blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Raalte Celestine

Sophie Redmond ‘inluider laatste fase koloniaal systeem’

door Stuart Rahan

Amsterdam – De bijzondere persoonlijkheid van dokter Sophie Redmond (1907-1955) was voor Sylvia Kortram de inspiratiebron voor nader sociaal, historisch en maatschappelijk onderzoek. Dat resulteerde donderdag in de promotie van Kortram aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit. Volgens de promovenda luidde Redmond, naast dat zij de eerste Surinaams-creoolse arts was, het einde in van het koloniale systeem halverwege de vorige eeuw.
Redmond legde al vroeg in de twintigste eeuw een bijl aan de wortels van de koloniale mannenmaatschappij door actieve deelname aan de vrouwenemancipatie. Kortrams proefschrift heeft dan ook als titel: ‘Meer dan arts alleen. De maatschappelijke betekenis van huisarts Sophie Redmond in laat-koloniaal Suriname.’ Redmond wilde als huisvrouw niet in de schaduw van haar man leven en koos ervoor medicijnen te gaan studeren.
“Sophie Redmond profileerde zich als een ‘agent of change’ op verschillende maatschappelijke gebieden”, zei Sylvia Kortram in haar verdediging. De ‘dokteres’, zoals Redmond bij het volk bekend stond, maakte daarbij gebruik van massamedia en interpersoonlijke communicatie om haar doelgroepen te bereiken. De artsenpraktijk was er een van maar op de radio en het toneel liet zij zich van haar betrokkenheid kennen. Sophie Redmond heeft een gezicht gegeven aan de vrouwenemancipatie.
Uit handen van Alex van Stipriaan, historicus en hoogleraar Caribische geschiedenis nam dr. Sylvia Kortram haar diploma in ontvangst. Speciaal voor deze gelegenheid bemoedigde voordrachtkunstenares Celestine Raalte Kortram met enkele gedichten in Sranantongo.
[uit de Ware Tijd, 17/01/2014]

Celestine Raalte heeft weinig mime nodig

Fri Yeye, het theaterstuk in het kader van 150 jaar afschaffing slavernij


door Ruth San A Jong
Celestine Raalte, de schrijfster en actrice in dit stuk heeft weinig mime nodig om je te raken, te snijden, met haar woorden. Gisteravond zat ik voorovergebogen naar het theaterstuk Fri Yeye te kijken. Ze heeft een sigaar als decor waarbij ze het hele stuk door paft, een zwarte hoofddoek en wat authentieke houten meubels die zij gebruikt om je in die oude Surinaamse sfeer te brengen. Fri Yeye (Vrije Geest): een relaas van een buurtoma die het nodig vindt om op 1 juli haar kleindochter te ontgoochelen over de ‘viering’ van Keti Koti.
“Wat je doet is papegaaienwerk.” De dialogen beginnen scherp. Botsingen tussen de zogenaamde moderne kijk op de slavernij en de historie komen tot uiting in de relatie tussen de twee karakters.
Oma: Wat doe je met je vrijheid! Je voorouders hebben land gekocht, zodat ze weer een thuis hadden. Wat gebeurt er met het land dat jullie is nagelaten? Land waar bloed, zweet en tranen hebben gevloeid. Jullie zijn de weg kwijt.
Bernadetta: Ach vrouw! Wat weet u? U weet niet eens hoe u hier bent beland, dan komt u mij de les lezen.Wie bent u, jij of je? Als m’n vriend hier was had hij je zo eruit gezet. Met al je verhalen.
Fri Yeye sleurt je ook door de verzwegen geschiedenis:
De moordenaars! Ze waren bezorgd over ‘Leusden’, hun schip en het goud. Ik, ik voelde smart, galbittere smart. Ik was gebroken: 650 zielen die dolen voor de Marowijnerivier
… ik weet niet eens hoe ze heten. Ze hadden ook een vader en een moeder
en al de onschuldige kinderen. Geen woord van die Hollandertjes. Geen woord over de dood van de Afrikaanse mannen, vrouwen, en kinderen. Geen woord van die WIC’ers met hun VOC-mentaliteit. Mensenrechten bestonden niet voor de Afrikanen.
Alle typische fenomenen van het zwarte mentale ‘brandmerk’ gaan langs en zeker ook de eigen ervaring. De tragiek is voelbaar, het lijden en de liefde van de buurtoma is tastbaar.
Hillegonda: U bedoelt de verdeel en heersformule. De racist Willi Lynch heeft een handboek geschreven Hoe maak je van een Afrikaan een slaaf? En hoe zorg je ervoor dat een slaaf, slaafs blijft. Vertel oma, hoe werkte dat in uw tijd?
Oma: Stel je voor, ik ben die slavendrijver. Jou geef ik wat kapotte kleding. Iets meer te eten en jou verneder ik minder. In het bijzijn van de andere slaven. Ik ransel Bernadetta af totdat ze neervalt. Dan vertel ik aan haar dat jij me hebt verteld, dat ze gestolen heeft. Ik zorg ervoor dat jullie elkaar niet meer vertrouwen. Zo zorg ik ervoor dat de oude slaaf de jongere niet vertrouwt. Dat de man en de vrouw elkaar wantrouwen. Hetzelfde doe ik met de donker- gekleurde en de lichtgekleurde slaven. Ik zaai overal wantrouwen. De iets beter behandelde slaven mogen lichter werk doen. De vrouw werkt in en om het huis. De man wordt beul. De zwarte beul wordt opgedragen zijn vader, moeder, zuster, broeder af te ranselen. De zwarte beul wordt opgedragen zijn zuster vast te binden, zodat de smerige verkrachter zijn gang kan gaan. De zwarte beul wordt opgedragen van de weggelopen slaven die doodgeschoten zijn, de armen geroosterd mee te nemen als bewijs dat de prooi is gevangen.

“A switi fu yere fa yu e taki Sranan. Tan Prodo nanga a tongo yere mi gudu.” Het stuk is alles wat Celestine Raalte is en ademt. Het woord ‘ding’ is een gevoelsmatig woord. Dit stuk is háár ‘ding’, haar manier van denken, haar protest tegen de witte superioriteit, haar irritatie over hoe zwarten met elkaar omgaan en tegelijkertijd haar trots, haar respect voor cultuur, haar identiteit. Ik voel mij door dit theater gesteund in mijn gedachtegang dat ik niet meedoe aan de ‘koto-cultuur’ bij 1 juli- vieringen, omdat de koto ontworpen was om die zwarte vrouw er lelijk uit te laten zien. Vooralsnog om de vrijheid van spreken te ontnemen. De angisa werd gebruikt om te communiceren. Ik zal nooit een traditie in stand houden die in eerste instantie een vernederend doel had. Wat het relaas nog meer benadrukt, is dat wij tradities goed moeten overwegen voor we ze voortzetten.

Oma: Kalebassen zijn hier in huis als souvenirs. Weet je wat de functie is van een kalebas?
Bernadetta: Ik heb voor een glas gekozen. Ik leef in een vrij land en ik ben gelukkig vrij geboren.
Het is een verademing wanneer bij goedgeschreven toneelstukken het geluid goed is. Dit stuk had nergens anders dan in On Stage gespeeld moeten worden. Nergens anders, niet op de Nederlandse bühne, maar hier, op de Surinaamse bodem, voor en door Surinamers gespeeld. Je moet vooral elke emotie van de stemmen goed op je trommelvliezen laten kleven.
Complimenten voor mijn talentvolle vriend Alexander Tolin die bij elke regie groeit (als ik dat mag zeggen). De mooie zang van Marianne Cornett en de jeugdige nieuwsgierigheid naar het verleden van Sade Rozenblad waren subliem. Een mooie symbiose van drie generaties vrouwen met een eigen wil, eigen gedachten en eigen vrijheid. Dit stuk is te confronterend voor de hedendaagse ‘missionaris’ of  ‘gekerstende’. Want wat zeker gebeurt, is dat het een innerlijk conflict oproept. Althans voor diegenen die de woorden echt tot zich laten doordringen. Ik verklaar dat zenuwachtige gelach van het publiek als een reactie op de heftigheid van de dialogen. Het is nu eenmaal zo: we lachen bij toneelstukken, Surinamers lachen ernstige situaties weg.
Dankjewel Celestine Raalte, ik buig voor je. Ik buig samen met je voor onze overgrootouders, brand samen kaarsjes met je, ook al ken ik hun namen niet. Ik buig.

[van de blogspot van Ruth San A Jong]

Fri Yeye: Bewustwordingscampagne in theatervorm

door Tascha Samuel
Paramaribo – Vele Afro-Surinamers geven aan het spreken over slavernij onnodig te vinden. “Allemaal veel te lang geleden, kijk vooruit!”, is één veel gehoorde opmerking. Uit gesprekken met jonge dertigplussers, blijkt het merendeel het een ‘ver van mijn bed show’te vinden.
Maar wie het theaterstuk Fri Yeye heeft meegemaakt zal op zijn minst op de ‘prakseri bangi’ worden geplaatst. Want volgens Celestine Raalte, schrijfster en zelf actrice in dit stuk, gaat het niet om treuren, haat en gewoon stilstaan bij het verleden. “Haat, wat is dat? Ik heb met deze twee handen witte baby’s gewassen. Voor ze gezongen zoals ik voor mijn eigen kinderen zong”, stelt het personage van Raalte.
Niets van slavernij
In de opvoering wordt oma door haar dochter Bernadetta – voortreffelijk neergezet door Marianne Cornet – vooral gezien als die oude vrouw die vastzit in het verleden. Die gauw haar medicijnen moet slikken tegen haar schizofrenie. “Oma heb je je medicijnen al gedronken. Je maakt me gewoon depressief met al die verhalen.” Bernadetta, met haar blanke vriend Piet, wil vooral niets weten van de slavernij. Zij schaamt zich er onbewust voor. Het is de kleindochter die door heeft dat oma ‘begeesterd en in trance’ vertelt over het verre, zeer verre verleden. Want in tegenstelling tot Bernadetta wil kleine Hillegonda wel meer weten over haar roots. Iets waar Bernadetta niet zo blij mee is. “Ja, ik ben trots op mijn voorouders dat ze slaven waren. Ik wil er alles van weten.” Sade Rozenblad zet het personage van Hillegonda op een uitstekende volwassen manier neer.
Geschiedenisles
Oma haalt wrede herinneringen op. Herinneringen van vernedering, verkrachtingen en wrede afstraffingen. Hoe haar geliefde Nicodemus moest toezien hoe zij het product van de verkrachting, een ‘tweebloedige’ baby, de borst moest geven. Hoe hij werd uitgehuurd aan andere plantages en niet kon genieten van zijn vrouw. Hoe hij na zijn vluchtpoging werd gevangen ‘als een dier’ en gegeseld ‘tot zijn rug aan flarden hing’. “Ik kon de schaamte en pijn in zijn ogen zien.” Een geschiedenisles over het gezonken slavenschip Leusden werd ook gegeven. Over hoe de 650 slaven de dood vonden – het ruim waarin zij waren opgesloten werd niet geopend toen de bemanning het schip verliet. “Uit angst, angst voor de zwarte kracht, hebben ze hen laten sterven.”
Oma is een scherpgebekte vrouw die vooral niet wil dat men al die mensen vergeet. Dat de slaven geen nummers zijn. “Ik ken hun namen niet. Al die mensen die overboord zijn gegooid, omdat zij te ziek waren om door te gaan. Zij die verkozen liever te springen dan slaaf te worden.” Ook het onrecht aan Louis Doedel gedaan kwam aan de orde. Er wordt ook gezongen. De geoefende powerhouse Cornett, in combinatie met de jeugdige Rozenblad, blijkt het publiek bijzonder te bekoren.
Vergeving
Na de vele verhalen te hebben aangehoord laat Bernadetta haar antipathie los en vraagt daar vergeving om. Wellicht een sentiment dat velen zal overvallen na Fri Yeye te hebben gezien. Het stuk is wellicht onbewust een bewustwordingscampange in theatervorm. De oproepen van oma aan de zwarte mens om zich in te zetten, na te denken, door te duwen, meer te willen en vooral meer samen te werken, zijn indringend oprecht. Een staande ovatie bleef dan ook niet uit. Regisseur Tolin Alexander was zeer tevreden en glom van trots.
[uit de Ware Tijd, 27/05/2013]

Schrijversworkshop prikkelt fantasie kinderen

door Audry Wajwakana
Paramaribo – Op een speelse manier is een begin gemaakt kinderen creatief te leren. Met simpele zintuiglijke schrijfoefeningen werd hun fantasie geprikkeld. Trainers van de Schrijversvakschool Paramaribo hebben tijdens een tweedaagse schrijversworkshop kinderen een handvat geboden om hun vaardigheden verder te ontwikkelen.
Geblinddoekt
Met de zin ‘Ik heet … en ik vind schrijven leuk, omdat …’ beschrijven de kinderen waarom ze deelnemen aan de workshop. Na deze korte kennismaking wordt de jongeren voorgehouden dat ze geblinddoekt zullen worden. Met verschillende geurtjes verpakt in plastic zakjes gaan de trainers langs de neuzen. Enkelen trekken een vies gezicht bij een prikkelende aroma en weer anderen hebben wat tijd nodig om de geur te herkennen. De kinderen laten zich geen twee keer zeggen om de geur op hun blaadje op te schrijven. Deze oefening heette ‘Schrijven met je neus’.
“Door mijn zintuigen te gebruiken heb ik inspiratie gekregen om mijn bakkersverhaal te schrijven”, vertelt Don bij de evaluatie van de workshop. Aan het begin van de workshop gaf hij aan regisseur te willen worden. Een beroep waarvoor creatief schrijven zeker een vereiste is.
De nichtjes Suë (9 jaar) en Mezugia Creebsburg (10 jaar) geven ook aan hoeveel zij van schrijven houden. “Mijn nichtje schrijft vaker dan ik”, zegt Mezugia. De interesse komt volgens Suë door haar moeder die zelf ook schrijfster is. “Mijn moeder maakt vaak krabbeltjes in haar schrijfblok, die ik niet begrijp”, zegt Suë. Ze probeert van de krabbeltjes een verhaal te maken, wat niet altijd lukt. Vandaar dat ze meer schrijft over wat ze allemaal meemaakt en over prinsessen. Door de training heeft ze nu geleerd om ook over andere zaken te schrijven. “Het is niet moeilijk meer”, vult ze nog aan.
Fantasie
Naast de reuk, is het schrijven op basis van het zintuiglijk zien en horen geoefend. Als een soort wedstrijd rennen de kinderen de klas uit, om op zoek te gaan naar ‘een ding’ om over te schrijven. Bij de ‘oefening Horen’ is luide muziek afgespeeld, waarbij de jonge cursisten zonder hun pen neer te leggen aan één stuk door moesten schrijven. Deze oefening was voor veel van hen heel moeilijk.
Op de tweede dag van de workshop wordt een filmpje vertoond. De kinderen mogen aan de hand daarvan hun verhaal verder schrijven en dit aan de klas presenteren.
De trainers van de workshop zijn Urmia van Leeuwaarde, Ruth San A Jong en Celestine Raalte. Raalte vond het een leerrijke oefening voor de kinderen. “Sommige hadden een extra stimulans nodig. Maar moeilijk was het niet om het creatief schrijven uit de kinderen te halen. Want kinderen bouwen hun eigen fantasie op.”
[uit de Ware Tijd, 05-04-2013]

Jong talent put uit ervaring oude schrijvers

door Audry Wajwakana

Paramaribo – Vijf jonge generatie schrijvers hebben dinsdagavond, tijdens de maandelijkse bijeenkomst van Schrijversgroep ’77, hun schrijverstalent in Tori Oso gepresenteerd. Dit middels rap, poëzie en voorleesverhalen. “Het is prettig te zien dat jongeren zich ook serieus met dicht- en vertelkunst bezighouden”, zegt kunstverteller Hilli Arduin. Als ervaren schrijfster vond zij het nodig naar ‘de ontmoeting tussen jonge en oude schrijvers’ te komen. “Dit om ook feedback te geven op hun presentaties, zodat ze kunnen werken aan hun groei”, zegt Arduin.

read on…

Verklarend Sranan woordenboek in de maak

Paramaribo – Het Sranan is onlosmakend verbonden met de identiteit van de Afro-Surinamers. Er moet dus gewerkt worden aan het ontwikkelen van deze taal, zodat het een positieve impuls geeft aan de ontwikkeling van deze groep. Vandaar dat de organisatie Fiti Fu Wini heeft besloten om samen met Sranan Akademiya te werken aan de uitgave van een verklarend woordenboek.

read on…

Celestine Raalte ontvangt Trefossa cultuurprijs

door Euritha Tjan A Way

Paramaribo – In een tot de laatste stoel gevuld auditorium mocht schrijver en dichteres Celestine Raalte de Henry Frans de Ziel Cultuurprijs in ontvangst nemen. Zij heeft volgens de voorzitter van de gelijknamige stichting Johan Roozer, een uitzonderlijke bijdrage geleverd op cultuurgebied in Suriname.

read on…

Celestine Raalte

Portret van de Surinaamse dichter Celestine Raalte, gemaakt door de in Suriname werkzame fotograaf Nicolaas Porter. Nr. 46 in de reeks fotoportretten die Porter in opdracht van de Werkgroep Caraïbische Letteren maakt. De foto op groot formaat is ook te bestellen bij de fotograaf; voor informatie kunt U mailen naar: nicolaasporter@hotmail.com. Wie de hele reeks wil zien kan hieronder klikken op het label Werkgroepportretten.

Lust & Leven: Celestine Raalte

door Ingrid Corinde

Naam: Celestine Raalte
Leeftijd: 62
Beroep: voordrachtkunstenares, dichteres en modeontwerpster

Celestine Raalte is al jaren dichteres en voordrachtskunstenares. Ook doceert zij een semester per jaar poëzie op de Schrijversvakschool, geeft workshops op scholen en werkt graag met kinderen. Zij is modeontwerpster en heeft haar eigen productielijn genaamd Akwenda Productions.


Zit je lekker in je vel?“ Ja, hoor nu wel weer, want ik heb ook tijden dat ik niet lekker in mijn vel zit. Ik heb pas gevast, daarom voel ik mij goed. Ik ben blij met mezelf.”


Waar ben je mee bezig?“ Ik ben bezig met mijn gedichtenbundel. Die gaat Sapatia heten, genoemd naar de sapotiljeboom op mijn erf die mij inspireert. Er zijn veel vleermuizen in die boom. Daarvan heb ik een odo gemaakt genaamd Mi na freymusu (ik ben een vleermuis). De vleermuis brengt veel mooie dingen met zich mee waardoor ik geïnspireerd raak.”

Wat wil je absoluut nog doen?“ Een fotoboek uitgeven. In Suriname zijn veel naaisters, modisten en ontwerpsters die mooie dingen maken. Wij hebben helaas niet de cultuur het uit te werken en de wereld te laten zien wat we doen. Ik wil daarom mijn modelijn vereeuwigen voor het nageslacht. Het is cultureel getint en lijkt op de bigi koto, maar is toch iets anders, een soort zus van de koto.”

Wie bewonder je?“ Mijn grootste voorbeeldfiguur was Oma Dow. Ze was een vriendin van mijn oma die samen met ons op een erf woonde. Als ik aan haar terugdenk, ben ik haar heel dankbaar voor haar wijze woorden. Zij heeft mij geleerd om onder alle omstandigheden mezelf te zijn. Het leken maar kleine dingen die ze mij leerde, maar wanneer ik aan al die dingen terugdenk, weet ik dat deze oma mij geholpen heeft heel veel doelen te bereiken in dit leven.”

Ga je voor geluk of voor geld?“ Als ik moet kiezen is het moeilijk, want als je geld hebt, kan je heel wat doen. En ik wil veel doen. Niet voor mezelf, maar om jonge mensen te helpen. Kijk naar bijvoorbeeld Emmy Hart, die doet zoveel geweldig werk met jongeren. Ik ben er nog niet helemaal uit wat geluk is. Geluk is eigenlijk essentie, het is een momentopname, een gevoel. Maar als ik moet kiezen tussen deze twee, dan wil ik gelukkig zijn.”

Liefde of succes? “Ik heb beide hoor, maar ik zeg liefde. Omdat het iets is wat van binnen komt, het is een gevoel. Als je liefdevolle mensen om je heen hebt, voel je je ook gedragen.”

Bang voor de dood?“ Ik ben niet bang voor de dood, het is een andere fase in het leven. De dood is onvermijdelijk. Zolang er kinderen geboren worden, zullen mensen doodgaan.”

Ga je op je sterfbed spijt hebben?“ Nee, ik denk het niet, omdat ik al heel jong ben begonnen met plannen. Ik heb lijstjes gemaakt van wat ik moet doen om mijn doelen te bereiken. Al mijn dromen zijn inmiddels uitgekomen. Het enige is nog mijn fotoboek dat ik wil uitgeven. Dat als ik er niet meer ben, mijn werk niet ergens in de prullenbak belandt of in de kast.”

Geloof je in leven na de dood?“ Ja, ik geloof in leven na de dood, omdat het zo is. Het is een tweede fase in dit leven, vooral binnen de Creoolse cultuur is dat helemaal het geval. Ik hang niet een bepaald geloof aan. Ik haal uit verschillende religiën wat ik zelf prettig vind. Ik ben breed georiënteerd. Ik geloof niet in een hemel. Als je naar bepaalde liederen luistert, lijkt het alsof het alleen daar mooi is. En dat klopt niet in mijn belevingswereld, ik zie geesten, zielen en meesters in de atmosfeer.”

Hoe zou je herinnerd willen worden?“ Ik heb hier nooit over nagedacht, omdat ik niet bezig ben met wat mensen van mij vinden, dat is weer één van de dingen van Oma Dow. Als het zover is, laat ik dat gewoon aan de mensen over.”

[uit Parbode, 1 november 2011]

Honderd jaar Internationale Vrouwendag

door Carry-Ann Tjong-Ayong

8 maart 2012. Voor de honderdste keer werd in Nederland Internationale Vrouwendag gevierd. In Suriname is de viering nog niet zo oud. Stichting Vice Versa heeft echter een viering bedacht voor vier honderdjarige vrouwen, die in 1912 zijn geboren.

Eleonora Oosterling-Ferrier werd 100 op 2 januari 2012.
Emmy Goedschalk –Balinge wed 100 op 1 maart 2012.
Rine Tjong-Ayong –Nahar wordt 100 op 21 maart 2012.
Esje Gummels wordt 100 op 16 oktober 2012.

Het moest een huldiging worden met zang en muziek van Raj Mohan, voordrachten van de dichters Celestine Raalte en Carry-Ann Tjong-Ayong, bloemstukjes van Ans Engel
en diverse cadeautjes. De heer Cederboom zou voor muziek en samenzang zorgen, zoals bij een bigiyari hoort.

Dat je nooit het onvoorziene uit het oog moet verliezen bleek ook nu weer.
Twee dagen voor het feest waren twee van de vier jubilarissen zo uitgeput, dat zij zich niet in staat achtten aan de huldiging deel te nemen.
Wij zagen ons genoodzaakt het feestje af te zeggen, zij het met pijn in het hart.

We zullen de dames op een ander tijdstip gaan bezoeken.
Maar voor alle vier gelden de woorden van Johanna Schouten-Elsenhout:

Uma i hei
Y’e brenki
I n’e kanti
A mindri strei
F’aladei

cat 9/3 2012

Rudi Spa leidt Sranan Akademiya

Paramaribo – Na een lange inactieve periode heeft de Sranan Akademiya eindelijk een voltallig bestuur. De nieuwe voorzitter, Rudi Spa, noemt het een ‘alen sribi’ (Surinaamse omschrijving voor winterslaap) die de stichting heeft meegemaakt. Jarenlang stond ex-voorzitter Eddy van der Hilst er alleen voor om de organisatie te leiden.

De Sranan Akademiya die in 1983 officieel werd opgericht, stond voor het bevorderen van het Sranantongo, maar richtte later ook haar aandacht op het gebied van cultuur en de ontwikkeling van de eigen taal bij andere bevolkingsgroepen. Grondgedachte van de stichting verdeelt ‘fositen edeman’ van Sranan Akademiya, Hein Eersel, in drie colleges: wetenschap, cultuur en verspreiding van kennis. De introductie van het nieuw bestuur vond afgelopen woensdag plaats in Tori Oso. ‘Puwema uma’ Celestine Raalte deed een serie voordrachten uit haar nieuwste bundel Sapatiya, ‘dron man’ Henk Sako gaf een hoogstaande apinti performance en Eddy van der Hilst las een ludiek verhaal voor, geschreven door Ané (André Doorson).

In het filmpje gemaakt door Tolin Alexander vertelde Hein Eersel over het begin van Sranan Akademiya, dat ook een tijdje werd geleid door wijlen Hugo Overman. Van der Hilst, die later erbij werd gehaald als linguïst, leidde de organisatie vanaf 1988 tot twee dagen geleden. In de jaren tachtig werd de televisiecursus Skrifi Sranantongo verzorgd, maar van een Surinaams woordenboek is het tot heden niet van gekomen. Wel was het bestuur onder Van der Hilst er al ver mee gevorderd toen zij werd geconfronteerd met de moeilijke periode van SAP. Meer dan één baan, vertrek naar Nederland en het pro Deo werk, waren de gevolgen dat alleen Van der Hilst en Robert Wijdenbosch in het bestuur overbleven.

Laatstgenoemde kwam later te overlijden. In het nieuw bestuur komt Van der Hilst terug, maar dan als commissaris. De overige ‘tiri man’ en ‘tiri uma’ zijn: Helmut Gezius, Celestine Raalte en Rinaldo Tanawara. Voorzitter Rudi Spa noemde de punten waarop het bestuur zich de komende tijd wil gaan richten: radioprogramma, krant, kinderopstel en -gedichten, komediespel en verandering aan de negatieve teksten in de Surinaamse muziek. Hein Eersel geeft aan dat niet alleen in ‘alen ten’, maar ook in ‘drei ten’ het slapen kan gebeuren. “Dit is het jaar van de Afrikaanse Diaspora, grijp dit aan om te beginnen, maar begin niet aan een aantal projecten tegelijk,” liet Eersel weten. Hij gaf er de voorkeur om het ‘wortu buku’ (woordenboek) te hervatten. Hoewel de bevolking dagelijks Surinaams spreekt, weet niet iedereen dit correct te doen. Linguïst Van der Hilst: “Mensen denken teveel in het Nederlands, vanwaaruit ze het Sranantongo woord voor woord vertalen. Een spelling van een taal gebruiken voor een andere, dat kan niet!” Hij gaf een voorbeeld van verkeerd Sranantongo: ‘Mi si yu tap tv’. Vertaald betekent dit: ‘Ik heb je de tv zien dichtmaken.’

[uit de Ware Tijd, 12/12/2011; alle taalfouten rechtgezet]

Nieuwe dichtbundel Celestine Raalte

De nieuwe gedichtenbundel van Celestine Raalte heet Sapatiya en bevat 43 gedichten in het Sranan. Op de omslag een fleurige foto van een tak met gave sapotilles. Raalte is bekend als voordrachtskunstenaar. Het is altijd weer genieten van de manier waarop ze het Sranan in poëzie omzet. Het is goed dat haar poëtische taal nu ook te boek is gesteld. In haar gedichten komt ook de klank van het Sranan goed tot uiting. Liefhebbers die haar stem willen horen, kunnen de cd erbij kopen

[Mededeling van Schrijversgroep ’77].

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter