Musea, geef die koloniale kunst terug
Kunstschatten in westerse musea zijn vaak door roof verworven. Ze horen thuis in de ‘bronlanden’, zegt Jos van Beurden, ook al hebben de musea zo hun bedenkingen tegen teruggave. Rechtsfilosoof Jos van Beurden (1946) promoveerde eind 2016 op een studie naar kunstschatten met een dubieuze herkomst in Europese musea. Hij pleit voor teruggave aan bijvoorbeeld oud-koloniën.

door Henny de Lange
De wandelstok van raadspensionaris Johan van Oldenbarnevelt. Stel je eens voor dat die niet in het Rijksmuseum in Amsterdam zou liggen. Maar dat het beroemde ‘stokske’ waarop hij steunde toen hij op 13 mei 1619 het schavot beklom, ooit was meegenomen naar het buitenland. En dat het daar nu nog steeds in een museum zou liggen, dat het niet wil teruggeven aan Nederland.
Onbestaanbaar toch, zegt onderzoeker Jos van Beurden. “Zo’n stuk uit ons cultureel erfgoed hoort hier.” Het omgekeerde is wel geaccepteerd. In Nederlandse musea bevinden zich duizenden culturele objecten die op vaak dubieuze wijze uit de voormalige koloniën zijn gehaald. Verzoeken om teruggave door de landen van herkomst zijn zelden gehonoreerd; toezeggingen niet nagekomen, ontdekte Van Beurden. Hij schreef er een boek over. Daarin pleit hij ervoor dat bezitters van betwiste koloniale objecten een voorbeeld nemen aan de manier waarop met nazi-roofkunst is omgegaan.
Lees het interview met Jos van Beurden in Trouw, 28 mei 2017.
Lees hier over het recente advies van de Raad voor de Kunst.