blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Para

Cassave kookboek in Para gelanceerd

PARA – Het werd vallen en opstaan maar na twee jaar is het groot cassaveboek er. In 140 pagina’s presenteert Alida Babel vijftig recepten van verschillende continenten, maar met een eigen twist. “Ik wilde eigenlijk meer recepten, maar het kookboek zou te duur worden”, vertelt ze.

read on…

President contra asiel

door Theo Para

De 16 Cubaanse asielzoekers in Paramaribo zullen worden teruggestuurd naar Cuba. Dat heeft president Bouterse in de Nationale Assemblee verklaard. De Cubanen, al vele maanden in Suriname, hadden met een demonstratie voor het Rode Kruis gebouw, publieke aandacht gevraagd voor hun schrijnende en uitzichtloze situatie. Zij voelden zich geïntimideerd door de Cubaanse Staat en vroegen politiek asiel in Suriname. Zij vroegen aan Suriname hen, als vluchtelingen, bescherming en verblijf te bieden. In De Nationale Assemblee liet de president hen geen hoop: ‘Cuba is een bevriende natie. Wij gaan geen politiek asiel verlenen aan mensen die denken hier spelletjes te komen spelen’. read on…

Urwin C. Vyent presenteert boek Gekocht & Betaald

Urwin C. Vyent presenteert zijn boek Gekocht & Betaald (Wi Bay, Wi Pay) in Suriname en Nederland. Op basis van mondelinge overleveringen én archiefstukken schreef Vyent een historische roman over de aankoop van de plantage Onverwagt in het district Para in Suriname en de ontwikkeling van een tot op heden belangrijke plantage gemeenschap. read on…

Paraan boven alles

door Hilde Neus

Foto © Nicolaas Porter

In ‘Paranen tussen stad en bos: Een complexe Afro-Surinaamse ontwikkelingsgang vanuit de slavernij’ schetst Alex van Stipriaan de bijzondere positie van de mensen uit de Para, een positie tussen stad en bos. Vanuit de historische situatie werkten de mensen in de Para op houtplantages, waardoor ze meer dagelijkse ruimte hadden om te bewegen. Veel meer dan op suiker- of koffieplantages. Deze bewegingsvrijheid maakte hen tot mensen met trots, en de plantage-eigenaren zorgden er dan ook voor om op de gronden directeuren neer te zetten die niet tegen hun haren in zouden strijken. Weglopen was immers gemakkelijk. Toch kozen ze daar niet voor omdat het leven op de plantage voordelen bood boven het onzekere leven in het bos. Vanwege de nabijheid hadden ze veel contacten met de marrons. Aspecten als uitingen van winti waren belangrijk. Tot aan de officiële opheffing van het verbod op openbare winti-bijeenkomsten in 1970 werden deze vooral in de Para gehouden. En nog steeds. Ook de overdracht van de ebg-godsdienst beschrijft de auteur. Vele opmerkelijke personen in de samenleving komen uit de Para (Venetiaan, Belliot, Pengel en Derby). Niet verwonderlijk als je kijkt naar de onafhankelijke rol die ze zichzelf toebedeelden. De gehechtheid binnen de groep bleek door de aankoop van gezamenlijke gronden na 1863 en het trouwen binnen het gebied. Geen sakafasi-mentaliteit. Van Stipriaan beschrijft de historie vanuit de bronnen op levendige wijze. Dat maakt zijn stuk zeer prettig leesbaar. Daarnaast brengt hij een extra dimensie in het artikel door niet alleen het verleden te beschrijven, maar ook door het ‘reparations’- debat erbij te betrekken: hoe geëmancipeerd was de Paraan al voor de afschaffing van de slavernij?

Foto © Nicolaas Porter
Jerry Eggerschetst in ‘Langzaam ontwaken: sociaaleconomische ontwikkelingen van creolen, 1873-1940’ de mogelijkheden en beperkingen van de nakomelingen der slaven. Na het staatstoezicht moesten de creolen in hun eigen onderhoud voorzien. Dat geschiedde vooral in de kleinlandbouw, en later ook in de goudindustrie en de balata bleeding-activiteiten. Als bron gebruikt Egger de Koloniale Verslagen, die vanaf 1851 werden opgetekend: niet alleen droge cijfers, maar vaak interessante observaties, die het geheel een meerwaarde geven. Zo stappen de auteurs ervan meer en meer af van de negatieve beeldvorming waar de beschrijvingen van de activiteiten der creolen bol van stonden, hoewel de productie in de kleinlandbouw niet voldeed aan de koloniale verwachtingen.
Vanaf 1884 stimuleerde gouverneur Van Sypesteyn de goudwinning, waarin het overigens javanen en hindostanen verboden was te werken. In navolging van Guyana ving ook Suriname aan met balata-export. Dit natuurrubber leverde heel wat op, zowel voor de arbeiders als voor de staat. In de guyaba-ten – tijdens de dertiger jaren – vielen beide inkomstenbronnen weg, waardoor de economische situatie erg achteruitging, mede ook vanwege de wereldcrisis. Bauxiet en tewerkstelling binnen de ambtenarij maakten de positie van creolen weer wat beter. Leuk dat Egger een egodocument van Elizabeth Singh en zijn eigen familiegeschiedenis opvoert om het verhaal kracht bij te zetten. Beide artikelen bevatten informatie, die heel wat ideeën (vooroordelen) binnen de samenleving bijstellen. Zeer de moeite waard om te lezen dus.

Jerome Egger (redactie): Ontwaakt en ontwikkelt U: Creolen na de afschaffing van de slavernij, 1863-1940. Paramaribo: IMwO, 2013. ISBN 987- 99914- 7-185- 3

Wanneer mag seks? Grenzen van jeugdliteratuur (III)

[Tekst voor het openingscollege van de Masters opleiding Nederlands aan de Anton de Kom-universiteit, Subfaculteit Humaniora, 30 januari 2012 – deel III]

door Ismene Krishnadath

Laten we kijken wat de ontwikkelingspychologie over de inhoudelijke kant van boeken aangeeft. Per ontwikkelingsfase kunnen we verschillende interessegebieden onderscheiden. Peuters en kleuters zijn vooral bezig de nabije omgeving te verkennen en de begrippen en namen te leren van dingen en personen om hen heen. Teksten daarover zijn dan interessant.
De fase van het schoolkind (7-12 jr) wordt in de psychologie als een vrij probleemloze fase gezien. Het kind wil dan de wereld buiten het gezin ontdekken, het kind heeft nog belief in ouders en andere autoriteiten en een duidelijk gevoel voor wat recht en onrecht is. Spannende, avontuurlijke, humoristische boeken met duidelijke helden/heldinnen slaan dan goed aan.

Wanneer we echter in de fase van de adolescentie aankomen, wordt het voor boekadviseurs vaak moeilijk op één lijn te komen met de psychologische inzichten. De adolescentiefase heeft de volgende kenmerken:
1. het begin van deze fase gaat samen met lichamelijke veranderingen die aangeven dat het kind geslachtsrijp wordt. Er is sprake van een ontluikende seksualiteit.
2. de adolescent maakt zich los van de ouders en de peergroup, de groep van leeftijdsgenoten, wordt steeds belangrijker als referentiekader
3. op weg naar een volwassen identiteit experimenteert de adolescent op verschillende levensgebieden en zoekt hij de grenzen van door ouders en tradities vastgestelde normen en regels op.
4. het vermogen tot abstract redeneren neemt toe en de adolescent heeft naast ouders en school belangrijke andere kennisbronnen.

Deze fase wordt over het algemeen gezien als een turbulente fase in de opvoeding. Een open communicatie met de adolescent, waarbij de adolescent de vrijheid wordt gelaten om tot eigen keuzen te komen, is erg belangrijk voor de groei naar zelfstandigheid en een volwassen relatie tussen opvoeder en adolescent.

Ik moet wel zeggen dat deze theorieën gebaseerd zijn op westers onderzoek en ook ontwikkeld zijn door westerse psychologen. Deze theorieën worden gedoceerd op onze opleidingsinstituten.
Er is weinig eigen onderzoek gedaan naar algemene opvoedingspraktijken en situaties in Suriname.

De Surinaamse situatie zou misschien kunnen afwijken wat punt 2 en 3 betreft, omdat de economische binding in groepen erg sterk is en daardoor de jongeren lang afhankelijk blijven van de ouders, maar nogmaals er is nauwelijks onderzoek naar gedaan.

Een van de weinigen die wel wat heeft geschreven is Wooding. Hij schrijft in zijn proefschrift (3e druk 1978, blz 89) over onderzoek naar de winti-cultuur in gemeenschappen te Para dat hij begin jaren 70 deed: ‘De ouders in alle Para dorpen klagen over de toenemende oneerbiedigheid van de jeugd.’ Dat komt onder andere tot uiting in een opmerking van een 64-jarige vader die zegt: (citaat uit Wooding) ‘Tegenwoordig moet je als vader blij zijn als je dochter op de oude manier een man neemt. Soms komen ze thuis met een zwangerschap en je krijgt geen sopi meer van haar en haar man. Dat is mij overkomen met twee van mijn vijf dochters.’

Het is algemeen bekend dat de belangstelling voor lezen sterk terugloopt in deze fase. Ik ben manager van een project waarbij een groep Surinaamse schrijvers boeken verkoopt aan scholen in Suriname. We hebben een lijst met ongeveer 60 boeken, die zijn verdeeld in verschillende leeftijdsgroepen, vanaf twee jaar tot en met 16+. Leerlingen krijgen een krant met informatie over de boeken en kunnen via de school deze boeken kopen. De belangstelling voor het kopen van boeken is sowieso groter in het lager onderwijs dan in het voortgezet onderwijs. Verder merk je ook dat scholen met een beroepsgerichte instelling nauwelijks interesse tonen. Op LBGO’s en technische scholen hoef je helemaal niet aan te komen. Ik heb het een paar keer geprobeerd maar het gaat niet. Op de MULO-scholen is er mondjesmaat belangstelling. Ik heb niet veel VOS-scholen geprobeerd, maar vorig jaar heb ik 1100 kranten verstrekt op het IMEAO. Er zijn letterlijk, bij spreken en schrijven, maar drie boeken besteld, waarschijnlijk door een leerkracht, want twee waren voor het GLO-niveau. Ook op scholen als het NATIN is er nauwelijks belangstelling. Op dergelijke scholen wordt er nauwelijks aandacht besteed trouwens aan literatuur.

[wordt vervolgd, deel IV klik hier]

[Voor deel I, klik hier]

Leerlingen massaal in trance op Paraanse scholen

Leerlingen op de VOJ-school aan de Copieweg en een andere school op Bigi Poika, beide in het district Para, zijn in de afgelopen dagen een aantal keren massaal in trance geraakt. Als de leerlingen een opwelling krijgen, worden ze volgens de schoolleiding onhandelbaar, gillen en rennen zelfs het schoolterrein uit. Erger nog, als een kind begint, lijkt het anderen aan te steken ook in trance te geraken. Ouders maken zich zorgen over de veiligheid van hun kinderen. De school aan de Copieweg is vandaag voor de derde keer in korte tijd gesloten. De schoolleiding is in overleg met het Commissariaat van Para om te kijken hoe verder, maar districtscommissaris Jerry Miranda weet zo snel geen antwoord op het drama.

Enkele jaren geleden werd het onderwijs op een school in Coronie maandenlang ontwricht toen om onbekende redenen leerlingen in trance geraakten. Ook in Paramaribo is het vaker voorgekomen, dat leerlingen zodanig in trance geraakten, dat verder les volgen haast onmogelijk was.

[uit De West, maandag 6 februari 2012]

15e Dag van de Zwarte Beschaving

9 Paranen gehuldigd

De Coropinakreek diende als prachtig natuurdecor en het weer zorgde voor de juiste ambiance. Beide vormden de basis voor een bezinningsvolle Dag van de Zwarte Beschaving op plantage La Prosperité, beter bekend als Bersaba. Op zondag 2 januari organiseerde de Feydrasi Fu Afrikan Srananman voor de vijftiende keer activiteiten in het kader van de internationale herdenkingsdag, die in 1978 per resolutie door de Unesco werd ingesteld en vanaf 1996 wordt herdacht in Suriname.
.

Het moment waarop de oudste bewoner van Para een bloemenhulde brengt bij het monument van de kopers van plantage La Prosperité.

Een bijzonderheid op deze dag was de huldiging van negen Paranen. Hoepel-Krak, Gisla Tremour, Bertus Plet, Louise Vyent-Pengel, Ena Pengel, Madzy Pengel, Alphons Ceder, Celsius Burnet en Johanna (Jopie) Pengel werden geëerd voor hun betekenisvolle bijdrage aan de ontwikkeling van het district. Iwan Wijngaarde, voorzitter van de Feydrasi huldigde bij deze gelegenheid eveneens Elviera Sandie, een kind van de plantage La Prosperité, voor het jarenlang ondersteunen van het cultuurveld in verschillende functies.

Tientallen geïnteresseerden waren ingegaan op de uitnodiging van de Feydrasi, onder wie ook regeringsvertegenwoordigers. Eugene van der San, directeur Bestuur en Administratie van het kabinet, vertegenwoordigde de president, terwijl ook minister van Onderwijs en Volksontwikkeling Raymon Sapoen en Cultuurdirecteur Stanley Sidoel acte de présence gaven. Na het welkomstwoord door de voorzitter van de plantage, Madzy Pengel, en de districtscommissaris van Para, Hugo Pinas, werd het programma vlot afgewerkt met speeches door Wijngaarde, minister Sapoen en Van der San.

Hierna werd op plechtige wijze een bloemenhulde gebracht bij het monument van de kopers van plantage La Prosperité door de oudste bewoner van de plantage, de 85-jarige Suzanna Plet. De dag werd afgesloten met een cultureel programma, waaraan de drumband en majoretten van de padvindersvereniging van Para een bijdrage leverden, alsook het kinderkoor van plantage Vierkinderen. Tevens werden verschillende gedichten voorgedragen door Gerda Zaalblok en Roel Plet. Natuurlijk kon er hierna gedanst worden op de muziek van de populairste muziekformatie van Para, Bossé Krioro.

[uit de Ware Tijd, 06/01/2011]

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter