Jaap Goedegebuure heeft politiek!
Jaap Goedegebuure besprak in Trouw van 8 januari j.l. de verhalenbundel Voor mij ben je hier; verhalen van de jongste generatie Surinaamse schrijvers. Marylin Simons stuurde daarop een ingezonden brief naar Trouw, maar die werd niet geplaatst. Hieronder het stuk van Goedegebuure (klik twee maal om een leesbare vergroting te krijgen); eronder de reactie van Marylin Simons.
Jaap Goedegebuure heeft politiek!
(‘Politiek hebben’ is een gangbare uitdrukking in het Surinaams-Nederlands)
Met genoegen schud ik het bed voor Goedegebuure even op:
Meneer Jaap van Nederland lijkt in de stijl van zijn schrijftirade op Don Walther van Suriname, maar met verschil: Don Walther schrijft zelf en Meneer Jaap belazert z’n lezers!
(Mijn spell-check vindt ‘belazert’ niet goed; ‘oplichten’ zou ik moeten gebruiken of ‘voor de gek houden’. Ik blijf bij ‘belazert’. Zo zeggen die mensen van mij daar in Suriname het nog steeds vandaag de dag: ‘die man belazert de boel mang’, met een vette ‘l’ voor boel.)
Ofschoon de tirade van Meneer Jaap onder de rubriek ‘Boeken’ is verschenen, schrijft hij niet over boeken. Belazerij nummer 1.
Meneer Jaap bedoelt een bepaalde groep mensen (Surinaamse schrijvers, misschien wel Surinamers in het algemeen) ervan langs te geven en dat doet hij door de Surinaamse letteren af te keuren; jullie weten niet te schrijven, jullie bakken er niets van! Dat zegt hij niet zelf. Hij knipt en plakt woorden van anderen. Om zijn tirade kracht bij te zetten, haalt hij Anil Ramdas er herhaaldelijk bij. Belazerij nummer 2 is ruzie zoeken waarvoor grote broer (in de figuur van Ramdas) op de knokken moet. Meneer Jaap zelf zegt namelijk bedenkelijk weinig. Om precies te zijn, een stuk of vier, vijf zinnetjes die doelen op de bundel die hij niet bij naam noemt (stel je voor dat mensen het toch gingen kopen). De Jaap-zinnetjes laten geen twijfel over de literaire kwaliteiten van Meneer Jaap Boekbespreker zelf: hij komt niet verder dan een persoonlijke mening! in de volgende bewoording: ‘zonder inspiratie en enthousiasme geschreven, saai en oubollig, mankeren literair verteltechniek, doven uit als spreekwoordelijke nachtkaars, missen kop en vooral staart.’ Meneer Jaap Boekbespreker Lul Maar Na, raaskalt zonder enig aantonen of verwijzing naar. Volgens mij is dat precies wat ‘missen van kop en staart’ zeggen wil in beschaafd ABN.
Meneer Jaap bedoelt niet een recensie te schrijven. Zijn eerste statement is in de trant van ‘ze hebben Nederland nodig’, de tweede ‘die paar door-Nederland-gemaakte-schrijvers zijn allemaal gek geworden (hij zegt er trouwens niet bij dat dit typisch is voor Surinaamse schrijvers). Als derde volgt geen statement maar nieuwe ophitserij (afgeleid van ophitsen, voor wie alledaags Nederlands van Suriname niet verstaat). Meneer Jaap hitst op dat een verhaal van de hand van Cynthia Mc.Leod om onduidelijke reden aan de bundel ontbreekt. Meneer Jaap had zelf al deze onduidelijkheid in de regel boven zijn geveinsde verwondering verduidelijkt; een bundel met verhalen van schrijvers die na 2000 debuteerden.
Bij het slot bedenkt Jaap-Meneer dat hij Cairo best kan gebruiken. Niet om de kracht van het Surinaams literair werk De smaak van Sranan Libre te vieren, maar weer om nog eens Surinaamse schrijvers te laten weten; jullie bakken er niets van. Daar ging hij zelf niet voor lezen. Hij ging er zelfs nauwelijks voor schrijven. Zijn tirade is, zoals ik al eerder aangaf, een ‘knip en plak’ van wat anderen eens gezegd schijnen te hebben; een frak na-lullerij zoals die mensen van me in Suriname met veel sjeu zouden zeggen. Aangedikt door een vette tyuri en en een frak bil-wijzerij.
Marylin Simons
Schrijfster van ‘Blijf stil’, een verhaal uit hierboven bedoelde verzamelbundel van korte verhalen Voor mij ben je hier, 2010, Meulenhoff, ISBN 978 90 290 8697 0 / NUR 309
Owen Sound ON, 14 januari 2011
Mooi verwoord Marlyn, de terechte ergernis over dit artikel van mijnheer Jaap.
Het artikel omschrijft de hedendaagse Surinaamse literatuur als weinig bruisend en vitaal, inspiratieloos en literair arm. Dat alles allen op basis van de bundel ´Voor mij ben je hier´.
Het lijkt mij echter dat het beoordelen van de nationale literatuur van Suriname niet slechts kan worden gebaseerd op één verzamelbundel van verhalen en een tijdschrift met wat artikelen. Een juiste beoordeling kan pas plaatsvinden als op een serieuze en aandachtige manier wordt gekeken naar het werk dat door Surinaamse schrijvers wordt gepresenteerd.
Daar ligt echter een oprecht probleem, want nieuwe schrijvers krijgen maar moeilijk toegang tot de Nederlandse literatuurkritiek. Belangrijke boeken worden niet beschreven, genegeerd door literair journalisten die zich liever verlustigen aan alleen maar nette mensen, niet opgemerkt door hun serieuzere collega´s of vergeten in de grote stapel die nog moet worden gedaan…
Maar dan nog: als een artikel als kop draagt ´waarom Surinaamse literatuur maar niet van de grond komt´ mag een bredere, meer omvattende en op de actualiteit gerichte analyse verwacht worden
Ach, we moeten ons niet zoveel aantrekken van Nederlanders. Zij laten zich toch ook niet door een ander volk vertellen wat wel of geen goede Nederlandse literatuur is?
Surinaamse schrijvers schrijven over het algemeen nog steeds voor een Surinaams publiek.
So what als Jan Klaasen het niets vindt.
Come on, Anouska, in welke wereld leef jij? Een flink deel van de Surinaamse schrijvers zijn OOK Nederlandse schrijvers. En zelfs als ze zich niet zo voelen (IK wel), dan wil dat toch niet zeggen dat je enkel maar voor een ingeperkt publiekje schrijft? Surinaamse schrijvers die niet meer pretentie hebben dan voor een Surinaams publiek te schrijven: mwah, publiceer dan ook alleen maar in eigen beheer in je geboorteland! Goedegebuure is een azijnpisser, zonder enige interesse dan voor de Bijbel en de literatuur, en zijn goedkope recensie kan op veel manieren gepareerd worden, maar niet door met de rug naar hem toe te gaan staan en hem uit te maken voor Jan Klaasen. Dat is al te cheap.
Ik heb vanmiddag de verhalenbundel “Voor mij ben je hier” gelezen toen ik op de Sweet Merodia een tour maakte op de Commewijnerivier om enkele oude plantages te zien. Leuker kon het niet zijn! Te Frederiksdorp las ik de verhalen van Joanna Werners en Marilyn Simons. Voor mij hebben ze een mooi product geleverd!Een tweede Cairo hoef ik niet te hebben, meneer Jaap…