blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Baarn-Dijksteel Elfriede

NAKS-kalender met rolmodellen

‘Grani fiti den bikasi den gi Sranan grani’

door Chandra van Binnendijk

De organisatie voor gemeenschapswerk NAKS heeft voor 2020 een kalender uitgebracht, de derde editie alweer van hun iconenkalender. Een bijzonder initiatief waarmee belangrijke landgenoten in de spotlight worden geplaatst. Twaalf prominente Surinamers worden er jaarlijks belicht.

read on…

Wilgo, Surinamer

door Sharda Ganga

Mijn hart is bezwaard, mijn gemoed vol. Wilgo Baarn is niet meer bij ons. Ik heb er geen woorden voor, dacht ik. Geen woorden? Als Wilgo me dat had horen zeggen, zou hij in een bulderlach zijn uitgebarsten. En kijk, hij zou gelijk hebben. read on…

NAKS Sranantongo Neti

Op 21 februari 2017 is de Internationale dag van de Moedertalen en op die dag organiseert NAKS een Sranantongo Neti. read on…

Totstandkoming Okomfo fu Kondre

Velen hebben zich geruime tijd ingezet om het besef voor het eigene niet te laten doodbloeden. Het streven hierbij is altijd geweest dat winti die plaats krijgt die het rechtmatig toekomt c.q. verdient en daarin heeft de organisatie NAKS met haar vele activiteiten een voorhoede rol gespeeld. Dat is nu al 67 jaren lang het geval. read on…

Elfriede Baarn-Dijksteel – Wan nyun dey

Gi mi wan nyun libi
nanga wan tra tanpe read on…

Boek Surinaamse vrouwen in de geschiedenis?

door Jerry Dewnarain
 
Al jaren verschijnt het Jaarboek voor vrouwengeschiedenis. Het zevende nummer, dat uitkwam in 1986 (bij uitgeverij SUN te Nijmegen) was (als eerste) gewijd aan vrouwen in de koloniën. Veel bijdragen gaan over vrouwen in de Oost, enkele over hen in de West. Wim Hoogbergen en Marjo de Theije geven een overzicht van ‘Surinaamse vrouwen in de slavernij’. Marjo Oomens praat over veelwijverij in de negentiende eeuw en Maria Lenders over misi Hartman, een zendelinge voor de EBG. Deze uitgave biedt een uitdaging om meer vrouwen in Suriname tebeschrijven. Deze uitdaging is nog maar beperkt opgepakt.
Voor het Caraïbisch Gebied is dat anders. De zeer productieve auteur Verene Shepherd (van de University of the West Indies, Jamaica) heeft een bundel voor de middelbare scholen gemaakt ter introductie van Women in Caribbean History, en wel van het gebied gekoloniseerd door Engeland (Kingston: Ian Randle Publishers, 1999). Dit was een project van de afdeling Sociale Geschiedenis van de universiteit, en ze heeft dan ook dankbaar gebruik gemaakt van een aantal researchassistenten. De hoofdstukken zouden we in Suriname zo over kunnen nemen: eerst de inheemsen, de planters, de tot slaaf gemaakten, de vrije zwarten en kleurlingen en vervolgens de andere immigranten. Met aan het einde van elk hoofdstuk – heel belangrijk – stof voor de studenten om verder te lezen en bronnen voor de docenten. Net als bij het Nederlandse boek, 1001 Vrouwen in de Nederlandse geschiedenis, zou voor de twintigste eeuw kunnen gelden dat alleen vrouwen die al overleden zijn worden besproken.
In de onderstaande lijst gaat het slechts om een druppel op de hete plaat. Het zijn vrouwen die niet meer in leven zijn. Er is een keuze gemaakt, dat wil zeggen dat deze lijst onvolledig is. Het gaat in dezen om vrouwen die een bijdrage hebben geleverd aan de opbouw van Suriname op elk gebied. Zij hoeven dus niet in Suriname te zijn geboren. De volgorde van de namen is niet alfabetisch en niet volgens een bepaalde periode.
Nola Hatterman, Na Desi!, 1952

 

Ma Pansa:stammoeder van vele Pansa’s in Balingsoela, Bendekonde en andere dorpen. Toen Ma Pansa in de slaventijd met haar man Adjako wegvluchtte van de plantage, verstopte zij rijstkorrels in haar dikke vlechten, zodat ze die kon planten als ze in het binnenland aankwam. Zij was de eerste die daarmee rijst introduceerde in Boven-Suriname.
Miep Dekker, 1922-2002: zendingsarts van het Zeister Zendingsgenootschap. Haar eerste standplaats was Kabel. Vanaf oktober 1960 werkte Miep Dekker in Botopasi. Vanaf maart 1962 tot haar pensionering in 1989 was ze werkzaam in Ladouani. Door de Binnenlandse Oorlog bleef Miep Dekker ruim twee jaar langer dan haar pensioengerechtigde leeftijd op haar post, omdat ze de mensen in het binnenland niet in de steek kon laten. Dat was typerend voor haar plichtsbesef en haar grote liefde voor Suriname.
Jaja Dande:een Saamaka gaanmuye (wijze vrouw), de moeder van granman Johannes Arabi, naar wie het ziekenhuis te Djumu is genoemd.
Mata Gauri: hindostaanse contractarbeidster die veel sociaal werk heeft verricht.
Tetary: hindostaanse contractarbeidster die in verzet kwam. Opvallend genoeg is het een moslimvrouw geweest die
meer dan enige leider het beste voorbeeld is geweest van de vasthoudendheid, opoffering en strijdbaarheid die de hindostanen hebben getoond in hun strijd tegen het kolonialisme.
Grace Schneiders-Howard, 1869-1968: politica en socialiste, was de eerste vrouw die gekozen werd in de Staten van Suriname in 1938.
Sophie Redmond, 1907-1955: eerste zwarte vrouwelijke dokter in Suriname en toneelschrijfster.
Elisabeth van der Woude, 1657-1698: schrijfster van reisverslagen en egoducumenten. Egodocumenten van Nederlandse vrouwen uit de 17de eeuw zijn nogal zeldzaam.
Maria Susanna du Plessis, 1739-1795: was een plantagehoudster in Suriname. Du Plessis stond bekend als een van de meest wrede plantagehoudsters in de Surinaamse geschiedenis.
Koningin Wilhelmina, 1880-1962: in het binnenland hangen er nog steeds foto’s van haar! En het standbeeld te Fort Zeelandia.
Coba Cobelens:directrice van drukkerij Eldorado. De drukkerij die nadrukkelijk haar stempel zou zetten op de jaren 1957-1975. Onder het strenge bewind van Coba Cobelens rolden daar vele zeer verzorgde uitgaven van de persen. Eldorado drukte Moetete, maar ook het werk van praktisch alle auteurs rond dit tijdschrift, alsook de boeken die vanaf 1969 uitkwamen bij het Bureau Volkslectuur.
Silvia Wilhelmina de Groot-Rosbergen, 1918-2009: was wetenschapper en Surinamist, gespecialiseerd in de geschiedenis van de Surinaamse marrons en zich bewegend op het grensvlak van geschiedenis, sociologie en antropologie.
Elfriede Baarn-Dijksteel
Nola Henderika Petronella Hatterman, 1899-1984: kunstenares. In 1953 vestigde zij zich als beeldend kunstenaar in Suriname. Na haar dood werd door oud-studenten het Nola Hatterman Instituut opgericht.
Johanna Isidoro Eugenia Schouten-Elsenhout, 1910-1992: was dichteres. Elsenhout debuteerde in 1962 in het tijdschrift Soelaen kwam daarna met twee poëziebundels in het Sranan: Tide ete (Vandaag nog, 1964) en Awese (Begeesterd, 1965).
Isabella Richards, onderwijzeres en parlementariër van 1963-’69.
 
Elfriede Baarn-Dijksteel, 1948-2010: heeft zich met hart en ziel ingezet voor cultuurbehoud van Afro-Surinamers en was jarenlang voorzitter van de culturele organisatie NAKS. Daarnaast vervulde zij een voortrekkersrol op het gebied van gender en ontwikkeling.
Wilhelmina Angelica Adriana Merian Rijburg alias Maxi Linder, 1902-1981: was een Surinaamser prostituee die tot ver over de grenzen van Suriname bekend is, doordat er in 1999 een roman van Clark Accord verscheen over het leven van deze vrouw.
Carmelita Fereira, 1955-2013: was heel sociaal voelend en heeft zich ingezet voor de belangen van sociaal zwakkeren. Ferreira was hoofdbestuurslid van de Nationale Partij Suriname (NPS) en is tien jaar lang volksvertegenwoordiger geweest in de periode 2000-2005 en van 2005-2010.
Betsy Ramkaly Gonesh (Zuster Gonesh), 1908- ?: begon op haar twintigste de speciale opleiding voor vroedvrouwen, die speciaal opgezet was voor vroedvrouwen die in de landelijke districten te werk zouden worden gesteld. Ze staat te boek als de eerste hindostaanse vroedvrouw in Suriname.
Het is duidelijk, dat vrouwen in het verleden een kleine rol speelden in overgeleverde geschriften. In het leven vol strijd en moeilijkheden zullen ze zeker belangrijk geweest zijn. Maar als heldinnen de geschiedenis ingegaan? Zoals Boni en andere helden? Wel is de moeder van Boni natuurlijk een belangrijke figuur, die, zwanger van haar meester, vluchtte en beviel van haar zoon in een marrondorp. Ze is vastgelegd in het toneelstuk van Bruma. Deze lijst geeft voorbeelden van vrouwen die besproken zouden kunnen worden in een Surinaams alternatief van het Nederlandse vrouwenboek. 1001 zullen wij niet halen!

Hoofd- en schouderdoek vernoemd naar Elfriede Baarn

Het is inmiddels bijna twee en een half jaar geleden dat Surinames grote ‘Kulturu mama’, toen ook voorzitter van NAKS, Elfriede Baarn-Dijksteel, het tijdelijke voor het eeuwige verwisselde. Op 1 februari 2010 toen zij heenging, had zij zoals ze dat zelf in de dagen daarvoor aan familie en vrienden gezegd had, haar taak op aarde volbracht. Elfriede Baarn-Dijksteel is er niet meer, maar haar boodschap, haar inzet en waardering voor cultuur, in het bijzonder de Afro-Surinaamse cultuur die zij zo intens beleefde en uitdroeg, leeft voort. Vijf maanden na haar overlijden verscheen haar gedichtenbundel Son ten na mi op de schappen van de boekhandels en precies één jaar na haar overlijden werd ook de gelijknamige documentaire over de nalatenschap van Elfriede Baarn op DVD uitgegeven. De documentaire staat ook op Youtube. Het gedachtegoed van Elfriede was zoals ze dat op haar sterfbed gewenst had, hiermee vastgelegd.

Mamiopatroon
Maar voor de familie is daarmee haar taak niet volbracht. “Ik wil invulling geven aan haar droom dat cultuur levend blijft, dat mensen zich erin herkennen en zich er zelfverzekerder door voelen”, vertelt dochter Jennifer. Op 1 juli zal de familie tijdens de traditionele Keti Koti Tak’ tangi van NAKS in het Fort Zeelandia, een hoofddoek en een schouderdoek lanceren die vorig jaar speciaal in nagedachtenis van Elfriede Baarn ontworpen zijn. De ‘Mis’ Elfriede’-hoofddoek en de ‘Nengre Oso Bangi’-schouderdoek, die een mamio-patroon hebben, werden toen bij de onthulling van haar grafmonument als persoonlijk aandenken geschonken aan naaste familieleden. De hoofddoek zowel als de schouderdoek voor de familieleden werd gemaakt van lapjes uit de persoonlijke voorraad van Elfriede Baarn. Maridy Wiegel die altijd kind aan huis is geweest bij de familie Baarn, stikte de mamio’s met veel zorg in elkaar.

Familieleden en vrienden van Elfriede Baarn-Dijksteel dragen de speciaal ontworpen
hoofddoek en schouderdoek. Foto © Harvey Lisse

Geïnspireerd door odo’s
De odo van Elfriede, die op haar grafmonument staat, is ook de odo die het ontwerp van de ‘Mis’ Elfriede’-hoofddoek heeft geïnspireerd: ‘Mi Mis’ Elfriede na leki frudu, mi e go, mi e kon, noti no e kibri gi mi’. De odo geeft op een prachtige manier de rol van een bigisma weer, zoals Friede die ook heeft uitgedragen. Aanwezig, maar vaak ook op de achtergrond, observerend, maar ook sturend. Daarnaast is de verwijzing naar water een krachtige symboliek van de Cotticaliba en Saramaccaliba, de rivieren waaraan de plantages van haar moeders- en vaderszijde liggen. Voor het ontwerp van de angisa, werd de hulp ingeroepen van de bekende koto- en angisaontwerpster Georgine Breeveld. Geïnspireerd door de odo van Elfriede, creëerde zij een elegante angisa waarin de bindwijze duidelijk verwijst naar de golven van het water bij het komen en gaan van het getij. De ‘Nengre Oso Bangi’ schouderdoek, de creatie van Maridy Wiegel, werd ook gebaseerd op een favoriete odo van Elfriede: ‘No sidon na bakra sturu fu seri yu nengre oso bangi’. Deze odo geeft aan dat we trots moeten zijn op onze eigen cultuur en haar niet moeten neerhalen om bij anderen in de gunst te komen. Meerdere personen en organisaties, waaronder de Directeur van Cultuur Stanley Sidoel, de huidige voorzitter van NAKS Siegmien Staphorst en Christine van Russel-Henar van het Koto Museum ondersteunen dit initiatief van de familie Baarn. De ‘Mis’ Elfriede’-hoofddoek zal worden opgenomen in de Tai angisa-cursus van NAKS terwijl een exemplaar van de hoofddoek en de schouderdoek in de collectie van het Koto Museum worden opgenomen.

[uit Dagblad Suriname, 2-07-2012]

Son ten na mi

Son ten na mi heet de DVD en de dichtbundel van Elfriede Josefiene Marie Baarn-Dijksteel. Met deze beeld- en woorddragers is het erfgoed van Elfriede Baarn-Dijksteel in zang, dans en voordracht vastgelegd. Het was Elfriede’s innige wens dat de Surinamers hun cultureel erfgoed omarmen en het gebruiken als middel om zelfvertrouwen en zelfstandigheid te creëren..

Elfriede Baarn-Dijksteel was schrijfster van gedichten, theaterstukken, organisator van Kotoshows en regisseur. Ze is decennialang actief geweest in het Surinaamse onderwijs, vervulde bestuursfuncties in verschillende maatschappelijke organisaties en beleidsfuncties bij de Surinaamse overheid. Ze was het meest bekend als voorzitter van de culturele organisatie NAKS. Op voordracht van diverse culturele en sociaal-maatschappelijke groepen werd Elfriede Baarn-Dijksteel in 1996 door de President van de Republiek Suriname gedecoreerd tot Ridder in de Ere-Orde van de Gouden Palm. In 2007 verkreeg zij de titel Grootmeester in de Ere-Orde van de Gele Ster.

Rond haar overlijden is onderstaand filmfragment verschenen over haar erfgoed. In dit fragment, geproduceerd door Dave Edhard van Fawaka Creations, vertellen verschillende mensen over het werk en de persoon Elfriede Baarn-Dijksteel:

Grote belangstelling filmportret Elfriede Baarn-Dijksteel

Kelita Gallant doet de voorzang van het lied Mama Aisa
Clifton Braam, PR-coördinator van NAKS was zeer ingenomen met de launch van de DVD op 1 februari jongstleden, omdat een belofte die gedaan is aan Mw. Elfriede Baarn-Dijksteel is waar gemaakt. “Met het uitbrengen van deze DVD hebben wij op hoog niveau een deel van onze kulturu gearchiveerd voor het nageslacht. De reacties zijn geweldig!. Iedereen is onder de indruk van een kort, maar krachtig gepresenteerd portret van Elfriede-Baarn Dijksteel”. De kundigheid waarop dit portret in elkaar is gezet door filmmaker Dave Edhard is ongekend en vernieuwend.

Een reactie van Mw. Ismene Krisnadath van de schrijversgroep 77 na de launch: ‘Dat wij in staat zijn dit te doen met onze gedichten, ik word er emotioneel van, dit is top, dit moet men zien, dat wij dit kunnen doen met onze kunst.’ Enkele clips uit de DVD zijn gedeeld met lokale televisie stations om te vertonen. “Bij documentatie anno 2011 hoort ook het gebruik
van nieuwe media via het internet, zoals facebook en youtube. Dit stelt ons niet alleen in staat om meer jongeren te bereiken, maar ook om de Surinaamse cultuur te promoten aan een internationaal publiek”, aldus Jennifer Baarn.

Op 9 februari gingen de youtube video channel Memre Elfriede en de gelijknamige facebook pagina “live”. Op deze pagina’s zijn enkele fragmenten uit de dvd te zien namelijk, son ten na mi (Gerrit Barron) en de clip van Naks Makeda. De pagina’s zijn goed gedocumenteerd
en bevatten tevens Engelstalige beschrijvingen. De populariteit is na twee weken enorm. De NAKS Makeda clip is al 1,500 keer bekeken, de facebook pagina heeft reeds 615 fans. De meeste bezoekers zijn vooralsnog afkomstig uit Suriname en het Caraibische gebied, maar ongetwijfeld wordt dit ook populair onder Surinamers in de Verenigde Staten en Europa. Een lokaal Amerikaans TV station heeft reeds toestemming om de fragmenten te vertonen op de televisie. Maritha Kitaman en Jennifer Baarn beheren de pagina’s nu namens NAKS.

Natasha Strok beeldt Mama Aisa uit in de videoclip

Op youtube kan je de clips vinden door te zoeken onder “Elfriede Baarn”. Op facebook kan je de pagina vinden door te zoeken onder “Memre Elfriede”. De dvd is op het NAKS
secretariaat in Paramaribo te koop voor 50 SRD.

[overgenomen uit Naks Tori nr. 2, februari 2011]

Filmportret Elfriede Baarn impuls voor aanpak dichtkunst

door Claudine Saaki

Paramaribo – Gisteren was het precies een jaar geleden dat Naks’ Elfriede Baarn-Dijksteel heenging. De organisatie voor Afrikaans-Surinaamse cultuur probeert op verschillende manieren de nalatenschap van de dichteres, schrijfster, regisseur en theatermaker te beschermen en te waarderen, omdat zij tot nu toe nog een culturele inspiratie bron is voor velen.
Zo werd vorig jaar aan de hand van haar gedichtenbundel het theaterstuk Son ten na mi gepresenteerd. De organisatie lanceerde gisteren in haar minitheater het filmportret Son ten na mi, over het leven en het werk van Elfriede Baarn. Dit begon met een cultureel zangoptreden van enkele Naks-leden. “Stop jouw eigen cultuur niet weg en wees niet bang om een Afro-Surinamer te zijn.” Die woorden, die ‘Friede’ vaker zei, drukte Naks-voorzitter Siegmien Staphorst, de aanwezigen nog eens op het hart.

Het sterke karakter van Elfriede Baarn komt duidelijk naar voren in het filmportret. Haar krachtige gedichten en odo’s werden door middel van zang en dans op een zeer creatieve wijze door Naks-leden tot uiting gebracht. Al vanaf het begin van het filmportret, wanneer de warme stem van de schrijver Gerrit Barron te horen is, wordt geleidelijk de aandacht van aanwezigen getrokken. Je kon een speld horen vallen. Na het filmportret kwamen de reacties.

Volgens Ismene Krishnadath, voorzitter van de Schrijversgroep ‘77, moet verplicht gesteld worden dat mensen die zich bezighouden met de dichtkunst, poëzie op dezelfde krachtige wijze naar voren brengen als in het filmportret. Dave Edhard, directeur van Fa Waka Creations, die voor de totstandkoming van de dvd heeft gezorgd, is het eens met Krishnadath.

Ook hij ziet graag dat de dichtkunst serieuzer en sterker moet worden aangepakt. De Naks-voorzitter onderstreepte deze belangrijke opmerkingen en zei er werk van te maken. De organisatie is trots dat zij Elfriede Baarn als voorbeeld heeft. De eerste dvd werd overhandigd aan de familie Baarn, in de persoon van Wilgo Baarn.

Na het overlijden van Elfriede Baarn-Dijksteel, is haar familie als een ondersteunende tak voor de organisatie Naks. Ook Stanley Dijksteel, Stanley Sidoel, Ismene Krishnadath en Gerrit Barron ontvingen een exemplaar.

Gisteren werd het twintig minuten durend filmportret van Elfriede Baarn via Apintie Televisie vertoond. De film zal ook op YouTube verschijnen.

[uit de Ware Tijd, 02/02/2011]

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter