blog | werkgroep caraïbische letteren

De slavernij is opgeslagen in het collectief geheugen

door Emma Veenstra

Soms is een kwestie na jaren nog steeds actueel [Bijeen, juni 2000]:
Op 1 juli herdenken de Surinamers opnieuw de afschaffing van de slavernij, nu 137 jaar geleden. Dan is het Keti Koti Dei, de dag dat de ‘ketenen verbroken’ werden. Een dag die voor Surinamers steeds belangrijker wordt, want de laatste tien jaar groeit de belangstelling voor het verleden dat de Nederlandse geschiedenisboeken tot nu toe nadrukkelijk verzwegen hebben en dat ook in het onderwijs nog steeds geen aandacht krijgt.

Het Afro Surinaams Cultureel Centrum (ASCC) in Amsterdam-Zuidoost hield vorig jaar een speciaal congres over dit onderwerp onder het motto ‘Uit de as herrezen’. Eén van de meest opmerkelijke lezingen ging over de symbolen en rituelen van de slavernij. Spreekster was dr. Gloria Wekker, van huis uit antropologe en sinds 1994 universitair docent Vrouwenstudies aan de faculteit der letteren van de Universiteit van Utrecht. Begin jaren ’90 haalde zij het nieuws vanwege haar onderzoek naar de subjectiviteits- en seksualiteitsbeleving van Creoolse vrouwen uit Paramaribo, waarop zij in 1992 promoveerde  aan de Universiteit van Californië in Los Angeles.

Dr. Wekker, geboren in Suriname maar vanaf haar eerste jaar in Nederland, was tot een fascinerende ontdekking gekomen. terwijl er in alle Indogermaanse (lees: blanke) talen slechts één woord is om het ‘ik’ aan te duiden, bleken er in het Sranang Tongo, het Surinaams, enorme variatiemogelijkheden voorhanden te zijn om over jezelf te praten. Niet alleen in enkelvoud en meervoud, maar ook in de manlijke en vrouwelijke vormen en in de derde persoon. Daarmee toonde de antropologe aan, dat de zelfbeleving van Creoolse vrouwen is samengesteld uit verschillende delen die, afhankelijk van de situatie, naar believen kunnen worden ingezet en daarmee per definitie dynamisch en veranderlijk zijn. Een vorm van zelfexpressie die haaks staat  op het westerse ‘ik’, dat juist heel statisch is en suggereert herkenbaar, voorspelbaar en betrouwbaar te zijn. Hoe groot de impact van deze constatering is blijkt alleen al uit het feit, dat de westerse psychiatrie zich geen raad weet met Surinamers en andere nieuwkomers: veel vaker dan Nederlanders zouden zij lijden aan ‘schizofrenie’.

Rituele degradatie
Het is een saillant voorbeeld van de wijze waarop het hele dagelijkse bestaan doortrokken is van vooronderstellingen, die niet getoetst (kunnen) worden aan een objectief referentiepunt.  Eenvoudig omdat de deelnemers van de betrokken samenleving niet eens beseffen dat het anders zou kunnen zijn dan het – in hun cultuur – is. Alleen een relatieve buitenstaander, iemand die geen deel uitmaakt van het heersende systeem of juist deel heeft aan meerdere systemen, kan eventueel wijzen op een gebrek aan logica. Gloria Wekker: “Zo zijn het bijvoorbeeld Amerikaanse historici geweest, die Nederland erop attendeerden hoe vreemd het was dat wij de vaderlandse geschiedenis en die van de koloniën gesplitst hadden. Daar waren wij ons niet eens van bewust!  Tot op heden zijn het twee aparte specialisaties gebleven, terwijl de welvaart van de Gouden Eeuw voor een belangrijk deel te danken was aan de enorme winsten, die Westindiëvaarders boekten bij het verschepen van duizenden Afrikanen naar de eigen koloniën en de rest van Amerika.”

‘Iedereen gaat er onbewust van uit dat de blanken beter zijn en dus recht hebben op betere banen’

Is het in dit licht niet extra opvallend dat, nu de Surinamers na meer dan een eeuw eindelijk een duik in hun eigen geschiedenis nemen, meerdere blanke historici zich haasten om te beweren dat het met de vermeende wreedheid onder Nederlandse slaveneigenaren reuze meeviel, en dat de meeste slaven heel goed behandeld werden door hun meesters?

Gloria Wekker knikt. “Alsof de rituele degradatie van de zwarten er niet toe heeft gedaan! Kijk alleen al naar de plaatjes in de boeken van toen – uiteraard gemaakt door blanken. Dan zie je dat de blanke altijd zit, de zwarte staat, veelal met een paraplu om de meester tegen de zon te beschermen. Slaven mochten geen schoenen dragen, moesten naast de stoep lopen enzovoort. En dat is dan nog de meest ‘onschuldige’ vorm van wat men als een vanzelfsprekende maatschappelijke ordening beschouwde.  Er is ook sprake geweest van systematische mishandeling  en chronisch seksueel misbruik van vrouwen. Een dergelijk dagelijks bestaan, doortrokken van het besef niet over jezelf te kunnen beschikken, verdwijnt niet één twee drie alleen omdat je de slavernij afschaft. Generaties lang blijft dat opgeslagen in het collectieve geheugen en daar hebben we dus nog steeds last van. De Franse socioloog Bourdieu betitelt dit als onze ‘habitus’. Een reeks van onbewuste manieren van zijn en dingen doen, die als het ware in je cultuur liggen opgeslagen en die je, zonder dat te beseffen, doorgeeft aan de volgende generatie. Het gaat er nu dus om dat we, willen we echt iets veranderen, bekijken wat wij kunnen en mogen verwachten van onszelf en van witte Nederlanders. Een herdenkingsmonument kan daarbij helpen als aanzet. Maar het blijft een symbolisch begin. Daarnaast moet er veel meer gebeuren, niet in de laatste plaats in het onderwijs. Je kunt je geschiedenis pas verwerken als je hem kent en weet te duiden.”

Onmondig of eigenwijs
Behalve universitair docent is Gloria Wekker ook directeur van het expertisecentrum Gender, Etniciteit en Multiculturaliteit (GEM), dat onderwijsinstellingen adviseert bij de vraag hoe de huidige opleidingen beter kunnen aansluiten op onze multiculturele samenleving. Je kunt het onderwijs van nu onmogelijk nog schoeien op de leest van de jaren zestig, betoogt ze.  “Iedereen schijnt zich af te vragen hoe we al die minderheden kunnen assimileren, maar dat het systeem zelf zou moeten veranderen, is kennelijk geen optie.”
Ze is tegen oplossingen als het geven van meer voorlichting in de trant van boekjes waarin je kunt lezen dat je bij een bezoek aan Turken of Marokkanen eerst je schoenen uit moet doen. Het gaat veeleer over de vraag, hoe ras en etniciteit vorm aan ons denken geven. Want dit heeft ertoe geleid dat iedereen er onbewust van uitgaat dat de blanken ‘beter’ zijn en dus recht hebben op betere banen. “Dat leidt tot een ongelijke verdeling van goederen die wij allemaal begeren.” En dat niet alleen, het leidt ook en vooral tot een ongelijke waardering van mensen en hun culturen; de essentie van racisme. “Wat ik onder racisme versta? Dat je als blanke meerderheid de tv aanzet en elke avond opnieuw beelden ziet, die maken dat je blij bent tot de meerderheid te behoren. De ‘rest’ wordt niet of hooguit in negatieve zin vertoond. En wat voor televisieprogramma’s geldt, geldt ook voor het onderwijs.” Haar rastavlechten roeren zich plotseling heftig. “De huidige onderwijssituatie is in één woord deplorabel! Nog geen twee procent van de universitaire docenten behoort tot een minderheid, dat is een gotspe!   Daarmee weet je nu al dat er in de volgende generatie weer een tweedeling zal zijn. Want waarmee kunnen de kinderen van nu zich identificeren?”

In Amerika, weet Wekker uit ervaring, biedt iedere school cursussen aan die ‘over jou’ als minderheid gaan. Lessen waarin je je eigen achtergrond herkent, met docenten uit je eigen cultuur. “Als je kinderen, zoals hier, het onderwijs onthoudt dat hen een fighting chance geeft, is dat fnuikend voor hun mogelijkheden.”
Daar komt nog bij dat het trauma van de slavernij er onder Surinamers toe heeft geleid, dat zij ook hun eigen kinderen veelal als ‘onmondig’ bejegenen. “Eigenwijsheid wordt in de opvoeding niet erg op prijs gesteld en al gauw als vrijpostigheid  bestempeld,” betoogt Wekker.  “Natuurlijk blijven beleefdheid en respect belangrijke kwaliteiten, maar als het de eigenheid van kinderen onderdrukt, werkt dat beslist niet in hun voordeel.” Misschien dat de doorsnee Nederlander daarom de illusie heeft dat het met de discriminatie hier wel meevalt?

– Onlangs was er een VPRO televisieprogramma waarin minderheden  hun licht over de Hollander konden laten schijnen. Een Surinaamse musicus zei toen: zorg dat je nooit een ‘boze neger’ wordt. Is er dan sprake van veel woede?
“Absoluut. Maar die woede moeten we zien om te zetten in iets constructiefs. Vergeet niet: wij zijn ook Hollanders! In die zin zijn wij Surinamers meervoudig. En zo leer je bijvoorbeeld dat je in Nederland meer bereikt met consensus dan met woede.”  En enigszins ironisch voegt zij daar aan toe: “het poldermodel!”

Ze zijn lui en dom
Al moet een mens zich soms verbijten. Vooral nu er sinds geruime tijd hevig gediscussieerd wordt over het ‘multiculturele drama’. “Met witte heren als Scheffer en Schnabel. Of zoals onlangs Kohnstamm, emeritus hoogleraar pychologie, die in de Volkskrant zei: ‘Ze missen een gen, we moeten ze meer werklust geven.’ En ook: ‘Ze zijn gewoon lui en dom.’
Dr. Wekker rommelt in een stapeltje papieren, drukt me dan een artikel in de hand dat kopt met ‘Privé roepen we wél dat die groep dommer is.’ Gloria: “Veel mensen werken keihard en dan horen ze: ‘Jullie missen een gen. We moeten proberen goede trambestuurders van jullie te maken.’ Nu is Kohnstamm met zijn opvattingen misschien wel erg extreem, maar sporen van dit denken zijn wijdverbreid. Dat denken zit diep in ons verankerd. Bij sommigen bedekt, maar het ordent wel de werkelijkheid.”

 [van visie.org, 1 april 2012]

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter