blog | werkgroep caraïbische letteren

Wit privilege / Zwarte wrok

“We worden niet geholpen door ons voortdurend met dit verleden bezig te houden, door dit verleden te haten. Richt jezelf op de toekomst. Vestig je aandacht op een daadwerkelijke betrokkenheid en liefde voor elkaar, ongeacht huidkleur en sociale afkomst ‑ een ideaal dat veel meer vruchten afwerpt voor jezelf en anderen.”

 
door Aart G. Broek
Oud-gezaghebber, advocaat en literair auteur mr. Ornelio ‘Kees’ Martina (Curaçao, 1930 -1996): “Eenmaal van school, richtten een dertigtal van ons werkende jongelui de Jolly Fellows Society op in 1946. Wij verzetten ons niet op agressieve wijze tegen het oude standenverschil, maar accepteerden het evenmin als vanzelfsprekend. Wij sloegen een eigen weg in en werden gevoed door de overtuiging dat wij net zo goed waren als de clubs waarvan de leden een hogere sociale status hadden en licht of lichter gekleurd waren. Wij accepteerden en waardeerden onze Afro-Caraïbische achtergrond, maar niet de lage maatschappelijke status die daarbij hoorde.”
“We realiseerden ons dat, bij voorbeeld in de politiek, de donker gekleurde bevolking toch nog steeds niet voldoende macht had gekregen. Zij bleven nummer twee op de kieslijst. Hierin kwam pas verandering na de rellen van 30 mei 1969. Toen had zich de ontwikkeling voltrokken van een door blanken gedomineerde politiek naar de Afro‑Curaçaose politieke dominantie, naar awor nos ta manda, nu hebben wij de touwtjes in handen.”

Verzamelde gedichten van Ornelio Martina, Alivio, verschenen onder de titel Alivio, Willemstad, Curaçao: Carilexis, 1999

Martina werkte in de loop van de decennia het hardst aan zijn carrière bij de eilandelijke overheid, die uit zou lopen op de functie van gezaghebber – vergelijkbaar met burgemeester – van het Eilandgebied Curaçao. Hij werd een van de mannen die touwtjes in de handen kreeg. Martina liet zich leiden door een heldere overtuiging.

“De jongere generatie zal, wil zij aan haar eigen ontwikkeling kunnen werken, moeten breken met zeer veel kenmerken van het doen en laten van haar ouders. Wij verafschuwden dat benauwde, gesloten gedragspatroon van vroeger, de onderlinge roddel, haat en wraakoefeningen, de soms ongecontroleerde passies, de remmende afhankelijkheden van kleine sociaal-etnische groepen, de zorgeloze houding van mannen naar hun kinderen en naar vrouwen, het falende verzet van vrouwen tegen dit gedrag van mannen. Dàt hielp ons niet verder vooruit. Maar evenmin worden wij geholpen door ons voortdurend met dit verleden bezig te houden, door dit verleden te haten.”
“Breek met dat verleden en met die haat. Richt jezelf op de toekomst. Vestig je aandacht op een daadwerkelijke betrokkenheid en liefde voor elkaar, ongeacht huidkleur en sociale afkomst ‑ een ideaal dat veel meer vruchten afwerpt voor jezelf en anderen.”

***

Voorgaande is een fragment uit het hoofdstuk ‘De last van het verleden’ in Aart G. Broek, Schaamrood; Aantekeningen over angst, agressie en ambitie (Haarlem: In de Knipscheer, 2017)

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter