blog | werkgroep caraïbische letteren

Hecht en Sterk

door Lila Gobardhan-Rambocus

Shrinivási bij de presentatie van Hecht en Sterk op Curaçao in  het auditorium van de Nationale Bibliotheek Curaçao op 2 februari 2013

 

Hecht en Sterkverschijnt tweeëntwintig jaar na Sangam, de bundel waarvoor Shrinivási de Literatuurprijs van Suriname 1989-1991 werd toegekend. Geert Koefoed heeft in 1993 de tweede uitgave verzorgd en nu ook Hecht en Sterk, waarin hij een mooi nawoord heeft geschreven.
Shrinivási’s poëzie is voor elk wat wils: mooi, eenvoudig van taal én met diepere betekenislagen. Denkend aan Shrinivási komt meestal meteen ‘Deháti’ in mij op. Het gedicht uit zijn eerste bundel Anjali (1963) dat mij toen zo heeft geraakt. Het deed me denken aan het kind dat ik was toen ik op Meerzorg woonde. Ik voelde de pijn die de dichter verwoordde:
Opgebezemd
uit de modder
met koemest
aan de hielen
heb ik de drempel
van de Stad overschreden.
Ik heb een nieuw geloof beleden
van Caritas
Justitia.
Maar de patriciërs
braken het brood
nimmer met een paria.
Toen keerde ik
terug naar de rook
van de stallen
vreemd en
verstoten
onder mijn eigen volk.
Shrinivási en de Arubaans-Nederlandse criticus Henry Habibe

 

In Hecht en Sterk komen thema’s uit zijn eerdere poëzie terug. Zes gedichten uit Sangam zijn in deze bundel opgenomen, omdat, volgens Koefoed, Sangam niet bekend is in Nederland en Vlaanderen. Een van de mooiste gedichten uit deze groep is ‘Toen realiseerde hij zich…’ (p. 68). In dertien versregels een enkele zin. Het terugkeren van de thema’s – steeds anders verwoord – geeft deze bundel iets vertrouwds, en in deze fase van zijn leven accepteert de dichter het leven zoals het komt. Hij heeft net als in eerdere bundels oog voor alle details die naar hem toekomen, zoals een kind dat verwonderd zijn kleine wereld tegemoet treedt.

 

In 1991 schreef ik op de achterkant van het omslag van Sangam onder meer dat Shrinivási’s schrijven een zoektocht is naar de essentiële vraagstukken in het menselijk leven, waarin leven en dood centraal staan. Binnen deze zoektocht bleef hij oog hebben voor de schoonheid van de samenleving. Voor Shrinivási geldt daarom nog steeds dat een kunstenaar maar één lied heeft. In Hecht en Sterk is de melodie heel anders dan bij de vorige bundels: herinnerend, beschouwend, aanvaardend en speels. Zij blijft echter mooi en blijft nog lang in onze oren naklinken.

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter