blog | werkgroep caraïbische letteren
Categorie: Geen categorie

Jandino Asporaat: ‘Ik heb een ongegeneerd geloof in mezelf’

door Dominique van Varsseveld

‘Ik ben niet bezig met falen”, zegt Jandino Asporaat. Hij is in restaurant FC Hyena in Amsterdam om te praten over de komedie Bon Bini Holland 2, die op 13 december uitkomt. Een reden om zich bezig te houden met falen, is er ook niet voor Asporaat. Hij verraste in 2015 de Nederlandse filmwereld met zijn eerste film, die meer dan een half miljoen bezoekers trok. „Achteraf hoorde ik dat onze sponsoren al heel blij waren geweest als we de 100.000 hadden gehaald. Nu is het platina. Iedereen denkt: o mijn god wat gebeurt hier joh?” lees verder…

Cornelis Lely: de man van de drooglegging van de Zuiderzee

door Atte Jongstra

“[…] Lely was Tweede Kamerlid, Haags wethouder alsmede gouverneur van Suriname. In de laatste functie liet hij de enige spoorlijn aanleggen die onze kolonie in de West ooit gekend heeft, naar de goudzoekersregio aan de grens met Frans Guyana. lees verder…

Michaël Slory – Alsof men alles loslaat

Fan Michaël Slory, ien fan de grutste Surinaamske dichters, is dizze moanne by útjouwerij In de Knipscheer de blomlêzing Alsof men alles loslaat ferskynd. Juster besteld, dat moarn, sûnder mis, feest. It is nei Ik zal zingen om de zon te laten opkomen (1991) en Torent een man hoog met zijn poëzie (2012) de tredde grutte blomlêzing út syn wurk. lees verder…

Brommerstad Bolivia kiest visvrouw van het jaar

door Marcel Haenen

Dansend in voor de gelegenheid speciaal gemaakte klederdracht streden vijftien Indiaanse vrouwen afgelopen zondagavond in het Boliviaanse oerwoudoord Trinidad – de hoofdstad van de noordelijke provincie Beni – om de titel visvrouw 2007. Het was een spannend spektakel. Vijftien exotische vrouwen hielden een parade met tropische riviervissen. Ondertussen staken leden van de gemeenschap die de vrouwen vertegenwoordigden vuurwerk af en speelde het orkest Los Ases del Beni opzwepende muziek. Het publiek langs de kant genoot van heerlijk Boliviaans bier en veel gegrilde vis zoals pacú of tambaquí. En aan het eind van de avond slingerde iedereen zich op zijn brommer. Want in het ongeveer 90.000 inwoners tellende Trinidad verplaatst vrijwel iedereen zich op een knalpot. Het is heel gewoon om een voltallig helmenloos gezin op één motorfiets voorbij te zien flitsen.

Beni is indianengebied. De inheemse bewoners leven van hun kostgrondjes en van de vis die ze vangen in de grootste Amazone rivier van Bolivia de Rio Mamore. Daar zwemt ook de prachtige roze rivierdolfijn Inia geoffrensis humboldtiana die af en toe puffend aan de oppervlakte verschijnt. De indianen leven in kleine gemeenschappen zonder stromend water of elektriciteit. Hoewel, bij sommige bamboehutten hangt een zonnepaneel. De elektriciteit die zo wordt opgewekt, gebruiken de indianen onder meer om op een televisie naar DVD films te kunnen kijken.
Vooral door de aanwezigheid van vele verschillende indianenstammen is Bolivia een van de kleurrijkste landen van Zuid-Amerika. Het afgelopen weekeinde vierde Aymara indiaan Evo Morales dat hij anderhalf jaar aan de macht is. Hij is de eerste indiaan die het in Bolivia tot dit ambt heeft geschopt. Een feit waarop de meeste Bolivianen nog steeds reuze trots zijn.

Maar in Beni valt het wel mee met de bewondering voor Evo. De inwoners klagen over inflatie, gebrek aan werk en de falende hulpverlening nadat deze provincie begin dit jaar onder water liep. De indianen van Beni sluiten zich in meerderheid aan bij de relatief rijke buren in de provincie Santa Cruz die naar meer autonomie streven. In het centrum van Trinidad zijn de pilaren voor het gebouw van het openbaar ministerie vol gekalkt met teksten waarin Evo dood wordt gewenst. Evo is een hond, staat er. Evo is een communist. En Evo is een teringindiaan.
Het racisme is groot in Bolivia. Veel indianen leven nog steeds in grote armoede en worden uitgebuit als dienstmeisjes of boerenknechten. Morales zei dit weekeinde dat hij voor het einde van zijn ambtstermijn in 2011 een einde wil maken aan de slavernij waarin indianen op sommige plekken leven.
In het zuiden van het land – in de regio Chaco – wonen volgens onderzoek van de Organisatie van Amerikaanse Staten nog zo’n duizend Guaraní families onder middeleeuwse omstandigheden. Ze werken op boerderijen als landbouwers, hoeden het vee of zijn kindhoertjes. Tegen de grootgrondbezitters moeten de slaven papa of mama zeggen en meestal genieten ze alleen kost en inwoning en geen salaris. Ze hebben geen bewegingsvrijheid.
Veel indianen hebben de achternaam van hun ‘eigenaren’. Als ze hun werk niet naar behoren uitvoeren, krijgen ze zweepslagen. Sommige boerderijen worden in de Chaco verkocht met inbegrip van de slaven.
De strategie van de Boliviaanse regering bestaat eruit om land te onteigenen en ter beschikking te stellen aan de indianen. Zo krijgen ze niet alleen een eigen plek terug maar worden ook in staat gesteld hun eigen voedsel te verbouwen.
Maar indianenpresident of niet, volgens de Interamerikaanse Commissie voor de Mensenrechten van de OAS zijn de autoriteiten nog veel te laks in het uitvoeren van maatregelen die een einde moeten maken aan de indianenslavernij.
,,Apoita aiko chepiaguive cheyambae”, heet de studie waarin het treurige lot wordt beschreven. Het is guaraní en betekent: ik wil vrij zijn, zonder eigenaar.
Zo en nu gaan we weer het donkere, internetloze bos in. Kijken of het echt zo makkelijk is
piranha’s te vangen.

[uit NRC, dinsdag 24 juli 2007]


Commentaar van de redactie van CU:

Let op de frappante overeenkomst tussen de foto hierboven en de gravure uit Stedmans Narrative of a five year’s expedition against the revolted negroes of Surinam, 1796, hieronder:

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter