blog | werkgroep caraïbische letteren

Interview Antoine de Kom: ‘Ik ben een outcast net zoals mijn grootvader dat was.’

door  Jerry Dewnarain

Antoine de Kom, kleinzoon van Anton de Kom, is in Nederland de winnaar van de VSB-Poëzieprijs 2014 geworden. De dichter krijgt de prijs voor de beste Nederlandstalige dichtbundel van het afgelopen jaar voor zijn bundel Ritmisch zonder string (uitgeverij Querido). Tijdens een feestelijke avond in het stadhuis van Rotterdam ontving De Kom de prijs uit handen van burgemeester en juryvoorzitter Ahmed Aboutaleb.

Aan de prijs is een geldbedrag van 25.000 euro verbonden en een glaskunstwerk van kunstenares Maria Roosen. De jury was unaniem in het aanwijzen van Antoine de Kom als winnaar. ‘Door een zintuiglijke en krachtige beeldtaal, vermengd met “slang” en folklore, worden in Ritmisch zonder string vele werelden welhaast tastbaar.’ Lovend spreekt de jury over De Koms diep verankerde engagement waarin gelukkig ook plaats is voor spot waar het de rol van de dichter betreft. ‘Zijn voortdurende gevecht met zinsbouw en grammatica geeft zijn taal spanning, vaart en energie’. In Ritmisch zonder string klinkt een nieuw geluid waar grote behoefte aan is: ‘Dit is poëzie die erbij gebaat is zichtbaar te zijn in de wereld en die veel wereld binnen brengt, deze poëzie verdient een wereldse beloning’, aldus de jury. (www.vsbpoezieprijs.nl)

In zijn dankwoord zegt Antoine de Kom het volgende over zijn poëzie: ‘Mijn poëzie is er niet om te begrijpen maar om te ondergaan. Poëzie is een mysterie. Poëzie is napraten over wat nog te gebeuren staat. Mijn poëzie wil de gruwelen in de wereld een stap voor zijn. Misschien kan de schoonheid van de taal ertoe bijdragen het kwaad in rook te laten opgaan. Vandaag is dat voor mij een talige werkelijkheid geworden. Over mijn tropische poëzie kan ik veel zeggen. Ik noem hier het belangrijkste. Tropische poëzie is van alles maar vooral wulps en dartel. Met mijn bundel wil ik de Nederlandse dichtkunst heter en vooral bevredigender helpen maken. Vanuit den vreemde gezien is de Nederlandse poëzie nauwelijks buitendijks te noemen. Een poëzie die zich niet laat voeden door den vreemde wordt anemisch en impotent. Vanuit de kritiek zal dan worden geroepen om het verleden. Poëzie vergaat steeds en moet zich vernieuwen om te blijven. Geen poëzie is autarkisch. In de dichtkunst gaat het om een innerlijke reis, een innerlijk oneigenlijk zijn. De vreemde worden om zich te ontvreemden en dan weer te ontdekken. Ik heb gezegd.’

Interview met Antoine de Kom in verband met de VSB-Poëzieprijs 2014 en over zijn bundel Ritmisch zonder string:

Hoe voelt u zich deze dagen?

‘Ik ben zeer blij met deze prijs omdat die mij de gelegenheid biedt om de Surinaamse poëzie eer te betonen.’

Hoevindt u zelf uw laatste bundel Ritmisch zonder string?

‘Deze bundel is de meest geslaagde die ik tot nu toe heb gedicht. Het doet mij pijn dat ik dit vanuit Nederland moest doen. Veel liever had ik dat vanuit Suriname gedaan. Dat is mij onmogelijk gemaakt door de Decembermoorden en de mensenrechtenschendingen die in het binnenland hebben plaatsgevonden. Die zijn namelijk onbestraft gebleven. Dat maakt mijn poëzie tot een verdrietig lied.’

Een citaat dan, van de winnaar:

eerst waren er kinderen later
kwamen de soldaten en die schoten in het zand
er vielen stoelen om.
je blanco vellen waren weg.
je sprak hoewel het schieten alweer opgehouden was.
je sprak tot de soldaten in de taal des lands.

De bundel heeft als omslag een schilderij van de Surinaamse schilder Wilgo Vijfhoven. Hij schildert meestal vrouwen, maar ditmaal maakte hij een schilderij dat hij ‘Hanengevecht’ noemde. Het explosieve dat erin zit sprak De Kom aan, zonder dat hij besefte dat het hem juist om die explosiviteit ging. Het sluit aan bij de ‘woede’ in de bundel.

‘Die woede in mijn poëzie komt voort uit de sleepsporen van de slaventijd in Suriname. Mijn grootvader Anton de Kom stond voor zelfrespect en was een groot tegenstander van slavernij. Ik voel de verbolgenheid van mijn grootvader over die slavernij. In mijn gedichten laat ik niet de woede zelf zien, het is de energie van die woede. Het gaat niet om rancune. Ik laat het venijn verdwijnen en daaruit ontstaat iets goeds: poëzie.’

Hoekomt een gedicht bij u tot stand?

‘Ik heb niets te zeggen over wat een gedicht mij wil brengen. Ik wacht tot het gedicht zich aandient en probeer dat zo eerlijk mogelijk te gehoorzamen.’

In een ander interview met een Nederlandse journalist zegt Antoine de Kom nog iets moois: ‘Ik werk sinds de tijd dat ik mijn vorige bundel schreef niet meer met meerdere versies van gedichten. Als ik dat zou doen, zou het afgelopen zijn. Meestal kan ik een gedicht beginnen als ik een rare of wonderlijke zin heb gezien die meer regels uitnodigt. De intuïtie die vervolgens een gedicht vormt en geslaagd maakt, is een voorbeeld van mystiek. Je moet niet willen streven naar een bepaald resultaat. Dat is voor kunst dodelijk. Poëzie moet een spel blijven waarin je werkt met serieuze elementen uit de maatschappij. Het is spelen met explosieven, een oefening in pyrotechniek.’

Wanneerdicht u?

‘Een gedicht kondigt zich op de meest onmogelijke momenten aan. Het is mijn taak daarvoor altijd open te staan en ieder risico te aanvaarden.’

De titel van de bundel is de naam van een gedicht eruit. Het heeft iets erotisch. Was dit om de lezers op een dwaalspoor te brengen of om hen juist te verrassen?

‘De naakte dans van mijn bruine tantes is het wezenlijke waar ik als dichter voor leef. Hun erotiek is de bron waar ons leven uit ontspruit. Ik hoop dat elke lezer beseft welke enorme levenskracht er van de Surinaamse vrouw uitgaat.’

Valt er iets Surinaams te bespeuren in uw bundel voor uw Surinaamse fans?

‘Wat Surinaams is blijkt in wezen universeel te zijn. Vergist u niet. Natuurlijk zijn er in de bundel allerlei Surinaamse indrukken en toestanden te vinden.’

Uw bundel is geëngageerd vindt men. Bent u eens met deze mening?

‘Mijn poëzie wortelt in de wereld die voor mij in Suriname begint en eindigt. Dat is mijn engagement.’

Nederlanders vinden uw werken exotisch. Kunt u misschien een antwoord hierop geven?

‘Voor Nederlandse lezers kan die indruk gemakkelijk ontstaan. Voor mij is er niets exotisch in wat alledaags Surinaams en dus ook universeel is.’

Leest u boeken van Surinaamse auteurs? Welke Surinaamse auteur(s) boeit/boeien u?

‘Ik zou niet tot de poëzie gekomen zijn zonder het werk van Trefossa, Johanna Schouten-Elsenhout, Bernardo Ashetu, Shrinivási en René de Rooy om maar enkelen te noemen. Ik heb altijd al veel uit en over Suriname gelezen en zal dat blijven doen.’

Vindt u dat uw werk wel gerekend mag worden tot Surinaamse literatuur? Waarom?

‘Ik kan daar niet over oordelen. Ik ben een outcast net zoals mijn grootvader dat was.’

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter