blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: poëzie

Het virus

door Aart G. Broek

Sekswerkers in het gehele land werken door, maar nu vanuit huis. Dat melden hulpverleners aan Nieuwsuur. Dat blijkt ook uit advertenties die worden aangeboden op (erotische) websites als SpeurdersSeksjobs en Kinky.
NOS.nl, 1 april 2020

read on…

Cola Debrot – Droevig eiland

Droevig eiland, droevig volk.
droevig eiland in de kolk
van de maalstroom van de maalstroom.
Droevig eiland zonder tolk.

read on…

O Land van trotse mensen

door Karel Frielink

O Land van trotse mensen en mooie dromen,
Hoe heeft het toch zover kunnen komen?
Daar waar liefde en warmte behoren te stromen,
Lijken ons onze kansen te worden ontnomen.

read on…

Nieuwe dichtbundel van Ken Mangroelal

Op 22 juni 2020 verschijnt de eerste dichtbundel van Ken Mangroelal met de titel Ik waan mij hier slechts. Achtenzeventig boeiende gedichten onderverdeeld in zes thema’s: Geliefden, Stad en Buiten, Geloof, Kosmos, Taal en Overschrijding.

read on…

Albert Helman – Oude en nieuwe creolen

De brave creoolse gebruiken,
die raken we zoetjesaan kwijt.
– Zo’n liedje, zo’n schotel of ruiker,
wat zijn ze niet mal, uit de tijd…

read on…

Jamal E. Benhayoun – I am black/Ik ben zwart

Tetouan, June 9 th , 2020

I am black
I am in the streets
A lonely leopard
Beating darkness under leafy bushwillows
Letting my paws sink in the grass
Dreaming of herds of game on the edge of a
cliff

read on…

Alfred Schaffer – Wat ooit gruwelijk was is één grote grap

Wat ooit gruwelijk was is één grote grap

rennend de cassaveheuvel af.
in het begoochelende laatste beetje licht.

met mijn toverstok van hout waarmee ik joelend
klein gevogelte de stuipen op het lijf jaag.

suikerdiefjes kieviten en musduiven.
een tumultueuze kluwen die hysterisch op de vlucht slaat
voor mijn eenpersoonsmilitie.

dat ik mijzelf niet bijhoud door mijn vaart.
dat ik met scherp schiet als ik mij onzichtbaar waan.

hoe ver nog voor ik thuis ben en ik alles kan verklaren.

wil ik de striemen op mijn lijf vergeten
moet ik mij in twijfel trekken.

daar ligt het dal met het riviertje en de kleine huizen.

buiten adem val ik stil.


Alfred Schaffer (1973)
uit: Wie was ik; Strafregels (2020)

Ken Mangroelal – Oude Liefde

Het schemerde nu
en in het wegstervende licht
veranderde ik
In een schimmige gestalte
en later in een ridder
van de nacht.
In mijn borst droeg ik
een minnelied
voor een oude liefde
een oude vlam
die in mijn binnenste
wakkerde.
Haar warme gloed
had niet ingeboet
en aan al haar zoet
deed ik mij wederom
te goed.
O, oude liefde
die niet roest.

read on…

Lucy Kortram – Gedicht

Update

Thuis is hij hij,  geen simpel punt op een vlak. Hij is, bestaat op het kruispunt
van zijn assen, ingekaderd door veel vlakken,  neemt hij ruimte in  met
klasse,  gender, etniciteit, geaardheid, leeftijd, nationaliteit. 
Thuis  is hij hij, een veelvlak, kubus van glas, waarin zichtbaar assen  elkaar
omstrengelen, concurreren, inspireren in hun kruispunt.  Zijn bewustzijn,
inclusief perspectief,  schept  denkkracht, meer-dimensioneel,
weldadig,  comfortabel, heel voelt hij.
In de samenleving wordt hij weggestopt in een goochelhoed
zijn assen als wegwerpgoed, achteloos gereduceerd tot enkel zwart, 
zijn bestaan zo gelegitimeerd als punt.
Geen  veelvlak dus, geen kubus van glas, geen denkkracht wordt hem toebedeeld,
men ziet hem als een etnisch punt, een stip wellicht.
Punt uit!
De samenleving denkt selectief, de tango danst men exclusief
struikelend op het hellend vlak van een plat getreden platter plat
Cogito ergo sum,  ik denk dus ik besta
maar in de samenleving bestaat hij omdat hij zwart is,  basta
Descartes 2.0

read on…

Ken Mangroelal – Soldatchi (Heremietkreeft)

Hij beschermt zijn weke achterlijf
door te huizen in een slakkenhuis
en nu de tijd is aangebroken
om op zoek te gaan naar een
ruimer onderkomen
kruipt hij in de vroege morgen
moeizaam over het koraalrif en
door het zilte zand
Een tocht geleid door één gedachte:
wie zoekt zal vinden
en niet minder
want in de late middagschemering
staat hij voor een lege schelp
ruim genoeg voor zijn nu groter
achterlijf.
Na zijn intrek kijkt hij toe
wie het eerste toesnelt en maalt
naar zijn verlaten stekje.
Want ook hier is woningnood
en krapte op de schelpenmarkt.

read on…
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter