blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: roots

Vanwaar wij werkelijk vandaan komen

Uitnodiging

De Stichting Fiti Fu Wini organiseert op 30 oktober een lezing van drs John Codrington met als titel: Suma na mi, pe mi rutu k’mopo; Een kijk via DNA test, vanwaar wij werkelijk vandaan komen. read on…

Leo Balai – Roots en reparations; Over de verwerking van het slavernijverleden

Rudolf van Lierlezing van de Werkgroep Caraïbische Letteren, uitgesproken in Leiden op vrijdag 10 juni 2016

 

Inleiding

De trans-Atlantische slavernij is een van de meest mensonterende en gruwelijke gebeurtenissen uit de vroegmoderne en moderne geschiedenis. Deze periode is weleens omschreven als : ‘.. de wreedste, pijnlijkste en aan genocide grenzende schending van de mensenrechten uit de wereldgeschiedenis’. De opmerking dat het een aan genocide grenzende misdaad was blijkt wel uit de cijfers uit de slavernij in het Caribische gebied. Van de ongeveer 5,5 miljoen Afrikanen die in het Engelse Caribische gebied als slaven werden ingevoerd waren er bij de afschaffing in 1833 nog 800.000 nakomelingen over. Voor Suriname geldt dat er ongeveer 350.000 Afrikanen naar dat land werden verscheept. Bij de afschaffing in 1863 waren er nog maar 34.400 nakomelingen van deze mensen in leven. Deze verspilling van mensenlevens was het gevolg van het meedogenloze arbeidssysteem op de slavenplantages. In de voormalige Nederlandse slavenkolonie Berbice ging men ervan uit dat een slaaf gemiddeld acht jaar in leven bleef. Daarna was het tijd om een ander exemplaar te kopen. read on…

De Rudolf van Lier-lezing 2016: Leo Balai

Roots en Reparations
Leo Balai houdt op 10 juni de Van Lier-lezing in Leiden

Waarom gaan nazaten van voormalige slaven uit Noord- en Zuid-Amerika en het Caraïbisch Gebied op zoek naar hun roots? Wat treffen zij aan in Afrika, hoe verlopen hun contacten met de lokale bevolking en wat komen zij over hun voorouders te weten? Welke overwegingen liggen ten grondslag aan de genoegdoening die nazaten eisen voor het onrecht dat hun voorouders is aangedaan? Waaruit bestaan de gevraagde reparations, welke wegen worden er bewandeld om compensatie te verkrijgen en hoe worden deze initiatieven beoordeeld? read on…

From Roots to Crown

Slavernij, vrijheid en identiteit. Choreagraaf en danser Gianni Grot liet zich door deze thema’s inspireren voor zijn nieuwe voorstelling. Zijn taal: dans, hiphop en spoken word. Hierbij staat routes (of roots) voor de mentale en fysieke weg die de slaven en hun nakomelingen hebben afgelegd. Crown staat symbool voor de overwinning, maar ook voor de kroon van de boom die voortkomt uit de roots. Herdenk het verleden en vier de toekomst. Draag de kroon!

Locatie: Bijlmerparktheater Amsterdam-Zuidoost
Datum: zaterdag 15 februari 2014
Tidj: 20.00 uur

Slavernij in Afrika: overwinnaars en slachtoffers

Zondag 22 september werd de grote tentoonstelling Slavernij verbeeld in de afdeling Bijzondere Collecties van de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam afgesloten met een debat over wat er voorafging aan de Middle Passage, de overtocht van Afrikaanse mensen naar de Nieuwe Wereld: de slavernij in het continent Afrika. Hoe schrijven we die geschiedenis en welke rol speelt daar de orale geschiedschrijving in? Hoe kwamen de slavenhandelaren aan hun slaven? Hoe lang bestond er al Afrikaanse slavernij? Zijn de Afrikaanse volkeren mede schuldig aan de slavernij, of moeten we dit zien als een historisch gegeven: de Ashanti voerden oorlog en de overwonnenen werden tot slaaf gemaakt?

Marcel van Engelen, auteur van Het kasteel van Elmina, de Ghanees-Nederlandse journaliste Alberta Opoku, en historicus Leo Balai, auteur van Het slavenschip Leusden; moord aan de monding van de Marowijnerivier, debatteerden onder leiding van Michiel van Kempen, bijzonder hoogleraar West-Indische Letteren.

Natuurlijk waren er uiteenlopende meningen, al dan niet vanuit het standpunt van de roots-zoekers/ de nakomelingen van de slachtoffers van die tijd, of vanuit een meer neutraal geschiedenis-beschrijvend standpunt, of zelfs vanuit de “overwinnaars” van toen. Emoties spelen in zo’n debat altijd een rol. Maar gedachte-uitwisselingen als deze kunnen er niet genoeg zijn.

Een foto-impressie door Bert Reinders.

Het panel, v.l.n.r. Marcel van Engelen, Alberta Opoku, Leo Balai en discussieleider Michiel van Kempen
Garrelt Verhoeven, hoofdconservator Bijzondere Collecties
De zaal was amper groot genoeg voor de grote belangstelling
Marcel van Engelen
Alberta Opoku
Een interventie van “Mister Anansi”
Edmund Neus aan het woord
Carl Haarnack werd bedankt als mede-organisator en rondleider van de tentoonstelling
Saté-time!
Napraten met Henk Dijs en Frank Consen
Leo Balai vertelt over het slavenschip Leusden
Jong en nog jonger woonden de middag bij
Een afsluiting waar de innerlijke mens zich goed bij voelde

Theater als creatief product innerlijke zoektocht

door Donovan Mijnals

Gianni Grot (midden) maakte vorig jaar al furore met het stuk Aces. Dit jaar is hij terug met een stuk dat teruggaat naar zijn roots en de slavenperiode.
Paramaribo – Gianni Grot heeft een onlosmakelijke band met Suriname. En met de slavengeschiedenis van het land waar hij eveneens niet los van staat. In zijn laatste theaterstuk, From Routes to Crown, wordt onderzoek gedaan naar de gevolgen van onderdrukking van de gekleurde bevolking anderhalve eeuw na afschaffing van die donkere periode uit de geschiedenis. “De première van het stuk is toepasselijk in Suriname. Deze grond kent slavernij en heeft het bloed en de pijn van de slaven omarmd”, verklaart de choreograaf en regisseur dichterlijk.
Hij komt aanvankelijk uit de hiphopscene. Een subcultuur waar hij mee is opgegroeid en hij door en door kent. Maar hij laat zich er niet door beperken. “Ik doe wat goed voelt voor mij en wat dat betreft ben ik gewoon eigenwijs.” Die houding heeft erin geresulteerd dat er in From Routes to Crown, naast breakdance ook plaats is voor een ballerina en een moderne danseres. Dat maakt het tot een unieke collaboratie van verschillende stijlen. Schouderophalend: “Ik probeer dieper in de dans te gaan. Sommige mensen zullen dan zeggen dat het niet conventionele hiphopbewegingen zijn.”
Dikke billen
Het lijkt Grot, dat hoewel de sociaal-psychologische gevolgen van slavernij evident zijn, mensen toch bitter weinig afwisten over dat deel van de historie. Eén van de gevolgen is volgens hem dat het nog voorkomt dat gekleurde mensen zich in een slachtofferrol plaatsen. Daarnaast heerst het Europees schoonheidsbeeld van slank, blond en een des te lichtere huidskleur hebben. “Dat begint een beetje te veranderen, want vrouwen vinden het nu ook wel leuk om bijvoorbeeld dikke billen te hebben”, verzucht hij.

 

Inspiratie voor het stuk kreeg hij bijna automatisch door de zoektocht naar zichzelf en de geschiedenis van zijn land van herkomst. En dan geldt het als meevaller dat de danser de vorige keer toen hij hier was met zijn stuk Aces, indruk wist te maken op Helen Kamperveen van Jeugdtheaterschool On Stage. Kamperveen stelde voor een theaterstuk te maken waarbij Surinaamse en Nederlandse dansers zouden samenwerken en bracht hem in contact met Ann Hermelijn.
“Ik vond het fijn dat ik op die manier een mogelijkheid kon creëren voor Surinaamse dansers, want het is niet dat hun niveau lager is”, benadrukt Grot. Hoewel zijn beide ouders uit Suriname komen en hij er een tijd heeft gewoond, was zijn affiniteit met zijn thuisland niet altijd makkelijk. In Suriname wordt hij namelijk gezien als Nederlander, terwijl hij omgekeerd daar niet wordt geaccepteerd als een van hen. “Maar nu heb ik een punt bereikt waarop ik vind dat niemand mij kan zeggen waar ik vandaan kom; waar ik mij thuis voel is aan mij om vast te stellen.” Het stuk is op 1, 2, 4, 8, 9 en 10 augustus te zien bij On Stage.
[uit de Ware Tijd, 31/07/2013]

Verdraagzaamheid, een programma voor vrijheid (4)

door Willem van Lit
Deel 4 gaat over de mythes van authenticiteit en afstamming.
Ontscheping van slaven in Rio de Janeiro (Lithografie von Rugendas, 1822).
In mijn gesprek met Jeroen Heuvel in 2010 kwam ook  het volgende naar voren. Het feit dat er op Curaçao bijvoorbeeld zoveel ruzie en woede, als ook uitbundigheid, zin en aanleg voor het feestvieren te ervaren zijn, heeft te maken met de afkomst van veel Afro-Curaçaoënaars. Curaçao was een transitomarkt in de West-Afrikaanse mensenhandel. De verschillende kooplieden uit omringende gebieden kochten alleen de beste exemplaren. Dat betekent in feite dat de mindere soort – zij die het minst geschikt waren voor het werk – achterbleef en dit betrof in veel gevallen mensen van een specifieke West-Afrikaanse stam die bekend stonden om hun weerbarstige karakter: ze maakten constant ruzie en amok. Tegelijkertijd stonden zij ook bekend om hun grote aanleg tot het vieren van feesten en hun uitgelatenheid. Heuvel zei dat dit door een bekende Antilliaanse antropoloog was aangetoond. Het zou hier gaan om de genen van boosheid en plezier. Het is een verhaal dat vaker terugkomt. Het is een van die merkwaardige en mysterieuze kleine mythen, die men steeds weer hoort. Zij duiden op mystieke afkomst in de lijn van Rousseau’ s edele wilden. Tegelijkertijd is het een duiding van – alweer – de menselijke smet, het eeuwigdurende stigma. Toch is een dergelijke verklaring door zijn eenvoud aantrekkelijk. Het heeft mij zelf zover gebracht dat ik overal ben gaan speuren naar de specifieke afkomst van West-Afrikaanse mensen, die naar het Caribische gebied werden vervoerd. Kortweg gezegd is het ondoenlijk om de exacte herkomst van grote groepen mensen te achterhalen. Scheepsbewegingen van veel Nederlandse slavenhalers, zowel van de West-Indische Compagnie als van andere rederijen, zoals de Middelburgse Commerciële Compagnie (MCC) zijn wel voor een groot deel vastgelegd. We kunnen ook deels nagaan waar mensen langs de duizenden kilometers lange West-Afrikaanse kust zijn ingekocht, maar daardoor weten we nog niet exact vanwaar die gevangengenomen Afrikaners zijn aangevoerd. Velen moesten dagen- of zelfs wekenlang lopen alvorens zij de kust bereikten. Niemand nam de moeite precies vast te leggen hoe en vanwaar deze mensen werden opgepikt. Gaandeweg mijn naspeuringen – waarvan ik aanvankelijk dacht dat die van belang waren voor mijn betoog – kwam ik erachter dat West-Afrika een enorm gebied is waar immens veel stammen en volkeren in een lappendeken van verbanden naast en door elkaar heen leefden en leven. Hierbij zijn door conflicten en politieke manipulaties regelmatig gebieden en volkeren gewisseld. [1]
 
Sinds de 17een de 18e eeuw, toen de trans-Atlantische mensenhandel op zijn hoogtepunt was, heeft er op Curaçao en de meeste andere eilanden veel migratie plaatsgevonden. Er heeft zich veel vermenging van bevolking voorgedaan. Daardoor zal er van authenticiteit van afstamming al niet zo heel veel meer over zijn. Ook vanuit dit oogpunt is het niet goed meer mogelijk de afstamming nauwgezet te reconstrueren. Naargelang ik me er meer in verdiepte, werd me steeds duidelijker dat het onzinnig is naar een dergelijk verband te speuren. In het vorige hoofdstuk ben ik uitvoerig ingegaan op de botsing van humeuren uit de Afrikaanse en Europese erfenis. De kenmerken van arrogantie en hebzucht versus afgunst en nijd, zoals ik die daar beschreef, zijn geen genetische kenmerken. Ze komen voort uit de dominante wijze van samenleven en de sociale patronen die daarmee zijn verbonden: in dit geval de kapitalistische (open) westerse leefstructuren en de collectivistische (meer besloten) Afrikaanse patronen. Mensen worden gevormd door hun manier van dagelijkse omgang met elkaar; zo ontwikkelen ze hun houding en gedrag. Als we ervan uitgaan dat (genetische) eigenschappen bepalend zouden zijn, dan gaan we uit van het strikt gedetermineerd zijn van mensen en de onvermijdelijke lotsverbondenheid. Dan zeggen we ook dat er geen verandering mogelijk is en juist dát is onzin. Het is juist een van de belangrijkste menselijke kenmerken dat zij in staat zijn zichzelf en de dingen (en anderen) om zich heen te beïnvloeden en te veranderen. Als er iets is dat zijn lot bepaalt, dan is het juist het feit dat de mens – doordat hij het paradijs heeft verloren – zijn lot in eigen hand moet nemen. Dat is geen fatum, maar een morele plicht. Als men dit ontkent, treft men de mens precies op het punt van waardigheid: namelijk dat hij niet in staat zou zijn te veranderen en daardoor zelf richting te geven aan het leven en de inrichting daarvan.
Slavendans, ca. 1780
 
Bij het speuren naar aanwijzingen of bewijzen van de stelling dat het zou gaan om mensen uit een Afrikaanse stam met specifieke persoonlijke eigenschappen, bekroop me steeds weer het idee dat ik bezig was trachten te bewijzen dat mensen historisch gezien gedetermineerd zijn, terwijl ik daar juist niet in geloof. Ik heb dit in dit boek al verschillende malen betoogd. Als het gaat om het zoeken naar een oplossing om het patroon van de pathetische omhelzing te doorbreken, dan moet dit soort mythen de wereld uit. Het is juist het geloof in dit soort verhalen dat de menselijke waardigheid geweld aan doet. Daardoor is dat een doodlopende weg, die het probleem voortdurend in stand houdt en de stagnatie verhardt. Het ontkent de dynamiek van menselijke ontwikkeling, het vermogen tot Bildung. Het voorgaande betekent tegelijkertijd dat je jezelf niet kan laten voorstaan op je afkomst en ook dit heb ik al verschillende malen benadrukt.
Alexis de Tocqueville
 
Toch houdt men dergelijke mythen hardnekkig in stand en zeker in de context van de Caribische wereld. Dit komt voort uit de gedachte die Alexis de Tocqueville naar voren heeft gebracht en waarover ik in hoofdstuk vier al heb gesproken. Hij zegt dat de Amerikaanse tragedie niet zozeer de slavernij is, maar wel het feit dat de herinnering eraan steeds zo zichtbaar aanwezig is: door het verschil in huidskleur. Juist deze zichtbaarheid, die verweven is met de herinnering, berooft die bevolkingsgroepen van hun waardigheid. Huidskleur is nu juist wél een genetisch kenmerk. Daaraan ontkomt niemand. De herinnering daaraan lijkt dan wél in alle opzichten gedetermineerd, juist door die zichtbaarheid.
“De herinnering aan de slavernij onteert het ras en het ras vereeuwigt de herinnering aan slavernij.
Er is geen Afrikaan die vrijwillig op de kusten van de Nieuwe Wereld is beland; dat betekent dat allen die zich daar bevinden slaven of vrijgelatenen zijn. Zo geeft de Neger , met zijn bestaan, aan al zijn afstammelingen het zichtbare teken van zijn schande door. De wet kan een einde aan de slavernij maken, maar alleen God kan de sporen ervan uitwissen. (…).
De Modernen (De Tocqueville doelt hier op de bewoners van de Nieuwe Wereld – WvL) moeten na de afschaffing dus nog een einde maken aan drie vooroordelen die heel wat ongrijpbaarder en hardnekkiger zijn dan de slavernij zelf: het vooroordeel van de meester, het vooroordeel van het ras en ten slotte het vooroordeel van de Blanke”. [2]
Doordat huidskleur en algemene uiterlijke kenmerken zo duidelijk zichtbaar zijn en dit – historisch gezien – de ongelijkheid lijktte hebben bepaald, lijkt het logisch en normaal dat ook andere eigenschappen (zoals karakter of humeur) historisch gedetermineerd zijn. Zo blijft de mythe van lotsverbondenheid van mensen én groepen in stand. Hardnekkig en schijnbaar onuitroeibaar. De herinnering aan ongelijkheid wordt zo omgezet in determinatie, iets wat ook de toekomst bepaalt. Dat dergelijke ideeën onzinnig en onjuist zijn, is niet gemakkelijk te ontkrachten (de ongrijpbare en hardnekkige vooroordelen), zeker ook doordat het Westerse denken vaak doordrenkt is geweest van historisch determinisme (zoals bij de dialectiek van Hegel en Marx). Ook dit zijn duurzame mythes geweest waaraan hectoliters bloed zijn verspild.
[wordt vervolgd]


[1] Heden ten dage is het mogelijk via DNA-onderzoek na te gaan waar men van afstamt. In de VS kunnen afstammelingen van de weggevoerden door dergelijk onderzoek bezien wat hun verwantschap met stammen of volkeren is. In hoofdstuk 4 heb ik hierover onder andere gezegd dat een Nederlandse tv-presentator en cabaretier van Surinaamse afkomst, Roué Verveer, een dergelijk onderzoek heeft laten uitvoeren.
[2]Tocqueville, Alexis de, Over de democratie in Amerika, pag. 366 en 367.

Curaçaos bloed

Vorige maand presenteerde Eardly C. van der Geld in Tilburg zijn boek Curaçaos Bloed. Het boek gaat over de Curaçaose student Bouwkunde Surandy Hillard, in de bloei van zijn studentenleven in Tilburg. Na een kort maar enerverend verblijf op Curaçao voor de begrafenis van zijn grootmoeder, raakt hij geïnteresseerd in alles wat met zijn roots te maken heeft. Vlak voordat hij met zijn stage begint in enkele eeuwenoude gebouwen in Middelburg uit de slaventijd, ontmoet hij de knappe Natasha. Hij weet nog niet welk tumult zijn handelingen zullen veroorzaken.

Rolpatronen uit de slaventijd
Curaçaos Bloed gaat over integratie en tolerantie en hoe rolpatronen uit de slaventijd daar nog steeds invloed op uitoefenen. Het gaat ook over de verwerking en omarming van het slavernijverleden. Eindelijk weer een boek van Curaçaose hand. Het speelt zich af in het heden, en durft in te gaan op de sociaal-maatschappelijke complicaties van de integratie.
Eardly C. van der Geld, Curaçaos bloed
Aantal pagina’s: 208
Uitgever: E. Van Der Geld Administraties, Emt, 2012
EAN (ISBN): 9789082002003
De auteur
Eardly van der Geld is 54 jaar, geboren en opgegroeid op Curaçao en in Suriname. Hij woont al 35 jaar in Nederland en is voorzitter van Stichting Cultureel Erfgoed Caribisch Gebied en Nederland. Hij ijvert al meer dan vijfentwintig jaar als vrijwilliger in Tilburg voor maatschappelijke en economische verheffing van de Antilliaanse doelgroep. Historisch besef vindt hij cruciaal voor de broodnodige integratie in Nederland. Verder is hij medeoprichter van project Direkshon, medepublicist van ‘Een gemeenschappelijke strijd/Tweede Wereldoorlog in de West’ en medecoördinator van het project Digitalisering Fotoarchief Fraters van Tilburg.

Amsterdam Roots Festival

Het Amsterdam Roots Festival bestaat 15 jaar. Reden voor een groots feest. In dit jubileumjaar pakken we uit met een selectie van meer dan 40 grensverleggende cross-overs uit de hele wereld. Muziekliefhebbers van alle leeftijden en met uiteenlopende smaken weten de weg te vinden naar het festival dat haar programma uitvouwt in vier Amsterdamse zalen en in het sfeervolle Oosterpark. Vorig jaar trok Amsterdam Roots ruim 60.000 bezoekers. Roots Indoor vindt plaats op 5, 6 en 7 juli in de Melkweg, Paradiso, Bimhuis en het Muziekgebouw aan ’t IJ met een line up van internationale artiesten. Er is Portugese fado van Ana Moura, soulvolle morna van de Kaapverdische nieuwkomer Aline Frazão, oriëntaalse jazz, rock & world van de Libanese trompettist Ibrahim Maalouf en knetterende punk meets Ethiojazz met the Ex & Getatchew Mekuria. Er is inventieve sample hiphop van Chiddy Bang, Mexicaanse cumbia van Celso Piña en cubatón, een pittige mix van de reggaeton en Cubaanse ritmes, van Gente de Zona.

Op zondag 8 juli sluit Roots traditiegetrouw af in het Oosterpark met het gratis openluchtfestival de Alliantie Roots Open Air. Een volle dag met aanstormende talenten en (inter)nationale artiesten van formaat dwars door elkaar heen geprogrammeerd op zeven podia. Bijzonder zijn twee speciaal voor het jubileum naar Roots teruggekeerde zwaargewichten uit eerdere jaargangen: Danyel Waro en Bonga. Waro maakt bezielde maloya, percussieve muziek van La Réunion. Bonga is de levende legende van de Angolese muziek en zet zich sinds de jaren ’60 in voor de situatie in zijn land. Beide zijn doorgewinterde artiesten maar waren ooit pioniers die de muziek buiten hun landsgrenzen katapulteerden. Ze staan symbool voor de zeggingskracht van muziek en weten nieuwe generaties te boeien.

Verder op het programma het zinderende combo JuJu (Justin Adams en Juldeh Camara), een chemische reactie van westerse blues rock en sahara sounds. Maar ook een optreden van de Congolese rapper met de vintage touch Baloji en de Colombiaanse feestgangers van Systema Solar zijn present. En natuurlijk is er de Roots Bazaar. Op deze wereldmarkt met meer dan 125 kramen kan je de hele middag flaneren. Laat je nagels doen, shop till’ you drop, eet je buik rond met gerechten uit de wereldkeuken en dans het er weer af bij één van de vele dansworkshops op Dance Court. Kinderen komen bij Kids@Roots alles te weten over de Tibetaanse monniken van Tashi Lhunpo Monks.

In de aanloop naar het festival organiseert Amsterdam Roots in samenwerking met onze hoofdsponsor woningcorporatie de Alliantie, Stichting Nowhere en Studio West de talentenjacht de Alliantie Roots on the Road. In Amsterdam Oost en Nieuw West battlen jonge muziektalenten tegen elkaar in de voorrondes om een plekje in de finale op het Urban Groove podium tijdens de Alliantie Roots Open Air op 8 juli. De winnaar krijgt 500 euro om zijn carrière te kick starten.

Bijeenkomst met Curaçaose filmmaker Wensly Francisco

Op vrijdag 24 juni 2011 organiseert de Vereniging Antilliaans Netwerk een bijeenkomst met de Curaçaose filmmaker Wensly Francisco. Tijdens deze bijeenkomst zal een documentaire worden vertoond waarin Wensly Francisco op zoek gaat naar zijn roots. Met deze documentaire wordt beoogd een taboe te doorbreken en de kwesties vaderloosheid en gebroken gezinnen bespreekbaar te maken. Uitgangspunt van de documentaire is dat kinderen het recht hebben te weten wie hun vader is en dat de vaders een actievere rol gaan spelen in het leven van hun kinderen. Dit is volgens
de makers van de documentaire van groot belang, omdat omstreeks 60 % van de
Antilliaanse jongeren in Nederland opgroeit zonder vader, met alle gevolgen van dien.

Voorafgaand aan de vertoning van de documentaire zal Wensly Francisco een korte inleiding geven en na afloop desgewenst vragen over de documentaire beantwoorden.

Locatie: Muiderkerk naast NiNsee), Linneausstraat 37, 1093 EG Amsterdam
Aanvang: 20:00 uur. Inloop vanaf 19:15 uur
Entree: Leden gratis, niet leden 10 euro p.p., studenten 5 euro (op vertoon van
collegekaart)
U kunt zich aanmelden via: http://www.antilliaansnetwerk.nl/aanmelding-bijeenkomst

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter