blog | werkgroep caraïbische letteren

Het Boekenportaal Suriname – Deel 2: Surinaamse jeugdliteratuur

door Cees Klapwijk

De Stichting Boekenportaal Suriname werd voorgesteld in het derde nummer van de vorige jaargang van Neerlandia. In deze bijdrage wordt ingegaan op Surinaamse jeugdliteratuur en het streven om die via het te ontwikkelen portaal beter zichtbaar te maken voor de geïnteresseerde lezers.

Aandacht voor het ‘eigene’ van Suriname

“Zoo groot de overvloed van kinderboekjes in proza en poezy in ’t Moederland is, zoo arm is Suriname in dat opzicht.” Zo introduceerde dominee C. van Schaick in 1853 zijn Dichtbundeltje voor de Surinaamsche jeugd (zie dbnl.org). De hedendaagse lezer fronst daarbij soms de wenkbrauwen over de toenmalige samenleving (waarin de slavernij nog niet afgeschaft was). Toch is het interessant als een heel vroeg voorbeeld van jeugdliteratuur die probeert aan te sluiten bij de Surinaamse leefomgeving (een stinkvogel, een grietjebie, een hagedis, een tropische bui), stereotypen (een dronken indiaan) en bijzonderheden in het taalgebruik. De Commissie voor het Onderwijs fronste bij verschijnen eveneens de wenkbrauwen, maar dan vooral omdat er te veel ‘Negerengelse’ woorden in opgenomen zijn.

Nadat in 1863 de slavernij was afgeschaft, werd in 1876 de algemene leerplicht ingevoerd en werd het Nederlands de enige officiële schooltaal. De scholen en de kinderen bleven tot diep in de 20e eeuw aangewezen op leesmateriaal uit Nederland. Met slechts af en toe een door een Nederlandse auteur geschreven boek met een vleugje Suriname als exotisch en tot het christendom te bekeren land.

Door de marginale positie van deze literatuur beseffen ook nog maar weinigen dat de Surinaamse jeugdliteratuur erfgoed is van Suriname en Nederland.

Een Surinaamse jeugdliteratuur ontstond pas na de Tweede Wereldoorlog, toen de economie en het zelfbewustzijn groeiden, in 1975 uitmondend in de onafhankelijke Republiek Suriname. Als eerste echt Surinaams kinderboek beschouwt men het in 1962 door het Bureau Volkslectuur uitgegeven Baccha het ezeljong (van Lou Lichtveld en Jnan Adhin). In de jaren zeventig debuteerden Thea Doelwijt, Gerrit Barron en Mechtelly. Het aanbod aan auteurs en titels verbreedde zich geleidelijk. Er waren veelschrijvers bij, maar veelal ook eendagsvliegen. De recente decennia overziende noteerde Els Moor in 2008 in haar boek Lees je wijs! Hoe bevorderen we leesplezier bij kinderen?: “Er is een Surinaamse kinderliteratuur. Misschien één kast vol, maar we zijn er, we tellen mee in de gigantische wereldkinderliteratuur!” Moor presenteerde een basislijst van ca. 250 titels voor het leesonderwijs aan Surinaamse kinderen. Ze voorzag zestig titels van een samenvatting en van suggesties voor een didactische werkvorm.

Waarom een Surinaamse jeugdliteratuur?

Volgens Moor zijn Surinaamse kinderboeken belangrijk omdat ze een herkenbare en vertrouwde wereld tonen: “Ze bieden kinderen een belevingswereld die voor hen herkenbaar is, een wereld waarin zij namen van figuren, plaatsen, flora en fauna, historische gebeurtenissen, culturele feesten (her)kennen.” En “de humor, de zegswijzen, het taalgebruik, de spreekwoorden, uitdrukkingen, odo’s zijn de kinderen vertrouwd.” De boeken vragen ook aandacht voor “de eigen geschiedenis, de diverse culturen, de feesten, het tropisch regenwoud, onze natuurlijke rijkdommen”.

Ismene Krishnadath, auteur en uitgeefster: “De Surinaamse leefwereld biedt een schat aan literaire inspiratiebronnen … Ik wil niet alleen meer verhalen met bosvarkens, maar ook met gingamaka, bosspinnen, kakkerlakken, mieren, miereneters, grietjebies, ibissen, sapakara’s, tigrikati’s, kwie kwie’s en zo voort.” En in het multi-etnische Suriname kunnen kinderboeken “een bijdrage leveren aan kennis van de verschillende bevolkingsgroepen over elkaar”. Ook vraagt ze, onder verwijzing naar de al genoemde Gerrit Barron, aandacht voor de bijdrage van kinderboeken aan decolonizing the mind en aan het behoud van de eigen cultuur van de diverse bevolkingsgroepen.

Waar staat dan die kast met Surinaamse jeugdliteratuur?

Zowel in de koloniale als in de moderne tijd hebben auteurs vanuit genoemde en vergelijkbare motieven hun best gedaan om maatwerk te leveren voor de jonge lezers. Hierdoor is er een substantieel corpus over dit thema ontstaan. Volgens een recente telling in verschillende Nederlandse bibliotheeksystemen zijn er de afgelopen 170 jaar naar schatting 1300 titels geproduceerd waar het etiket Surinaamse jeugdliteratuur op past. Dat is wel inclusief jeugdboeken uit Nederland waarin Suriname of Surinamers in de diaspora op de een of andere manier een thema vormen.

Voor de lange termijn is het doel om de gebruikers een digitale versie van alle titels uit de Surinaamse jeugdliteratuur te kunnen aanbieden

Kinderboekenschrijver Jack Pinas

“Het is misschien één kast”, schreef Els Moor. En omdat de boekjes gemiddeld aan de dunne kant zijn, is één kast wellicht ook wel genoeg voor het opbergen én etaleren van de Surinaamse jeugdliteratuur. Toch heeft nooit een instelling of persoon specifiek een kast gereserveerd voor het verzamelen, bewaren en aanbieden van deze uitgaven. De zichtbaarheid van de uitgaven was en is helaas niet groot; het gaat doorgaans om kleine oplagen die door de omvang van het land en de matige infrastructuur maar moeilijk de scholen en de kinderen hebben bereikt. Spijtig voor zowel de auteurs als de lezers. En van die kleine oplagen zijn er veel weer verloren gaan; de veelal matige kwaliteit van het papier en het tropische klimaat helpen ook al niet mee.

Door de marginale positie van deze literatuur beseffen ook nog maar weinigen dat de Surinaamse jeugdliteratuur erfgoed is van Suriname en Nederland, en dat het zeer de moeite waard is om ze te bewaren. In Suriname zijn recentere uitgaven nog wel te vinden bij wat boekhandels of rechtstreeks bij de uitgevers (met name Publishing Services Suriname en Ralicon), maar oudere uitgaven zijn nog maar moeilijk te vinden. De bittere ironie hierbij is dat deze uitgaven beter zijn verzameld en bewaard in Nederland (bij instellingen als de Leidse Universiteit en de Koninklijke Bibliotheek) dan in het land van de auteurs, die juist aandacht wilden geven aan het ‘eigene’ van de nieuwe natie Suriname.

Naar een digitale boekenkast

Els Moor

Het Boekenportaal Suriname wil prioriteit geven aan het inrichten van een duurzame ‘digitale kast’ voor de jeugdliteratuur, zodat ze voor de toekomst bewaard wordt. Maar het primaire motief is om deze werken voor de huidige lezers en andere geïnteresseerden beter zichtbaar en bereikbaar te maken. Het bereidt zich momenteel voor om in de loop van 2021 via zijn website een zo compleet mogelijke bibliografie van de Surinaamse jeugdliteratuur aan te bieden. Vanuit deze bibliografie zal verwezen worden naar informatie over de vindplaats en verkrijgbaarheid van de boeken, hetzij in boekvorm, hetzij in digitale vorm. Hierbij zal verwezen kunnen worden naar titels die te koop zijn in Suriname én in Nederland, maar ook naar de titels die gratis te lezen zijn bij bijvoorbeeld het Boekenportaal Suriname en de DBNL.

Voor de lange termijn is het doel om de gebruikers een digitale versie van alle titels uit de Surinaamse jeugdliteratuur aan te bieden. Vooralsnog ontbreken de middelen om alles te digitaliseren. Wel zal de Koninklijke Bibliotheek in samenwerking met het Boekenportaal een begin maken met het digitaliseren van de 250 titels die Els Moor heeft opgenomen in de hierboven vermelde basislijst. En daarnaast zijn beide partijen gezamenlijk op zoek gegaan naar financiële mogelijkheden om nog wat meer titels in de digitale kast te plaatsen. Vanzelfsprekend is hiervoor niet alleen geld nodig, maar ook de toestemming van de auteurs en illustratoren om hun werk digitaal te mogen hergebruiken. De ervaring leert dat dat niet altijd zonder slag of stoot gaat. Doorgaans is men wel bereid om een werk dat niet meer te koop is, langs digitale weg een tweede leven en groter bereik te geven.

Cees Klapwijk werkt als informatiespecialist bij de Koninklijke Bibliotheek (Den Haag) aan diverse digitaliseringsprojecten op het gebied van de Nederlandstalige literatuur.
Contact: cees.klapwijk@kb.nl

[Met toestemming van de auteur overgenomen uit Neerlandia, 2021-1]

1 comment to “Het Boekenportaal Suriname – Deel 2: Surinaamse jeugdliteratuur”

  • Wat een bijzonder leuk initiatief. Cees, we worden graag op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen omtrent dit thema. Veel succes.

    Naomi Rustenberg en Olivia Smith (auteur ‘Sem en Jazz gaan naar Suriname’)

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter