blog | werkgroep caraïbische letteren

Kurá, nieuw boek van Willem van Lit (10 en slot)

Dit is deel 10 van de synopsis van Kurá, het nieuwe boek van Willem van Lit over de situatie op de Nederlands Caribische eilanden dat binnen afzienbare tijd zal verschijnen. Het draait daarbij om de oriëntatie op het goede leven.
 

Etalagareclame op Aruba. Foto © Michiel van Kempen

 

De veranderingen na 10 oktober 2010
De bestuurlijke verhoudingen tussen de Caribische eilanden zijn in de loop van de eeuwen nogal eens gewijzigd. Elk eiland maakte min of meer zijn eigen ontwikkeling door waarbij ze elkaar in die ontwikkeling wel beïnvloedden. Er is bijvoorbeeld een periode geweest dat St. Eustatius een belangrijk knooppunt vormde in koloniale tijden. Doorgaans was Curaçao toch wel het economisch en bestuurlijk centrum. De verhoudingen onderling en met Nederland werden in 1954 in een statuut vastgelegd. Dat statuut is in feite nog steeds de basis voor de verhouding met Nederland. In 1986 stapte Aruba uit dit bestuurlijke verband en verwierf een zogenaamde autonome status aparte. In 2010 werd het land Antillen ontmanteld: Curaçao en St. Maarten kregen een eigen autonome status. De eilanden Bonaire, St. Eustatius (Statia) en Saba (de BES-eilanden) werden een zogeheten – een merkwaardige en foeilelijke aanduiding – ‘Openbaar Lichaam’ binnen het Koninkrijk, bestuurlijk genoemd Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN). Hier is voor een groot deel – en sommige aangepast naar plaatselijke omstandigheden – de Nederlandse wetgeving van toepassing. Dit vergde nogal wat aanpassingen op velerlei gebied, zoals sociale voorzieningen, onderwijs, justitie en politie, zorgvoorzieningen, verzekeringen, financiële structuren, enz. Deze veranderingen hebben de onderlinge verhoudingen zeker beïnvloed.

Beeld van Henny Eman voor het parlementsgebouw van Oranjestad. Foto © Michiel van Kempen

Freek van Beetz heeft in een kroniek de laatste jaren van het land Antillen op politiek terrein beschreven. Hij was adviseur van de regering van dat voormalige land. De ochtend van 10 oktober 2010 was er de inauguratie van het nieuwe autonome land Curaçao. Hij typeert de ceremonie van de eedsaflegging van de eerste gouverneur van Curaçao. “Op een naargeestig verlaten Wilhelminaplein speelde het kleine, 15 man sterke muziekgezelschap het Curaçaose volkslied. De klanken verwaaiden in de weidse ruimte. Na afloop van de korte plechtigheid begeleidden we, die ene bekende mars spelend, de stapvoets rijdende auto van de gouverneur en dienst echtgenote door een lege Bredestraat in Punda naar het Paleis op het Fort, waar kort daarna de ministers van het kabinet Schotte zouden worden beëdigd. De publieke belangstelling voor de openingsplechtigheden van het nieuwe Curaçao was nihil. De start van het land Curaçao had feestelijker kunnen beginnen”. Het is een treurige start van een nieuw land, zoals hij het zegt. Uit de interviews komt een verdeelde stemming naar voren over de scheiding. De meesten geven aan dat het leven in de nieuwe situatie na vijf jaar er slechter op is geworden. Een aantal ziet geen merkbaar verschil. Enkelen zeggen voorzichtig dat het beter wordt of kán worden.

Degenen die de situatie verslechterd achten, zeggen hierover onder andere het volgende. Voor Curaçao is het een desillusie geworden. Sommige politici hebben zelfs getracht onder het mandaat van grotere autonomie de misdaad voet aan de grond willen geven. Politici kunnen de grotere verantwoordelijkheid niet aan. Het openbare leven is volledig gepolitiseerd en gepolariseerd. De nieuwe situatie is ontstaan uit een serie van politieke flaters waarbij politici er vooral op uit waren naar elkaar te wijzen en zelf geen verantwoordelijkheid te dragen. Het heeft geleid tot nog groter wantrouwen tússen de eilanden, in de relatie tot Nederland én de mensen onderling. Er zijn nieuwe handelsbelemmeringen ontstaan tússen de eilanden. De kosten van het leven, werken en onderhoud zijn in het algemeen fors gestegen (o.a. zeker op Bonaire).
Mensen die zeggen niet veel te merken van veranderingen, blijven ook sceptisch. De politiek is dichter bij het volk komen te staan, “maar met ongezonde vriendjes op kabouterniveau”. Voorts merkt men dat op verschillende eilanden Nederland en Nederlanders meer dan voorheen aanwezig zijn. De mensen die voorzichtig optimistisch zijn, merken op dat in elk geval de (inefficiënte) dubbele bestuurslaag (van het land Antillen) is verdwenen en dat dit slagvaardiger bestuur mogelijk maakt. Ook het feit dat men nu ‘ongedwongen’ met elkaar tussen de eilanden kan omgaan, zou voor nieuwe initiatieven van samenwerking kunnen zorgen, zegt men. In deze formuleringen ziet men ook veel de voorwaardelijke redeneringen: zou kunnen.

 

Koningsdag op Curaçao. Foto © Michiel van Kempen

De relatie met Nederland

Voor buitenstaanders lijkt de relatie met Nederland altijd vanzelfsprekend te zijn geweest. Dat het Koninkrijk in 2010 ‘een grote onderhoudsbeurt’ (Van Beetz) onderging, is de meesten in Nederland volkomen ontgaan. De relatie met Nederland is nooit zonder problemen geweest. Hoezeer sommigen ook uitspreken dat we zou moeten uitgaan van wat ons bindt, is dat voor velen niet evident. Die benadrukken liever wat ons onderscheidt. Uiteraard zijn de invloed en positie van Nederland op de eilanden in de loop van de geschiedenis steeds wisselend geweest. Dit is door veel auteurs menig maal geanalyseerd en beschreven (Oostindie, Klinkers, Broek, Jansen van Galen). Steeds staat hierbij het probleem van het kiezen centraal. Dat kwam bij diverse referenda in aanloop naar 101010 ook naar voren. De inwoners van de eilanden hebben steeds weer gekozen voor het behoud van de band met Nederland, maar nooit is expliciet duidelijk gemaakt wát die band dan precies moet inhouden. Het was voor politici een vluchtroute, een manier om te ontsnappen aan de eigen verantwoordelijkheid, zoals diverse gesprekspartners aangaven. Nederland zelf is ook altijd afhoudend geweest onder andere uit vrees beticht te worden van (neo)kolonialistische bemoeienis. Deze houding heeft de relatie dikwijls op scherp gezet en heeft het vertrouwen voortdurend aangetast. Begrippen die men gebruikt om deze relatie aan te duiden, zijn onder andere de volgende: argwaan, wantrouwen, bevoogding, opportunisme, neerbuigendheid, afhankelijkheid, ongelijkwaardigheid, verzuim, angst, gebrek aan ‘liefde’ of betrokkenheid, (neo)kolonialisme, onverschilligheid, bemoeizucht, ontlopen van verantwoordelijkheid, enz. In mijn Cariben laten we het onmogelijke vragen heb ik dit de pathetische omhelzing genoemd.
Uit andere onderzoeken (Wouter Veenendaal) komt in grote lijnen een zelfde beeld naar voren doorgaans vinden mensen (in het onderzoek van Veenendaal) op de eilanden wel dat het goed is de relatie met Nederland te onderhouden, maar men ziet ook dat Nederland niet altijd echt geïnteresseerd is in de eilanden en dat men er eigenlijk te weinig van af weet of van wil weten.
Een dergelijke problematische verhouding van Nederland tot de eilanden blijft niet zonder praktische gevolgen. Op verschillende manieren wordt geconstateerd dat hierdoor steeds een samenhangende visie of een collectief gedragen toekomstbeeld van het koninkrijk ontbreekt. Ideeën zijn steeds voorlopig. Er is geen eenduidige kijk op verbondenheid. Hierdoor ontbreekt ook een concreet plan of beleid waarbij men op inhoud programma’s voor samenwerking kan uitwerken. Dat bestaat eenvoudigweg niet. Ikzelf heb dat al eerder geconstateerd. Olaf Wilders en de commissie (Liesbeth) Spies lopen hier ook tegenaan. Olaf Wilders schreef een evaluatie van vijf jaar nieuwe Koninkrijksverhoudingen en Liesbeth Spies was voorzitter van een evaluatiecommissie betreffende de BES-eilanden. Er is nooit een coherent plan geweest op het gebied van sociaaleconomie, armoedebestrijding, onderwijs, ecologie, misdaadbestrijding, jeugdzorg of sociale zekerheid. Relatievorming, besluitvorming (op inhoud) en planning of programmering) dienen samen te gaan en dit is nooit van de grond gekomen, zelfs niet met de BES-eilanden, die toch een bijzondere gemeente vormen binnen Nederland.
De Caribische eilanden hebben een koloniaal verleden; deze erfenis ervaart men tot op de dag van vandaag. Kolonialisme is een verlengde vorm van nationalisme (Achille Mbembe). De kolonisator maakt onderscheid tussen een binnen- en buitensfeer in de wereldorde. De hoogtij hiervan was eind negentiende en eerste helft twintigste eeuw. De binnensfeer is die van het Europese continent en dat is ook voor Nederland zo. Europese natiestaten baseren in het binnengebied het recht en de rechtspraak die bepalend zijn voor het ordenen van de samenleving én voor de regulering van het leven in (inter)nationaal Europees verband. In dat territorium beleven Europeanen hun wereld van de verlichte ideeën, over eigendommen, beloning voor arbeid en het volkenrecht. Aan de andere kant – buiten de lijn van Europa – heerst de vrije ruimte. Daar kan men zijn gang gaan. Daar heerst de wet van de sterkste met vrijbuiterij en kaperij. Daar zijn geen grenzen of heiligdommen die niet geschonden mogen worden. Hier heersen andere normen en waarden en zijn vrije exploitatie en exploratie geoorloofd. De kolonisator bedenkt steeds redenen om de anderen, die in het buitengebied wonen, niet op één lijn te kunnen of hoeven stellen met de bezetters zelf; de kolonisator bedenkt daarbij deze motieven om anderen alle rechten te ontzeggen.
Begin mei 2017 kwam er op Facebook een filmpje van een man – Michiel van Bokhorst – die op Bonaire woont en die heel gevat en gestructureerd over de situatie op de BES-eilanden vertelt. De BES-eilanden zijn integraal deel van Nederland. Van Bokhorst verwijst naar de Grondwet, waarin staat dat iedereen in gelijke gevallen gelijk wordt behandeld. Discriminatie mag niet. De Grondwet krijgt een extra artikel waarin staat dat voor ‘openbare lichamen’ – zoals de BES er een is – andere regels kunnen worden gesteld op basis ban bijzondere omstandigheden. Nu zijn er al verschillen, onder andere voor bepaalde voorzieningen: kinderbijslag (circa de helft van wat Nederlandse gezinnen ontvangen), de onderstand of bijstand (gevoelig minder dan in Nederland) en de AOW (minder dan de helft dan in Nederland). De kosten van levensonderhoud zijn wel zo’n 65% hoger. Van Bokhorst zegt het treffend: ‘nu worden we met de Grondwet gelijk gemaakt’. Dergelijke maatregelen doen sterk denken aan de koloniale binnen- en buitensfeer, waarbij de Europese orde anders wordt gedacht dan de Caribische. Hiermee wordt het verdacht van de ongelijkheid en ongelijkwaardigheid sterk in de hand gewerkt. Het idee van de binnen- en buitensfeer wordt ook bevestigd door de constatering dat er nooit een integraal toekomstbeeld met een samenhangend plan voor het Koninkrijk is ontworpen en ontwikkeld.

 

Beeld van koningin Wilhelmina. Willemstad. Foto © Michiel van Kempen

Als men denkt aan de ontwikkeling van het goede leven, de realisatie van levensplannen binnen het Koninkrijk en de zelfredzaamheid van burgers én dat hiervoor een evenwaardige wederkerigheid noodzakelijk, ja zelfs onontbeerlijk is – dan is er binnen het Koninkrijk nog heel wat in te halen. Aart G. Broek en Jan Wijenberg pleiten in een artikel in “Joop” voor het volgende. “Is een beter staatsrechtelijk arrangement mogelijk voor Nederland en de eilanden? Zeker. Om die verlangde gelijkwaardigheid, zelfstandigheid en wederkerigheid optimaal te verkrijgen binnen het Koninkrijk resteert één optie. Schaf het Statuut af en maak de Nederlandse grondwet geldig voor het hele Koninkrijk. Streef ernaar om alle zes eilanden de status van Nederlandse gemeente te verlenen, verenigd in een provincie. Als zodanig worden de zes eilanden volledig geïntegreerd in het Nederlandse staatsbestel”. Pas dan kan men volledig op inhoud een integraal plan gaan ontwikkelen, zo veronderstellen de schrijvers en is er een toekomst mogelijk. Maar ook dan moet dit in een evenwaardige wederkerigheid plaatsvinden, waar Nederland de eilanden niet meer als buitengebied ziet maar als volledig integraal deel, als Nederland.

 

 

Literatuurlijst Kurá

• Acemoglu, D. en Robinson, J., Waarom sommige landen rijk zijn en andere arm, Nieuw Amsterdam, 2015.
• Achterhuis, H., Met alle geweld, Lemniscaat, Rotterdam, 2010.
• Beetz, F. van, Het einde van de Antillen, Kroniek van een adviseur op Curaçao, Eburon, Delft, 2013.
• Bergh, R.O.B. van den, Wat heeft 10-10-10 economische opgeleverd voor Curaçao? Curaçao 2015.
• Broek, Aart, G. De geschiedenis van de politie op de Nederlands-Caribische eilanden, Boom KITLV, Amsterdam Leiden 2011.
• Broek, Aart, G. Aan de poorten van het rottende paradijs, ideologie en identiteit in de Caraïben, ontleend aan Het zilt der passaten, In de Knipscheer, Haarlem 2000.
• Broek, Aart, G. Voorbij schuld en Schaamte: naar ongedeeld Nederlanderschap, in Christen Democratische Verkenningen, speciaal nummer Antillen/Aruba, 2005
• Broek, Aart, G. Naar een grenzeloos Koninkrijk: ongedeeld Nederlanderschap voor Antillianen en Arubanen (2), Bestuurswetenschappen, jaargang 60, nr. 1, 2006.
• Canetti, E. Massa en Macht, Athenaeum – Polak & Van Gennep, Amsterdam, 1976.
• Dohmen, J., redactie, Over levenskunst, de grote filosofen over het goede leven, Ambo/Anthos, Amsterdam, 2015.
• Dohmen, J., Tegen de onverschilligheid, pleidooi voor een moderne levenskunst, Ambo, Amsterdam, 2011.
• Fanon, F., Black Skin, White Masks (vertaling uit het Frans: Richard Philcox), Grove Press, New York, 2008.
• Frielink, K. en Murray, M.F., Twee Curaçaose meesters, Varia Juridica, Wolf Legal Publishers (WLP), Nijmegen, 2011.
• Guépin, J.P., De Beschaving, Bert Bakker, Amsterdam 1983
• Hart, J., Kruispunt, In de Knipscheer, Haarlem, 2013.
• Hart, J., Verkiezingsdans, In de Knipscheer, Haarlem, 2013.
• Jansen van Galen, Afscheid van de koloniën, Atlas contact, Amsterdam Antwerpen, 2013.
• Jordaan, H. Slavernij en vrijheid op Curaçao, Walburg Pers, Haarlem, 20013.
• Kempen. M. van Rigoletto in de tropen. Over het onbehagen in de koloniale en postkoloniale cultuurstudies: Wandelaars onder de palmen, opstellen over koloniale en postkoloniale literatuur, onder redactie van Michiel van Kempen, Piet Verkruijsse en Adrienne Zuiderweg, KITLV Leiden 2004.
• Kuypers, prof. dr. G. Beginselen van beleidsontwikkeling, delen A en B, Coutinho, Muiderberg 1980
• Lit, W.A. van, Cariben laten we het onmogelijke vragen, Free Musketeers, Zoetermeer 2013
• Lit, W.A. van, De Caribische eilanden: het alternatief, Free Musketeers, Zoetermeer 2009
• Lit, W.A. van, Voor zover we weten is samenleven mensenwerk, De Wilg, Assen, 2016
• Mbembe, Achille, Kritiek van de zwarte rede, Boom, Amsterdam 2016
• Nussbaum, M., Politieke emoties, waarom een rechtvaardige samenleving niet zonder liefde kan, Ambo/Anthos, Amsterdam 2014.
• Nussbaum, M., Woede en vergeving, Ambo/Anthos, Amsterdam, 2016.
• Oostindie, G. en Klinkers, I. Gedeeld Koninkrijk, de ontmanteling van de Nederlandse Antillen en de vernieuwing van de Trans-Atlantische relaties, Amsterdam Univesity Press, Amsterdam 2012
• Popper, K., De open samenleving en haar vijanden, Lemniscaat, Rotterdam, 2007.
• Rawls, J., Een theorie van rechtvaardigheid, Lemniscaat, Rotterdam 2009.
• Saleh, prof.mr.J.M., Koninkrijksgemeenschap in verscheidenheid, red. N.S. Guttenberg-van der Wal BA, Caribpublishing, Curaçao, 2014.
• Savater, F., Het goede leven, ethiek voor mensen van morgen, Erven J. Bijleveld, 2015.
• Signer, D. Die Ökonomie de Hexerei oder warum es in Afrika keine Wolkenkrätzer gibt, Peter Hammer, Wuppertal, 2004.
• Sloterdijk, P. Woede en Tijd, Sun, Amsterdam, 2007.
• Taylor, C., Bronnen van het zelf, Lemniscaat, Rotterdam, 2007.
• Tocqueville, A. de. Over de democratie in Amerika, Lemniscaat, Rotterdam, 2011
• Verhaeghe, P., Autoriteit, De Bezige Bij, Antwerpen, Amsterdam, 2015.
• Voltaire, Verhandeling over de verdraagzaamheid, (vertaling: Hannie Vermeer – Pardoen), Van Gennip, Amsterdam, 2015.
• Wilders, O., Hij is de weg kwijt, E a perde e strea de Nort, voorverkenning van de evaluatie van de staatkundige verandering 10-10-10, Levendig Uitgever, 2015.
Artikelen, rapporten en brieven
• Amigoe, 7 augustus 2015, Patronage en pressie beïnvloeden kwaliteit bestuur.
• Amigoe, 17 april 2010, Door overmacht afwezige gastvrouw Bijleveld: ‘Durven kijken naar het Statuut’.
• Antilliaans Dagblad, 17 april 2010, Karel Frielink: Gebrek aan liefde binnen Koninkrijk, pag. 28.
• Antilliaans Dagblad, 13 juni 2017, Schotte gegrild
• Blessing, M. Omvang christenslavernij onderschat, HN nr. 5/2008 ‘Wie koopt een christen”? Historisch Nieuwsblad artikel HN nr. 5/2008.
• Broek, A.G. en Wijenberg, J. Integratie naar gelijkwaardige Koninkrijksrelaties. https://joop.bnnvara.nl/opinies/integratie-naar-gelijkwaardige-koninkrijksrelaties
• Broeksteeg, J.W.L., universitair hoofddocent staatsrecht Radboud Universiteit Nijmegen. Aanhangige voorstellen tot grondwetsherziening: voorbodes van staatkundige vernieuwing. Tijdschrift voor Constitutioneel Recht, januari 2014.
• Frielink, Mr. K., rede gehouden op vrijdag 25 september 2009 ter gelegenheid van de installatie van een viertal rechters bij het Gemeenschappelijke Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba.
• Goede, M. de 29 juli 2016: http://www.miguelgoede.com/curacao-2020 evaluatie van vishon Korsou, toespraak Miguel Goede 18 juni 2015. UNA.
• International Monetary Fund, IMF Country Report no. 14/239, Kingdom of the Netherlands – Curacao and Sint Maarten, Washington DC, August 2014.
• Martijn, mr.A.M.T. Ombudsman van Curaçao, rapport betreffende het ambtshalve onderzoek naar de gedragingen van de Gevolmachtigde Minister W. naar het vermoeden dat zij zich schuldig heeft gemaakt aan de schijn van niet-integer handelen. Rapport no. 080/2014/Ao van 29 juni 2015.
• Ombre, E. Slavernij in eigen kring, Water naar de kraan dragen, De Groene Amsterdammer, 29 juni 1017, pag. 42 – 43.
• Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, brief aan de Voorzitter van de Tweede kamer der Staten-Generaal, kenmerk 2016-0000276638 van 12 mei 2016, Kabinetsreactie op rapport evaluatie Spies.
• Sanders, S. essay Autonomie als dogma, Het kasboek en de bijbel, De groene Amsterdammer, 27 juli 2017, pag. 34 – 37.
• Schuurman, A. Globalisering, geschiedenis en ruimte. Tijdschrift voor sociale en economische geschiedenis 4 (2007) nr. 3, pg. 15 – 35.
• Spies, mr.drs.J.W.E. (voorzitter), Soons, prof.mr.A.H.A. , Thodé, mr.dr.G.A.E., Verhey, prof.mr.L.F.M., Weekers, mr. Drs.F.H.H. evaluatierapport: Vijf jaar verbonden: Bonaire Sint Eustatius, Saba en Europees Nederland, Den Haag 12 oktober 2015.
• Veenendaal, Dr. W. Eindrapport CCC-opinieonderzoek Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba & Sint Eustatius, KITLV, Leiden 2016.

 

Sanne Landvreugd. Foto © Michiel van Kempen

1 Trackback/Ping

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter