blog | werkgroep caraïbische letteren

Nederland blijft verantwoordelijk voor misdaad tegen menselijkheid

 
Bij lancering donatiecampagne slavernijmonument

door Stuart Rahan
De start van de donatiecampagne in Nederland voor het slavernijmonument in Suriname is net geweest. “Wij spreken onze Nederlandse regering aan op haar historische verantwoordelijkheid”, vindt Biekman, voorzitter van het Landelijk Platform Slavernijverleden in Nederland.
“Ik zou het toejuichen als meneer Bottse met de organisaties in Suriname in het reine te komen”, roept Biekman op, die hoopt dat het spreekwoord dat in het huis van de timmerman de banken kraken niet bij toepassing op hem is.
Voor Winston Wirht (r) is de komst van het monument voor het slavernijverleden een ‘yeye tori’ die hem in een droom werd opgedragen. Barryl Biekman (l) was de gelukkige koper van het eerste geveilde aurum.
Geen uitsluiting
Het Broki-collectief spreekt zijn ernstige afkeuring uit over de intentie die er bestaat in de samenleving om aan de Nederlandse regering een bijdrage te vragen voor de vervaardiging van het monument. Tegen Starnieuws zegt Bottse ook niet te willen dat de Surinaamse regering geld steekt in het slavernijproject. Onbegrijpelijk, vindt Biekman. “In feite zegt Bottse dat er geen geld moet komen voor het reconstrueren van het geschiedenisonderwijs, er geen nieuwe geschiedenisboeken moeten komen en dat het onderwijscurriculum niet aangepast moet worden. In de kern van zijn verhaal mag de dader vrijuit gaan”, stoort Biekman zich aan de kortzichtigheid van Bottse. “In dit kader benaderen wij iedereen. Als hij geen geld wil dan moet hij het monument zelf financieren. Toch weet Biekman enige waardering op te brengen voor het feit dat Bottse voor het monument is dat door kunstenaar Erwin de Vries is gemaakt. “Wij volgen de route van Winston Wirht (voorzitter van de stichting Green Heart Foundation International en initiatiefnemer, red.). Die sluit niemand uit. Als de Surinaamse overheid vindt dat elke Surinamer een aurum moet hebben, dan juich ik dat toe. En als een gemeente hier in Nederland voor de gemeenteambtenaren een aurum wil, dan zeg ik geen nee. We kunnen later zeggen dat dit monument tot stand is gekomen door schuldbekentenis van de nazaten van de daders vanwege hun goede wil dat er iets moet gebeuren.”
Wirht daarentegen is iets milder in zijn reactie naar Rudi Bottse toe. “Dat is de aanpak van de goeie man. Ik sluit niemand uit. Ik sluit geen enkele instantie of persoon uit. Als er een donatie komt van het Rijk, voilà. Het maakt mij niet uit. We staan er open voor en dat hebben wij ook meegedeeld aan Nederlandse ambassade in Suriname. Zij hebben additionele informatie opgevraagd. Wij hebben die opgestuurd en wachten af.”
Half miljoen aurums
Er is een minimaal bedrag van 400.000 US dollar nodig voor het monument en een nader bedrag voor de inrichting van het William Kraanplein, waar het monument moet komen te staan. Voor iedere donatie krijgt de gever een gouden gedenkaurum van 0,05 gram met een afbeelding van het monument erop en een exclusieve tekst bedacht door de donateur. Als het aan Wirht ligt, moet iedere Surinamer zo’n aurum hebben. Voor hem is het een financieel onderpand dat in tijden van nood kan worden ingewisseld. Hij wil er een half miljoen van laten maken waarvan de eerste tweehonderd aan president Bouterse overhandigd zullen worden met de vraag: “What’s your motion?” Consul-generaal in Amsterdam, Roy Lieuw A Sie, heeft voor zijn tweeëntwintig personeelsleden elk een aurum gekocht. Zijn droombeeld is dat het aurum als relatiegeschenk aan bezoekende diplomaten en politici aan Suriname aangeboden wordt. Er zijn plannen om landen als India met ruim één miljard inwoners te interesseren voor zijn aurum. “Indiërs houden van goud en als vijftien miljoen mensen belangstelling tonen, ben ik al tevreden.” Het is de bedoeling dat het monument op 25 november dit jaar wordt onthuld. Wirht denkt dat naast de kosten voor het monument en de inrichting van het plein er ook een groot feest moet worden gehouden, zoals hij zich de Bigi Spikri kan herinneren toen Suriname honderd jaar afschaffing slavernij vierde in 1963. Daarnaast moet er een basis worden gecreëerd voor verdere sociale en culturele emancipatie van de doelgroep.
Het ontwerp van het slavernijmonument door Erwin de Vries
Yeye tori
“Ik heb die calling gehad in mijn droom. Ik kan er niets anders aan doen dan daaraan gehoor te geven. I have to do it,” luidt de verklaring van Wirht. Het is niet de eerste keer dat er stemmen opgaan voor de oprichting van een monument ter nagedachtenis van het slavernijverleden. Verschillende bronnen gaan zelfs terug naar 1913. In 1953 en 1963 is in de archieven van Vereniging Ons Suriname informatie opgedoken waarin de plannen er ook waren. Door onduidelijke redenen zijn die plannen toen niet uitgevoerd. Zoals het er nu naar uitziet, zal na honderdvijftig jaar afschaffing slavernij het monument er wel komen. Helaas zal de onthulling niet op 1 juli 2013 plaatsvinden en of de streefdatum van 25 november dit jaar, de dag van de staatkundige onafhankelijkheid van Suriname gehaald wordt, is nog maar de vraag. Dat het er komt, is een ding wat zeker is. Tenminste, als het aan Wirht ligt. Voor hem is het een zoals hij het noemt ‘yeye tori’, die hem genoodzaakt heeft dit tot zijn levenstaak te maken.-.
Een aurum of goudcertificaat dat elke donateur krijgt voor zijn bijdrage aan het monument voor het slavernijverleden in Suriname. Voor SRD50, USD15 of 15 euro kan iedereen in aanmerking komen voor zo’n aurum.
[uit de Ware Tijd, 27/04/2013]

1 Trackback/Ping

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter