blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Leeflang Rosita

Henna Spalburg: “Mijn hobby werd een succes”

door Rosita Leeflang

Een vrolijke Surinaamse die zichzelf opfleurt met bloemen achter het rechteroor, en met een stapel boeken in de handen. Dat is de eerste indruk van Henna Spalburg (65), auteur van meer dan zestien boekwerken. Tussen de stapel boeken is er één die onmiddellijk opvalt. Herinneringen aan mijn Vaderland is het vierde deel uit een serie die in totaal 1916 bladzijden bevat. Wie in het boek bladert, valt al gelijk de vele foto’s op. Historische foto’s, maar ook recente. “Ik hou van foto’s en de meeste heb ik dan ook zelf gemaakt.” [incorrect; de meeste foto’s zijn oude archieffoto’sd – red. CU} Herinneringen aan mijn Vaderland kwam uit in 2010 [althans deel 4, het 1e deel verscheen in 2004 – red. CU]. Haar meest recente boek kwam dit jaar uit. Een retour Paramaribo is eveneens {? – red. CU] het derde deel uit een trilogie reisverhalen.

Spalburg lacht hartelijk wanneer ze begint te vertellen over hoe ze zo van schrijven is gaan houden. Met haar achtergrond als directie-secretaresse heeft zij zowel in Suriname als Nederland gewerkt. Als meisje van zestien vertrok zij voor het eerst naar Nederland om er studeren. Na acht jaar kwam ze terug en werkte gedurende tien jaar als secretaresse voor de directeur van Onderwijs, om in 1979 naar Nederland terug te keren met haar kinderen. “Er zijn geen toevalligheden. Als je voor iets bestemd bent, gaat het je overkomen”, meent de auteur. Op een dag kreeg zij van haar moeder een cassetteband met een interview waar haar moeder ook bij aanwezig was geweest.

Auteur Henna Spalburg met twee van haar nieuwste pennenvruchten Herinneringen aan mijn Vaderland deel 4 en Een retour Paramaribo (foto: Cedric Cooman)

Dat gesprek ging tussen verschillende ouderen die zaten te vertellen over vroeger. “Ik vond het zo geweldig dat ik het interview tot de komma heb uitgewerkt en het toen heb onderverdeeld in hoofdstukken. Ik kwam tot de ontdekking dat er veel straatfiguren waren die niet bekend zijn bij de jongeren, maar waarover de oudjes honderduit aan het vertellen waren. Zij spraken over hun jonge jaren met zaken als blokmouth (een zeepsoort [dit is incorrect, het is een soort hard koekje van pinda’s en suiker – red. CU]) en lik’tongo (snoep).” Spalburg plaatste alle onderwerpen in hoofdstukken en zonder dat zij het wist kwam haar eerste pennenvrucht tot stand. “Ik vond het leuk en ging op zoek naar nog meer informatie. Dat was elf jaar geleden.” En daarmee was Herinneringen aan mijn Vaderland geboren. Er was echter zoveel informatie dat zij er twee delen van maakte [incorrect; dit moet zijn: 4 delen].

De belangstelling voor de boeken bleek enorm groot, want Spalburg moest steeds laten herdrukken. “Mijn hobby werd een succes. De kick voor mij is om mensen dingen te ontlokken en deze op papier te zetten. Wat in deze boeken staat, is nergens anders te lezen, want ze zijn zo uit het leven van mensen gegrepen.” De serie geeft een overzicht van het van sociaal-culturele leven in Suriname vanaf 1900. Met trots zegt Spalburg dat al haar werken in eigen beheer worden uitgegeven. “Zelfs de lay-out van kaft tot kaft komt van mijn hand.”

Ook haar overige werken worden gevoed door levensverhalen van mensen. Zoals Een retour Paramaribo, dat vol zit van eigen verhalen over dingen die zij heeft meegemaakt tijdens het reizen naar Suriname en omgekeerd. Andere pennenvruchten van Spalburg zijn Die andere man, Die andere vrouw, Virginia, en De droom. “Alle boeken zorgen voor herkenning. Iedereen herkent wel iets van zichzelf”, meent ze.

Nu is zij voor een maand vakantie in haar geboorteland. Spalburg is lid van de Schrijversgroep ‘77, maar zegt dat er nog geen voorbereidingen zijn getroffen opdat zij een presentatie verzorgt over haar jongste boekwerken.

Het lezerspubliek, en vooral dat deel dat interesse heeft in de geschiedenis van Suriname, zal zeker aan zijn trekken komen bij een eventuele presentatie. Want naast feiten gebruikt Spalburg ook humor om haar verhaal over te brengen. Wie de boeken van Spalburg wil betrekken, zal dat via haar website www.suriparbo1900.nl moeten doen, omdat de boeken niet in de boekhandel te krijgen zijn.

[uit de Ware Tijd, 20/04/2011]

Knap stukje acteerwerk

Première Onder vrouwen, over mannen

door Rosita Leeflang

Paramaribo – Daar gingen na afloop van de première vrijdag vele gesprekken over: de dames in de productie. Onder vrouwen over mannen zetten een knap stukje acteerwerk neer. De manier waarop ze emoties kunnen weergeven, maar ook kunnen wisselen van sekse, levert vaak komische momenten op. Maar wie goed kijkt, weet dat Hilkia Lobman, Cher Spalburg en Marianne Cornet niet over een nacht ijs zijn gegaan om de karakters die van ze worden gevraagd neer te zetten.
.

Marianne Cornet (m) voelt zich ongemakkelijk wanneer de twee ‘heren’Cher Spalburg (l) en Hilkia Lobman – openlijk met haar beginnen te flirten en ze geen kant op kan.

De productie wordt in iets langer dan een uur neergezet. Een echte verhaallijn is er niet, maar toch zijn de gebeurtenissen met elkaar verweven met een spannend verloop en een verrassend eind. De drie vriendinnen zitten vaak met elkaar te praten over hun eigen relaties en schromen niet elkaar uit te lachen wanneer het op dat stuk minder goed gaat met de ander. Adviezen worden over en weer gegeven, met resultaten die worden geëvalueerd. Er wordt gedanst, gezongen, gelachen, gehuild, geëvalueerd en gedronken. Ook de visie van de man komt voorbij. Zoals die onderling praten over de vrouw, maar ook naar haar kijken wanneer die voorbij komt. Door middel van informatieve tv-programma’s wordt er van alles behandeld.
.
Onder vrouwen over mannen leeft en houdt je aandacht constant vast. De begeleiding van de liveband geeft daar extra dimensie aan. Zoals regisseur Helen Kamperveen had aangegeven zijn de scherpe kantjes ervan afgehaald. Hier en daar wordt er ‘plat’ gesproken, maar niet ordinair. Wanneer de Ware Tijd enkele mannen aanspreekt na de voorstelling, moeten zij hartelijk lachen wanneer wordt gevraagd of zij zich aangesproken voelen. Bijna unaniem is het antwoord ‘neen hoor, ik heb zeer genoten’. Naast het acteerwerk van de drie dames, is regisseur Edwin Gefferie onder de indruk van het geheel, zoals de belichting en het geluid. “Knap gedaan hoor.” Speciaal voor de première is tekstschrijver Bodil de la Parra overgekomen. “Ik ben zeer trots op wat Helen en haar team vanavond hebben neergezet.”

De voorstellingen voor het komend weekend zijn inmiddels uitverkocht. Producent Ann Hermelijn zegt dat er nog meer voorstellingen komen in mei. Wie wil genieten van een komische avond, kan zich dus alvast warm maken om een kaartje te bemachtigen. Vooral de ‘pittige’ verrassing bij het verlaten van de zaal van Jeugdtheaterschool On Stage, zal maken dat je nog een paar dagen discussiestof zal hebben.

[uit de Ware Tijd, 11/04/2011]

Foto’s: @ Stefano Tull

Onder vrouwen over mannen

Komisch verhaal met pittig Surinaams sausje

door Rosita Leeflang

Paramaribo – De actrices Marianne Cornet, Hilkia Lobman en Cher Spalburg spelen, zingen en dansen in de vrolijke muzikale komedie. Zij nemen hun mannen maar vooral ook zichzelf niet al te serieus. Onder vrouwen over mannen is de eerste grote productie die Helen Kamperveen regisseert in haar eigen theater. Ze vertelt hoe ze op het idee kwam en wijst naar een poster op de muur.

“Bodil de la Parra, de schrijfster, heeft in Nederland een paar jaar geleden een productie volgens hetzelfde concept gemaakt, waarmee zij naar Suriname wilde komen. De inhoud was mij iets te grof, ze ging praten met producent Ann Hermelijn en zij besloten met behoud van het Nederlandse concept een Surinaamse versie te laten schrijven, die met een Surinaamse cast gespeeld kon worden. De la Parra werd uitgenodigd voor het schrijven van de tekst. Vervolgens zijn er Surinaamse vrouwen gezocht die openhartig wilden praten met de schrijfster over hun relaties en gevoelens.
.

De drie vriendinnen die het zullen hebben over mannen en relaties in de voorstelling Onder vrouwen over Mannen.

Het werd een stuk over drie vriendinnen die vrijuit met elkaar praten over hun relaties, liefdesleven en verlangens. Karakter A, de meest geëmancipeerde van de drie, besluit uit haar niet bevredigende relatie te stappen en op zoek te gaan naar haar prins op het witte paard. Karakter B zit vast in een relatie waar intimiteit ontbreekt. Karakter C heeft een slaapverwekkende uitwerking op haar partners. Alle drie dromen van de ideale partner. Met ondersteuning van een live-band: Jimmy Westfa, Michel van Hetten, Jered Eduard en Helianthe Redan wordt deze muziektheatervoorstelling een swingende beleving.

“Het is een komisch stuk over the battle between the sexes, maar aan het eind komt het helemaal goed. De minimale leeftijd voor de voorstelling is achttien jaar, omdat er openlijk wordt gesproken over relaties en seks.” Kamperveen zegt dat bepaalde harde uitspraken zijn weggelaten. “Wij Surinamers praten verbloemend, dus hebben wij zaken zodanig verwoord dat je gelijk zal begrijpen waar het over gaat zonder dat we de dingen bij de naam noemen.”

De voorstelling duurt vijf kwartier, zonder pauze. Het wordt elke avond vanaf acht uur een lichte en vrolijke avond met muziek in On Stage. Kamperveen en de actrices hebben over deze voorstelling een pittige Surinaamse saus gegoten. Dat is in ieder geval al te merken aan de repetitie. De vrouwen zitten goed in hun rol en hebben er plezier in. Kamperveen knikt vaker goedkeurend, terwijl zij af en toe driftig schrijft op de vellen papier op haar schoot. Dat wil zeggen dat acteurs en band nog de laatste pingi’s zullen krijgen, waardoor het publiek vanaf vrijdag gegarandeerd is van een smaakvolle productie Onder vrouwen over mannen.

[uit de Ware Tijd, 06/04/2011]

Foto: collectie OnStage

Tembe Art Studio bereidt museum voor

door Rosita Leeflang

Tembe Art Studio is goed op weg naar het bereiken van het ultieme doel: Marowijne maken tot hét kunstdistrict van Suriname. Initiatiefnemer en kunstenaar Marcel Pinas zegt dat in het eerste jaar van het bestaan van de studio er verschillende initiatieven zijn ondernomen om dit doel te bereiken. Daarom was het zondag, de dag dat Tembe Art Studio precies één jaar bestond, groot feest in Moengo. Zang, dans, muziek en natuurlijk kunst waren de hoogtepunten van dit feest, waarop honderden jongeren en ouderen afkwamen.

“Ik ben tevreden, het gaat zeer goed”, zegt een duidelijk gelukkige Pinas in gesprek met de Ware Tijd. Op dit moment is er een groot kunstproject gaande. Verschillende gastkunstenaars zijn bezig met het vervaardigen van kunstwerken die verspreid in Moengo zullen komen te staan. Dit project is onderdeel van het internationaal kunstpark dat steeds nieuwe mogelijkheden zal bieden aan de jongeren uit de omgeving. “Door de gasten uit te nodigen, willen wij de jongeren laten zien op welke verschillende manieren zij met kunst bezig kunnen zijn. Als de ene vorm niets voor je is, zijn er nog steeds tal van andere vormen.”

.

 

Brassband en dansgroep (een verworvenheid van het afgelopen jaar) komen het terrein van Tembe Art Studio op. (Foto @ Tembe Art Studio)

Op dit moment zijn op bezoek Wouter Yves de Klein (Nederland), Charl Landvreugd (Verenigde Staten), Sheena Rose (Barbados) en Jacob Ferry (Kosovo). “Voor de uitwerking is het belangrijk dat de kunstenaars bij elkaar zijn, dus wonen ze tijdens het project samen in één huis. De energie die dat oplevert draagt bijzonder bij aan de kunststukken.” Pinas vertelt dat ook lokale kunstenaars in het project zitten. Zo zijn de kinderen nog steeds onder de indruk van kunstenaar Jhunry Udenhout, die samen met de jongeren een object heeft vervaardigd. De jongeren vragen steeds wanneer hij teruggaat. “In dat ene jaar hebben wij bereikt dat jongeren gemotiveerd raken en blijven participeren aan de projecten. Wij vragen ook constant wat ze willen. Wanneer ik in Moengo aankom, komen ze speciaal op me wachten en stellen vragen over de activiteiten. Ik vind dat heel bijzonder.”

Andere projecten die zijn uitgevoerd zijn bezoeken van de afro-jazzformatie Fra Fra Sound (Nederland), gitarist Wolf Martini (Nederland) en Pieter Kemink van de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam, die een keramiekworkshop met de jongeren heeft gedaan. De projecten worden uitgevoerd met behulp van de verschillende partners, zoals het Prins Claus Fonds, het Fonds Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst en de Nederlandse ambassade in Suriname. Elk jaar financieren zij het bezoek van elk twee kunstenaars. Pinas en zijn team zorgen voor accommodatie en voeding. In enkele gevallen betalen de kunstenaars zelf hun ticket en nemen ze materiaal mee. Afspraken daarover moeten maken dat de uitwisseling een succes wordt.

Dan onthult Pinas nog een deel van zijn toekomstplannen. In een kunstdistrict hoort een museum en daar wordt nu gestaag aan gewerkt. Lachend vertelt hij dat aan die plannen flink wordt gewerkt. Veel wil hij er nog niet over kwijt. Vast staat wel dat de kunstenaar, die vele exposities op zijn naam heeft staan, een permanente plek zal krijgen in het museum. Het heeft er veel van weg dat Pinas en zijn team het vertrouwen van lokale bevolking al op zak hebben. Nu moet alleen de rest van Suriname nog meehelpen aan dit plan.

[uit de Ware Tijd, 04/03/2011]

Dit jaar geen jazzfestival in Paramaribo

door Rosita Leeflang
Suriname zal het jazzfestival zoals het de afgelopen acht jaar is georganiseerd door de stichting Suriname Jazz Festival moeten ontberen dit jaar. Weliswaar niet helemaal, omdat er genoeg particuliere initiatieven worden ontwikkeld om toch invulling te geven aan jazzmaand oktober.Zo is op initiatief van de Amerikaanse ambassade een jazzband afgereisd uit New York en heeft de afro-caribische formatie Fra Fra Sound uit Nederland het afgelopen weekend twee concerten verzorgd. “Externe redenen hebben ertoe bijgedragen dat de stichting dit jaar geen festival organiseert”, zegt project manager Ann Hermelijn aan de Ware Tijd over het waarom van het uitblijven van het festival dit jaar.


Liesbeth Peroti en Mike del Ferro beleven duidelijk veel plezier als ze een stukje improviseren aan het eind van het Jazzcafé tijdens het jazzfestival 2009 (foto dWT)

Het gaat naar zeggen van Hermelijn in eerste instantie om de kwaliteit van de muziek, die op verschillende manieren kan worden gebracht. In de afgelopen jaren mochten steeds meer muziekinstellingen en daarmee vooral jongeren meedoen met de jazzmaand. Hierdoor kregen zij een platform om hun kunnen te tonen. “Toen wij met de activiteiten begonnen, was de jazzscene nagenoeg dood. Door de jaren is dit opgepakt en komen liefhebbers in cafés of tijdens jams aan hun trekken. “De jazzgedachte is wel goed opgepakt door verschillende personen en bedrijven en daar ging het ons ook om.”

In de afgelopen jaren zijn naast optredens van lokale artiesten en leerlingen, ook musici uit het buitenland gehaald. Het vorig jaar was het pianist Mike del Ferro, terwijl in de jaren daarvoor Denise Jannah, Ronald Snijders, Steve Mariat, Pablo Nahar, Ferial Karamat Ali, Mungal Patasar en anderen acte de présence gaven.

De projectmanager heeft ook goed nieuws. Dit jaar wordt er geen festival georganiseerd, maar in samenwerking met www.sugenda.com mag iedereen die deze maand zelf initiatieven ontplooit die op de website laten plaatsen. “Oktober moet jazzmaand zijn en blijven.”

[ontleend aan de Ware Tijd, 20/10/2010]

Jubilerend Kara Dara gaf optredens

door Rosita Leeflang

“Ja, we gaan feest vieren met onze nieuwe en oude vrienden.” Zo enthousiast klinkt het aan de andere kant van de telefoon. De Afro-Surinaamse muziekgroep Kara Dara van oprichter en bandleider Andro Biswane viert dit jaar haar tienjarig bestaan. “Mensen vieren meestal al na één jaar een feest, maar ik vind tien jaar pas echt een eerste honk”, zegt Biswane in gesprek met de Ware Tijd. “In zijn algemeenheid kan je na tien jaar zeggen dat je een bepaald niveau hebt bereikt.”

Kara Dara werd eigenlijk al in 1999 gevormd, maar pas in 2000 zat het geheel goed in elkaar. In de composities van Kara Dara ontmoeten traditie en moderniteit elkaar via stijlen als kawina en kaseko uit Suriname, Senegalese mbalax, mandingfunk uit Mali, Nigeriaanse juju, Amerikaanse spirituals, en diverse latinstijlen als rumba, bomba, afoxé en pambiche. Kara Dara is niet echt een popband, waardoor op dat gebied heel weinig is gedaan. Het plaatje ziet er echter anders uit wanneer wordt gesproken over wereldmuziek. “Ik speel voor de wereld. Het is een vrij nieuwe markt in een land dat in aparte hokjes denkt. En toch hebben wij elk jaar concerten kunnen doen op grote landelijke podia.” De groep is in het eerste jaar van haar bestaan ook naar Letland gehaald om de zwarte muziekculturen uit de Afrikaanse diaspora, waar de groep voor staat, te vertegenwoordigen op een internationaal muzieksymposium. Zoals Biswane vertelt, werden ze als ‘wild card’ gevraagd, maar eenmaal gearriveerd moesten ze een druk schema afwerken. “We sprongen in het oog, vooral met de Afrikanen die erbij waren. We hebben de hele zaal aan het hossen gekregen. We zijn als sterren behandeld”, weet de oprichter nog.

Kara Dara heeft in het afgelopen decennium mensen in beweging gebracht met hun nieuwe muziek: mensen die de muziek helemaal niet kenden. In 2009 kwam dan ook eindelijk de eerste gelijknamige cd uit vol Afrikaanse en Surinaamse invloeden. Afrikanen die de cd hoorden, waren er helemaal weg van en gaven als advies ermee de wereld in te trekken. “De reacties waren waanzinnig; ook van de media. Ik wist niet wat ik moest verwachten. Ik moest vele vragen beantwoorden, vooral omdat de productiestijl fris was. Ook de Surinaamse gemeenschap hier in Nederland heeft onze muziek goed ontvangen. Echt te gek.” Uiteraard zijn er ook minder prettige momenten geweest in de tien jaar. In 2003 kwam door het vertrek van de Afrikaanse zanger een breuk in de band, met als resultaat een stilte van twee jaar. Het proces begon opnieuw, maar ook dat had zijn positieve zijde, zegt Biswane, want het Surinaams element kreeg de gelegenheid naar voren te komen en te groeien. De bandleider heeft het vermoeden dat 2011 een behoorlijk productief jaar zal worden. Zo zal de tweede cd niet lang meer op zich laten wachten. “Ik denk aan 2012. Misschien eerder, je weet maar nooit.”

Een eventuele komst naar Suriname zou naar zeggen van Biswane een mooi toetje zijn dat niet mag ontbreken. “Ik moet nog het gevoel hebben dat de muziek ook zo wordt ontvangen in Suriname als hier. Maar dat ligt niet aan het publiek. Zij moeten de muziek horen. Ik ga naar Suriname als ik het gevoel heb dat ze de muziek ook hebben opgepakt. Nu zal ik het niet forceren, dat lijkt mij niet verstandig. Het moet een hype zijn, ook al komt het van een paar kernfiguren. Er moet wel een soort synergie zijn. Het is moeilijker om daar vat op te krijgen op de Surinaamse markt, maar het kan ook zo gebeuren.” De bandleider zegt geen haast te hebben, want ervaring leert dat dit soort dingen niet overhaast moeten worden. “We hebben tien jaar gedaan over onze eerste cd en dat mag Suriname ook wel horen.”

Maar voor nu is Kara Dara helemaal ready voor hun feestje, dat zal bestaan uit een drietal optredens in Amsterdam en Rotterdam. Daarvoor worden er ook gastmuzikanten bij gehaald, die de groep in de afgelopen jaren ook hebben bijgestaan. Zo zullen Mike Onyango (trompettist uit Nairobi) en Pape Thiam (tama-talking drum- speler uit Senegal en broer van de tamaspeler van Youssou N’dour) de groep versterken. De reeks optredens wordt ook de eerste voor hun drummer Joran Vroom, zoon van percussionist Carlo Hoop. De optredens beginnen op 2 oktober en de laatste is op 9 oktober in het Bijlmerparktheater in Amsterdam. “Ik vind het belangrijk dat muziek die met de hand wordt gemaakt wordt gehoord en gezien. Er zijn genoeg groepen die dat doen. Dus niet alleen dat elektronisch ding, dat er wel bijhoort natuurlijk. Maar jammer genoeg wordt de markt daarmee overspoeld. Ik wil Suriname muzikaal op de kaart zetten met onze muziek”.

[Overgenomen van de Ware Tijd, 30/09/2010]

One Tree United komt sterk terug

door Rosita Leeflang

Ter nagedachtenis van vooraanstaande of bijzondere Surinamers worden meestal boekjes met gedichten of verhalen, schilderijen of andere kunstwerken uitgegeven of vervaardigd. Roetoe Raveles wilde dat Suriname ook op andere manieren zijn vader gedenkt. Samen met zijn businesspartner Stokely Lenz ontwikkelde hij in 2008 een kledinglijn, die insloeg als een bom. Op zeer unieke manier werd Dobru op truitjes afgebeeld. Vanaf april van dat jaar werd de lijn op hoogtijdagen aan de man gebracht.

‘Neen, we zijn niet in slaap gevallen,’ reageert Roetoe, wanneer wordt gevraagd waarom de kledinglijn niet meer te verkrijgen is. ‘We waren bezig met het schrijven van ons businessplan. We zijn er toen in geslaagd om een hype aan te wakkeren en nu zijn we bezig het plan op zo dusdanige wijze op te zetten dat we een goede continuïteit kunnen geven aan dit initiatief.’ Hun organisatie One Tree United staat nu ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken. Het plan ligt klaar om uit te voeren, maar aan het financieel plaatje moet nog invulling worden gegeven. Een bijzondere ondersteuning krijgen de heren van ondernemers, met wie ze gesprekken voeren. ‘We krijgen coaching door dit alles heen. Ook van mannen die hem persoonlijk hebben gekend. Dan horen we de verhalen. Zelf[s] bij de drukkerij krijgen we ideeën mee.’

One Tree United wil het gedachtegoed van Dobru op een andere dan traditionele manier voortbrengen. In dit geval vooral naar de jeugd. ‘We willen de mensen vereenzelvigen met het nationaal gevoel dat hij zelf heeft gehad,’ zegt zijn zoon. ‘Dus wanneer wij terugkomen, doen wij het gestructureerder en lang niet alleen met shirts. Ik wil er geen tijd aan verbinden, maar we gaan die kondre hype echt voorzetten.’ One Tree United heeft in haar plan ook Nederland en de Caricom opgenomen.

De eerste aanzet, nu twee jaar geleden, is aardig gelukt. De shirts worden nog gespot en aan Roetoe en Stokely wordt vaak gevraagd wanneer ze terug komen. De belangstelling komt niet alleen uit Suriname, maar vooral ook uit Nederland. ‘Mensen posten de trui voor familie,’ weet Roetoe. ‘Als je de [het] shirt aandoet, moet je de achterliggende gedachte wel kennen. Het moet mensen aanzetten tot dis’ na Sranan, dis’ na mi.’ Overigens hebben de heren nog een kleine voorraad liggen. Het handelsmerk Dobru is intussen geregistreerd bij Intellectuele Eigendommen en biedt de mogelijkheid tot nog meer uitingen.

‘Van Suriname houden ongeacht wat,’ is de boodschap die Roetoe van zijn vader meekreeg in de 13 jaar waarin hij hem heeft mogen meemaken. Die boodschap draagt hij zijn leven lang met zich mee. ‘Het is onze presi. Wat we hebben is zo waardevol, dat we er niet bij stilstaan. Zo divers en alles is van ons allemaal.’

[overgenomen uit De Ware Tijd, 29 maart 2010]

Foto: Dobru tijdens een voordracht in Cuba (collectie Yvonne Raveles-Resida)
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter