blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Herrenberg Henk

Benny Ooft, 31 jaar geleden…

Vandaag exact 31 jaar geleden overleed Benny Ooft. De Surinaamse schrijver, actief in de grote nationalistische generatie van de jaren ’60 en ’70, woonde toen al enige tijd in Nederland. Michiel van Kempen herdenkt hem.

read on…

Buitenlandspook en roekeloosheid president

door Theo Para

Zowel bij de onthulling van het Waterkant-monument voor slachtoffers van de Binnenlandse Oorlog, als bij de ‘opening’ van het Memre Buku kazernemonument voor de gevallen militairen in die oorlog − ver van plaatsen delict en slagveld − leek niet de nagedachtenis van de slachtoffers, maar de politiek-historische zelfrechtvaardiging van de zittende macht centraal te staan. Geen levende herinneringen aan de gevallen burgers of militairen voerden de boventoon. read on…

‘We zijn niet gekend bij opzetten monument’

door Naomi Hoever

 

Paramaribo – De ex-strijders aangesloten bij de toenmalige guerrillabeweging Jungle Commando (JC) voelen zich miskend bij de voorbereidingen en de activiteiten om te komen tot een monument voor de Binnenlandse Oorlog. Ook de plek waar het monument staat, de Waterkant, valt hen tegen. Ze hadden het liever bijvoorbeeld in Moiwana gehad. read on…

Kunstenaars bekritiseren Dobrubeeld op Louis Doedelplein

door Merredith Bruce

Paramaribo – Het Louis Doedelplein bij de kruising van de Zwartenhovenbrugstraat met de Saramaccastraat krijgt een borstbeeld. Niet van Louis Doedel, maar van Robin ‘Dobru’ Raveles. Kunstenaars George Ramjiawansingh en George Struikelblok zijn echter geen voorstander hiervan en zouden een andere plek kiezen. read on…

Herrenberg presenteert boek over ondernemingsraad

De ondernemingsraad nu ook bij ons voor een moderne vakbeweging is de titel van het boek dat oud vakbondsleider en schrijver Henk Herrenberg aanbiedt aan de samenleving op 25 februari.

Het voornaamste doel van het schrijven van dit boek is het overdragen van vakbondskennis aan de jongeren, deelt de schrijver mee. Ook is getracht om voor de arbeidersklasse de mogelijkheden voor een modernere kijk op de

vakbeweging vast te leggen.
Herrenberg voorspelt dat zijn lang gekoesterde droom voor de vakbeweging, namelijk de ondernemingsraad, in vervulling zal gaan met de overname van de bacovenbedrijven te Jarikaba en Nickerie door het Belgische Univeg.  Hij benadrukt wel dat deze ‘eerste ondernemingsraad’ niet klakkeloos moet worden overgenomen maar opgezet en gevormd moet worden door ‘Surinaamse karakteristieken’. Herrenberg vindt dat door de ondernemingsraad, arbeiders een gelijkwaardige partner vormen binnen de organisatie.

Dit boekje is te koop voor SRD 10.

De verkooppunten van dit boek op 25 februari zijn: Palmentuin, OCER, Stibula, Plein van de Revolutie en de markt in Nickerie.

[uit Starnieuws, 25 februari 2014]

Bouw oorlogsmonument doorgedrukt: ‘Het is powerplay van Herrenberg’

door Audry Wajwakana
 .
Paramaribo – “Met de voortzetting van de bouw van het oorlogsmonument aan de Waterkant worden bestaande wetten overtreden”, reageert Johan Roozer, secretaris van Commissie Monumentenzorg Suriname furieus. Volgens Roozer heeft de commissie ‘Monument van de gesneuvelde militairen 1986-1992’ niet de juiste instanties bewandeld en is het stuk, om het monument te bouwen, wild geoccupeerd.
Aan de Waterkant werken arbeiders aan het ‘Monument van de gesneuvelde militairen 1986-1992’. Het nieuwe monument ligt op enkele meters afstand van het Monument der Gevallenen.  Foto: Stefano Tull.
Slaan figuur
Hij geeft aan dat de Waterkant valt onder de Werelderfgoedlijst van Unesco die door Stichting Gebouwd Erfgoed Suriname wordt beheerd. Bij eventuele veranderingen, ook het plaatsen van monumenten, moet de beheerder eerst op de hoogte gesteld worden. Die koppelt terug met de Unesco. “Gesneuvelde militairen in de binnenlandse oorlog en de Waterkant hebben totaal niets met elkaar te maken. Internationaal slaan wij weer een modderfiguur en wordt hiermee bewezen dat effectief communiceren nog altijd een slecht ontwikkelde eigenschap is van bepaalde Surinamers”, zegt hij fel. “Ik heb geen moeite met geen enkele monument, maar laten we nu eindelijk volgens de geldende regels werken. Dit is powerplay van Herrenberg”, zegt Roozer.Brieven
In een brief naar directeur Stanley Sidoel van het Directoraat Cultuur en het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling wees Monumentenzorg eind vorige maand op het effect van dergelijke handelingen op de positie van Suriname op de Unesco Werelderfgoedlijst. Het ministerie van Openbare Werken (OW), die voor de bouw van het monument zorgt, staakte vorige week zaterdag dientengevolge de bouwwerkzaamheden. Per brief liet OW-directeur Mark Rommy de commissie ‘Monument van de gesneuvelde militairen 1986-1992’ toen weten dat er geen toestemming is verleend van instanties voor de bouw. Henk Herrenberg heeft de toestemming uiteindelijk bij het Kabinet van de President gekregen, waarna OW donderdag de werkzaamheden hervatte. Deze handeling komt op het moment dat Suriname op de vingers is getikt door de Unesco over het uitblijven van maatregelen om zijn plaats op de Werelderfgoedlijst te behouden.
 
 
Actoren
Minister Ashwin Adhin van het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling waaronder het Directoraat Cultuur valt, blijft op de vlakte over het onderwerp. Volgens hem is het nog onduidelijk wie toestemming moet geven. “We gaan dit na met de verschillende actoren en kijken welke afspraken gemaakt zijn”, geeft hij aan. Directeur Stephen Fokke van Stichting Gebouwd Erfgoed die de beheerder is van de Werelderfgoedsite, is met verlof en heeft via zijn secretaresse laten weten voorlopig niet in de publiciteit te treden. In een eerder interview gaf hij echter aan dat de overheid voldoende bewust is van de impact van zulke handelingen op de kwaliteit van de Werelderfgoedsite. Maar “de overheid speelt don manmet ons”. Alle veranderingen van het Onafhankelijkheidsplein en de Waterkant dienen met Stichting Gebouwd Erfgoed Suriname opgenomen te worden. Hoewel minister Soewarto Moestadja leden van de Commissie Monument Gesneuvelde Militairen en Burgers tijdens de Binnenlandse Oorlog woensdag heeft geïnstalleerd, is de bouw van het monument maandag 28 oktober aangevangen.
[uit de Ware Tijd, 16/11/2013]

Twee monumenten voor slachtoffers Binnenlandse Oorlog

door Gilliamo Orban

Paramaribo – Behalve een gedenkteken speciaal voor militairen die tijdens de Binnenlandse Oorlog zijn gesneuveld, komt er ook een monument voor burgerslachtoffers en ex-militairen. Ook nog in leven zijnde soldaten die aan het conflict hebben meegedaan behoren tot de laatste categorie.
Naast dit monument voor de omgekomen inwoners van het dorp Moi Wana komen er nog twee monumenten moeten die herinneren aan de Binnenlandse Oorlog. 
Het monument voor omgekomen militairen komt bij de Memre Boekoe Kazerne, terwijl er nog geen plek is bepaald voor het tweede gedenkteken. “We willen  met de monumenten iedereen tevreden stellen en de gebeurtenissen van de oorlog een plek geven in onze geschiedenis”, benadrukt Henk Herrenberg. Hij is voorzitter van de commissie ‘Realisatie monumenten voor gevallenen van Binnenlandse Oorlog’.
De strijd ging destijds tussen het Nationaal Leger (NL), onder leiding van bevelhebber Desi Bouterse, en het Jungle Commando (JC) van Ronnie Brunswijk. Over de slachtoffers van de oorlog zijn geen officiële gegevens bekend. Bouterse sprak ooit van 87 gesneuvelde soldaten en ongeveer 60 doden onder de manschappen van het Jungle Commando. Er vielen ongeveer tweehonderd burgerslachtoffers.
Wanneer de monumenten van de grond zullen komen, weet de voorzitter nog niet. Het geld moet nog vrijgemaakt worden. “Beide gedenktekens komen nog dit jaar”, verzekert Herrenberg. Het monument van gesneuvelde militairen gaat een rots zijn, waarop alle namen van de soldaten komen te staan. Het tweede gedenkteken krijgt de vorm van een piramide, met aan de top een knak. De knak staat voor de levens die verloren zijn gegaan.
[uit de Ware Tijd, 01/08/2013]

Instituut voor onderzoek eigen geschiedenis

door Audry Wajwakana

 
Paramaribo – De herdenking van 1 juli en het slavernijverleden heeft alleen zin als deze dag tot verandering van de sociaal maatschappelijke positie van Afro-Surinamers bijdraagt. Na 150 jaar is de tijd rijp voor het herschrijven van de Surinaamse geschiedenis.
Het debat over het slavernijverleden heeft heel wat controverse geleverd. Armand Zunder zegt dat niet 1 juli 1863 herdacht moet worden, omdat die door de kolonisator is opgedrongen. Van rechts naar links de panelleden Armand Zunder, Iwan Wijngaarde, Serena Holland, Rachel van der Kooije en Leo Atomang. Foto © Irvin Ngariman.
Dat is de conclusie uit het debat ‘Herdenking slavernijverleden zin of onzin’, eerder deze week in de Mantel. Henk Herrenberg, voorzitter van de Herdenking Jubileumcommissie, stelde het panel en publiek voor om op de regering een beroep te doen fondsen beschikbaar te stellen voor onderzoek van de slavernijgeschiedenis. In het verlengde daarvan kunnen toekomstgerichte projecten ontwikkeld worden.
Zinvol
Het debat dat op Facebook al voor heel wat controverse heeft gezorgd, werd door een twintigtal mensen bezocht. Serena Holland, Iwan Wijngaarde, Rachel van der Kooije, Leo Atomang en Armand Zunder waren de panlleden. Ze vonden het debat wel zinvol om de afschaffing van de slavernij te herdenken. Vooral als er nieuwe feiten naar boven komen en deze in geschiedenisboeken worden opgenomen, vindt Van der Kooije. “Want we kunnen onszelf pas ontwikkelen, als we ons verleden kennen”, pleitte zij in haar betoog. “Zolang er duurzame activiteiten aan de herdenkingen worden gekoppeld ziet zij het nut van herdenking wel in”, zegt Holland. Vooral het promoten van ondernemerschap, onderzoeksprojecten en behoud van de cultuur met al haar elementen voor de doelgroep. “Als je herdenkt, moet je groeien naar een eenheidsgedachte in toekomst- en ontwikkelingsgericht denken”, vindt zij.
Zunder heeft de ervaring met zijn eigen onderzoeksprojecten dat er weinig tot geen gelden vrijgemaakt worden om geschiedenis en cultureel onderzoek vast te leggen. “Over tien jaar moeten we niet meer hierover praten. Anders wordt onze achterstand met het Caribisch Gebied veel groter. Want daar hebben ze de boodschap wel begrepen”, stelt hij.
Herrenberg die als belangstellende in het publiek zat, was het niet met het panel eens dat er geen gelden vrijgemaakt worden. “Ik zit allang in zulke organisaties en heb alle stadia meegemaakt. Als voorzitter van de jubileumcommissie valt het mij op dat niemand een project indient om onderzoek te laten doen. Kom met concrete projecten naar de regering en dan zult u in aanmerking komen voor het geld”, riep hij de aanwezigen op.
Het panel en publieke debaters vinden dat liever een instituut in het leven geroepen wordt om fondsen voor onderzoek beschikbaar te stellen. Het debat werd door Slavernij online georganiseerd.
[uit de Ware Tijd, 31/05/2013]

Jan Soebhag wint eerste Hindipopfestival

door Sabitrie Gangapersad

Paramaribo – Met zijn compositie ‘He Pa Tudje Pranaam’ gaat Jan Soebhag de geschiedenis in als winnaar van het eerste Hindipopfestival. ‘Soniya’ van Sachin Bhikharie is met een verschil van vijf punten geëindigd op de tweede plek, terwijl ‘Yakeen’ van Viresh Oeditram goed was voor de derde plaats.
Een zeer blije Jan Soebhag is met zijn compositie ‘He pa tudje pranaam’ de eerste winnaar van het Hindipopfestival. Naast hem staat een eveneens tevreden Sachin Bhikharie, die met vijf punten verschil de tweede plaats veroverde. (Foto:  Jason Leysner)
.
In Bollywood
Het winnende nummer van Soebhag werd gepresenteerd door Avishka Jhinkoe en Ilhaam Ahmadali. De dames zongen prachtig en er was een goede onderlinge afstemming. De jury onder leiding van Sonny Khoeblal lette bij de beoordeling niet zozeer op de presentatie, maar meer op inhoud, tekst en arrangement. ” ‘He Pa Tudje Pranaam’ is een Vaderdagslied. Er zijn geen andere liedjes in dit genre. Er zijn wel bepaalde bidesia-liedjes of khachri’s waarin er ode aan de vader wordt gebracht, maar een echt Vaderdagslied was er niet. Ik heb het nummer vorig jaar geschreven met mijn vader in gedachten. Ik herinnerde me hoe hij met me bezig was en me naar culturele en religieuze activiteiten meenam”, vertelt Soebhag. De componist is erg blij met het Hindipopfestival. “Het is voor het eerst in 140 jaar dat er zoiets is georganiseerd.” Met ‘He Pa Tudje Pranaam’ heeft Soebhag de smaak van het componeren te pakken gekregen. Hij is bezig met een aantal nieuwe nummers waaronder een ghazal waarin de connectie tussen een verdrietig hart en tranende ogen wordt blootgelegd. Farish Barsatie en Radjinder Lakhichand eindigden respectievelijk op de vierde en vijfde plaats. Dienesh Malhoe van Ra-Ni entertainment zegt dat er met de top vijf een professionele videoclip zal worden gemaakt die internationaal zal worden gepromoot. Malhoe: “Binnen enkele jaren moeten onze liedjes in bollywoodfilms worden opgenomen”.

Cultuurontwikkeling
Van de 21 ingezonden composities zijn twaalf geselecteerd voor de finale. De selectie vond vrijdagavond in de Anthony Nesty Sporthal plaats. “We hebben jarenlang de verschillende hoogtijdagen gescheiden gevierd, maar het is nu tijd om samen, gecoördineerd en landelijk belangrijke hoogtijdagen te gedenken”, sprak Henk Herrenberg, voorzitter van de Nationale Commissie Jubileajaren, de aanwezigen toe. Ashwin Adhin van de Culturele Unie Suriname (CUS) vindt dat het Hindipopfestival cultuurontwikkeling stimuleert.
Na de korte toespraken werden alle twaalf composities achter elkaar vertolkt. De muzikale begeleiding was in handen van Yaadgaar Orchestra onder leiding van Riaz Ahmadali. De meeste Hindipopnummers zijn door de componisten zelf gezongen. De melodie, tekst en presentatie oogstten veel waardering van het publiek. “De jury heeft het moeilijk. Alles klinkt geweldig. Dit is een prijzenswaardig initiatief. Ons talent doet niet onder voor dat van de rest van de wereld”, merkten verschillende aanwezigen op.

[uit de Ware Tijd, 03/06/2013]

Verzwegen held Doedel herrijst naar glorie

door Donovan Mijnals
 
Henk Herrenberg (l) lijkt hier bijna trots een uiteenzetting te doen van hoe hij eigenhandig de doodgewaande held Louis Doedel opspeurde. Zijn medestanders Jan Haakmat (r) en Emile Wijntuin van het Comité Eerherstel Louis Doedel luisteren aandachtig. Foto: Stefano Tull
Paramaribo – Louis Doedel is niet dood. Tenminste, het Comité Eerherstel Louis Doedel doet er alles aan om de Surinaamse held te onttrekken aan de donkere schaduwen van het graf. De organisatie vindt dat de nationale strijder al veel te lang een stiefmoederlijke behandeling te beurt valt. Op 10 januari wordt van de vakbondsleider daarom alvast een bronzen kop, door Erwin de Vries vervaardigd, onthuld op het terrein van de Stichting Scholings Instituut voor de Vakbeweging in Suriname (Sivis).
Wolffenbuttel. Foto Tropenmuseum Amsterdam
“Hij had zich opgeworpen als spreekbuis en voorvechter van arbeiders. In feite was hij de eerste vakbondsleider en dat is hem heel duur komen te staan”, legt Jan Haakmat uit. Volgens de secretaris van het comité is mede vanwege die rol die Doedel gespeeld heeft dat zijn beeltenis voor Sivis komt te staan. Op 1 mei 1931 organiseerde de leider het allereerste Arbeiderscongres in Suriname. Het zou nog 44 jaar duren voordat zo een bijeenkomst weer op touw gezet zou worden.
Voorzitter Emile Wijntuin, die ook een boek over Doedel schreef, vindt het daarom een doodzonde dat zo een belangrijke figuur uit de Surinaamse geschiedenis geen prominentere plaats geniet in het bewustzijn van de bevolking. “Ik ben bijzonder teleurgesteld in historici en vakbonden dat zij toestaan dat de grootste man in onze historie helemaal wordt doodgezwegen”, stelt hij zichtbaar tot op het bot geroerd. Toch laat Wijntuin zich niet lang daarna opgelucht uit dat die schandvlek binnenkort tot het verleden zal behoren.
Overigens werd Doedel al toen hij nog in leven was totaal verzwegen. Zo erg zelfs dat op een bepaald moment er ook bij familie onduidelijkheid bestond of er überhaupt nog bloed door zijn aderen stroomde. Of als hij ondertussen het tijdelijke met het eeuwige had verwisseld.
Gevoeglijk werd aangenomen dat het laatste waar was. Het was na een intensieve zoektocht van toenmalig Statenlid Henk Herrenberg dat de eens zo krachtige volksleider uiteindelijk in 1976 helemaal aan het eind van zijn Latijn in de inrichting Jaigobind gevonden werd.
“De man die zoveel voor het land betekende, stond daar gebroken en bijna totaal vergeten op blote voeten”, schetst Herrenberg een treurig beeld. Maar de dag na zijn vondst had het Statenlid wel een blijde vermelding tijdens de vergadering: “Louis Doedel leeft nog!” Lang had de leider echter niet meer te leven. Op 10 januari 1980 overleed de vergeten grootheid. Toen pas kwam er een eind aan 43 jaar van onrechtmatige opsluiting.
In opdracht van gouverneur Kielstra was Doedel in 1937 opgepakt voor 28 dagen ‘observatie’ in een psychiatrische instelling. “In feite was hij daardoor de langste politieke gevangene in de geschiedenis”, benadrukt Wijntuin. Het comité wil afgezien van de onthulling van de bronzen kop ook dat de geschiedenis betreffende Doedel wordt herschreven. Daarnaast moeten een school en een plein naar hem worden vernoemd, vinden zij. “En de bronzen kop is slechts het begin; we gaan eraan werken dat er een heel groot beeld van hem komt, nu gaat dat ding beginnen”, verzekert Herrenberg.
[uit de Ware Tijd, 07/01/2013]
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter