blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Hindi

Haridat Rambarans parivartan: zijn ontwikkeling van árya samáji hindoe tot atheïst (deel 8)

door Bris Mahabier

Episode 3, in Nederland: Hari en de Arya Samaj Nederland (ASAN)

51. Opvattingen over sewá in de árya samáj-beweging

Sewa is een basisbegrip uit de religieuze literatuur van hindoes. In Nederland is deze term in de afgelopen drie decennia frequent gebruikt. Ik heb niet alleen enkele van onze vooraanstaande Haagse árya samáji pandits, maar ook hoogopgeleide hindoes en bestuursleden van Hindoestaanse culturele organisaties een lans horen breken voor sewá. Ik probeer de essentie van dit begrip met enkele zinnen te illustreren.

read on…

Auteursrechten en intellectueel eigendom

Van de redactie van De Ware Tijd Literair

De redactie van DWTL is benaderd over een kwestie met betrekking tot plagiaat. De heer Gangaram Panday heeft ontdekt dat de Indiase Ambassade namen heeft veranderd in een leerboek waar zij het copyright op bezitten. De auteurs zijn in de eerste vier drukken vermeld, maar in de vijfde druk uit 2019 zijn er maar twee mensen van het eerste uur genoemd. De brief van de heer Gangaram Panday is volledig opgenomen op deze pagina zodat elke lezer precies weet waar het over gaat.

read on…

Haridat Rambarans parivartan: zijn ontwikkeling van árya samáji hindoe tot atheïst (deel 5)

door Bris Mahabier

Episode 3: in Nederland

Hari Rambaran: actief als leraar, studeert natuurkunde, speelt toneel, schittert als Sinterklaas en verlaat ASAN als bestuurder.

read on…

Hindiles, Saron- en Büchnerschool, biddende Bris, najar: ‘boze oog’ en pacrá-zang

Fragment 7 van mijn opa’s biografie*

door Brispath Mahabier

Fragment 7 is opgedragen aan drs. Herman Vuijsje, die in 1969 geïnteresseerd raakte in de Surinaamse goden– en geestenwereld. Zijn belangstelling verdween niet: in 2019 heeft hij de jarenlang verzamelde informatie geordend in zijn nieuwste sociaal-antropologische publicatie God zij met ons Suriname Religie als vloek en zegen.

read on…

Munshi Rahman Khan: een nieuwe druk?

Het dagboek van Munshi Rahman Khan zit boordevol informatie over de Hindostaanse immigratie. Helaas is het boek, dat werd uitgegeven in 2003, bijna niet te vinden. Het exemplaar dat ik via de bibliotheek kon bemachtigen, was ‘stuk’ gelezen. Met uitzondering van Bol.com – waar één tweedehands exemplaar al tijden te koop staat voor een woekerprijs van € 74,95 – is het in geen enkele boekwinkel te krijgen. Met deze boekbespreking wil ik weer de aandacht vestigen op het boek en de bezitters van het auteursrecht oproepen het opnieuw uit te geven. Dan kan de gelegenheid te baat worden genomen om de storende taalfouten te corrigeren en de gehele tekst opnieuw te redigeren om de leesbaarheid te verhogen. Het boek is uniek en de inhoud authentiek. Het moet daarom laagdrempelig verkrijgbaar zijn. read on…

Verwikkelingen rond de naamgeving van onze moedertaal Sarnámi

door Bris(path) Mahabier

Het woord moedertaal is in het Nederlands vanaf de zestiende eeuw bekend (zie Groot Van Dale Leenwoordenboek:481). Ik leerde – in de jaren veertig van de vorige eeuw – mijn moedertaal. Dit gebeurde in mijn primaire milieu op het platteland op een ongestuurde manier, dat wil zeggen zonder een van te voren opgesteld onderwijsplan. Zo gaat het met het aanleren van elke moedertaal. read on…

Belangstelling Hindi neemt toe

De belangstelling voor Hindi stijgt gezien het aantal deelnemers aan het examen van de Stichting Suriname Hindi Parishad. Dit jaar hebben 601 personen het examen in vier delen van Hindi te weten Prathama, Madhyama, Uttama en Praveshika afgelegd. read on…

Leenwoorden in het Sarnámi en het Hindi

door Bris(path) Mahabier

1 Enkele opmerkingen over het Sarnámi

Niet het Hindi, zoals velen beweren, maar het Sarnámi is de moedertaal van de meeste Surinaamse en Nederlandse Hindoestanen. Vooral árya samáji geleerden uit India, maar ook pandits en parcáraks van Surinaamse bodem hielden de kalkattiyá’s (of kantráki’s), hun kinderen en kleinkinderen voor, dat het Hindi hun moedertaal was en dat ze moreel verplicht waren om deze taal te behouden en te cultiveren. Hindispecialisten en ook de andere medewerkers van het Indian Cultural Centre (ICC) maken gretig gebruik van elke gelegenheid, die hen in Suriname geboden wordt om dit standpunt steeds te herhalen. Deze taalpolitieke opvatting van het ICC is geheel in overeenstemming met de wens van de Indiase regering, maar is vooral voor de strijdbare sarnámisten niet acceptabel. read on…

Noodzaak voor verder onderzoek van het Sarnámi

Verslag in woord en beeld van het Sárnami congres

 

Deze pagina is geheel gewijd aan de vorige week (5/6 mei 2017)  gehouden Sarnámi-conferentie, gehouden in het Universiteits guesthouse in Paramaribo. Moderatoren tijdens de discussies waren Indra Djwalapersad, Radjen Baldew, Bhola Narain en Maurits Hassankhan. Op deze literaire pagina zijn korte verslagen van de gepresenteerde lezingen opgenomen, gemaakt door Sita Patadien [SP] en Hilde Neus [HN]. Er was ook vertier. In de avonduren werden er baithak gana liederen ten gehore gebracht door Kries Ramkhelawan en zijn gezelschap. Op de tweede dag waren er diverse auteurs die voordroegen uit eigen werk. Ook presenteerde de toneelgroep Hasti Masti onder leiding van Shanti Matai een sketch die mooi aansloot bij het thema van de conferentie: grootouders die moeite hebben om te communiceren met hun kleinzoon, omdat die het Sarnámi niet spreekt. Vastlegging en overdracht is belangrijk bij het voortbestaan van een taal. Voor het Sarnámi is de prognose positief en deze conferentie draagt daar zeker aan bij. Alle foto’s: Michiel van Kempen. read on…

Hindi blad moet taal promoten

 

door Donovan Mijnals

Paramaribo – Kavita Malviya is laaiend enthousiast over de Hindi newsletter die door het Indian Cultural Centre (ICC) uitgegeven wordt. De docent Hindi van het centrum coördineert het project dat tot doel heeft die taal te promoten. Alle artikelen die in het blad verschijnen zijn door studenten van het cultureel centrum geschreven. “We zijn een maand geleden begonnen. De volgende editie moet in december verschijnen”, vertelt ze.
Schrijven in Hindi moet ook het taalgevoel onder studenten naar een hoger niveau stuwen. De Suriname Halchal, zoals het blad heet, is volgens Malviya bovendien echt Surinaams. “De topics zijn bewust heel Surinaams, zodat de lezers zich er heel goed in kunnen herkennen en zich verbonden voelen.” Daarmee doet de Suriname Halchal haar naam eer aan.
Malviya legt uit dat het woord Halchal voor gebeurtenissen staat. “De studenten schrijven dus over al hun gebeurtenissen.” Op dit moment verschijnt het blad alleen in het Hindi, maar daar komt mogelijk verandering in. “We hebben gesproken over een samenvatting van de artikelen in het Nederlands, maar we zijn er nog niet uit.”
Hoewel de docent vanwege het enthousiasme van haar studenten het project nu al een succes vindt, onderkent ze dat er nog een lange weg te gaan is. Een newsletter of magazine uitbrengen is bepaald geen makkie, weet ze. Waar ze zich op dit moment voor wil inzetten is de continuïteit. “Er zijn een heleboel bladen die opstarten maar een poos daarna ophouden te bestaan. Ik wil voorkomen dat zo iets met de Suriname Halchal gebeurt.”
Malviya heeft nog meer pijlen op haar boog om Hindi te promoten, maar daarover wil ze in dit stadium nog niet veel kwijt. “We hebben nog meer ideetjes in de pijplijn”, laat ze alleen maar ietwat geheimzinnig los. Door dit project beleven de studenten in ieder geval veel plezier. En daar gaat het haar om. “Als ze hun naam bij de artikelen lezen zie je hun gezichten oplichten. Ze moeten zich goed voelen wanneer ze met hun taal bezig zijn.”
[uit de Ware Tijd, 16/11/2013]
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter