blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Schalkwijk Marten

Schalkwijk neemt per direct ontslag als hoogleraar

Hoogleraar Marten Schalkwijk heeft per direct zijn ontslag ingediend bij het bestuur van de Anton de Kom Universiteit van Suriname (AdeKUS). Hij zegt niet bereid te zijn te werken met het huidige IGSR-bestuur, onder leiding van Robert Power. Dit bestuur zou niet alleen het IGSR [Institute for Graduate Studies and Research – red. CU] en de PhD School in een kwaad daglicht plaatsen, maar de hele universiteit. Starnieuws verneemt dat het bestuur van de [het] IGSR onderzoek verricht naar ernstige onregelmatigheden en onverantwoorde gang van zaken. De directie moet zich hierover verantwoorden. read on…

Suriname 2018: Diepe crisis, maar ook fris geluid van onderuit

door Walter Lotens

‘De straat’ in Paramaribo, goed voor bijna de helft van de totale Surinaamse bevolking, laat steeds meer van zich horen. Een jongere, onbevreesde generatie treedt er op de voorgrond. Dat protest van onderuit is redelijk nieuw voor het doorgaans rustige land aan de ‘Wilde Kust’ van Zuid-Amerika. Maar intussen leeft men er op een sociaaleconomische vulkaan. De niet onbesproken regering komt almaar meer in nauwe schoentjes terecht, te meer omdat president Bouterse twintig jaar gevangenisstraf boven het hoofd hangt. Walter Lotens was ter plaatse. read on…

Van der San, Para, Spong en Schalkwijk over de Grondwet en de rechtsstaat

Hoe inmenging in het strafproces?

door Eugéne van der San

Als de krijgsraad de historie van de Amnestiewet in haar besluitvorming had meegenomen, dan kon men niet tot deze uitspraak komen, dat de Amnestiewet van 12 april 2012 als “inmenging in de strafzaak bij de rechter moet worden beschouwd, ingevolge artikel 131 lid 3 van de Grondwet”, omdat deze wet een wijziging betreft van de Amnestiewet van 19 augustus 1992. In die Amnestiewet is o.a. bepaald dat ook wanneer een zaak bij de rechter in behandeling is deze moet worden stopgezet, derhalve kan de wijziging op zich, nooit een inmenging opleveren. read on…

Ellen de Vries verkreeg de doctorstitel

Op donderdag 19 november 2015 verdedigde Ellen de Vries aan de Universiteit van Amsterdam haar proefschrift, getiteld Strijd in de media; Media als spiegel van de postkoloniale verhouding tussen Suriname en Nederland (1980-1992). Met verve verdedigde zij haar academisch werkstuk ter verkrijging van de graad van Doctor in de Geesteswetenschappen tegenover een internationale commissie. Hieronder de laudatio van haar promotoren, prof. Frank van Vree en prof. Michiel van Kempen. read on…

Strijd in de media: promotie Ellen de Vries

Op donderdag 19 november 2015 om 14.00 uur stipt zal Ellen de Vries haar proefschrift Strijd in de media in het openbaar verdedigen in de Agnietenkapel, te Amsterdam. read on…

Bundeling beste artikelen e-journal

door Astra de Drie
De Academic Journal of Suriname (e-journal) vierde donderdag in de aula van de Anton de Kom Universiteit Suriname (Adekus) het eerste lustrum. Ter gelegenheid hiervan heeft de directeur van het Institute for Graduate Studies of Research (IGSR) Marten Schalkwijk een artikelenbundel uitgegeven. Hierin zijn de veertien meest gedownloade of beste artikelen van de afgelopen vijf jaren opgenomen. read on…

Domme aanval prof. Wekker op godsdienst in Suriname

door Marten Schalkwijk

 

Met stijgende verbazing heb ik het artikel van Gloria Wekker in Starnieuws van 31 december jl. [zie ook op CU] gelezen met als titel ‘Religie als opium van het volk’. Zij schrijft het artikel naar aanleiding van een lied ‘Bullet’ van King Koyeba. Het lied zegt blijkbaar minder fraaie dingen over homo’s. Daarover is al het nodige in de media verschenen, dus was mijn vraag wat de redactie van Starnieuws heeft bewogen om het artikel van mevrouw Wekker te plaatsen. Wat voor nieuws heeft de professor te melden? read on…

Jagdew, eerste gepromoveerde Faculteit der Humaniora

door Wilfred Leeuwin

De Anton de Kom Universiteit van Suriname (AdeKUS) heeft woensdagavond in de Centrumkerk haar eerste gepromoveerde afgeleverd van de Faculteit der Humaniora. Eric Jagdew verdedigde met succes zijn proefschrift, Vrede te midden van oorlog in Suriname. Inheemsen, Europeanen, Marrons en Vredesverdragen 1667-1863. Hij is de eerste wetenschapper in deze materie met een doctorale bul. read on…

Creool, Marron, Afro-Surinamer

Beeld: Edward Wong Loi Sing  
door Nikki Mulder
In Guyana is het gemakkelijk: iedereen met Afrikaanse roots is African/Black of gemengd. In Suriname is de volkstelling echter aanleiding voor behoorlijk wat discussies over zwart, zwarter, zwartst. Stadscreool, plantageneger, busnengre: het zijn allemaal woorden die uiteindelijk op hetzelfde neerkomen. Of toch niet?
“Carl Breeveld en Ronnie Brunswijk zijn gewoon twee negers, ongeacht of de één nou beter geschoold is dan de ander of er bepaalde tradities op nahoudt.” In een ingezonden stuk inde Ware Tijd van 12 september stelt Irwin Maatrijk resoluut dat we moeten ophouden met het indelen van de Afro-Surinaamse bevolking. Volgens hem is het koloniaal om onderscheid te maken tussen Creolen en Marrons. Wat er toe doet, zijn je Afrikaanse wortels.
Zijn opiniestuk is een stevig pleidooi voor het aanpassen van een gedateerde administratie. Maar ‘Creool’ en ‘Marron’ zijn hoewel niet onbetwist ingeburgerde identiteiten. “Etniciteit geeft aan hoe personen zichzelf zien en hoe ze zich voelen”, zegt Iwan Sno, de directeur van het Algemeen Bureau voor de Statistiek (ABS). Het heeft daarom minder te maken met vaststaande kenmerken en meer met cultuur, taal en de betekenis die je er zelf aan geeft. Dat maakt etniciteit veranderlijk en wankel, maar niet minder emotioneel beladen.
Blanke Creool
Sno herinnert zich bijvoorbeeld een voorval uit de vorige telling in 2004. “Een blanke man, een geboren en getogen Surinamer, gaf ‘creool’ op als etniciteit.” Niet zo gek met de woordenboekdefinitie van ‘creool’ in het achterhoofd: een afstammeling van Europeanen in Latijns-Amerika of het Caribisch Gebied. “Maar die veldwerker dacht waarschijnlijk: ‘Je bent niet goed snik’ en kruiste Kaukasisch/blank aan.” Dat schoot de man in het verkeerde keelgat; hij joeg de ABS-teller van zijn erf.
De Verenigde Naties schrijft het stellig in zijn richtlijnen voor volkstellingen: etnische identiteit is iets wat je zelf bepaalt. Overheden of veldwerkers mogen etniciteit dus niet opleggen. Dat zoiets niet altijd even gemakkelijk is in het etnisch meest diverse land van het Caribisch Gebied, weet Sno maar al te goed. Bij elke telling moet daarom kritisch gekeken worden naar de categorieën die het ABS gebruikt om de verschillende bevolkingsgroepen te benoemen. Ook is het nodig dat iedereen ongeveer hetzelfde verstaat onder die groepen. Vooral bij Afro-Surinamers leidt dat tot veel vragen en discussies.
Foto @ Nicolaas Porter
Evenwicht
Creolen zijn historisch gezien een groep waarbinnen veel mensen in elk geval een beetje van gemengde afkomst zijn. Vroeger werd de ‘gemengde’ bevolkingsgroep door het ABS altijd samengevoegd met Creolen. Dat had een sociaal-politiek voordeel. Deed het ABS dat niet, dan sloeg de demografische balans over naar de Hindostanen. Op papier was er zo een evenwicht tussen de twee groepen. Socioloog Marten Schalkwijk roemt de samenstelling van de Surinaamse bevolking, van wie de grootste groep toch niet groter is dan dertig procent van het totaal. “Dat betekent dat geen enkele groep dominant is en je gedwongen bent om sámen te leven en oplossingen te vinden voor problemen.”
Dat administratieve evenwicht tussen Creolen en Hindostanen is er inmiddels niet meer. Sinds de vijfde volkstelling in 1980 constateert het statistiekbureau een dalende trend bij de Creoolse bevolkingsgroep. Eerst waren er nog 119.000 Creolen, daarna ongeveer 87.202 en dit jaar telde ABS er nog maar 84.933. In het rapport speculeert de organisatie over een oorzaak: “Hoogstwaarschijnlijk classificeren vele ‘Creolen’ zich thans als gemengd.”
Gemengd
Dat zou betekenen dat mensen die zichzelf eerst zagen als Creool, maar gemengde voorouders hadden, zich nu zien als ‘gemengd’. Hebben die twee etnische identiteiten dan een andere betekenis gekregen in de tussentijd? Volgens antropoloog Salomon Emanuels is dat niet waarschijnlijk. “Mensen zijn wat ze zijn. Ik denk niet dat er mensen zijn die afstand doen van hun Creoolse identiteit.”
Emanuels gelooft er “heilig” in dat de groep van gemengde afkomst alleen maar zal toenemen. “Jonge Surinamers hebben ontdekt dat het niet slecht is om met iemand van een andere groep een relatie te hebben.” Maar dat mensen zich opeens anders identificeren, dat denkt hij niet. De antropoloog ziet wel dat er heel veel mensen zijn die vragen hebben over hun identiteit, vanwege opa’s en oma’s met verschillende huidstinten, haarstijlen en oogkleuren. “Maar dat is niet zodanig dat het aantal Creolen zoveel vermindert”, concludeert hij.
Spectaculaire groei
Een andere beweging binnen de Afro-Surinaamse bevolking is de toename van het aantal Marrons, die het rapport zelfs “spectaculair” noemt. Die groei is volgens het ABS niet alleen te zoeken in de vele kinderen die Marronvrouwen krijgen. In 2004 bestond de grote groep mensen van wie de etniciteit niet bekend was omdat mensen dat niet hebben aangegeven vooral uit Marrons. Zij hebben bij de afgelopen telling hun etniciteit wel opgegeven.
Volgens parlementariër Marinus Bee komt dat andere doordat de negatieve bijklank van ‘Marron’ is afgezwakt. Veel Marrons zijn nu op een positieve manier zichtbaar zijn in onderwijs, sport en politiek. Dat zou betekenen dat de etnische identiteit ‘Marron’ is veranderd: van een gestigmatiseerde, onderontwikkelde groep naar een identiteit om trots op te zijn.
Foto @ Ingrid Moesan
Wetenschappers wijzen echter ook op een rij andere verklaringen. Emanuels ziet de meest voor de hand liggende reden in de gewenning van boslandbewoners aan onderzoekers. “Vroeger wilde men niet graag meewerken uit achterdocht. Tegenwoordig zijn er zoveel organisaties uit de stad actief, dat Marrons minder wantrouwig zijn.” Dat de veldwerkers tegenwoordig niet allemaal alleen maar fotoman zijn, helpt volgens hem ook het cijfer omhoogduwen.
Emanuels gelooft wel dat de politieke participatie van Marrons een verschil maakt, maar op een andere wijze dan dat Bee aangeeft. Het is volgens hem ook zeer van invloed op het vertrouwen in de overheid: “Ze geloven nu dat de belangen overeenkomen. Help je de overheid, dan help je jezelf.”
Schalkwijk kijkt iets anders naar de groei van de groep. “Mensen zijn heel trots om Marron te zijn, dus het lijkt me sterk dat ze dat eerder niet wilden aangeven.” Als onderzoeker ervaart hij in het binnenland bovendien meer medewerking dan in de stad, waar het vaker voorkomt dat je de toegang tot een erf wordt geweigerd. De socioloog denkt dat het waarschijnlijk is dat men de vraag gewoon niet heeft begrepen in 2004. “Het is ook vreselijk duur om onderzoek te doen in het binnenland. Ik heb geen inzicht in de financiën van ABS, maar ik kan me voorstellen dat je niet drie keer teruggaat naar Kwamala als je budget dat niet toelaat.”
Wat de teller ziet
Eén manier om er zeker van te zijn dat mensen de ‘juiste’ etnische identiteit opgeven, is door de veldwerker te laten noteren wat hij of zij ziet. Schalkwijk noemt dat ‘dubbele identificatie’. “Het is niet ideaal, maar je hebt wel gegevens.” Hij erkent wel dat zoiets bij een ‘gewoon’ wetenschappelijk onderzoek gemakkelijker is dan bij een volkstelling. Je komt namelijk heel dicht bij het schenden van die heilige VN-regel: etniciteit leg je niet op.
Toch voelt ABS-directeur Sno wel iets voor zo’n controlemechanisme. “Iemand die er in alle opzichten uitziet als een Creool, maar een Chinese naam draagt, heeft natuurlijk het recht om te zeggen dat hij Chinees is. Maar wat ziet de enquêteur?” Het antwoord van de veldwerker zal niet opgenomen worden in de werkelijke telling, maar moet dienen als een test achteraf: hoeveel mensen lijken op de etnische groep die ze opgeven bij de census?
Afro-Surinamer
Een andere manier om de lastige invulling van etnische identiteit bij deze groepen op te vangen, is door hetzelfde te doen als Guyana. We nemen gewoon één overkoepelende categorie: Afro-Surinamers. Rudi Bottse, de voorzitter van de Stichting 1 juli Keti Koti, heeft bij het ABS gepleit voor deze paraplugroep. “Dat is de beste benaming voor iedereen van wie de voorouders uit Afrika kwamen. ‘Creool’ is een nietszeggend, achterhaald begrip”, stelt hij. De benaming moet volgens Bottse Afrikaans bewustzijn stimuleren. Wel zou hij graag zien dat er binnen de groep onderscheid gemaakt wordt tussen stads-, plantage- en boslandcreool.
Bottse kreeg zijn zin, maar niet helemaal hoe hij het voor ogen had. ‘Afro-Surinamer’ is als aparte categorie opgenomen in de volkstelling. “De bedoeling was, lijkt me, om de verschillen tussen Creolen en Marrons weg te werken”, zegt Sno, “maar nu is het gewoon een derde groep.” Socioloog Marten Schalkwijk noemt die beslissing “een beetje stom”. Zoals het nu is opgenomen, overlapt het met andere categorieën en snoept het aantallen van andere groepen.
Emanuels moet lachen om het initiatief. Hoewel hij ook de manier waarop het in het rapport is opgenomen in twijfel trekt, ziet hij er wel potentie in. “Voorstanders zeggen dat Creool en Marron eigenlijk hetzelfde zijn, met dezelfde Afrikaanse cultuur-historische achtergrond. Dat bewustzijn groeit, dus het zal me niet verbazen als deze groep bij de volgende telling zal groeien.”
De discussies over de namen van etnische groepen onderstrepen hoe uitdagend het is om in zo’n diverse samenleving te werken met statistische categorieën. Sno heeft echter het volste vertrouwen in de statistiek: “Het wordt pas een probleem wanneer de groep ‘overige/andere’ te groot wordt.” Intussen wacht hij op een aanvraag voor een nieuwe etnische categorie “wel met genoeg steun natuurlijk”: Surinamer.
[uit de Ware Tijd, 14/09/2013]

Eigen helden identificeren voor herschrijving geschiedenis

door Audry Wajwakana

Paramaribo – Mindset is nodig om de eigen geschiedenis van een voormalig kolonie te herschrijven. Geschiedenis gaat niet alleen over het verleden. Zij gaat ook over de juiste informatie geven aan de volgende generatie. Dit gaven de inleiders Stephen Small en Sandew Hira het publiek mee bij de lezing ‘Public memory and indentured labour’, donderdagavond in het Lalla Rookh gebouw, waar het nieuwe museum over de geschiedenis van Hindostaanse contractarbeiders komt te staan.
Sandew Hira geeft tijdens zijn inleiding bij de lezing ‘Public Memory and indentured labour’ aan dat belangrijk is om te kijken naar de vele manieren waarop de geschiedenis tot nu toe is beschreven. (Foto: Stefano Tull)
Stephen Small van de Universiteit van Amsterdam, die vanwege de Internationale conferentie van de Anton de Kom Universiteit in Suriname is, beschreef zijn onderzoekingen naar slavenmusea in Amerika. Hierbij stelde hij enkele vragen over de totstandkoming van de geschiedenis zoals beschreven in verschillende Europese en Amerikaanse boeken en musea. “Meestal worden de verworvenheden van de Europese landen aangehaald. Men beschrijft en romantiseert over de architectuur, mooie huizen, mooie tuinen en kandelaars. Maar hoe die werkelijk tot stand zijn gekomen, daar schrijven de Europeanen liever niet over”, stelt hij. Tal van deze vormen zijn opgenomen in de geschiedenis, waardoor voormalige koloniën door de geschiedschrijving opnieuw zijn gekoloniseerd.
Volgens Hira zijn enkele Surinaamse wetenschappers in de afgelopen zes jaren bezig geweest met onderzoekingen en documentaires om de geschiedenis te herschrijven. Hierbij noemde hij Maarten Schalkwijk en Armand Zunder. “Het publiceren hierover maakt dat mensen hun eigen geschiedenis leren kennen. Maar, eenieder heeft de rol om die te veranderen”, zegt Hira. De helden uit de geschiedenis moeten geïdentificeerd worden en opgenomen worden in de geschiedenisboeken.
De lezing werd georganiseerd door de Nationale Stichting Hindostaanse Immigratie in verband met het jubileumjaar 140 jaar Hindostaanse Immigratie. Na de lezing mocht het publiek een kijkje nemen in het toekomstige museum. Stichtingsvoorzitter Farid Ketwaru, zegt voor een grotere uitdaging te staan om het museum met oude spullen van de immigranten te vullen. Het opzetten van het gebouw heeft zes jaar in beslag genomen. “En dit zonder overheidsmiddelen”, zegt Ketwaru trots bij de rondleiding.
[uit de Ware Tijd, 08/06/2013]
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter