blog | werkgroep caraïbische letteren

Lezen en voorlezen

door Marja Themen-Sliggers

Goed voorbeeld doet goed volgen, hoop ik.
Op de lagere school van mijn kleinkinderen doen ze aan niveaulezen. En daarvoor worden ouders of grootouders ingezet. Ik mag enkele keren per week een halfuur met een groepje kinderen lezen. Het is leuk, hoor. Altijd is het van acht tot half negen, dus je maakt de vlaggenparade nog mee als je er bijtijds bent. Dan ontmoet je ouders en grootouders die kinderen wegbrengen, gezellig is dat. Goed voor de ouderparticipatie ook. Eerst wist ik niet wat het was, niveaulezen, maar ik kreeg een stencil en daar stond het in: Het leesniveau van alle kinderen wordt middels de Brus éénminuuttest bepaald. Dan worden de groepjes geformeerd. Het maakt niet uit in welke klas of groep ze zitten, want voor dit lezen komen 4-6 kinderen van hetzelfde leesniveau bij elkaar in een leesgroepje. Elk groepje heeft een begeleider: een ouder of grootouder, een juf of een leeshulp. Een leeshulp is een leerling uit groep 8. Leuk dat ze die grote kinderen inzetten om zo binnen het schoolgebeuren andere leerlingen te helpen. De kinderen in het groepje krijgen allemaal een beurt en lezen hardop een stukje voor. Door dit hardop lezen terwijl de anderen meelezen, leren de kinderen beter luisteren en oefenen ze zelf ook het lezen. En er worden vragen gesteld, soms komt er een gesprekje, een discussie over een bepaald begrip of een speciaal onderwerp, op gang. Dat hangt af van de inhoud van het boek dat het groepje leest.
Het enige zorgpuntje dat ik zie in deze leeswerkvorm is dat het boek wel alle kinderen moet boeien. Als het boek ze niet aanspreekt gaan ze zich vervelen, willen niet meedoen, gaan ze klieren. Een poosje hadden we een echt Hollands boekje over een kind dat Guus heet. ‘Mijn’ kinderen vonden het maar stom. Ze hadden zelfs moeite met het uitspreken van die naam, terwijl ze moeilijke, lange Surinaamse namen feilloos lezen. Ze waren niet geïnteresseerd in de dikke vacht, de wol van het schaap, in het boek. Hoe los je dat op, hoe hou je hun aandacht erbij? We spraken erover. Ze hebben mij allemaal een onderwerp en een dier opgegeven dat volgens hen goed in een spannend verhaal past. Dat nieuwe verhaal heb ik voor ze geschreven en ze lazen het in een keer uit. Een ander trucje leerden zij mij ook. ‘Lezen tot de fout’. Het kind dat de beurt heeft leest tot een van de anderen een fout hoort. Spannend. Je moet goed opletten, zorgvuldig lezen en heel goed luisteren. Ja, niveaulezen is iets om op andere scholen ook te gaan doen.
Actueel
Deze week vond er een training plaats in het district Brokopondo. De training is voor mensen die als groepsbegeleiders deelnemen aan een project voor naschoolse onderwijsondersteuning. Een belangrijk onderwerp dat aan de orde kwam is de taal. Bedoeld wordt de schooltaal. Het Nederlands dus. De kinderen krijgen les in het Nederlands, maar hun moedertaal is een andere. Als je die schooltaal niet goed verstaat wordt het moeilijk om redactiesommen te begrijpen, of om geschiedenis- en aardrijkskundelessen te lezen.
Een ander onderwerp in de training is het stimuleren van een positief zelfbeeld bij kinderen, het opbouwen van zelfvertrouwen. Hoe kun je dat als kind nou krijgen als je steeds maar onvoldoendes haalt op school, doordat je de juf nauwelijks verstaat? Het naschoolse onderwijsondersteuningsproject heeft natuurlijk als doel om de schoolresultaten van de kinderen te verbeteren. Om daaraan te kunnen werken moeten we uitgaan van een positief leerklimaat, van een rijke leeromgeving, een omgeving waar de kinderen zich fijn voelen, waar het leuk is om te komen en leuk om te leren. Een goed middel om zowel het gebruik en de kennis van het Nederlands te stimuleren, als om het leren leuk te maken en te houden is het gebruik van een ‘leeshoek’.
Gewoon leuke, boeiende boeken, die de kinderen aanspreken op een vaste plaats neerleggen. De groepsbegeleider en de kinderen kunnen dit plekje op verschillende manieren gebruiken. Als de begeleider met een groepje kinderen bezig is, kan elk ander kind dat even moet wachten lekker in de leeshoek bezig zijn. Een kind dat even tot rust moet komen omdat het allemaal een beetje te veel wordt, kan zich even terugtrekken. Een groot kind kan voorlezen en plaatjes kijken met een groep kleintjes. Natuurlijk kan ook de begeleider de groep voorlezen, elke dag een stukje, bijvoorbeeld als beloning wanneer de kinderen klaar zijn met hun huiswerk. Of voor de gezelligheid, omdat het te hard regent om buiten te spelen. Gebruik van een leeshoek maakt kinderen steeds meer vertrouwd met taal, met de schooltaal. En dat ondersteunt het onderwijsproces, maakt dat de schoolresultaten verbeteren en dat geeft de kinderen weer meer zelfvertrouwen.

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter