichting Simia Literario een openbare workshop
spelling Papiaments (Papiamento en Papiamentu) als voorbereiding op het komend dictee
van 21 september 2011 van Stichting Simia Literario.
Er is een plenair gedeelte aan het begin, waarin het programma wordt doorgesproken.
Daarna gaat de groep in twee groepen uiteen, een Papiamento- en een Papiamentu-groep.
De deelnemers krijgen een reader met de regels van de schrijfwijzen (orthografieën).
De workshop Papiamentu wordt begeleid door Mevrouw Frida Winklaar Domacassé.
De workshop Papiamento wordt begeleid door Mevrouw Olga Orman.
Inschrijving voor deelname via het mailadres: simia@simialiterario.nl
of  schriftelijk t.a.v. Mevr. Olga Orman, Zocherstraat 83-2,1054 LW Amsterdam.
Voor de deelname wordt een bijdrage van 5 euro gevraagd.
U kunt dit bedrag op de dag van de workshop betalen.
Datum: zaterdag 11 mei 2013
Tijd: 13.00 tot 17.00 uur
Programma: 13.00 uur inloop met koffie en thee
                      13.30 uur start workshop, plenair
                     14.00 uur in groepen
                     15.30 uur pauze
                     16.00 -17.00 uur afronding
Plaats: Profor, Keienbergweg 3, 1101 EZ Amsterdam
Route:
Vanaf Station NS Bijlmer Arena:roltrappen af, linksaf naar de uitgang naar het busstation  en dan rechtdoor blijven lopen. Voorbij enkele kantoorgebouwen steekt u over en blijft  rechtdoor lopen, bij het grote kruispunt oversteken en dan ziet u een rond gebouw op de hoek. U loopt door en ziet dan laagbouw met witte gebouwen en op de hoek het gebouw ‘JEVEKA’. Daar loopt u de straat in en dat is de Keienbergweg.
ProFor is dan meteen links op de hoek. Het is ongeveer 10 minuten lopen.
Met de auto:
Zie ANWB routeplanner

Wendela de Vries: “Cultuur is naast inspirerend en bijzonder, ook gewoon wérk!” (2 en slot)

door Quito Nicolaas

Het liefst exposeert Wendela de Vries haar werk tijdens zichtdagen voor een algemeen publiek, zoals de Kunstroute. Ze hoopt vurig dat haar schilderij Salix Esperanza dit jaar óók gedurende de Zomerexpo 2013 in het Gemeentemuseum in Den Haag komt te hangen. Haar inspiratie put ze uit de dagelijkse praktijk en al dat andere dat om zich heen gebeurt. Voor het kinderboek Michi verzorgde de Vries heel toevallig de omslag, waarna een duurzame vorm van samenwerking met Simia Literario ontstond. Ondanks de teleurstellende uitspraken van Nederlanders over Curaçaoënaars, heb je genoeg macamba’s die nog steeds hun medemens met respect bejegenen. Solidariteit is geen kwestie van kleur. Vandaag het slotdeel van ons vraaggesprek met kunstenaar/dichter Wendela de Vries.

In de verzamelbundel Wie ik ben/Ta ken mi ta is een tweetal van je gedichten opgenomen. Welke boodschap dragen deze gedichten uit?
De Simia-groep heeft aan dit project, dat eerst als werktitel “Identiteit” had, heel hard gewerkt, onder leiding van Fred de Haas. Het was leerzaam en soms ook confronterend, door de discussies die ontstonden. Ik was zeer onder de indruk van de rijkdom van de Caraïbische poëzie, waarover Fred ons twee colleges gaf: dichtkunst van bijvoorbeeld Cuba, Puerto Rico, Aruba, Curaçao, Trinidad, Jamaica en Guadeloupe. Dat inspireerde ons als groep enorm.

Eerder hadden we al een college van Henry Habibe gehad; een openbaring vond ik dat. Toen heb ik voor het eerst kennis gemaakt met ‘close reading’, d.w.z.   dat je puur het gedicht ontleedt en niet steeds teruggrijpt naar de identiteit van de dichter. Mijn dochter vertelde me pas dat ze dat in de literatuurwetenschap ook wel ‘de dood van de dichter’ noemen.

Het gedicht “Concert” gaat over het moment dat het koor klaar staat in de gang van de kerk en ik in mijn eentje naar voren loop en dan het publiek toespreek. Het is een heel verstild maar tegelijk beladen moment als ik daar sta. In het gedicht probeer ik dat te beschrijven. Het gedicht “Rode Brem” gaat over tuinieren en ‘de band met een plant’ en daardoor met mijn (overleden) ouders en geliefden.

Als illustrator heb je het prentenboek Michi (2009) geïllustreerd. Hoe gaat de uitvoering van zo’n opdracht in z’n werk?
Olga Orman bezocht mijn atelier in Meneer de Wit en zag een grote gekleurde tekening met de naam “Papayameisje”. Olga zag in het peutertje de hoofdpersoon van een door haar gemaakt gedicht ‘Michi un mucha no ke bebe lechi, Michi un mucha no ke tapa ku klechi…’ en vroeg me toen of ik daar illustraties voor een prentenboek bij wilde maken. Dat werd een intensieve samenwerking. Ook met Jan Kees; hij wilde het grafisch ontwerp wel maken. Olga vond daar uitgeverij La Kock Publishing bij en 2 jaar later was Michi in 4 talen een feit. Olga en ik zijn in 2009 met koffers vol Michi’s samen een maand naar Aruba, Bonaire en Curaçao geweest om les te geven en voor te dragen, en in 2010 naar een bibliotheekcongres in Santo Domingo. Een geweldige ervaring en immens leerzaam. Danki Olga, cu nos a conoce otro!

Zowel voor de bloemlezing Wie ik ben/Ta ken mi ta als Topa Tula/Ontmoet Tula had je de omslag ontworpen. Ligt hier je passie?
Jazeker, ik ben in de eerste plaats beeldend kunstenaar. Vooral Topa Tula vond ik zeer belangrijk om te doen. Ik wilde dat Tula een méns werd, geen vaag historisch figuur en dat hij iedereen in de ogen kijkt, vooral de Nederlanders die nog nooit van hem gehoord hebben. Daar kunnen zij niets aan doen, in de geschiedenisles in Nederland is nauwelijks aandacht besteed aan de slavernij. Ik hoop dat dat na dit jaar gaat veranderen. Ik had graag gehad dat Quinsy Gario, zelf ook revolutionair, model had gestaan. Hij wilde ook meewerken, maar was te druk bezet. Ik heb toen, met zijn toestemming, foto’s van hem, maar ook van een voetballer uit de krant gebruikt.
Hoe vertaal je een gedicht in een schilderij en andersom? 
Dat gaat eigenlijk niet, het zijn verschillende uitingsvormen. Natuurlijk zijn er wel overeenkomsten. Ik hou niet van cynisme of geweld. Dat zal je dus nooit tegenkomen in mijn schilderijen, tekeningen noch gedichten. Ben nu bezig aan een grote prent van 1.35 m breed bij 2 meter hoog. Het is een oude wilg, die ik Salix Esperanza heb genoemd. Dit voert weer naar een gedicht uit 2011 dat ook Esperanza heet.Als kunstenares houd je jaarlijks een aantal exposities in het hele land. Hoe werd de expositie van Huid & Haar ontvangen? 

Die expositie was in Museum Joure (Fr) in een klein zaaltje, met mooie vitrines. Ik heb er niets verkocht, dat komt misschien ook door de locatie, mensen komen er niet naar toe om te kopen. Ik vind de directheid van mijn kunst verkopen heel aards en daarom heel aantrekkelijk. Wat is er mooier dan iets maken, mooi inlijsten, dat verkopen, en daar dan je boodschappen van doen? Zeker in deze crisistijd. Bij het verkopen via een galerie gaat er erg veel van je opbrengst af; en moet je aan de persoonlijke smaak van de galeriehouder voldoen. Daarom houd ik het het liefst zelf in de hand
Ik doe dit jaar in lente en zomer bijvoorbeeld mee aan twee kunstroutes in Zuid Holland/Zeeland, waar ik voor gevraagd ben. Ook geef ik teken- en schilderles bij WG-kunst in Amsterdam. In 2012 heeft mijn werk Ananasplukster in het Gemeentemuseum in Den Haag gehangen. Dat was de kroon op mijn werk, want ik vind dat het mooiste museum van Nederland. En… het werk gaat over de verschillen die stammen uit de koloniale tijd. Een hardwerkende Afrikaanse vrouw met een kindje op haar rug en in de bast van de bomen in de achtergrond zie je brave Noordelijke kerkgangers, gebaseerd op Max Havelaar, het onrecht en de hypocrisie van het kolonialisme.
Voor het bezichtigen van het werk van Wendela de Vries, kun je de volgende sites bezoeken:

Wendela de Vries: “Cultuur is naast inspirerend en bijzonder, ook gewoon wérk!” (1)

door Quito Nicolaas

De tijden dat een kunstenaar zich uitsluitend op een enkel terrein beweegt is passé. Tegenwoordig combineren kunstenaars verschillende disclipines met elkaar om iets moois van te maken. Zo ook Wendela de Vries die verschillende levensfase in een ander land had doorgebracht. Haar ouders schreven ook, met name korte verhalen. Wendela’s moeder Nelly Verkuyl had zelfs in 1947 een kinderboek bij Uitg. Meinema in Delft uitgegeven. Het lijkt er op dat haar gevoelswereld, denkwijze, manier van praten, kijk op de samenleving, menselijke emoties, politiek correctheid en dagelijkse keuzes allemaal doordrenkt zijn van de diverse culturen die ze in zich draagt. Als artistiek-leider van het Kunstcentrum Meneer de Wit  komt ze tot enige rust of juist tot leven. Vandaag een interview met dichter en kunstenaar Wendela de Vries.

Je groeide op in Enschede, Nieuw Guinea, Suriname en op Bonaire. Hoe heb je al die verschillende uiteenlopende culturen in 1 persoon kunnen vereenzelvigen?
Mijn ouders zaten in het onderwijs en ik ben enig kind. Ze hadden een breed en integer wereldbeeld, waren geen ouderwetse kolonialen. Mijn thuisbasis was dus heel veilig en vertrouwd, waardoor ik het in ieder land waar we woonden, wel een uitdaging vond om op onderzoek uit te gaan en vriendjes en vriendinnetjes te maken. In mijn vroegste jeugd (1962) heb ik ook een jaar op Nieuw Guinea gewoond en met Papuakinderen gespeeld.Ik heb alleen nog wat geur-, kleur en klankherinneringen aan Sorong, nu West- Papua, maar ben er van overtuigd dat die mij ook gevormd hebben. In Suriname (van mijn 6de tot 8ste jaar) heb ik leren lezen, schrijven, zwemmen en fietsen. Op Bonaire (van mijn 10e t/m mijn 13e) werd ik me bewust van mijn identiteit. Op de katholieke meisjesschool kwam ik erachter hoeveel invloed de slavernij als historisch feit heeft gehad op de bevolking van het hele Caraibische gebied. We lazen daarover in de zesde klas van de RK meisjesschool waar ik op zat. Daarover gaat mijn gedicht “Vrij zijn” (Topa Tula, 2013). Door de bewustwording van mijn identiteit, de goede band met mijn ouders, vriendschappen en natuurlijk ook door “de zee als achtertuin” is Bonaire het absolute paradijs van mijn jeugd. Enschede gymnasium alpha,was intellectueel wel een uitdaging, maar de puberteit vond ik de moeilijkste tijd van mijn leven tot nu toe, ook omdat mijn vader onverwacht overleed toen ik 17 was.


Als lid van Simia Literario schrijf je ook gedichten. Wat is de strekking van je gedichten?
Ik dicht nog niet zo lang. Hou erg van taal en heb ook een goede basis, met o.a. Spaans, Latijn en Grieks. Ik heb na de kunstacademie een jaar de opleiding tolk-vertaler Frans gedaan. Maar het komt écht, sigur, sigur, door de aanstekelijke energie vier jaar geleden van Simia Literario dat ik ben gaan dichten. Van mijn dochter Féline, die nu taalwetenschap studeert in Utrecht, heb ik begrepen dat alles, in iedere taal afgeproken is, de structuur en de regels, dus. Er is, vertelde zij, linguïstisch gezien slechts één wereldwijde uitzondering: poëzie! In poëzie mag álles. Mi por hasi tur cos! Toen ik dat hoorde viel de laatste psychologische belemmering weg.De kern van mijn gedichten is bijna altijd iets heel kleins wat me opvalt, waarvan ik hoop dat het ook een bredere en diepere betekenis heeft. Bijvoorbeeld dat je tijdens een winter-winkelavond in de stad, als je dorst hebt, best wat sneeuw van een brug kan happen. Of het beslagen raam waardoor je op het duffe perron kijkt vanuit de stoptrein. Of wat er in je hoofd rondbuitelt op het moment vlak voordat je in slaap valt. Mijn gedichten rijmen hier en daar; ik vind dat het daardoor pakkender wordt. Met rijm dringen de woorden meer je hart in, maar nooit teveel rijm. Het moet ook niet te bedacht en te geconstrueerd zijn. Ik let altijd op het ritme, dat mag niet haperen of struikelen. Ik dicht in het Nederlands, maar gooi er graag een andere taal in, vooral in de titel. Dat mixen van talen, is trouwens heel Caraïbisch.

Tijdens de lustrumviering van Simia in 2011, heb je erg mooi voorgedragen. Hoe bereid je je voor op zo’n optreden?
Masha danki, Quito. Leuk om dat te horen, van de de oprichter van Simia Literario. Dat optreden was mijn allereerste optreden als dichter voor een echt publiek, met een microfoon dus. Ik bereid me voor door het beste gedicht van dat moment te kiezen, waar ik me goed bij voel en dat klopt bij de omstandigheden. Ik lees het thuis een of twee keer hardop voor mezelf voor. Niet voor anderen. Ik wil geen commentaar voordat het offcieel is voorgedragen. Het voordragen zelf vind ik leuk om te doen. Het is een uitdaging om je te concentreren op de inhoud, en niet op hoe je overkomt. Ik geloof dat hoe meer je met de inhoud verstrengeld bent, hoe beter het publiek het beeld oppikt dat je wilt schetsen
Je bent medeoprichter van Kunstcentrum Meneer de Wit. Kun je wat meer hierover vertellen?
De naam Meneer de Wit is gebaseerd op de Witte de Withstraat in Amsterdam-West waar het gevestigd is. Het is een centrum voor moderne kunst, en ook o.a. zang en dans. Ik zat in de leiding en had er mijn atelier. Uit dat centrum is ook een koor voortgekomen, het Koor van Meneer de Wit met 40 mannen en vrouwen. Ik ben, naast dirigent Otto Klap, sinds 2009 artistiek leider van dat koor. We zingen klassieke stukken (Bach, Brahms, Poulenc, Barber en Boulanger).Binnenkort gaat een droom van me in vervulling. Het koor en vijf leden van Simia gaan samenwerken, op 15 juni 2013 in het witte kerkje van Amsterdam Oud Sloten. Het project heet: De zon, de dood en het gebed. De vijf dichters dragen een gedicht voor over dit thema en dan zingt het koor afwisselend de liederen.  Met subsidie en sponsors proberen we ieder een ruime vergoeding te geven. Dat aspect vind ik ook heel belangrijk. Cultuur is onmisbaar en moet ook op een aardse manier beloond worden. Het is naast inspirerend en bijzonder, ook gewoon wérk!


Welk publiek probeert dit centrum voor kunst, cultuur en ontwikkeling te bereiken?
Buurtbewoners, kunstenaars, kunstliefhebbers, muziek dans- en theaterliefhebbers, alle Amsterdammers, iedereen die er van hoort, en wie maar wil!
[vervolg: klik hier]
[van Caribe Magazine, 27 maart 2013]

Simia Literario gaat zich landelijk positioneren

door Quito Nicolaas

Met de tweede lustrumviering van Stichting Simia Literario in 2011 maakte Sandra Sue haar entree als bestuursvoorzitter. Sindsdien waait een andere wind, nadat Gerarda Lauf het voortreffelijk had gedaan en afscheid nam. Sandra Sue is afkomstig uit het bestuurderscircuit en heeft jaren ervaring achter zich als lid van diverse organisaties, commissies en werkgroepen. Het is aan haar om deze nieuwe uitdaging vaste vorm te geven en de schrijvers-organisatie nieuwe impulsen te geven. Als communicatiemedewerker bij de provincie Utrecht zal ze bruggen moeten slaan tussen de eigen achterban en het grote publiek, het Nederlandse publiek dat heel sporadisch in aanraking komt met de Caribische literatuur. Alom redenen genoeg om een kort gesprek met haar te voeren.

read on…

Tula vijftien keer ontmoet

door Otti Thomas

Als Tula deze maand eens door de Breedestraat in Otrobanda zou lopen, dan zouden voorbijgangers hem ongetwijfeld vaak om hulp vragen. Steun, advies en inspiratie voor de strijd tegen discriminatie, waar ook in de 21e eeuw nog sprake van is. Het sterke punt van Topa Tula ofwel Ontmoet Tula is dat er vijftien heel verschillende varianten zijn op die ene vraag. De Stichting Simia Literario vroeg Antilliaanse en Arubaanse schrijvers om een gedicht of verhaal te leveren over de strijd van Tula, eventueel al eerder gepubliceerd, met oog voor de moderne tijd. Als de meest bekende leider van de opstand van 1795 geldt Tula nog altijd als een rolmodel, ook voor de huidige generatie jongeren, is de boodschap van het boek. “De strijd voor vrijheid en gelijkheid is nog steeds van kracht”, staat in het voorwoord van de samenstellers Olga Orman en Giselle Ecury, die tevens een aantal oorspronkelijk Papiamentstalige gedichten in het Nederlands vertaalden.
Het gemeenschappelijke uitgangspunt had kunnen leiden tot een eenzijdige bundel, waarin Tula keer op keer om hulp wordt gevraagd voor de strijd tegen discriminatie. Inderdaad lieten de meeste dichters zich inspireren tot een tekst waarin Tula’s moed en vastberadenheid als voorbeeld dienen voor de huidige generatie. Bijvoorbeeld Eerbetoon van Olga Orman, Slavenopstand van Eugènie Herlaar of Tula van Hilli Arduin.

Tula verloo
r
een zwijgende mass
a
verkwanselde zijn lichaa
m
voor valse belofte
s
hij stierf een harde doo
d
Een voorbeeldrol is ook weggelegd voor de hoofdpersonen uit Joan Leslie’s Ze zochten slechts liefde, waarin een slavin en slaaf gestraft worden omdat ze elkaar lief hadden, terwijl in Virginia, het enige verhaal in de bundel door de Arubaan Quito Nicolaas, een slavin door haar verzet aantoont dat ze zich gelijkwaardig voelt aan de slaveneigenaar.

Minderwaardighei
d
Het zijn allemaal teksten over hetzelfde onderwerp, maar telkens met een andere invalshoek, waardoor Topa Tula geen eenzijdige bundel is. Frida Winklaar-Domacassé, Gerarda Lauf en Alida Kock richten zich allen tot Tula met een verzoek om hulp, maar Winklaar-Domacassé vraagt het indirect via de maan als stille getuige van Tula’s dromen, Lauf vraagt om wijsheid en leiding in het proces na de ontmanteling van de Nederlandse Antillen en de Arubaanse Alida Kock ziet een rol voor Tula in de strijd tegen de gevoelens van minderwaardigheid.

We veroordelen elkaar nog steeds,
 
op grond van ons uiterlijk.
 
We willen ons ras verbeteren,
 
adoreren het tokohaar
 
(…
)
Tula, wanneer kom je teru
g
om ons te bevrijden van onze slaafse mentaliteit
.
Libertá Rosario schrijft in de Slaaf in ons allemaal dat ook gebrek aan vrijheid door school, een relatie of werk als een vorm van dwang gezien kan worden.

Dankzij Tula leer ik om meer voor mezelf op te kome
n
en het is aan jou om te bekijken, waar jij je vrij van wilt maken.
De teksten waarin een originele insteek gecombineerd is met beeldend taalgebruik, maken de meeste indruk. De jonge dichter T. Martinus bijvoorbeeld laat Tula zelf aan het woord in Sin Awa den bo wowo. Martinus schetst Tula als vastberaden man met wijze uitspraken, die stof tot nadenken geven, al dringt de betekenis van de woorden misschien niet direct door tot de lezer.

Mijn afstand tot waar ik wil zijn,
 
kan ik meten aan de tijd die mij gegund i
s
om jouw oren te bereiken
.
Tula komt ook zelf aan het woord in M’a topa Tula van Laurindo Andrea, maar dan in een dialoog met de schrijver. De vrijheidsstrijder roept Andrea tot verantwoording en vraagt hem waarom hij in hemelsnaam in het land woont van de onderdrukker. Andrea antwoordt dat hij zich juist in Nederland thuis voelt en geaccepteerd wordt voor wie hij is, omdat er ondanks de strijd van Tula en anderen als Rosa Parks, Martin Luther King en Nelson Mandela nog steeds sprake is van een gebrek voor anderen. Maar ook Andrea zal de strijd voortzetten, belooft hij Tula.

Ik ben tot de conclusie gekome
n
dat ik de strijder ben.
 
De integere strijde
r
met respect, liefde en compassi
e
(…
)
mijn dromen waarmakend
 
om vrede met mezelf te sluite
n
en zo anderen blijvend te inspireren
.

Tula en de boodschap voor de huidige generatie zijn eigenlijk het minst aanwezig in het gedicht De Driemaster van Walter Palm, dat eerder gepubliceerd werd in zijn bundel Sierlijke krullen van plezier. Maar het beeldende taalgebruik, waar Palm bekend van is, zet kracht bij aan de hoopgevende boodschap dat de revolutie, ondanks enige vertraging, de Nederlandse koloniën uiteindelijk wel bereikt heeft.


Op een driemaste
r
met drie masten Liberté, Egalité en Fraternit
é
stak de Revolutie de Atlantische Oceaan ove
r
(…
)
reisde met volle zeilen richting Curaça
o
Met Tula als kapitein en Karpata als stuurma
n

Maar het schip leed schipbreu
k
zonk naar de bodem van de ze
e
en daar bleef het liggen
,

tot het op 1 juli 1863 naar boven steeg
,
statig de haven van Willemstad binnen schree
d
en met gouden letters schreef
:

‘De slavernij is voorbi
j
Ook hier heeft de Revoluti
e
gezegevierd.
Topa Tula is een uitgave van Simia Literario en uitgeverij Amrit.
[uit Amigoe, 9 februari 2013]
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter