blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Bok Winston van der

Jeugdboek Alphons Levens: slappe maatschappijkritische visie

door Marja Themen-Sliggers
Ik zal leren totdat ik moe ben… is een Surinaams verhaal voor jong en oud, door Alphons Levens geschreven naar aanleiding van uitspraken van kinderen.
Het boekje ziet er aantrekkelijk uit met een kleurige omslag, leuk getekend door Winston van der Bok met een tafereel van hengelende jongens, die nog wat vangen ook. Jong en oud zullen het mooi vinden. Maar ‘jong’ had deze keer niet zo’n zin om mee te lezen. Die titel hè, misschien zijn ze nu al moe van het leren? ‘Oud’ herkende de gedachtegang en de episoden uit de levensbeschrijving van de auteur en uit de lijst van eerdere publicaties, waarvan sommige gelezen, ook met levensbeschrijving. Zelfde leeftijd hè.
Servin, de hoofdfiguur, verkoopt knippa’s om zijn moeder te helpen. Interessant dat Vinay, zijn schoolvriend, eerst niet in de gaten had dat knippa’s verkopen een manier is om je moeder te helpen. Aan de andere kant, juist knippa’s verkopen bij een stoplicht langs de weg kan eigenlijk best buiten schooltijd. Een leergierige jongen als Servin, en een intellectualistische moeder, die haar zoon helpt met zijn moeilijke woordenschrift, konden dat toch ook bedenken? Vinay helpt Servin niettemin met wiskunde en ze gaan ook samen hengelen. Servin heeft een schrift, als plakboek voor artikelen en foto’s van presidenten. Hij is dol op geschiedenis en vergelijkt de verschillende presidenten over wie hij leest: ‘Je hebt presidenten in soorten’ (p. 24). Servin gaat zelfs naar de cyber om meer op te zoeken en hij neemt ook informatie van Starnieuws. Hij heeft verschillende jurismappen waarin hij de artikelen bewaart. De auteur heeft een groot aantal krantenkoppen en -knipsels leuk met elkaar in verband gebracht. Servin maakt de indruk een beetje een brave Hendrik te zijn en het boek gaat heel langzaam in de richting van maatschappelijke kritiek. Pas bijna aan het eind komt ‘onze nieuwe president Bouterse’ aan bod (p. 29), de amnestiewet en de behandeling daarvan in de Assemblee. Als ik lees wat er allemaal on line voor ongezouten kritiek en krachtig commentaar wordt gegeven op de regering, in casu de president, vind ik het hier in dit boek wat slap. Inderdaad, er is een tijd geweest onder verschillende regeringen, dat niet alles gezegd en geschreven mocht worden, maar dat is kennelijk nu gelukkig verleden tijd. En die corruptie, ja, corruptie vooral op het gebied van gronduitgifte, ik kan ervan mee praten, maar die is ook niet exclusief voor deze regering, helaas.
Mooi vind ik de lijn van de elkaar zogenaamd doodschietende kinderen in de cyber, naar president Obama en de echte gebeurtenissen in de Verenigde Staten, met hun schietincidenten op middelbare scholen, de Amerikaanse wet op wapenbezit. Al met al heb ik het boek gelezen met de verwachting, dat er een maatschappijkritische visie duidelijk uit naar voren zou komen, maar hierin voelde ik me wel teleurgesteld toen ik het uit had.
Alphons Levens: Ik zal leren totdat ik moe ben. Verhaal voor jong en oud, omslagillustratie: Winston van der Bok. Uitgegeven door de auteur, 2013. ISBN 978-99914-7-230-0

 

Levens vindt inspiratie in samenleving

door Donovan Mijnals

Paramaribo – Alphons Levens zijn nieuwste pennenvrucht is boomrijp en ligt voor het plukken. Ik zal leren totdat ik moe ben is een verhaal voor jong en oud, verzekert hij. Levens wil echter niet diep ingaan op de inhoud van het boek en houdt zich daarover angstvallig op de vlakte. “Fanatieke lezers worden boos als een schrijver teveel loslaat over een boek dat nog niet uit is”, verklaart hij. Zijn emoties daarbij zijn niet gespeeld; de kaken blijven op elkaar.
Maar de schrijver wil wel een klein beetje vertellen waar de inspiratie vandaan komt. Het verhaal is namelijk om twee uitspraken heen gebouwd. “Ik hoorde een kind op de radio een merkwaardige uitspraak doen en dat was de inspiratie. Toen ik al begonnen was met schrijven zei een ander kind: “Ik zal leren totdat ik moe ben.” De eerste uitspraak die de vonk deed overspringen en het vuur van de bevlogenheid aanwakkerde, verklapt hij toch niet. Lachend: “Daar begint het boek mee, mensen moeten het nog willen lezen.”
Alphons Levens
Maatschappijbetrokken
Vreemd is het niet dat Levens gebeurtenissen uit de dagelijkse beslommeringen aangrijpt om daarover te schrijven. Immers hij beweert altijd vanuit dezelfde optiek te creëren, of dat nu om zijn gedichten of korte verhalen gaat. “Ik ben een maatschappij betrokken schrijver. Wat ik waarneem verwerk ik tot gedichten en verhalen.” Hij is er trouwens bijna zeker van dat hij de twee jongens die onwetend eigenlijk een wezenlijke bijdrage leverden aan het boek eens tegenkomt. “Ze zullen zichzelf herkennen.”
De illustraties in het boek zijn van Winston van der Bok. Voor al Levens zijn uitgaven werken die twee samen. Hoewel de schrijver er prat op gaat dat de tekeningen eerst door hem worden uitgeschetst. Zaterdagmorgen signeert de schrijver zijn nieuwste uitgave in boekhandel Vaco en de woensdag daarop in Tori Oso. ‘Ik zal leren totdat ik moe ben’ zal zowel in Suriname als Nederland te verkrijgen zijn.
Luid, luider
Toen ik een uur daarvoor naar binnen ging
Huilde zij reeds, ik hoorde haar al bij de poort.
Zij hing net als nu rechts uit de rolstoel,
Die oude vrouw met een beperking.

Links van haar, ‘t is bij de uitgang van ‘t A.Z.,
Zit een begeleidster in ‘t wit die belt; luid:
“Die vrouw zit hier maar te huilen, ik denk,
dat ik een bus pak en haar hier achterlaat.”

De oude vrouw huilt nog luider,
ik hoor haar nu voorbij de poort.

AlphonsLevens,
17 oktober 2013.

[uit de Ware Tijd, 22/10/2013]

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter