blog | werkgroep caraïbische letteren

Andere contractarbeiders

door Jerry Egger

Bij contractanten die naar Suriname kwamen in de tweede helft van de 19de eeuw, wordt direct gedacht aan Aziaten. Er zijn verschillende publicaties met gegevens over en analyses van deze groepen. Nu is er een belangrijke aanvulling op het verhaal van contractarbeid. Ook arbeiders van dichter bij huis werden naar de plantages gebracht na de afschaffing van de slavernij in 1863. Zij kwamen uit Barbados, St. Lucia en Guyana. Humphrey Lamur, Ruth Dors en N. Boldewijn hebben deze groep uit de vergetelheid gehaald in hun publicatie, West Indische Contract Arbeiders in Suriname, 1863-1899. Het is niet alleen een namenboek geworden waarbij allen die hier aankwamen, worden genoemd. Er is een goede inleiding. Verder zijn alle aantekeningen die ook in de archieven voorkomen over specifieke personen, opgenomen waardoor de lezer meer te weten komt over sommige personen die naar Suriname kwamen.

Barbados4

Kerkgangers van Barbados

In het inleidend deel worden de achtergronden geschetst van immigratie naar Suriname. De pogingen van planters om zelf mensen naar Suriname te brengen, mislukten. Zij hadden wel de noodzaak ingezien arbeiders te halen om na de afschaffing van de slavernij te werken indien de ex-slaafgemaakten besloten niet meer tegen loon, arbeid te verrichten voor hun voormalige eigenaars. Deze poging mislukte en de Nederlandse regering moest inspringen met middelen om geregelde aanvoer te garanderen. Op 7 december 1863 kwamen de eerste Barbadianen naar Suriname. In totaal zouden tot 1892 zo een 2512 mensen uit de verschillende gebieden komen. Deze bronnenpublicaties brengen ook nieuwe zaken aan het licht. Traditioneel wordt vermeld dat de eerste hindostanen in juni 1873 naar Suriname kwamen, maar al in 1868 zijn er enkelen naar Suriname gekomen van de Britse West-Indische gebieden. Tussen 1868 en 1873 werden in totaal 112 hindostanen naar hier vervoerd. Door bronnen te raadplegen, worden soms hier en daar nuanceringen aangebracht in bekende plaatjes die in de geschiedenisboeken voorkomen.

whitby
De auteurs weten nog meer uit de bronnen te halen. Het sterftecijfer onder de contractanten was schrikbarend hoog. Kinderen stierven meestal heel jong, maar ook vrouwen leefden niet lang, waardoor de natuurlijke aanwas nauwelijks van de grond kwam. Het is duidelijk dat er zo kort na de afschaffing van de slavernij in eerste instantie niet veel veranderde. De planters klaagden dat deze arbeiders niet voldeden en dit beeld wordt ook herhaald in de geschiedenisboeken. Lamur en zijn medeauteurs maken terecht de kanttekening dat de omstandigheden waaronder deze groep mensen moest werken en leven heel slecht waren. Wat ook een rol gespeeld zal hebben, is het feit dat zij heel andere verwachtingen moeten hebben gehad toen zij het besluit namen naar Suriname te komen. De slavernij in de Engelse gebieden was al langer dan 25 jaar afgeschaft, terwijl dat in Suriname kort voor hun aankomst geschiedde. Van de West-Indische contractanten werd dan ook gezegd dat zij niet bereid waren onder alle omstandigheden te werken, niet voldeden en vaak protesteerden. Er zijn voldoende redenen om aan te geven dat dit inderdaad het geval zal zijn geweest.
Menselijk leed in een andere vorm wordt ook in het boek beschreven. Kinderen van ouders of van alleenstaande moeders die wees werden, konden door andere gezinnen grootgebracht worden. Maar er zijn ook gevallen bekend van kidnapping. Zo is het meisje Louisa Clark gewoon meegenomen naar Demerara door een kinderloos echtpaar. Er zijn meerdere gevallen bekend waarbij kinderen verdwenen zonder dat er toestemming was gegeven. Van het menselijk leed dat hierdoor werd veroorzaakt kan men zich een voorstelling maken. Kinderen verlieten hun broertjes en zusjes en andere overgebleven familieleden, zonder dat die ze waarschijnlijk ooit hebben teruggezien.

Illustration_-_The_Sorrows_of_Yamba3-400x246

Slavernij: Illustratie van The Sorrows of Yamba, een gedicht over een slaaf op Saint Lucia

Ondanks al het negatieve wat er is gebeurd, is er ook wat positiefs te melden. Evenals de andere contractanten hebben West-Indiërs de verschrikkingen overleefd. Vandaag herinneren namen als Cadogan, Callender, Chandler, Cumberbatch, Small, Redmond, Seymor, Walker en Warner ons aan dit verleden. We kunnen concluderen dat de nazaten het bewijs zijn dat de voorvaders hebben doorgezet, niet hebben opgegeven en uiteindelijk wat hebben bereikt in het land waar zij hoopvol naartoe zijn gekomen. De Stichting Matzeliger Instituut en het Nationaal Archief Suriname (NAS) hebben een goed besluit genomen om dit bronnenboek te publiceren. Lamur en zijn medeauteurs hebben belangrijk werk gedaan voor toekomstige geschiedschrijvers die dieper willen ingaan op de contractarbeid uit de buurlanden.
H.E. Lamur, N.H.A. Boldewijn en R. Dors: West Indische Contract Arbeiders in Suriname 1863-1899: Hoge [kinder]sterfte en laag geboorteniveau. Paramaribo: Stichting Matzeliger Instituut/ Nationaal Archief Suriname, 2014. ISBN 978-99914-7-265-2

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter