blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Rutgers Wim

Honderd jaar Arubaans toneel (5)

In een serie afleveringen publiceert CU een geschiedenis van het Arubaanse toneel in de twintigste eeuw, geschreven door Wim Rutgers.

read on…

Honderd jaar Arubaans toneel (4)

In een serie afleveringen publiceert CU een geschiedenis van het Arubaanse toneel in de twintigste eeuw, geschreven door Wim Rutgers.

Het vroegste toneel op Aruba was in het Nederlands, Spaans en Papiaments (deel III)

Het toneelleven bestond begin 20e eeuw niet alleen uit school- en jongerentoneel. Door middel van een verslag in het Papiamentstalige missieblad La Cruz van 10 februari 1915 kunnen we nog een andere vroege toneelactivi­teit van een amateur-toneel­groep volgen. Een commissie van twee personen, de zaken­man Jacobo Arends en de gouvernements­onderwijzer A.E. Goilo, die we hier al weer tegenkwamen, organiseerden op 1 februari 1915 een ‘velada’ om fondsen te verwerven voor een nieuwe fra­ter­school in de stad. Dat moet ten bate van de Dominicusschool zijn geweest, omdat net die tijd de Fraters van Tilburg het onderwijs van de Zusters Dominicanessen begonnen over te nemen. Op 1 mei 1915 werd het fratershuis plechtig ingewijd – het oudste stuk van wat Huize de la Salle werd, waar nu de Universiteit van Aruba gevestigd is. De opvoering vond plaats in een gereserveerde zaal op de tweede verdieping van de nieuwe school.

read on…

Honderd jaar Arubaans toneel (3)

In een serie afleveringen publiceert CU een geschiedenis van het Arubaanse toneel in de twintigste eeuw, geschreven door Wim Rutgers.

Het vroegste toneel op Aruba was in het Nederlands, Spaans en Papiaments (deel II)

Toen de Curaçaose gouverneur J.O. de Jong van Beek en Donk (1901-1909) in september 1907 het eiland Aruba op een inspectietocht bezocht, werd te zijner ere een culturele avond verzorgd, waar ook een toneelstuk werd gebracht ‘door eenige Heeren, die hier eene vereeniging gevormd hebben om nu en dan eenige voorstellingen te geven om zoodoende wat afwisseling in ons eentonig leven te brengen.’

read on…

Honderd jaar Arubaans toneel (2)

In een serie afleveringen publiceert CU een geschiedenis van het Arubaanse toneel in de twintigste eeuw, geschreven door Wim Rutgers.

Het vroegste toneel op Aruba was in het Nederlands, Spaans en Papiaments (deel I)

De toneelgeschiedenis begon op Aruba een eeuw later dan op Curaçao. Waar Curaçao al in het begin van de 19e eeuw in joodse kringen zijn eerste toneelgroepen had, duurde het op Aruba tot het begin van de 20e eeuw eer er van enig toneelspel in georganiseerd verband sprake was. De oudste mij bekende toneelopvoering op Bonaire dateert van 1893.

read on…

Honderd jaar Arubaans toneel (1)

In een serie afleveringen publiceert CU een geschiedenis van het Arubaanse toneel in de twintigste eeuw, geschreven door Wim Rutgers.

Een inleiding tot een toneelgeschiedenis van Aruba

De toneelgeschiedenis van Aruba, is – op enkele uitzonderingen na – er een van amateurs die in hun vrije tijd als liefhebbers, hun enthousiaste krachten gaven aan wat hun absolute hobby was: het toneel in al zijn facetten. Ze zetten er hun talent en hun vaak langjarige ervaring voor in. Dat gold en geldt voor zowel acteurs, regisseurs als dramaturgen.

read on…

Cola Debrotprijs voor Laura Quast

Aruba brengt hulde aan Laura Quast

1. Amy Lasten: Aruba feliciteert Laura Quast

Op 4 mei is Laura Quast gehuldigd met de Cola Debrotprijs op ons zustereiland Curaçao. De Cola Debrotprijs is een zeer prestigieuze cultuurprijs die elk jaar uitgereikt wordt aan personen of organisaties die zich verdienstelijk hebben gemaakt op een van de gebieden van cultuur en kunst. Om de 7 jaar komt theater aan de beurt.

read on…

“E laberinto naratologico fortinesco”

Over Joe Fortins tweede verhalenbundel: Tartamudo

door Wim Rutgers

J.L. (Joe) Fortin (Aruba 1967) woont en werkt sinds een aantal jaren weer op zijn geboorte-eiland, waar hij naast zijn functie als bibliothecaris op het Colegio Arubano aan een dissertatie werkt over de verhalen van zijn Arubaanse collega auteur Jossy Tromp. In 2013 publiceerde Fortin de verhalenbundel, City Store, in 2016 volgde de poëziebundel Canto di lama, waarna onlangs de tweede verhalenbundel Tartamudo in eigen beheer verscheen.

Een cyclus van elke drie jaar een publicatie. Naar aanleiding van het prozadebuut schreef ik ‘Aruba heeft er een schrijver bij’. Maar nu kan ik daar de woorden ‘volwassen’ en ‘volwaardig’ aan toevoegen. De verhaalinhoud en de vertelwijze zijn van een volstrekte originaliteit, waarvan geen ander voorbeeld in de lokale literatuur is te vinden.

Glocal

Joe Fortin is een goed voorbeeld wat ik bij gelegenheid wel als ‘glocal’ heb aangeduid: een schrijver die vanuit een lokale, voor hem dus Arubaanse, beginsituatie en uitgangspunten vervolgens in de internationale mondiale literatuur de inspiratie vindt en die aan zijn persoonlijke creativiteit dienstbaar maakt.

In verschillende verhalen vindt de auteur zo parallellen met personen en auteurs die zijn eigen thematiek versterken. In een zelfwaarneming voor de spiegel denkt de verteller aan de homoseksuele wis- en natuurkundige Alan Turing, diens veroordeling en uiteindelijke tragische ondergang. Een dwaaltocht door een huis herinnert de verteller aan de Amerikaanse auteur Mark Danielewski (1966) en zijn House of Leaves (2000). Hotel Bates (Bates Motel) is een Amerikaanse dramaserie met daarin de voorgeschiedenis van de film Psycho (1960) van Alfred Hitchcock. Patrick Bateman is de hoofdpersoon in American Psycho (1991) van Bret Easton Ellis. Jean des Esseintes is een excentrieke estheet in de roman À rebours (1884) van J-K Huysmans, enzovoorts.

Joe Fortin, geheel rechts

Lezers worden beloond als ze de moeite nemen, als het geheugen tekort schiet, om een beetje te googelen om de relaties te ontdekken tussen deze verwijzingen en de verhaalinhoud om te ervaren hoe functioneel verhelderend deze verwijzingen in de bundel werken. Ze sturen de lezer om het betreffende verhaal in een literair historische en thematische context te plaatsen.

Schrijven is expressie en communicatie. Deze schrijver vergt dus nogal wat van zichzelf en van zijn lezers, maar is al direct door de titel van zijn verhalenbundel, Tartamudo wat ‘stotteren’ (Jossy M. Mansur) betekent, bescheiden, ook als hij op pagina 92 schrijft: Ik gebruik in mijn fictieve teksten theorieën zonder noodzaak om de lezer te misleiden en te vervelen. Ja, maar daarin schuilt ook een zekere valse bescheidenheid waaraan spiegeling aan het literaire symbolisme, een zekere excentriciteit, decadentie, estheticisme en maniërisme niet vreemd zijn waaruit de eruditie van een belezen auteur blijkt. Leven en literatuur zijn daarbij met elkaar verbonden en beïnvloeden elkaar wederzijds. Alles wordt uiteindelijk tot literatuur herleid als een streven naar het absolute dat nooit bereikt wordt, in een proces waarbij de verteller zich én openbaart én verbergt, zoals aan het slot van het eerste verhaal over bedrieglijke herinnering: “loke ta, no lo ta. Y lo ke no lo ta, lo ta” met het woordspel met loke (als één woord) en lo ke (los geschreven). In ‘Deseo ta un metonimia’ maakt de literatuur mogelijk wat in de werkelijke wereld onhaalbaar is. De literatuur is hier placebo voor de realiteit.

Literatuur is een ernstig spel vol verrassingen dat de lezer in verwarring brengt. Zo zijn het derde en vierde verhaal in Tartamudo helemaal aan elkaar gelijk in een volkomen herhaling, maar met een essentiële afwijking aan het slot dat het perspectief plotseling volledig omdraait. Het verhaal ‘E totalidad di un imagen ta un menasa pa su fragmentacion’ is een variant op het titelverhaal in de debuutbundel City Store. ‘Sirena den un soño’ met de zee en het strand als metafoor voor eenzaamheid en het verlangen naar contact, kan gelezen worden als een echo op de dichtbundel Canto di lama met zijn “canto na canto di lama”.

Joe Fortin biedt zijn boek aan mevrouw Astrid Britten, de directrice van de Biblioteca Nacional Aruba.

‘Estetica’

In de laatste twee verhalen geeft de verteller zijn poëtica, zijn opvattingen over het schrijven en lezen van literatuur, in de vorm van een luguber verhaal en een quasi theoretische maar persoonlijke verhandeling als een handleiding voor schrijvers en lezers, met de ironie van een onbetrouwbare verteller als wapen.

Di berdad mi mester acepta cu mi ta un escritor mediocre cu ta purba di tur manera pa bira uno cu ideanan filosofico y intelectual, pero ta parce cu tur e ideanan cu mi tin den mi cabes no por sali di un of otro manera cu uno cliche y mal formula. Den mi cabes e storianan ta cana bon, tin bon intriga y desaroyo y un final envidioso, pero ora mi purba pone esaki riba e pantaya, e frasenan ta sali mescos cu fruminga desordona for di nan neishi riba e papel digital. Nan ta core sin rumbo ni destino manera den busca di un dios cu por uza e conopi di delete pa scapa nan di e bida insoportabel y indesea. (Estetica)

Het verhaal ‘Estetica’ begint als een soort misdaadverhaal, oftewel ‘un novela di detective di calidad inferior’. De verteller ontmoet een echtpaar dat zijn weerzin opwekt, vooral nadat ze aansturen op seksuele experimenten: ”Ora cu nan a haya interes pa mi anhelonan profundo y scondi, mi fuse a bula.” (p. 74) Hij besluit het echtpaar te doden. De nietsontziende moordenaar snijdt daarbij zijn slachtoffers open en wisselt de organen van de slachtoffers tot een mooie compositie. Dat leest gruwelijk en de vraag luidt waarom? Maar dan maakt het bloederige verhaal plaats voor een poëticale beschouwing over het schrijverschap. De bloederige geschiedenis blijkt een metafoor voor het schrijverschap. Zoals de wellustige moordenaar  zijn slachtoffers ontleedt, zo fileert een auteur zijn personages, heet het. Maar de realiteit te vangen in een verhaal blijkt te kort te schieten: “E imposibildad di splica e estetica di un crimen. “ (p. 77-78) De schrijftechniek schiet steeds te kort.  En aan het ironische einde van het verhaal is de verteller zélf aan de beurt als de lezer het werk van de auteur fileert… Zo loopt een aanvankelijk misdaadverhaal uit op een analytische beschouwing over het schrijverschap, een procedé dat de schrijver herhaaldelijk toepast in deze ‘meta-bundel’ die in wezen een steeds terugkerende variatie op het creatieve schrijfproces zélf beschrijft: “E geometria di e actonan literario a duna mi e libertad pa compone un manera mas logico, mas estetico y mas intenso.” (p. 81).

Maar schrijven is bepaald niet probleemloos. De bundel heeft immers als titel ‘Tartamudo’ (stotteren). Voorbeelden van dat stotteren komen op essentiële plaatsen in de verhalen zeven keer voor, ook aan het betekenisvolle einde waar de auteur zélf verhaalpersonage dreigt te worden: “paso si si si si mi mi mi mi si si sis si sigui scu scu scu scu scucha mi mes, mi lo lo lo lo bira un un un per per per … persona … ay, leumay.” (p. 93)

Leven en literatuur schieten beide te kort – de literatuur zal het nooit van het leven winnen, maar omgekeerd schiet leven zonder literatuur eveneens te kort. “E laberinto naratologico fortinesco” (p. 93) is een intrigerende bundel met verhalen over tekorten, een labyrint van twijfels voor én auteur én lezer: “For truth is always strange; stranger than fiction.” (Lord Byron) En dat voor een onderzoeker die een dissertatie over een narratologisch onderwerp voorbereidt: de verhalen van collega auteur Jossy Tromp.

J.L. Fortin: Tartamudo (2019)
Print on demand Lulu.com
ISBN 978 0 244 79112 4

Een verjaardagsboekje voor Paasman

door Hilde Neus

Bert Paasman heeft op 26 februari 2019 zijn tachtigste verjaardag gevierd. Ter gelegenheid daarvan is er een liber amicorum uitgekomen. In tegenstelling tot de publicatie ter gelegenheid van zijn afscheid als hoogleraar is dit vriendenboekje klein. Alle 23 stukken, bijdragen van enkele pagina’s, geschreven door naaste medewerkers en collega’s van Bert, die dus al weer een poos met emeritaat is. read on…

Verrassing! Een letterkundig colloquium over de voormalige Nederlandse koloniën

Bij 12 ½ jaar leerstoel Nederlands-Caraïbische Letteren

Doelenzaal Universiteitsbibliotheek van Amsterdam, Singel 425, 1012 WP Amsterdam
Vrijdag 26 april 2019

Dit vrij toegankelijke colloquium staat in het teken van de verrassing: in cultuurresearch komen onderzoekers altijd wel eens verschijnselen tegen die ze niet verwacht hadden, die contingent zijn of waarmee ze zich niet zo goed raad weten, theoretisch of praktisch: verrassende links, moeilijk te plaatsen figuren, tussenfiguren, teksten die zich totaal niet verhouden tot het gehele oeuvre van een auteur, correspondentie tussen mensen van wie je dat in de verste verte niet verwacht enz. Een grote groep actieve literatuurwetenschappers geeft een letterkundige of cultuurhistorische presentatie met een duidelijk raakvlak met de voormalige koloniën van Nederland. Aan het einde van de dag zal ook een nieuwe uitgave van Albert Helman ten doop worden gehouden. read on…

“Van de vergankelijkheid der dingen. En van de onvergankelijkheid des tijds”

De vijfde roman van Eric de Brabander

door Wim Rutgers

Laatst las ik een anekdote van Annie M.G. Schmidt die tegen een collega-auteur die in haar schrijfproces vast zat in een writer’s block, zoiets zei van: Je hoeft je roman ook niet te begrijpen, je hoeft die alleen maar te schrijven. Geldt dat anderzijds ook voor de lezer: je hoeft een roman alleen maar te lezen, je hoeft die niet te begrijpen? Of willen we de auteur helemaal door hebben en zijn roman analyseren en interpreteren tot op het bot, tot er niets meer aan betekenis verborgen blijft voor ons kritische oog?
Hoe lees je de eind vorig jaar verschenen vijfde roman van Eric de Brabander, De vergankelijkheid der dingen: read on…

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter