Op donderdag 27 mei 2021 ondertekenden Rita Rahman, voorzitter van de Werkgroep Caraïbische Letteren, en... Lees verder →
Wrestling with the Image: Caribbean Interventions
The Art Museum of the Americas (AMA) announces the opening of Wrestling with the Image: Caribbean Interventions, an exhibition of contemporary art from twelve Caribbean countries. Featuring work by artists from the Bahamas, Barbados, Belize, Dominica, Guyana, Haiti, Jamaica, Saint Kitts and Nevis, Saint Lucia, Saint Vincent and the Grenadines, Suriname, and Trinidad and Tobago, the exhibition is curated by artist and curator Christopher Cozier and art historian Tatiana Flores.Wrestling with the Image: Caribbean Interventions presents works in a variety of media, including photography, video, painting, graphic arts, sculpture, and installation. The scope of the objects demonstrates how the region’s contemporary artists are confronting stereotypes about the Caribbean without denying their own surroundings or rejecting the worlds in which they operate. Through investigations on history, tourism, globalization, popular culture, and gender, these artists urge us to reconsider our own expectations on how a Caribbean image should look.
Characterized by scholars as “the laboratory of globalization,” the Caribbean is a multifaceted locale that transcends geographic boundaries. Its culture has European, African, Asian, Latin American, and Native American roots. It is not surprising, then, that several artists in the exhibition explore themes of migration, the spread of culture, and global citizenship. For co-curator Christopher Cozier, “this is a conversation about movement in the Atlantic world—a dialogue about dispersal rather than displacement.” Many of the artists themselves no longer live in the Caribbean, residing in the United States, Canada, Europe, and Asia; nevertheless, their experiences are the result of complex historical, economic, and cultural processes that are part and parcel of what it means to be Caribbean.
In John Cox’ paintings of boxers, the notion of the prize fighter as confident and infallibly masculine is turned on its side. The works introduce unresolved tensions by depicting subjects fighting against their doppelgangers or striking their own faces. Heino Schmid challenges that status of the image as a conveyor of meaning. In the case of his Temporary Horizon video, two glass bottles momentarily keep one another standing, but then fall. A man’s arms and waist appear on screen, and he puts the bottles back into place. They fall again, and the anonymous man’s Sisyphean task continues.
As a group, the works in the exhibition demonstrate the dynamism and creativity of the current generation of Caribbean artists. According to co-curator Tatiana Flores, they also “allow us to reflect on our own assumptions and preconceptions regarding the meaning of place, the articulation of difference, and the construction of past and present. Whether they challenge, delight, frustrate, or disgust, these images provoke a reaction.”
Wrestling with the Image: Caribbean Interventions includes work by John Cox, Blue Curry, Kishan Munroe, Heino Schmid, (The Bahamas); Ewan Atkinson, Joscelyn Gardner, Sheena Rose, Tonya Wiles (Barbados); Santiago Cal (Belize); Pauline Marcelle (Dominica); Roshini Kempadoo, Hew Locke (Guyana); Maksaens Denis, Jean-Ulrick Désert, Barbara Prézeau-Stephenson (Haiti); Charles Campbell, Keisha Costello, Marlon James, Ebony Patterson, Oneika Russell, Phillip Thomas (Jamaica); Terry Boddie (Saint Kitts and Nevis); Nadia Huggins, (Saint Lucia); Holly Bynoe, (Saint Vincent and the Grenadindes); Sri Irodikromo, Patricia Kaersenhout, Marcel Pinas, Dhiradj Ramsamoedj, Jhunry Udenhout, George Struikelblok, Roddney Tjon Poen Gie, Hanka Woltersdorff (Suriname); Nicole Awai, La Vaughn Belle, Marlon Griffith, Jaime Lee Loy, Richard Fung, Abigail Hadeed, Nikolai Noel, Rodell Warner, and Natalie Wood (Trinidad and Tobago).
Wrestling with the Image: Caribbean Interventions forms part of the About Change emerging artists’ program, an initiative of the World Bank in partnership with the Inter-American Development Bank, the OAS, and the Caribbean Community (CARICOM) Secretariat. About Change is a series of juried exhibitions of contemporary art from Latin America and the Caribbean that will take place throughout 2011 and 2012 at different venues in Washington, D.C., including the World Bank, the Art Museum of the Americas, and the galleries of the Inter-American Development Bank. It has been organized by the World Bank Art Program under the auspices of the World Bank Vice Presidency for Latin America and the Caribbean Region.
On view January 21‐March 10, 2011
Art Museum of the Americas
201 18th Street, NW
Washington, DC 20006
Hours: Tuesday‐Sunday 10 AM‐5 PM
Friday, January 21 at 12 noon: Gallery talk and exhibition preview
Friday, January 21 at 6pm: Opening reception
Friday, March 4: student symposium on Caribbean art in conjunction with George Mason University and Caribbean in Transit Journal
March 1‐10: Caribbean film series
Am I Black Enough For You?
TENT, Rotterdam, organiseert in samenwerking met Kosmopolis Rotterdam een debat op 26 oktober a.s. rond de vraag: “Am I Black Enough For You?”
Kunstenaars Charl Landvreugd en Patricia Kaersenhout nodigden documentairemaker en filmprogrammeur Tessa Boerman, filmregisseur Hesdy Lonwijk, modeontwerper Marga Weimans, spoken word artist Zulile Blinker en schrijver Rashid Novaire uit om met elkaar in gesprek te gaan.
Is het mogelijk om ‘black aesthetics’ los te zien van een culturele, politieke en historische achtergrond? Vertrekkend vanuit vragen als: is er zoiets als zwarte Nederlandse kunst – wie maakt dat en voor wie is het bedoeld – gaan de (jonge) vertegenwoordigers van de Nederlands-Surinaamse kunstwereld met elkaar in gesprek.
Datum: dinsdag 26 oktober 2010
Tijd: 20.00-22.00 uur
Plaats: De Unie
Mauritsweg 34-35
Rotterdam
Reserveren via De Unie; 010-433 35 34 of via reserveren@deunie.nu.
Patricia Kaersenhout: Invisible Men
door Albert Hagenaars
Met haar zwarte (Surinaamse) achtergrond als basis onderneemt kunstenaar Patricia Kaersenhout (º1966, Den Helder) tochten die van het persoonlijke naar het universele leiden maar thematisch altijd streven naar het vestigen van de identiteit in een verschuivende realiteit. Deze Engelstalige uitgave over haar werken op papier, bewerkingen van pagina’s van een oud Nederlands anatomieboek, is daar een overtuigende weergave van. ‘Invisible Men’ is echter nog meer een kunstwerk dan die bladen. Kaersenhout gebruikt gretig de extra mogelijkheden van druktechniek, zoals de afwisseling tussen mat en glanzend papier. De originele werken profiteren daarentegen meer van toegevoegde stoffen, o.a. wol. Ze zet vooral de mond en het oog in als motief, de twee elementen die direct met observatie en communicatie van doen hebben. In het inleidende interview legt ze uit beïnvloed te zijn door collega Ellen Gallagher en, meer nog, schrijver Ralph Ellison, aan wiens roman ‘Invisible Man’ (met een a) citaten ontleend zijn: “…and you stand naked before the millions of eyes who look through you unseeingly.”
Kaersenhout geeft dan wel extra informatie maar haar werk is veelzijdig en symbolisch rijk genoeg om op zich te staan. Het vormt mede daarom een relevante bijdrage aan onze multiculturele maatschappij.
Invisible Men – Patricia Kaersenhout
Eindeloos Publishers
€ 45,00
ISBN 978 90 78824 02 2
Sribi switi, san e psa
Een tentoonstelling met: Patricia Kaersenhout, Kurt Nahar en Marcel Pinas
Vanaf 15 maart 2010 is de unieke Surinaamse tentoonstelling Sribi switi, san e psa open voor publiek, in de Pulchri Studio in Den Haag. De tentoonstelling is onderdeel van het Boekids Literair Jeugdfestival 2010 en toont nieuw en uniek werk van maatschappelijk geëngageerde Surinaamse kunstenaars. De titel ‘Sribi Switi, san en psa’ betekent ‘Slaap lekker, wat gebeurt er?’ en doelt daarmee juist op het wakker schudden van publiek en maatschappij.
Jongeren in Suriname en jongeren van Surinaamse komaf in Nederland weten niet of nauwelijks iets over gebeurtenissen uit de recente Surinaamse geschiedenis, zoals de decembermoorden in 1982 en de ontwrichtende binnenlandse oorlog van 1986 tot 1992. Hedendaagse kunstenaars als Marcel Pinas, Kurt Nahar en Patricia Kaersenhout zijn zich daarentegen zeer bewust van deze geschiedenissen, en roepen in hun werk vragen op.
Marcel Pinas (Pelgrimkonde 1971) is opgeleid in Suriname en Jamaica, en verbleef twee jaar aan de Rijksakademie van Amsterdam. Inmiddels zijn zijn kunstwerken wereldwijd op tentoonstellingen te zien. Hoofdthema binnen zijn oeuvre is de kleurrijke cultuur en de geschiedenis van de Marrons (afstammelingen van gevluchte slaven). De taal, de gebruiken en de kunst van met name de Ndyuka, de cultuur van zijn ouders en grootouders, verwerkt hij in installaties en schilderijen. Hij wil hiermee voorkomen dat de kennis over deze unieke groep mensen verdwijnt door de oprukkende globalisatie. Daarnaast vestigt hij de aandacht op rampen die zich nu aan het voltrekken zijn in Suriname, zoals de kwikvergiftiging van het water door goudwinning. Men zegt dat geen vis meer kwikvrij is in Suriname.
Marcel Pinas werkt veel samen met de kunstenaar Kurt Nahar. Het zijn ‘mati’s (gabbers) of beter nog: partners in crime. Ze streven eenzelfde doel na: bewustwording door middel van kunst.
De kunstenaar Kurt Nahar (Paramaribo 1972), opgeleid in Suriname en Jamaica, werkt zelf al jaren op internationale podia aan een oeuvre waarin thema’s uit de Surinaamse geschiedenis worden verwerkt. Hierbij maakt hij onder andere gebruik van de uitdagende en provocerende beeldtaal van de anarchistische dada kunstenaars uit de jaren twintig van de vorige eeuw. Hij zet hiervoor alle technieken en media in. De laatste tijd maakt hij vooral installaties waarin beeld en geluid samenkomen.
Nahar en Pinas kennen de derde kunstenaar in deze tentoonstelling Patricia Kaersenhout goed omdat ze in 2008/2009 nauw met haar samenwerkten aan het Wakamanproject van Gillion Grantsaan en Remy Jungerman.
Patricia Kaersenhout (Den Helder 1966) is opgeleid aan de Rietveld academie in Amsterdam en werkt met een breed arsenaal aan materialen en technieken. Ze noemt zichzelf een “Jack of all trades” en wil met haar werk vooral vragen oproepen, vragen over kijken en niet zien bijvoorbeeld. Hierbij spelen taal en titels vaak een leidende rol. Zo inspireerde het boek, van Ralph Ellison, Invisible Man over het niet zichtbaar zijn van Afro-Amerikanen in de USA, haar tot een zoektocht naar haar eigen onzichtbare vader. Kaersenhout over haar werk: “ In mijn werk neem ik de vrijheid om bestaande afbeeldingen en bestaande teksten als een patchwork samen te voegen tot een nieuw verhaal. Mijn geheugen is een labyrinth van feiten en fictie waarin ik graag ronddwaal, zonder me bezig te houden met de vraag wat waarheid is. Dat laat ik liever aan de beschouwer over.” De titel van het werk dat zij voor deze tentoonstelling gaat maken is: The dream of a thousand Shipwrecks.
Tentoonstelling: Sribi switi, san e psa
Van 15 maart t/m 5 april 2010 in Pulchri Studio, aan het Lange Voorhout, Den Haag
De tentoonstelling is mogelijk gemaakt door Hivos-NCDO Cultuurfonds en de Mondriaan Stichting.Voor meer informatie, zie http://www.boekids.nl/