blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Mitrasingh Ben

Het einde cultuur van ‘tjoep, tjoep kuch na bol’

door Benjamin S. Mitrasingh

Zou het waar zijn of wordt het maar verzonnen? Dat vragen vele Hindostanen die wat redelijk Sarnami kennen zich ook af. Vanwaar opeens die mondigheid van de Hindostaanse cabaretiers om politieke praatprogramma’s te maken? Waarom zwijgen de andere bevolkingsgroepen dan opeens? Die hadden het toch altijd voor het zeggen. Of is men blijven steken in de Nederlandse showprogramma’s met zinnen als Amsterdam is mooier dan Parijs of zijn die opeens de bewonderaars van de big business geworden? Daar lijkt het bijna wel op, want voor sommige Surinaamse showmakers houdt deze naäparij van de Nederlandse cultuur maar niet op. read on…

Centrum Lalla Rookh heeft nu een prachtig museum

door Benjamin S. Mitrasingh

Het heeft lang geduurd, maar het is eindelijk zover. De Nationale Stichting Hindostaanse Immigratie (NSHI) mag blij en trots zijn op haar museum in Gebouw 2 op het Lalla Rookh complex. Volgens museologen is dit museum het mooiste museum van Suriname. Het ziet er werkelijk heel keurig uit, met enorm veel historische informatie. read on…

Lachmon en de verbroederingspolitiek in Suriname

door Benjamin S. Mitrasingh

Het boek van Evert Gonesh over de Verbroederingspolitiek in Suriname is een zwaarwichtig politiek historisch werk, met een veelheid aan noten en bronnen. Na het standaardwerk van Jules Sedney De toekomst van ons verleden (mei 2010), is dit boek van Evert G. Gonesh (voorheen Evert Azimullah) ook voor elke politicus in Suriname een ‘must’. En niet zomaar een ‘must’ maar een boek dat we intensief moeten lezen, omdat het lezen van dit soort boeken elke politicus in Suriname ten goede zal komen. read on…

Onjuiste namen op monument van Mariënburg

door Benjamin S. Mitrasingh

Momenteel is in Suriname mijn oude vriend Moti Marhé. Moti heeft Nederlands en Hindi gestudeerd aan de Rijksuniversiteit in Leiden en ik archeologie. Op 5 juni 1978, dus 37 jaar geleden, hebben Moti en ik de brochure samengesteld: Mathura, Ramjanee en Raygaroo; verzet tegen uitbuiting en onderdrukking in Suriname. Ik heb het bronnenonderzoek gedaan en Moti heeft de tekst geredigeerd. In deze brochure schrijft Moti heel duidelijk dat het is geschreven ‘…voor baba en mai…’ read on…

‘Hindostaanse Surinamers in Nederland 1973-2013’

door Benjamin Mitrasingh

Het eerste waarover ik viel toen ik het boek van Chan E.S. Choenni in mijn handen had, was de titel van het boek. Het is vooral de bescheidenheid van Choenni die mij stoort, want hij hoeft helemaal niet zo bescheiden te zijn. Als ons universiteitskader maar een tiende had van de publiciteitsijver van Choenni, dan zouden wij nu hier een bloeiende universiteit hebben. read on…

Hindostaanse Surinamers in Nederland 1973-2013

door Benjamin Mitrasingh

Het eerste waarover ik viel toen ik het boek van Chan E.S. Choenni Hindostaanse Surinamers in Nederland 1973-2013 in mijn handen had, was de titel van het boek. Het is vooral de bescheidenheid van Choenni die mij stoort, want hij hoeft helemaal niet zo bescheiden te zijn. Als ons universiteitskader maar een tiende had van de publiciteitsijver van Choenni, dan zouden wij nu hier een bloeiende universiteit hebben. read on…

Leuk boekje over Plantage Mariënburg

District Commewijne. Foto © Aafke Huizinga

door Benjamin Mitrasingh
In de boekhandel is een leuk boekje over de plantage Mariënburg te vinden, alleen schrik je onmiddellijk van de prijs van het boek. Dan is het grote boek van dr André Loor wel redelijk in de prijs. Een compliment verdient zeker de schrijfster van het boek Anne Blondé, maar dan moeten wij ook erbij vermelden dat zij bij elk volgend schrijfproduct van haar wel een nauwkeuriger eindcorrector moet raadplegen. Want het stoort bij het lezen wel enorm, als er bij het woord ‘suikerrriet’ de lidwoorden ‘de’ en ‘het’ door elkaar worden gebruikt. Het woord is ‘het’ suikerriet en dan mag de eenvoudige Toekijan Soekardi in zijn notities wel ‘de’ suikerriet’ hebben geschreven, maar dat mag hij, want het zijn zijn eigen aantekeningen die hij nu nog gebruikt als bescheiden toeristengids van de plantage. Die aantekeningen biedt hij niet te koop aan, wat Anne Blondé wel doet met haar boekje. Hierdoor krijgt haar boekje wel het predicaat van ‘wat zielig, maar wel een leuk boekje’.
Anna Blondé

Sommige fototeksten ontbreken helaas volledig in het boekje en de witte teksten op de foto’s zijn bijna onleesbaar. Want wie zijn de mensen op de foto op bladzijde 92. Die foto is gehaald uit een album van de man op de foto, die alles heeft vermeld behalve zijn eigen naam. Hij was agent op Mariënburg en ergens onthult hij zijn eigen borstbeeld.Als onderzoekster en schrijfster verdient Anne Blondé wel beter, omdat zij nu al een goed voorbeeld is voor alle politici van het district Commewijne maar vooral ook voor de onaantastbare geniale ‘luchtkastelenbouwer’ van de suikerplantage. In het boekje (bladzijde 54) krijgt het historisch onderzoek naar het massagraf van 1902 ook aandacht en wordt er ook vermeld: ‘de lichamen van de contractarbeiders werden begraven in een kuil met ongebluste kalk, wat het zo goed als onmogelijk maakt iets van hun resten te vinden’. Met deze conclusie heeft Anne Blondé een enorme ondersteuning gegeven aan het werk van het onderzoeksteam op Mariënburg dat steeds dichterbij komt van de juiste lokatie van het massagraf. Voor de boringen zijn nu langere verstelbare ‘Emperor’ assenstaal boren geleend bij de GMD. De archeologie en de Dienst voor Bodemkartering (DBK) werken namelijk met lichtere en kortere galvaanboren.

De foto’s en kleuren schema’s in het boek zijn heel mooi, maar waarvoor Anne Blondé samen met haar vrienden, zeker een dikke pluim verdient, zijn de uitgebreide noten en de gebruikte literatuur in het boek. Die maken het eindeloos zoeken naar de juiste bronnen, en zeker in Nederland, heel makkelijk.

In het verslag van het onderzoeksteam van Stichting Hindostaanse Immigratie zal je straks kunnen lezen wat het woord Mariënburg precies betekent, waar het vandaan komt en hoeveel slachtoffers er op 30 juli 1902 werkelijk ter plaatse zijn gevallen en hoeveel in het ziekenhuis op Mariënburg zijn overleden. Het is ook nog onduidelijk waar opeens de namen zijn verdwenen van de hoofdmoordenaar Budree en waar die van de verzetsleiders Hardat en Wongsoredjo? Als het boek de maand en het jaar van het onderzoek naar het massagraf van 1902 keurig kan vermelden, namelijk als juni 2013, wie gaat dan schrijven over de uitverkoop van Mariënburg en over de minachting en enorme verwaarlozing van de oud-Javaanse arbeiders? Dit proces begon al na de sluiting van de suikerplantage in medio 1985 en in 2013 was dit proces nog steeds in volle gang?

Als Anne dat niet doet, doen wij het wel. Want sinds 1980 praten we in Suriname over de maatschappelijke relevantie van wetenschapsbeoefening en dat stukje hebben wij gemist in het boekje. Jammer, maar de tijd zal ons hopelijk beter leren. Maar aan Anne en aan ‘kan’ Toekijan, in elk geval een heel hartelijk dankjewel voor hun mooi boekje!Stichting Cultuureducatie 

[van Starnieuws, 1 april 2014]

 

Menselijke beenderen bij opgravingen

Paramaribo – Bij het doen van opgravingen op de hoek van de Heffen- en Korte Kerkstraat zijn zaterdag menselijke beenderen aangetroffen en in beslag genomen. Het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg was bezig de opgravingen te verrichten toen ze op de beenderen stuitte. De politie werd ingeschakeld en constateerde dat het daadwerkelijk om beenderen gaat. De in …

beslag genomen beenderen zijn overgebracht naar het mortuarium van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo. Vorige week waren reeds menselijke resten aangetroffen bij het graven van een kuil voor het aanleggen van een vetput op de hoek van de Heeren- en Klipstenenstraat.
Archeoloog Benjamin Mitrasingh zegt dat het niet zozeer om menselijke beenderen hoeft te gaan. “Er zijn vaak beenderen gevonden bij opgravingen en vaak genoeg ging het om dierlijke beenderen”, zegt Mitrasingh. Hij heeft de beenderen niet gezien. Mitrasingh vindt het jammer dat hij als archeoloog niet erbij is gehaald toen de beenderen ontdekt werden.
“De ligging van de beenderen is onder andere van essentieel belang om te kunnen constateren als het werkelijk om menselijke beenderen gaat” zegt de archeoloog. Veel meer kan hij niet kwijt over de gevonden beenderen, omdat hij die niet heeft kunnen zien.
[van nospang.com, 26 februari 2014]

Spookverhalen op Mariënburg

De Raad van Orzhova, door Velinov
Naast het persbericht over de vermoedelijke locatie van het massagraf van 1902 op Mariënburg, komen volgens onderzoeksleider en archeoloog Benjamin Mitrasingh de spookverhalen nu pas los. Mitrasingh zegt dat het onderzoeksteam aldoor veel pech op Mariënburg heeft gekend en daar heeft tot nu toe niemand ze mee geholpen. Volgens Mitrasingh zijn de spookverhalen echter heel eenvoudig uit te leggen.
“Als men geen buitenstaanders (lees klokkenluiders) wil hebben in een gebied, dan komen deze verhalen opeens los. Uit ervaring weten wij ook dat de ene informant geen kaarten en plattegronden wil afstaan omdat hij daar met geld sjoemelt en van de jagers en vissers weten wij ook, dat elke buitenstaander uit hun jacht- of visgebied geweerd moet worden. In het Blakawatra-gebied werden zelfs de borden van LLB verplaatst totdat men klaar was met jagen en vissen”, aldus de onderzoeksleider.
Het spookverhaal van Mariënburg komt volgens hem erop neer dat jagers en vissers moesten vluchten uit het gebied nabij het massagraf omdat het gehuil en gekrijs van de overledenen ondragelijk was. Mitrasingh weet uit eigen ervaring te vertellen dat hij acht jaar lang op Joden Savanne heeft gewerkt en dat elk spookverhaal van het gebrom in het bos tot en met de vliegende azimma’s, werden ontzenuwd door logisch denken en zeker niet door angst.
De enig bekende foto van een spook gemaakt nabij
Mariënburg
De ene keer was het gebrom het gesnuif van een tijger die naar een drinkplaats zocht en de andere keer was het een vliegmachine die op Zanderij moest landen. “Een hele tijd zie je de schijnwerpers als twee grote ogen en dan opeens niet meer, want dan verdwijnt het vliegtuig achter de boomgrens en landt dan veilig op Zanderij.
Om de gemoedsrust van de lichtgelovigen op Mariënburg tegemoet te komen, zullen volgens Mitrasingh alle religieuze leiders in de gelegenheid worden gesteld om er te komen en te doen wat men nodig acht voor de rust en vrede op Mariënburg. Want nu gaat het archeologisch onderzoek echt beginnen en dat kan om gebeuren van zonsopkomst tot zonsondergang. Naast de religieuze leiders zullen ook de ‘helderzienden’ er welkom zijn. “Want die zijn nodig voor de betrouwbaarheid van alle kaarten, plattegronden en roddelverhalen van het onderzoeksgebied. Het ‘saaie’ archeologisch werk kan nog spannend worden”, aldus de archeoloog Mitrasingh.
[van GFC Nieuws, 30 januari 2014]

 

Archeoloog Mitrasingh wil eindelijk kaarten en plattegronden Mariënburg

Mitrasingh roept hulp minister Moestadja in

Archeoloog Benjamin Mitrasingh heeft zich gewend tot minister Soewarto Moestadja van Binnenlandse Zaken, omdat hij eindelijk eens de kaarten en plattegronden van de voormalige suikerplantage Mariënburg wil ontvangen. De documenten zijn nog steeds in het bezit van Michel Sjak Shie, de projectdrager van de Surinaamse Cultuurmaatschappij NV Mariënburg.
Bron foto: Mitrasingh.

 

Moestadja is behalve minister ook partijgenoot van Sjak Shie. Ze zijn beiden lid van Pertjajah Luhur.
In opdracht van de Stichting Hindoestaanse Immigratie zoekt Mitrasingh naar het massagraf van 1902. Al twee jaar timmert hij samen met de stichting aan de weg om dit project van de grond te krijgen. Begin september vorig jaar werden de werkzaamheden voor onbepaalde tijd stopgezet. De archeoloog, die niet te spreken is over het verloop van het onderzoek, zei eerder dat er ‘aldoor sprake is van een soort politieke chantage en powerplay’. Talrijke afspraken met hoge regeringsfunctionarissen ten spijt.
De jongste inspanning van de archeoloog is het inroepen van de hulp van minister Moestadja. De wetenschapper heeft de plattegronden nodig om de mogelijke locatie van het massagraf aan te geven.
Minister Moestadja heeft vrijdag zijn hulp toegezegd. Wat er nu gaat gebeuren, zegt Mitrasingh is, dat ‘we gaan beginnen verklaringen van de oud-bewoners van Mariënburg af te nemen’. Hij roept mensen op die met een beetje zekerheid kunnen vertellen waar het massagraf precies ligt, hun verhaal in de weekenden te komen doen.
Ben Mitrasingh

 

‘Zolang ik geen goed kantoor daar heb, moet ik het voorlopig met een plattegrond en een schoolbord doen op het achterterras van het voormalige recreatieoord’, aldus de archeoloog.
In juni vorig jaar is het onderzoeksteam na veel tegenstand en bureaucratie gestart met de voorbereidingen voor het onderzoek te Mariënburg. Er was al een tracé gekapt langs de oude spoorbaan en er waren schoonmaakwerkzaamheden verricht. Ook waren markeringen geplaatst op de mogelijke liggingen van het graf. De werkzaamheden vorderden ook traag door de zware regens in die periode.
Op 30 juli vorig jaar was het precies 111 jaar geleden dat een aantal arbeiders werd doodgeschoten en in een massagraf werd gedumpt. Over de aard en het aantal slachtoffers zijn er wat onduidelijkheden. Het Koloniaal Verslag van 1903, een jaar na de slachting, praat van 17 slachtoffers. De mensen zijn doodgeschoten tijdens een solidariteitsactie van arbeidscontractanten op het terrein van de suikerplantage Mariënburg.
[uit Obsession Magazine, 21 januari 2014]
  • RSS
  • Facebook
  • Twitter