blog | werkgroep caraïbische letteren
1
 

Rossano ‘Jim’ Westfa: ‘Geen leven zonder muziek’

door Stuart Rahan

Paramaribo – Dertig jaar geleden won hij de SRS talentenjacht als zanger. Nu is een leven zonder gitaar ondenkbaar. Twee talenten die zich verenigen in de persoon van Rossano ‘Jim’ Westfa, bij wie het gitaarspel het van zijn zangtalent heeft gewonnen. Een enkele keer zingt hij nog. Met Sondro Yu, een nummer geschreven door Harold Gessel voor een van de eerste edities van Suripop, werd hij derde. De andere keren dat hij zingt zijn in het achtergrondkoor bij verschillende muzikale bezettingen.

Jim Westfa heeft weinig echte muzikale hoogtepunten, maar zijn bijna onopvallende gitaarspel heeft hem tot een van de grotere Surinaamse gitaristen gemaakt. Hij is een begrip geworden, hetgeen hem veel respect en waardering heeft opgeleverd onder zijn muziekvrienden. “Ik zal niet zeggen dat ik tot de top van de Surinaamse muziekscene behoor, maar ik heb nu een soort voortrekkersrol”, reageert Westfa bescheiden. Het is volgens hem een proces geweest van jaren. De autodidact heeft zich de muzikale basis als het lezen van noten eigen gemaakt en geeft nu zelfs les. “Nu help ik mensen, opdat zij niet zelf het spel hoeven te ontdekken. Het bespaart tijd.”

Rossano ‘Jim’ Westfa zittend op een gitaarcase in zijn woning. En zoals het een rasechte artiest betaamt gitaren in de woonkamer en zijn onafscheidelijke sigaret. Foto: dWT

Toeti Schenkers
Als je de muziekportfolio van Jim Westfa bekijkt dan zijn er niet veel grote namen met wie hij gespeeld heeft of bijzondere in het oog springende optredens. Toch prijken Denise Jannah, Birgit Lewis en Boris op zijn lijstje van artiesten met wie hij de laatste jaren het podium heeft gedeeld. Ondanks deze karige score voelt hij zich niet gepasseerd. Op muzikaal gebied heeft de man niets te klagen. Hij leeft van en voor de muziek, wat weinig van zijn vakgenoten kunnen zeggen. Jim Westfa is een rasartiest. Voor een beperkte samenleving als Suriname leeft hij wel degelijk van de muziek. Hij heeft nooit een andere baan gehad, ook niet toen hij net van school was. Reeds op jonge leeftijd wist Westfa precies welk vak hij voor de rest van zijn leven wilde uitoefenen: muziekmaken. Toen had hij gitarist Toeti Schenkers als idool en voorbeeldfiguur. Geen grote buitenlandse namen als George Benson, Lee Ritenour of Earl Klugh als idool wier muziek hij heel hoog heeft zitten. Allemaal wereldklassegitaristen waarvan Westfa aangeeft dat als de gelegenheid zich voordoet hij hun shows maar al te graag zou bezoeken. En Stevie Wonder is de wereldartiest met wie hij graag samen op het podium muziek zou willen maken. “De man is zo creatief, hij ademt muziek, een muzikaal genie”, praat Westfa vol trots.

Torarica Houseband
Voor iemand die zo goed als zijn hele leven op het podium staat, hij bij wijze van spreken ook in het harnas zou willen sterven, blijkt de man van nature toch behoorlijk verlegen. “Op het podium voel ik mij relaxed; geen zenuwen.” De enige keer dat Westfa zich onzeker voelde, was kort na zijn ontslag bij de Torarica Houseband. Na acht jaren stond de hele band in een keer op straat. Het is een periode die hem nog steeds heel erg zwaar op de maag ligt. Toen maakte hij samen met Marcel Balsemhof, Guillaume Bracelli, Frank Davis, Kenneth Hawker en Iwan van Hetten muziek. “Mijn zoontje was toen twee maanden oud. Ik moest van alles aanpakken.” Hij heeft ook een tijdje meegespeeld in de begeleidingsband van de toen opkomende cabaretier Jörgen Raymann. Daarnaast werden het bazuinkoor en kasekobandjes met mannen als Chelius en Arduin. “Ik ben ze erg dankbaar voor de tijdelijke opvang. Het was voor mij geen degradatie maar wel een behoorlijk onzekere periode.” Gelukkig duurde deze onzekere periode niet al te lang. Met Marcel Balsemhof werd toen de groep Time Out geformeerd.
Het ergste van het ontslag was dat directeur Frank Robles van Torarica, met wie er dagelijks amicaal contact was, tijdens de rechtszaak aangaf de bandleden niet te kennen. “We leefden zowat in Torarica. Zelfs in onze vrije tijd kwamen wij over de vloer”, irriteert Westfa zich aan Robles’ ontkennend gedrag. De bandleden hadden een voltijds contract met het hotel wat ook inhield dat er buiten de houseband om niet met anderen gemusiceerd mocht worden. Of de bandleden nou ziek, zwak of misselijk waren, zij hoorden op overeengekomen tijdstippen strikt aanwezig te zijn. “The show must go on”, bestempelt Westfa de periode van toen, waarbij het populaire Suripop ook taboe was. “We mochten niet eens tijdelijk meedoen met het grootste componistenfestival van Suriname. En dat gaat wel aan je vreten.”

Muziek filteren
Na ruim dertig jaar professioneel muziekmaken, komt Jim Westfa tot de ontdekking dat hij zich tot nu toe als de welbekende ‘temreman’ heeft gedragen. “Ik heb weinig van mezelf vastgelegd. Ik heb op bijna honderdtwintig nummers van Suripop meegespeeld en bijdragen geleverd aan talloze studio-opnamen. Ik ben die bekende ‘temreman di oso n’a bangi’. Ik heb voor velen gewerkt maar weinig voor mezelf”, bekent hij eerlijk. De tijd is aangebroken om te werken aan eigen professioneel goede en sterke opnamen. Westfa legt er de nadruk op, want wat er in zijn oren op de radio en televisie wordt afgespeeld, heeft niet altijd het predicaat van goed. “Er moet meer gefilterd worden, het kaf moet van het koren gescheiden worden want dit zit me best wel dwars”, besluit de gitarist zijn muzikaal betoog. De naam Jim is er in zijn kinderjaren ingeslopen. Nu draagt zijn zoon officieel deze naam.

[uit de Ware Tijd, 28/12/2011]

1 comment to “Rossano ‘Jim’ Westfa: ‘Geen leven zonder muziek’”

  • Deze Jim R Westfa is een echte pokumang. Hij heeft mij eigenlijk met zijn stem aangetrokken zoveel jaren geleden. Een surinaamse muziekant die door zijn bescheidenheid ondanks zijn kwaliteiten, in de surinaamse muziek- en kunstwereld ondergewaardeerd is.
    Ma Jim, i sab toch, soso lobi

    Rae-S

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter