blog | werkgroep caraïbische letteren

Moedig, weerbarstig, liefdevol: Els Moor is heengegaan

door Michiel van Kempen

Vanochtend vroeg kwart over 7 op weg naar mijn werk voel ik een ijskoude windvlaag langs mijn hoofd gaan. Ach, denk ik, pet vergeten. Pas uren later na een app-berichtje uit Suriname realiseer ik me dat het de yorkafowru, de doodsboodschapsvogel moet zijn geweest die ’s ochtends langs mijn hoofd was gescheerd, op het moment dat 8000 kilometer verderop, in Paramaribo, Els Moor in haar slaap weggleed.

Els Moor

Els Moor

Als de nooit versagende motor van de wekelijks verschijnende Literaire Pagina van het dagblad De Ware Tijd – zelfs vanaf haar ziekbed bleef zij lezen, taken uitdelen, telefoontjes beantwoorden en stukken schrijven – mag zij met palmtakken worden uitgewuifd, maar zij heeft zo ontzaglijk veel méér voor Suriname en de Surinamers gedaan. Ik had dit stuk al weken geleden willen schrijven, indachtig haar uitspraak: “Een herdenkingsstuk: wat heb je eraan als je zelf dood bent?”, maar ik had de moed niet. Nu dan maar, enigszins laf misschien, zo na haar overlijden.
Els Moor werd geboren in Heemstede op 17 mei 1937 en volgde het gymnasium in Hilversum in de klas van de latere legendarische Arbeiderspers-redacteur Martin Ros (die zij overigens maar ‘een misselijke pestkop’ vond). Zij studeerde Nederlands in Amsterdam bij allerlei wetenschappers die zij later als gastdocenten in Paramaribo terug zou zien. Suriname kwam voor haar pas goed in beeld, toen zij deel uitmaakte van het eerste lerarenteam van de Open Scholengemeenschap Bijlmer in Amsterdam-Zuidoost, de prachtwijk waar duizenden Surinamers vóór en na de onafhankelijkheid neerstreken. Met passie kon zij vertellen over die periode van haar leven, toen zij kennismaakte met wat een van haar stokpaardjes zou worden: het kindvriendelijk onderwijs. Zij was gehuwd met toneelregisseur Guus Rekers, de man die met de Actie Tomaat opschudding bracht in het Nederlandse theaterleven. Hij was wat toen een “linkse rakker” heette en over zijn affaires met vrouwen kon Els smakelijk vertellen. Dat hij vond dat één van die dametjes ook maar permanent bij hen moest intrekken, vond Els minder amusant dan de Actie Tomaat en zij gaf hem begrijpelijkerwijs de bons. Zij scheidden, zij trok in 1977 naar Suriname, en hij naar nieuwe einders in nog vier huwelijken; hun betrekkingen bleven warm. Vanaf dat moment leefde Els in termen van “dat doen wij in Suriname zo” en wie het waagde op te merken dat zij er zich toch ook niet aan kon onttrekken dat haar opvattingen deels die van een witte bakra waren, kon de wind van voren krijgen, windkracht 10.

 

Lees je wijs

De trots van Els Moor: leesplezier voor het Surinaamse kind

In Suriname stortte Els zich op de vernieuwing van het onderwijs aan de Kweekschool en het Instituut voor de Opleiding van Leraren en vooral op de vernieuwing van het literatuuronderwijs. Altijd bleef zij zich met hart en ziel inzetten voor het belang van het kind, aanvankelijk door het overbrengen van haar didactische principes op generaties studenten, later door haar tomeloze inzet voor de Kinderboekenfestivals. Na haar pensionering wijdde zij zich geheel aan de letteren.

Fa y'e tron

Surinaams literatuuronderwijs

 

In 1992 had zij de hoofdredactie van De Ware Tijd Literair op zich genomen en zij maakte van die pagina een constante factor in het literaire leven, met bijna evenveel aandacht voor kinder- en jeugdliteratuur, als voor nationale en internationale boeken voor volwassen lezers. In haar oordelen had zij maar één maatstaf: wat heeft dit land Suriname aan dit boek, en hebben jonge lezers er profijt van? Ze vergat dan maar even dat een krant niet enkel voor studenten gemaakt wordt. Intussen leidde zij de pagina met strakke hand en wist een onafhankelijke status voor de pagina te bedingen binnen het dagblad De Ware Tijd. Zij verzamelde een kleine kring van medewerkers om zich heen, mensen van wie zij op aan kon, en die zij als het even kon kneedde naar…. nou ja, niet haar beeld en gelijkenis, maar toch naar haar visie op een land in ontwikkeling als Suriname. Constanten daarin waren dat het kind centraal moest staan en dat het land onder de militaire knoet naar de knoppen ging (ik kende haar van de jaren ’80 toen we pamfletten schreven ten huize van mensenrechtenactivist Stanley Rensch, later was zij actief bij de Organisatie voor Gerechtigheid & Vrede). Zakkenvullerij en materialisme vierden hoogtij, riep zij met regelmaat: “Die klootzakken, brrr!” Het was wel plezierig om het in die opvattingen met haar eens te zijn. In haar gedrevenheid miskende ze wel eens dat aankomende scribenten die heus wel voor De Ware Tijd Literair wilden schrijven, bezig waren hun leven op te bouwen en ook moesten kijken naar wat hun werk aan inkomsten opleverde.

 

Els Moor (1)

Jerry Dewnarain, door Els gecoachte medewerker van DWTL, en Els op de achtergrond bij een lezing aan het IOL in 2014

Els gaf zelf niets om geld en deelde uit waar het kon. Zij stelde haar hele huis ter beschikking aan anderen, op het erf konden groepen kinderen komen feestvieren en onder de neutenwoning verbleven vrienden en ook stagiaires uit Nederland – althans tot een auto met drugscriminelen het huis beschoot en Els in razernij over een stagiaire uitbarstte: “Die meid ligt te naaien met die columnist, dan zitten ze wiet te roken – ik ruik het hier op mijn balkon – en dan komen ze ook nog mijn huis beschieten. Ik heb het helemaal gehad met dat soort wijven!”

Els was niet altijd een even gemakkelijke persoon. Een oud provo-trekje was om lak te hebben aan sociale conventies – en dat is een trekje dat het niet altijd eenvoudig maakt om je in de Surinaamse samenleving te bewegen. Met vleierij moest je bij haar al helemaal niet komen aanzetten, maar zelfs een eenvoudige beleefdheidsgroet, kon ze soms met een grauw beantwoorden. Ze had een legendarische hekel aan alles wat uiterlijk vertoon was en moest zichzelf geweld aandoen om voor een receptie van een minister of op een ambassade een jurk onder het strijkijzer te leggen. Eerbewijzen en lintjes: ze moest er niets van hebben, en ze hoefde na haar dood ook niet herdacht te worden, want ‘dat is allemaal maar ijdelheid’.

Intussen was ze wel even legendarisch geworden in de onbaatzuchtige wijze waarop ze tientallen schrijvers hielp hun manuscripten te redigeren en hun boeken uit te geven. Ze schreef ook zelf: haiku’s, korte verhalen, toneelteksten voor haar geliefde heilcentrum voor gehandicapte kinderen Matoekoe. Voor een vrouw met de belezenheid en intellectuele denkkracht van Els Moor vertoonden die teksten soms een verrassende naïviteit, indachtig haar credo dat het Surinaamse lezerspubliek nog niet zo’n hoog niveau had en meer gebaat was bij een eenvoudige schrijfstijl.

 

Moor Ik draag mijn tas op mijn rug

Een boekje waarin Els Moor haar ervaringen in het Trio dorp Kwamalasumutu vastlegde

Na 2000 legde Els zich toe op het onderwijzen van het Nederlands aan inheemse kinderen van het Trio dorp Kwamalasumutu. Om de paar weken vloog ze naar het diepe Surinaamse zuiden. In haar idee brachten de leerkrachten van wie zij deel uitmaakte nu eindelijk eens wat generaties stadsmensen vóór hen nooit gebracht hadden: op de maat van de bevolking afgestemd onderwijs met respect voor de inheemse cultuur. De Granman knikte “ja”, zoals hij dat ook al generaties lang had gedaan, en na enkele jaren kon een groep kinderen naar Paramaribo worden gevlogen om examen af te leggen. Niet één slaagde er, tot verbijstering van Els.

De laatste levensfase van Els was soms erg moeilijk. Met lede ogen zag ze dat Suriname niet de ontwikkeling doormaakte die zij ervan gehoopt had. Ze doorstond een overval, ontvoering en aanranding met een onwaarschijnlijke moed en koelbloedigheid. Had zij die niet gehad, dan had ik dit In Memoriam al jaren geleden moeten schrijven. En tenslotte zag zij vanaf vorig jaar dat ook de lichamelijke aftakeling niet meer te stuiten was; ook dat doorstond ze zonder angsten.

Els Moor is nu in haar slaap heengegaan. Laat ik haar eenvoudig herdenken: petje af voor de buitengewone wijze waarop zij zich voor de Surinamers heeft ingezet; de wereld is weer wat kouder geworden.

10 comments to “Moedig, weerbarstig, liefdevol: Els Moor is heengegaan”

  • Een mooie adyosi Michiel, voor sisa Els Moor.
    Els zette zich met haar niet aflatende strijd voor de literatuur en mensenrechten, tegen de straffeloosheid in het kleine Suriname, in voor de menselijke waarheid.
    Ik denk met dankbaarheid en nederigheid terug aan de vele aanmoedigende emails, waarin zij feedback gaf op mijn stukjes.
    Els leeft voort in onze herinnering.

    Theo Para
    9 maart 2016

  • Een herkenbaar portret zet je daar van haar neer, Michiel. Dankjewel.
    Ja; dat zij met palmtakken mag worden uitgewuifd!

    Els schreef zelf ook kinderversjes voor de peuters van haar peuterklasje, in de eerste jaren dat ze in Suriname was. Dit versje schreef ze special voor een van ‘haar’ kinderen:

    Het Geitje van Orpheo
    Danst vrolijk van plezier
    Hij zwaait met zijn staartje
    En rent met een vaartje
    Oh, wat een prachtig dier! (Els Moor)

  • Salonijs
    Ik ben mijnheer Salonijs.
    Mag ik mij aan u voorstellen?
    Kijk, ik ben mijnheer Salon-ijs,
    kinderen vreten aan m’n hart.
    Dat maakt mij zo moe en ik
    raak op. Grote God, ik raak op.

    Dit gedicht van de door haar bewonderde dichter Bernardo Ashetu citeerde Els Moor in haar bespreking van de bloemlezing ‘Dat ik zong’ , DeWware Tijd, 20.10. 2007.

  • Els is van onschatbare waarde geweest voor de Clark Accord Foundations. Haar kennis enn kunde heeft zij belangenloos ingezet. Els mie gudu waka bung. Doe Clark de groeten

  • Mijn lieve guru en vriendin is er niet meer. Ik zal haar missen met een lach en een traan. Wat hebben wij leuke momenten gedeeld. Al mijn veertien boeken heeft zij onder ogen gehad, geen één uitgezonderd! Mijn guru, dans zoals de vlinders dat doen: vrij en blij! Dankjewel Michiel. Een mooi stuk over haar!
    En zoals ik altijd schreef: “brasa lieve Els” en nu diep bedroefd: “till we meet again lieve Els. Rust zacht.”

    Indra

  • Grantangi Michiel voor dit prachtige portret van Els Moor!
    Rust zacht Els, dankjewel voor je steun en je belangstelling.

  • Wat een schitterend eerbetoon! Dat verdiend Els Moor ook! Ik herinner mij haar als een strenge juf die inderdaad niets om uiterlijk gaf…..ik heb dan ook hardop moeten lachen bij de passage waarin beschreven wordt dat ze geen zin had om haar jurk te strijken….! Ze kon ons erg afkeurend aankijken als we opgetut haar klas in het eerste lesuur op de kweekschool binnenkwamen. En witheet van woede worden als je dan ook nog je huiswerk niet had gemaakt! “Als het net zoveel tijd besteedde aan je huiswerk als aan je uiterlijk…!” Els Moor…..een geweldige onderwijzeres! Ooit kreeg ik een 9.5 van haar voor mijn mondeling examen op de kweekschool, ze zei er meteen bij dat het voor het eerst was dat ze een 9.5 had gegeven voor een mondeling examen…..mijn broer had jaren eerder een 9 van haar gehad en dat wist ze nog….! RIP ❤

  • Dank u wel mevrouw Moor voor alles wat u zo belangloos voor de Surinaamse jeugd heb betekend. Door uw tomeloze inzet heeft Clark Accord Foundation talloze jonge potentiele schrijvers aan de gemeenschap afgeleverd. Mogen we de kracht en het inzicht hebben uw werk voort te zetten. Till we meet again Els. Sribi switi na yu Masra sey.

  • Een mooi stuk over Els. Geen vertoon, geen geklets maar gewoon doen. Dat was Els. Ook erg eigenwijs, maar duidelijk. Een verlies! Heb enkele jaren met haar mogen samenwerken in Kwamalasamutu en het kinderboekenfestival. Onvermoeibaar met haar tas vol met boeken lopend door het dorp, weer of geen weer. Of over het festival terrein. Je hebt er inderdaad zelf niets meer aan, maar zal je missen!

  • Het is al bijna een jaar geleden. Ik hoor nu pas dat Els is overleden. Denk met veel liefde aan haar terug. Michiel heeft een prachtig portret van haar gemaakt!

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter