blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Klas Rinaldo

Giant Painting door 30 Surinaamse kunstenaars

In het kader van het FVAS – SURIFESTA 2014 Event maken dertig Surinaamse kunstenaars  een Giant Painting van 15 meter. Deze Giant Painting komt te hangen in de vertrekhal op de Johan Adolf Pengel Internationale Luchthaven te Zanderij. read on…

Circus Terminal Worldwide: Next Stop Suriname

During a recent trip to Slovenia, I visited Circus Terminal at Gallery Kud Esko in Piran (17 – 25 May 2014). The artist-led project, an initiative of ‘Uncooked Culture’, is a collaborative travelling art mission, which disregards academic background and aims to celebrate the differences and similarities of all human beings through their creations. Since 2012, the exhibition – which was launched in the UK at The Tabernacle in London in March of that year – has visited eight countries: Spain, France, Thailand, USA, Holland, New Zealand, and Slovenia. It has grown from 41 artists living in 12 different countries to a project exhibiting more than 350 works by over 85 artists. The final stop on the tour will be Suriname in July 2014. read on…

14 kunstenaars houden groepsexpositie ‘WAT’

De eerste vernissage van Readytex Art Gallery in 2014 staat voor de deur. Vanaf 26 maart kan het publiek genieten van de groepsexpositie WAT – Working Apart Together. In De Hal aan de Grote Combéweg 45 tonen veertien kunstenaars hun nieuwste kunstwerken. De kunstenaars werken onafhankelijk van elkaar, en toch zijn in hun werken verrassend genoeg elementen te vinden die een samenhang laten zien. Dit maakt de expositie WAT voor de bezoeker een spannende uitdaging, om die samenhang te ontdekken en misschien zelfs te duiden.
Na de positieve reacties van het publiek op de gezamenlijke exposities van de afgelopen twee jaar, besloot Readytex Art Gallery voor 2014 te werken volgens datzelfde concept. In plaats van twee grote solo-exposities met nieuw werk van steeds één kunstenaar, organiseert de galerie dit jaar twee grote exposities met nieuwe kunstwerken van verschillende kunstenaars. Een concept dat prettig werkt voor zowel de kunstenaars, de galerie als voor het publiek.De expositie WAT toont nieuw werk van de bij de galerie aangesloten kunstenaars Dhiradj Ramsamoedj, George Struikelblok, Hanka Wolterstorff, Kenneth Flijders, Kit-Ling Tjon Pian Gi, Kurt Nahar, Reinier Asmoredjo, René Tosari, Rinaldo Klas, Roddney Tjon Poen Gie, Soeki Irodikromo, Sri Irodikromo, Sunil Puljhun en Wilgo Vijfhoven.

De expositie verschaft het publiek andere impulsen dan een solo-expositie dat doet. Readytex Art Gallery presenteert in ‘WAT’ een verscheidenheid aan kunstwerken: schilderijen, batik, en beelden van keramiek en hout. Ook aan de diversiteit in stijlen kan de kunstliefhebber zijn hart ophalen. Zo presenteert Kurt Nahar een selectie werken geïnspireerd door zijn recente participatie aan de ‘Bienal de Pintura Mural Internos’ in Cuba. Sunil Puljhun gaat in zijn nieuwe werk terug naar abstractie en kleur, in tegenstelling tot de zwart-witte werkstukken waar hij zich eerder in verdiepte. Kit-Ling Tjon Pian Gi werkt vanuit een vernieuwde focus: zij onderzoekt de Surinaamse biodiversiteit en daarbinnen vooral het vogelrijk. Wilgo Vijfhoven toont overgangen in zijn werk en hanteert daarbij een aangepaste beeldtaal. Dhiradj Ramsamoedj presenteert onderzoek op canvas, dat inzicht verschaft in een project dat hij in de toekomst zal uitbouwen naar beelden in de openbare publieke ruimte. George Struikelblok geeft een spannende nieuwe wending aan zijn werk en toont daarvan een glimp, in aanloop naar een grotere presentatie volgend jaar.

Eenieder is welkom in De Hal van woensdag 26 tot en met zondag 30 maart van 19:00 – 21:00 uur.

 

Rinaldo Klas Goudkoorts III

Rinaldo Klas – Goudkoorts III

door Rob Perrée

Om de twee weken bespreekt kunstcriticus Rob Perrée in de rubriek “Oog voor Kunst” een kunstwerk uit de collectie van Readytex Art Gallery. Vandaag het schilderij Goudkoorts III, acryl op canvas, 187 cm breed x 144 cm hoog, 2012, van Rinaldo Klas.
Rinaldo Klas (Moengo, 1954) heeft ooit gezegd dat hij als kunstenaar een verantwoordelijkheid heeft. Hij voelt zich geroepen de kijker zich ervan bewust te maken, dat hij niet zonder de natuur kan en de natuur dus met respect moet behandelen.
In Goudkoorts III uit 2012 verbeeldt hij die betrokkenheid. Hij refereert aan de koorts om koste wat het kost goud te zoeken en te gelde te maken. Dat daardoor een deel van de Surinaamse binnenlanden bewust kapot wordt gemaakt en de bevolking daar aan kwikvergiftiging wordt blootgesteld is kennelijk minder belangrijk.
Rinaldo Klas mag dan een duidelijke boodschap hebben, hij weet vanuit zijn jarenlange ervaring dat de beeldende vertaling daarvan van groot belang is voor het uiteindelijke effect. Een paar jaar geleden verdedigde hij tegenover mij de stichting van een museum voor eigentijdse kunst in Paramaribo. Hij zei dat het belangrijk is dat studenten en kunstenaars kennis kunnen maken met internationale kunstuitingen.
Als informatiebron, als referentiekader, maar ook om zich eraan te meten. Met Goudkoorts III geeft hij zelf het goede voorbeeld. Hij heeft in dit werk gekozen voor een strakke, heldere beeldtaal. Geen overbodige details, geen onnodige nuances, de symboliek is tot het minimum beperkt. Weglating als middel om de fantasie van de kijker te prikkelen.
In de losse verfstreek en de kleuren verbergt zich de emotie. Hij toont met deze stijl verwantschap met Nederlandse collega’s als Koen Vermeule en Robert Zandvliet, maar ook met internationale kunstenaars als de Amerikanen Henry Taylor en Bob Thompson en de Belg Luc Tuymans. Bij de laatste zal hij ook het engagement herkennen. Door deze internationale invloeden toe te laten en te verwerken, slaagt hij er (opnieuw) in zijn eigen kunstenaarschap verder te ontwikkelen.
[van GFC Nieuws, 15 februari 2014]

Rinaldo Klas terug uit Philadelphia

De Surinaamse kunstenaar Rinaldo Klas is net terug uit Philadelphia in de VS, waar hij participeerde in de reizende internationale expositie Circus Terminal.
In 2010 verbleef Klas enkele weken als artist in residence bij Vermont Studio Centre in de Verenigde Staten. Dit bleek voor Klas een bijzonder waardevolle ervaring daar hij er blijvende vriendschappen en internationale contacten aan overhield. Samen met andere kunstenaars uit die periode in Vermont maakte hij bijvoorbeeld deel uit van het Gihon River Collective welke in 2010 in London, UK exposeerde.
Vanwege deze contacten, met name Chutima Nok Kerdpitak (Thailand/Engeland), kunstenaar en curator, werd Rinaldo ook uitgenodigd om te participeren in Circus Terminal, een niet commerciële internationale reizende expositie waarbij kunstenaars uit alle uithoeken van de wereld betrokken zijn. De expositie startte in 2011 in London en is van daaruit reeds naar verschillende landen doorgetrokken. Op 15 februari 2013 opende de Circus Terminal expositie bij Studio B in Boyertown, Philadelphia in de VS, en Rinaldo Klas was van de partij. Wel 67 kunstenaars uit 18 landen nemen deel aan deze prachtige internationale collaboratie die nog tot en met 9 maart te zien is.
Tijdens zijn verblijf in Philadelphia en als onderdeel van de’ international collaboration’ verzorgde Rinaldo Klas ook workshops aan schoolkinderen van de Boyertown Junior High West. Dat zowel de kunstenaar als de studenten met volle teugen genoten van de workshops is duidelijk te zien op de desbetreffende facebook pagina van Circus Terminal Worldwide  Het thema van de workshops was harmonie tussen mens en milieu. Ook gaf Rinaldo Klas presentaties aan de regionale Lions Club, aan ouderen van de stad Boyertown en aan lokale kunstenaars. Tijdens deze presentaties besprak Klas onder andere zijn visie over globale milieuvraagstukken.
Klas heeft enkele werkstukken, gemaakt door de kinderen van de workshops, meegenomen naar Suriname. Hij wil een soortgelijk project met Surinaamse kinderen doen en is dan van plan met de werkstukken van Surinaamse en Amerikaanse kinderen samen een collage te maken. Het zal dan vooral interessant zijn te zien hoe kinderen uit verschillende streken omgaan met het thema mens en milieu. Rinaldo Klas is zeer tevreden over zijn verblijf in Philadelphia: “De mensen waren heel vriendelijk, de opening van de expositie was een gezellige, feestelijke aangelegenheid en de reactie van de lokale bevolking was zeer positief. Ook bijzonder was dat lokale kunstenaars bij de expositie betrokken werden.” Daarnaast heeft Rinaldo ook weer flink kunnen netwerken, met als gevolg waardevolle contacten en weer een nieuwe uitnodiging voor deelname aan een andere expositie in Philadelphia.
De volgende bestemming van Circus Terminal is Amsterdam, Nederland in juli/augustus later dit jaar en in 2014 staat ook Suriname op het schema van deze reizende internationale expositie.

Composities van een uitgesteld leven (13)

door Willem van Lit
In deze 13e aflevering een ander spoor in de Afrikaanse connectie met David Signer, een Zwitsers antropoloog.Hard werken, maar het levert niks op
Als het aan publicisten als Girigori ligt – zie mijn verhandeling over zijn heimwee naar de leefwijze die hij tambú noemt eerder in dit hoofdstuk – moeten we terug naar het collectivistische Afro-originele paradijs, waar mensen nog een grote verbondenheid met de natuur konden ervaren. Denkt Girigori.

David Signer is een Zwitserse antropoloog die gedurende een aantal jaren onderzoek heeft gedaan in West-Afrika. Van hem is het volgende verhaal dat ik hieronder in het kort weergeef [1]. Abou is een jongeman die ergens in de buurt van een stad in West-Afrika een telefoonhuisje uitbaat. Bij hem kan men komen bellen en hij verkoopt ook spullen voor de telefoon. Abou is ijverig en toegewijd. Hij werkt hard, maar hij geeft aan dat hij nooit vooruit zal komen. Hij zegt dat het beter is niet te werken dan wel; het schiet allemaal niet op. Abou wordt dagelijks belaagd door allerlei mensen, die zelf niets bezitten en die hem constant onder druk zetten hen geld te lenen of gratis te laten bellen. Velen noemen zich zijn broertje of neefje. Ze hangen de godganse dag rond zijn cabine en Abou kan hen niet weerstaan. Ze blijven aandringen. Het is doodvermoeiend hen van zijn lijf te houden. Signer vertelt dat Abou twee spreuken aan de wand van zijn cabine heeft hangen: “L’enfer c’est les autres” (“De hel dat is de anderen”) en “L’homme n’est rien sans l’homme” (“De mens is niets zonder de mens”). Het geeft precies de kwelling in zijn dilemma aan. Op de vraag wat er zou gebeuren als hij niet zou toegeven, antwoordt Abou: “’On va trop me fatiguer’, sagt er selbst. ‘Man wird mich ermüden, fertig machen’. Das is buchstäblich zu nehmen. All die selbst ernannten petits-frères würden den lieben lange Tag in seiner Kabine sitzen und ihn mit ihrem Gejammer an den Rand des Nervenzusammenbruchs treiben. Er kann ja nicht weg, er ist ihnen ausgeliefert! ‘On va gâter mon nom’, sagt er auch. ‘Man wird meinen Namen in den Schmutz ziehen’. Das hieße, die Kunden blieben aus”.

Men zou mij uitputten, zegt Abou, helemaal ruïneren. Dat is letterlijk te nemen. Al die zelfbenoemde ‘broertjes’ zouden de godganse dag in zijn cabine hangen en ze zouden hem met hun gejammer aan de rand van een zenuwinstorting brengen. Hij kan ook met geen mogelijkheid weg en hij zegt verder dat ze zijn naam door de modder gaan halen als hij niet toegeeft. Hierdoor zouden ook zijn reguliere klanten (die wel betalen voor de diensten) weg blijven. Abou zegt dat je altijd vriendelijk moet blijven, vooral tegen degenen die zich tot je familie rekenen. Vóór alles speelt bij hem de angst behekst te worden. Die allesoverheersende angst is in Afrika nog zeer pregnant aanwezig, zegt Signer. Het is zelfs die angst, die in feite alle sociaaleconomische relaties en daardoor de maatschappelijke verhoudingen volkomen beheerst. Signer vertelt met verbaasde en op betrokken toon over Abou. Je ziet hem daar direct naast hem staan; hij heeft zijn vertrouwen kunnen winnen en hij moedigt Abou aan zijn verhaal te vertellen. Abou doet dat en zonder opsmuk.

Onze Vlag, Redmondstraat, Paramaribo, 1965

Abou zegt: “Immer will jemand etwas von dir, und wenn du es ausschlägst, machen sie dir das leben zur Hölle”. (“Altijd wil iemand wel iets van je en als je dat afslaat, dan maken ze je het leven tot een hel”). Hij zegt verder dat heel veel jongeren naar de steden komen, de dorpen verlaten. De familie die achterblijft, verwacht dat degene die is vertrokken, hen wel zal blijven onderhouden. Zo niet, dan is de kans groot dat iemand uit jouw familie of clan jou iets aandoet, dat wil zeggen op afstand behekst. Het is zowat onmogelijk je daartegen te verzetten.

Man with hat. Foto @ Nicolaas Porter

Op internet is een filmpje te zien van een interview met een Curaçaose jongeman, Orlando. Bijna elke dag is Orlando te vinden bij het kruispunt op Biesheuvel op het eiland. Het is een punt waar veel auto’s dagelijks passeren bij verkeerslichten. Orlando verkoopt kauwgum (van het merk PK) aan automobilisten die wachten voor de verkeerslichten. Hij is volhoudend en hij heeft door zijn optreden en doorzettingsvermogen in de loop van de jaren al veel aandacht getrokken. Ikzelf passeerde daar ook dikwijls en hij heeft mij ook wel eens wat verkocht (hoewel ik die kauwgum niet bijster lekker vind). Ik heb me vaak afgevraagd wat deze jonge vent, die op mij als knap, energiek en kien overkomt, bezielt om dit elke dag weer te doen. Het verkopen van alleen maar kauwgum op deze intensieve manier lijkt me niet al te veel op te brengen. Het is ook geen manier van werken, waar uitdaging aan zit en waar je veel van opsteekt. Het lijkt mij in feite tijdrovend niets, terwijl ik Orlando in zijn voorkomen en werklust beter schat voor een heel ander leven dan dit.

Ik vraag me af waarom ik bij het lezen van het verhaal over Abou automatisch moest denken aan die Curaçaose jongeman op het kruispunt bij Biesheuvel. Ik zag een aantal gelijkenissen: beiden zijn jong en ze werken hard genoeg. Ze zijn intensief bezig, maar het lijkt me ook dat Orlando niet rijk zal worden van zijn handeltje. Ze zijn beiden gedoemd dit te blijven doen en arm te blijven. Abou lijkt niet te kunnen ontsnappen aan zijn situatie, Orlando lijkt het niet te wíllen. Er zit wel verschil in beide situaties: Abou wordt dagelijks omringd door uitvreters en dat is de hoofdreden van zijn stilstand. Orlando werkt alleen; bij hem zie je geen anderen die aan hem hangen. Dat is althans niet zichtbaar.

Rinaldo Klas – Een beetje goud

Orlando lijkt alleen te willen opereren; door zijn manier van werken wil hij anderen niet om zich heen hebben. Zijn manier van werken is niet aantrekkelijk; het heeft geen enkel aanzien en geen status en het wekt niet op tot navolging. Hij blijft op afstand van anderen. Men weet dat er bij hem weinig te halen valt; hij zal wel een armoedzaaier zijn. Abou wil wel van zijn “petits-frères” af, maar dat lukt hem niet. Zijn handel trekt anderen aan; zijn klanten zijn niet mobiel (zoals de automobilisten van Orlando); het is gemakkelijk voor hen bij zijn cabine rond te hangen, terwijl dat bij Orlando (op een druk kruispunt zonder beschutting tegen felle zon of regen) veel minder aantrekkelijk is.

Het zijn beiden wél doorzetters ondanks dat het werk relatief gezien weinig opbrengt. Abou zegt dat werken of niet werken in feite weinig verschil uitmaakt. Toch moeten beiden hun motivatie om ermee bezig te blijven, wel ergens vandaan halen en dat op zich wekt al bewondering. Het is niet duidelijk waar beiden op praktisch niveau hun motivatie aan ontlenen. En dat komt vreemd over. Beiden hebben niet voor niets de aandacht getrokken; anders was er geen verhaal over hen geweest.

 

 

Voor Abou geldt waarschijnlijk dat hij zich verplicht voelt ten opzichte van zijn familie. Die houdt hem onder druk om zijn opbrengsten te delen. Orlando zegt in het interview dat hij positief wil blijven en zelf in zijn onderhoud wil voorzien op een eerlijke manier. Hij is rasta en zegt gemotiveerd te zijn vanuit zijn geloof. De interviewer suggereert Orlando dat hij ook drugs had kunnen gaan verkopen; dat brengt waarschijnlijk meer op. Dat is geen optie voor hem omdat hij op dit punt ook door zijn God wordt gestuurd, zegt Orlando. De vraag blijft of hij buiten kauwgum misschien ook ander snoep of lekkernijen zou kunnen verkopen. Dat zou zijn mogelijkheden misschien vergroten. Die vraag werd niet gesteld.

Het gaat hier in beide gevallen om het arm en behoeftig blijven. Beiden zullen wel vooruit willen en niet blijven hangen in hun behoeftige staat, maar beiden kunnen of willen geen keuzes maken zich verder te ontwikkelen naar een ander niveau van welvaart of uitdaging. In materieel opzicht falen beiden indien men het bekijkt vanuit de gangbare en dus dominante opvatting van het sociaaleconomisch functioneren: winstmaximalisatie door ondernemerschap. Zowel Abou als Orlando lijkt niet verder te komen.

En deze vraag is bij mij al vaker opgekomen: wat is er precies aan de hand met de kauwgumverkoper bij de verkeerslichten op Biesheuvel? Volgens mij is het een jongeman die veel meer in zijn mars heeft. Maar in feite is de reikwijdte van de vraag groter: dergelijke gedachten ontstaan ook bij veel andere gelegenheden. Stagnatie. En hoe moeten we dit kunnen vatten?

[wordt vervolgd]

[1] Signer, David, Die Ökonomie der Hexerei, oder Warum es in Afrika keine Wolkenkratzer gibt. Peter Hammer Verlag GmbH, Wuppertal 2004, pag. 12–14.

 

Lustrumviering Nola Hatterman en Gerrit Rietveld Academie

Eigen kader moet kunstwereld impuls geven

door Euritha Tjan A Way

Paramaribo – In 2006 begon de samenwerking tussen de Nola Hatterman Art Academy en de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam. Nu vijf jaar later, hebben al zesendertig docenten van de Rietveld Academie meegedaan aan deze samenwerking. Rinaldo Klas, die directeur is van the Nola Hatterman Art Academy, beschrijft hoe het toen allemaal is begonnen.

“Het begon in 2005 na de renovatie van dit gebouw (Nola Hatterman…red.) door de Nederlandse Ambassade en de afdeling Maatwerk en Herstelling van de Gemeente Amsterdam. Het voorstel om samen te werken, kwam van Arnold Jansma die ook verbonden was aan de Gemeente Amsterdam en hij legde toen het contact voor ons met de Rietveld Academie. In 2006 kwam Tijmen van Grootheest, de directeur van Rietveld, naar Suriname en de samenwerking werd beklonken. Nu is de eerste student van Nola Hatterman afgestudeerd aan de Rietveld Academie en onze docenten zijn op regelmatige basis naar Amsterdam geweest voor een stukje kruisbestuiving. Nu kan het traject van kennisoverdracht door ons eigen kader structureel ingezet worden”

Er wordt een reuzenmuskiet gemaakt in de tuin van the Nola Hatterman Art Academy. Foto @ Claudio Barker

Kenneth Flijders die één van de docenten is, die naar de Rietveld Academie is geweest, vertelt over een veel grotere locatie met veel afdelingen en een enorm docentenkorps. “Niet te vergelijken met Suriname, maar wel leuk om je visie op kunst te verbreden.” Flijders beschrijft de textielafdeling, de keramiekafdeling en de afdelingarchitectuur. “Allemaal hele leuke afdelingen die we hier ook zouden willen hebben, als wij meer ruimte en geld hadden én natuurlijk als er meer belangstelling komt vanuit de studenten.” Kurt Nahar die ook één van de docenten is op the Nola Hatterman Art Academie is, heeft zelf nog niet meegedaan aan de uitwisseling met Rietveld, maar komt er regelmatig.

Kenneth Flijders

”Ik studeerde een tijdje aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunst, daarom ben ik nog niet geweest voor dit programma. Maar ik ben het nog van plan. Ik vind vooral de methode waarop les wordt gegeven inspirerend en die werkwijze wil ik graag overnemen,” meldt hij bij de opening van de expo A Keba, Ma A De Ete. Die expo dient als afronding van het gastcollege van Eric Mattijssen en Tammo Schuringa die beiden docent zijn aan het de Rietveld Academie, en is zeer goed ontvangen door het publiek. Dat komt volgens Klas, ook omdat kunst tegenwoordig in de lift zit.

“We merken het echt om ons heen. We hebben steeds meer studenten en steeds meer particulieren ondersteunen ons. Daarom is het belangrijk dat we zo meteen een eigen afgestudeerd kader hebben. Die kunnen met hun ideeën en nieuwe inzichten nog meer betekenen voor de kunstwereld.”

[uit de Ware Tijd, 09/02/2012]

Zie ook dit interview

Rinaldo Klas – Acryl op papier

Mooi acrylwerk van Rinaldo Klas. We zouden de kunstenaar wel willen adviseren: verzin eens wat originelers dan die afgezaagde titels.
.

Expression of emotions 16
Acrylic on paper
70 x 95 cm

Expression of emotions 18
Acrylic on paper
70 x 95 cm

Expression of emotion 7
Acrylic on paper
95 x 70 cm

Landscape
Acrylic on paper
95 x 70 cm

Expression of emotions 11
Acrylic on paper
95 x 70 cm

Expression of emotions 6
Acrylic on paper
95 x 70 cm

Expression of emotions 4
Acrylic on paper
95 x 70 cm

Expression of emotions 13
Acrylic on paper
95 x 50 cm

http://www.readytexartgallery.com/

Expositie rond Coronie

Vredig, Vrij en Vriendelijk is een expositie met als thema het district Coronie, die van 23 tot en met 27 november (19:00 – 21:00 uur) te zien is in De Hal, Grote Combeweg 45, Paramaribo.

In november krijgt het district Coronie op twee verschillende plekken in Paramaribo speciale aandacht. Op 19 november wordt in Fort Zeelandia het boek Dromers, doemdenkers en doorzetters; verhalen van mensen en gebouwen in Coronie, van Fineke van der Veen, Dick ter Steege en Chandra van Binnendijk gepresenteerd. Dan opent daar simultaan ook de expositie De verleiding van Coronie, die nog tot 6 december in het Fort te zien is. Fineke van der Veen, een van de schrijfsters van het boek en zelf ook kunstenares, zag een expositie van beeldende kunst over Coronie als een prachtige aanvulling op de activiteiten in het Fort Zeelandia. In samenwerking met Readytex Art Gallery en een grote groep van haar partnerkunstenaars werd zo het idee voor de expositie Vredig, Vrij en Vriendelijk geboren.

Wel 15 kunstenaars, elk vanuit een eigen invalshoek en een eigen kijk op het district, gaan voor deze expositie aan de slag. Mooi en lelijk; positief en negatief; veelbelovend en ontmoedigend; alles werkt in op de inspiratie. Een ieder vertelt zo op zijn eigen manier, met schilderijen, installaties of andere kunstobjecten in uiteenlopende media, zijn eigen verhaal over het district Coronie. Fineke van der Veen noemt Coronie een district vol paradoxen:

“Een van de eerste dingen die je ziet als je het district Coronie binnenkomt, is het grote welkomstbord aan de linkerkant van de weg met de tekst: Vredig, Vrij en Vriendelijk.
Coronie is vol paradoxen. Onder de zichtbare vredigheid broeit de onvrede. En vrij, wat is vrij? Vrij om aan de kant van de weg te zitten? Vrij om om de zoveel jaar te stemmen, maar niet gehoord te worden? Vriendelijkheid, ja, dat is precies onze zwakke plek, zegt iemand, want omdat we vriendelijk zijn, denkt iedereen dat ze ons Coronianen in de maling kunnen nemen. Maar is Coronie wel zo vriendelijk? Nee, zeggen diverse mensen, er heerst achterdocht en jaloezie. Ja, zeggen anderen, het is een heerlijke, rustige plaats om te leven.
De paradox van Coronie is een bron van inspiratie voor kunstenaars. Je kunt je eigen projecties maken, je eigen ‘Coronie’ scheppen: de groene rust van Coronie werkt als een spiegel die je eigen dromen, nachtmerries en beelden weerspiegelt”.

De participerende kunstenaars zijn: Reinier Asmoredjo, Kenneth Flijders, Soeki Irodikromo, Sri Irodikromo, Rinaldo Klas, Kurt Nahar, Sunil Puljhun, Dhiradj Ramsamoedj, George Struikelblok, Roddney Tjon Poen Gie, Kit-Ling Tjon Pian Gi, René Tosari, Fineke van der Veen, Wilgo Vijfhoven en Hanka Wolterstorff. Het werk op deze expositie is daarom ook bijzonder gevarieerd. De typische en bekende karakteristieken van het district zijn in het werk duidelijk waar te nemen. De oude gebouwen met hun kenmerkende architectuur, de zee, de kustvegetatie en de kokospalmen, de kokosolie en de honing waar Coronie bekend om staat springen duidelijk in het oog. Maar daarnaast zijn ook de andere minder positieve en de minder zichtbare aspecten aanwezig in het werk. De paradoxen waar Fineke het over heeft, het verval, de armoede, de achtergesteldheid, de sluimerende ontevredenheid en ook de potentie die aanwezig is, maar die om verschillende redenen niet tot ontplooiing komt, worden in uiteenlopende stijlen, technieken en media door de verschillende kunstenaars ook uitgebeeld.

Vredig, vrij en vriendelijk; werkelijkheid of illusie, eens of niet eens…., dankzij deze expositie krijgt het publiek de unieke kans, om door de ogen van onze kunstenaars, eens heel anders te kijken naar het district Coronie!

[Readytex Art Gallery Persbericht]

Onderste afbeelding: Rinaldo Klas – Mijn droom, acryl op doek, 148×99 cm.

Nationale Kunstbeurs 2010 (NK’10)

Samen met alle andere kunstenaars en kunstorganisaties in Suriname is ook de Readytex Art Gallery weer klaar voor de Nationale Kunstbeurs die dit jaar voor het publiek te bezoeken is van 29 oktober tot en met 6 november. De Nationale Kunstbeurs (NK) is voor de gallery elk jaar weer een belangrijk evenement. Het is natuurlijk een mooi moment om de gallery zelf te promoten, maar belangrijker nog, is het de meest ideale gelegenheid om het prachtige werk van onze kunstenaars aan een breder publiek te presenteren.

In haar kabinetten vertegenwoordigt Readytex Art Gallery dit jaar met genoegen de kunstenaars Reinier Asmoredjo, Raimen Bijlhout, Kenneth Flijders, George Struikelblok, Humphrey Tawjoeram, Ron Flu, Rinaldo Klas, Marcel Pinas, Wilgo Vijfhoven, Fineke van der Veen, Dhiradj Ramsamoedj en Henry Kartotaroeno (Soeka). Verder hebben ook dit jaar weer enkele partnerkunstenaars hun eigen kabinet: John Lie A Fo, René Tosari, Soeki Irodikromo, Kurt Nahar, Kit-ling Tjon Pian Gi, Sri Irodikromo, Roddney Tjon Poen Gie, Sunil Puljhun, en Hanka Wolterstorff. Het grootste deel van de kunstenaars komt op de NK’10 uit met nieuwe werkstukken en het assortiment is zoals altijd ontzettend divers. Marcel Pinas is er onder andere met zijn felgekleurde composities, Rinaldo Klas beeld in zijn figuratieve werk de positie van mens en natuur binnen huidige milieu vraagstukken uit en John Lie A Fo is er met een aangrijpende serie werkstukken over de kindslaven in Haïti. Natuurlijk is er nog veel meer. Vergeet dus tijdens uw bezoek aan de NK niet ook de kabinetten van de Readytex Art Gallery te bezoeken.
Naast onze aanwezigheid op de kunstbeurs hebben wij dit jaar gemeend iets speciaals te doen met de bestaande werkstukken uit onze collectie. De fantastische kunstcollectie waaronder ook heel wat recent werk zit dat nog nooit in een speciale expo tentoongesteld is, tonen wij graag tijdens deze kunstdagen ook aan het publiek. Zodoende organiseert de Readytex Art Gallery vanaf 29 oktober tot en met 6 november, in de vooravond, als randactiviteit van de NK, ook een eigen expositie dichtbij, en wel in De Hal aan de Grote Combéweg 45. De expositie genaamd Kunst is Kracht bevat een prachtige selectie schilderijen en beelden uit de huidige collectie van de gallery. De Hal bevindt zich op slechts korte afstand van Ons Erf waar de Nationale Kunstbeurs gehouden wordt en het is voor het kunstminnend publiek dus prettig en gemakkelijk om een bezoek aan beide exposities op één dag met elkaar te combineren.
George Struikelblok is vanwege organisatorische redenen dit jaar niet met een eigen kabinet aanwezig op de NK, maar ook hij organiseert in zijn eigen Atelier Struikelblok aan de Amsoistraat 49 een randactiviteit. In de periode van 29 oktober tot en met 5 november 2010 kan het publiek daar genieten van kunstwerken van Struikelblok zelf, met als thema Lob’ Makandra. Met veel kleur en diepte wordt in zijn werk de familie dynamiek tentoongesteld.
Openingstijden Nationale Kunstbeurs 2010 in Ons Erf:
29 okt. t/m 6 nov.: Ma t/m Za 9:00 – 13:00 & 18:00 – 21:00 uur
Zo 18:00 – 21:00 uur
Kunst is Kracht, Readytex Art Gallery in De Hal:
29 okt. t/m 6 nov.: Ma t/m Za 18:00 – 21:00 uur
Zo 18:00 – 21:00 uur
Lob’ Makandra George Struikelblok in Atelier Struikelblok:
29 okt. t/m 5 nov.: 18:00 – 20:00 uur
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Readytex Art Gallery op tel.no: 421750

[Persbericht van de Readytex Art Gallery]

Afbeelding: boekomslag met een schilderij van John Lie A Fo
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter