blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Cain Artwell

Tula: Het verlangen naar vrijheid

door Quito Nicolaas

Onlangs verscheen Tula: De slavenopstand van 1795 op Curaçao. Het boek dat in verband met de herdenking van de slavenopstand staat, omvat de tekst van een tweetal toespraken van voormalig premier van de Nederlandse Antillen Don Martina en de socioloog Charles Do Rego. Daarnaast zijn er een drietal essays over Tula van de historicus Sandew Hira opgenomen. Er is gebruik gemaakt van veel historisch en archiefmateriaal. Het boekwerk is een reflectie op het verleden en vanuit dat verleden wordt een vergelijking doorgetrokken naar het heden. Het gebezigde taalgebruik is eenvoudig van aard en maakt het lezen prettig.

In de toespraak van Don Martina richt hij zich op de vrijheidsrechten die met de afschaffing van de slavernij werden ingevoerd, en die tegenwoordig binnen het Koninkrijk der Nederlanden niet lijken te bestaan. Hij geeft tal van voorbeelden om dit te illustreren. Waar het om gaat is dat wanneer de belangen van Nederland en de Antillen parallel lopen, dan vind je de steun van Den Haag. Als dat niet het geval is, dan geldt, zoals in het volkerenrecht, het recht van de sterkste. Een gouden regel in het internationaal recht, heb ik geleerd, waaraan niet valt te ontkomen. Over de relatie tussen vrijheid en bevrijding rept Martina met geen woord, in de zin van een eventuele onafhankelijkheid van Nederland.

Charles do Rego doet in zijn bijdrage een poging om een en ander nader te verklaren. Zijn uitgangspunt vormt de economische crisis na de Amerikaanse burgeroorlog, die ook zijn gevolgen had voor Curaçao. Daarnaast kende het eiland in die jaren een weinig competent en corrupt bestuur, dat de klassentegenstellingen in de samenleving deed verscherpen. Er ontstond een heel rare constructie: de elite bestond uit de blanke protestanten en hen die uit het moederland kwamen. Terwijl de burgerij bestaande uit slaven met hun katholieke geloof en de Joden samen optrokken. Curaçao kende sindsdien voor zover ik mij kan herinneren een strakke sociale stratificatie gebaseerd op huidskleur en afkomst. Hiermee is ook de doorwerking vanuit de slaventijd naar de hedendaagse maatschappij aangetoond. Één doel moet het Curaçaose volk met Tula delen: hij werd gedreven door het verlangen naar vrijheid.

Sandew Hira geeft in zijn essay ‘De stemmen van de bron’ een prachtige weergave van een gesprek tussen Tula en Pastoor Schinck. Een citaat: ‘Wij zijn al te zeer mishandelt. Wij zoeken niemand kwaad te doen, maar zoeken onze vrijheid. De franse negers hebben hunne vrijdom bekoomen. Holland is ingenomen door de franschen, vervolgens moeten wij ook hier vrij zijn.’ Uit dit citaat kunnen we o.a. afleiden dat Tula behalve goed op de hoogte was van de ontwikkelingen in Europa ook de nodige inzichten had om de situatie te verbinden aan een politieke beoordeling. Verderop uit de teksten kun je ook afleiden dat Tula een humanist en een vredelievend mens was. De georganiseerde opstand was puur gericht op hun vrijheid. Dit lijkt ook uit zijn woorden toen hij tot God riep: ‘O Goddelijke Majesteit! O Suijverste Geest! Is het dan Uwen wil dat wij zoo mishandeld worden!’

Een misser is dat ondanks dat de slavenopstand op Curaçao vanuit een comparatief perspectief werd bekeken, opnieuw het dichtsbijzijnde buureiland Aruba niet wordt betrokken. Er wordt een vergelijking getrokken met de opstanden op Haïti, St. Lucia, St. Vincent, Grenada, Jamaica, Guyana en Venezuela. Dit terwijl op 15 juni 1795 – drie maanden voor die op Curaçao – eveneens een slavenopstand op Aruba plaatsvond. In Noord kwamen de slaven onder leiding van Andries Tromp in opstand tegen hun slavenhouders. Ook onvermeld blijft de slavin Virginia Dementricia (geb. Aruba 22-12-1842 – gest. na 1861), die in de geschiedenis als verzetsheldin te boek staat.

Het boek is een waardevol historisch document om in je boekenkast te hebben.

Tula: De slavenopstand van 1795 op Curaçao
Redactie: Artwell Cain
Uitgeverij Amcon
ISBN:978-90-74897-50-1

De slavenopstand van 1795

door Stephanie Meulens

Ruim driehonderd mensen bezochten de Tula-herdenking in de Muiderkerk in Amsterdam op 17 augustus j.l.. Centraal stond een nieuw boek over het verhaal achter de grote slavenopstand van leider Tula op 17 augustus 1795 op Curaçao.

Het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden en Erfenis (NINsee) organiseerde de herdenking voor de zesde keer. De organisatie vindt het belangrijk dat Antillianen, Nederlanders en Surinamers weten wat de geschiedenis van Tula is en hoe hij de slavenstrijd aanvoerde.
In een overvolle bloedhete Muiderkerk toonden de bezoekers volop hun belangstelling. De Antilliaanse zangeres Izaline Calister zong de bezoekers toe met haar ode aan Tula.
Zelfvertrouwen ‘Kara na laira pa berdat’ (Trots op de waarheid) was het thema van de avond.

 

Socioloog, filosoof en ex-premier Prof. Dr. Jandi Paula ging, als hoofdspreker, in op het gebrek aan vertrouwen in de Antilliaanse gemeenschap. Hierdoor worden beslissingen uitgesteld of helemaal niet genomen. Paula benadrukte in zijn speech dat zelfvertrouwen erg belangrijk is.
Een VMBO-lerares bevestigt dat het ontbreken van kennis over de slavenopstand tot een gebrek aan zelfvertrouwen leidt onder haar Antilliaanse leerlingen: “Het slavernijverleden werkt nog steeds door. Het nastreven om iets te bereiken zien de leerlingen als iets voor blanken. Ze hebben een groot gebrek aan zelfvertrouwen. Als ik ze vertel over goede rolmodellen als Izaline Calister en Ramyi Sambo, dan gaat een hele wereld voor ze open. Als zij wat kunnen bereiken dan kunnen wij dat ook.”
Een andere bezoekster heeft in haar jeugd veel discriminatie op de lagere school ondervonden. “Blanken mensen werden toch mooier gevonden.” Ze vindt dat je zelfvertrouwen met de jaren kan ontwikkelen. Over de slavenleider zegt ze: “Ik denk dat hij iemand was met zeer veel zelfvertrouwen.”
Belang

 

Directeur van het NINsee, Artwell Cain heeft het boek: Tula en de slavenopstand van 1795 op Curaçao samengesteld. Het verzamelwerk betreft speeches van eerdere Tula-herdenkingen van Don Martina en Charles do Rego.
Bij Cain kwamen veel emoties los toen hij de informatie voor het boek bijeen zocht. “Je voelt de pijn in je hart, je gaat er kapot aan. Het belang van het boek is om je geschiedenis te kennen.” Cain ziet een verschil tussen het verwerken van het slavernijverleden op Curaçao en Suriname. “Surinamers hebben meer affiniteit gevoeld met de slavernij en het zwart zijn. Op de Antillen en Aruba wilden de mensen zich meer distantiëren. Gelukkig is er nu meer openheid.”

 

Archiefmateriaal

 

De Surinaamse historicus Sandew Hira vond het heerlijk om in het archiefmateriaal over de Antilliaanse slavengeschiedenis te duiken. “Ik heb enorm veel geleerd van de Antillianen. Het is geweldig dat ze alle originele bronnen hebben bewaard. Dat moeten wij ook doen voor onze opstanden. Iets anders wat ik heb geleerd is de Ruta Tula, een route van de opstand. Het verhaal wordt verteld via toneelstukken. Wij, Surinamers kunnen ervan leren om dit soort routes te maken voor onze geschiedenis.”
Hira vindt Antillianen stoutmoediger dan Surinamers: “Ze zeggen; we erkennen 1 juli niet als de Dag van de Vrijheid. Nee, we nemen 17 augustus als de Dag van de Vrijheid. Dat is wat de slaven zelf hebben geprogrammeerd.”

 

Op Curaçao heeft ook een herdenking en een boekpresentatie van de Papiamentstalige versie plaatsgevonden. Het boek is op 19 augustus op Aruba gepresenteerd.

[overgenomen van Radio Nederland Wereldomroep]

Foto’s Tulamonument Curaçao: © Bert Reinders 2009
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter