blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Kishoendajal Mala

Alfred Birney krijgt Libris Literatuurprijs en gaat niet met Mala Kishoendajal naar Den Haag

De commercie gaat vóór oude afspraken: Alfred Birney krijgt voor zijn roman De tolk van Java de Libris Literatuurprijs en DUS duwt zijn uitgever De Geus hem naar de sponsorende Libris boekhandels. Mala Kishoendajal, auteur bij de uitgeverij die Birney jarenlang trouw uitgaf: In de Knipscheer, heeft het nakijken. Dat deed Bob Dylan toch beter toen hij een ander prijsje ontving. read on…

Sarnámi Seminar 2017: 3-daagse seminar over taal & cultuur

De Status van het Sarnámi als taal en cultureel erfgoed
Ontstaan, Ontwikkeling en Toekomst

lezingen, debat, workshops, talkshow, column, video, literatuur, muziek

 

Onder leiding van de Stichting Eekta zijn samenwerkende partijen in Den Haag bezig om een Sarnámi Seminar te organiseren op 24, 25 en 26 maart a.s. Het thema is: de Status van het Sarnámi als taal en cultureel erfgoed – Ontstaan, Ontwikkeling en Toekomst. Met het algemene thema willen de initiatiefnemers de Surinaamse taal Sarnámi centraal stellen. Ze willen tijdens het seminar stilstaan bij de positie van deze taal, zowel in Suriname als in Nederland, pakweg 144 jaar na zijn ontstaan. Wat heeft bijna anderhalve eeuw deze taal gebracht? Wat is de positie ervan en hoe ziet de toekomst eruit? read on…

Diwali verklaring

door Mala Kishoendajal

Zoals de meeste Hindoes, al dan niet gelovig, overal op de wereld – met ruim 1 miljard inmiddels – bereid ik mij voor op het Diwalifeest van aanstaande zondag. read on…

Mala Kishoendajal – Sweet nothings; Diwali in een nieuw jasje

Mijn kleindochter heeft tijdens haar wekelijkse logeerpartij alvast alle theelichten in hun koperen en aarden kommetjes gezet. Mijn huis is daarmee Diwali-klaar. Nu ze ruim drie is en verhalen kan consumeren en zelfs navertellen, leek het me goed haar iets over de achtergrond van het Lichtfeest mee te geven, dat tot mijn grote verdriet wordt aangeduid met lichtjesfeest, waarmee de innerlijke Verlichting waar het op doelt, wordt weggemarginaliseerd. Het Lichtfeest herdenkt niet alleen de terugkeer uit verbanning van kroonprins Rama en zijn vrouw Sita, zoals beschreven in het heldenepos Ramayana, maar is ook een ode aan de godin van Verlichting en Voorspoed, Lakshmi. read on…

Foto-impressie Stichting Hindustani

Op zondag 16 oktober j.l. organiseerde de Stichting Hindustani een Literaire Middag. Een foto-impressie. read on…

Literaire middag met Michiel van Kempen en Mala Kishoendajal

Aankondiging/Uitnodiging

Op zondag 16 oktober is er in Den Haag een Literaire Middag, georganiseerd door Stichting Hindustani, met verhalen & gedichten van Michiel van Kempen en Mala Kishoendajal. read on…

Droom voort …

“Laten we de ander ontmoeten om het leven kleur te geven.”
(Marc-Alain Ouaknin)

Een literaire en muzikale ontmoeting met teksten en muziek in de Regentenkamer in Den Haag op 30 oktober a.s. read on…

Mala Kishoendajal

Portret van de Surinaams-Nederlandse schrijfster Mala Kishoendajal, gemaakt door de in Suriname werkzame fotograaf Nicolaas Porter. Nr. 27 in de reeks fotoportretten die Porter in opdracht van de Werkgroep Caraïbische Letteren maakt. Klik op afbeelding voor groter formaat. De foto op groot formaat is ook te bestellen bij de fotograaf; voor informatie kunt U mailen naar: nicolaasporter@hotmail.com. Wie de hele reeks wil zien kan hieronder klikken op het label Werkgroepportretten.

Politie-, advocaten-, rechterstaal, Kishoendajal kent ze inmiddels allemaal…

door Mala Kishoendajal

Wie weet waar mijn ervaring op deze site terecht komt en ertoe kan bijdragen dat wèl iets wordt gedaan tegen deze tekortkoming in de rechtspraak, waarmee schofterige types er ongestraft op los kunnen rammen, en nog een zak geld toe krijgen.
Met zijn simpele ontkenning was de kous af voor de politie. Drie uitputtende sessies van elk zo’n drie uur, waarbij de agenten die het proces-verbaal opmaakten, ondanks hun onhandigheid met optekenen, bijzonder begripvol en meelevend waren geweest, waren een klucht gebleken.
En toch ben ik vanmorgen niet ontmoedigd geraakt door het bericht van de politievrouw, die me zelfs een pluimpje gaf vanwege het goed kunnen uitspreken van mijn eigen naam…
‘Spreek ik met mevrouw Kis…Kih…?’ Ik hielp haar uit haar gehakkel: ‘Kishoendajal’.
‘Jaaa. Uitstekend. Goed zo’, zei ze op een peuterjuffentoontje, en meldde in een adem, nu gewoon vrolijk, dat ze me helaas niks leuks te vertellen had.
Daarmee kwam een eind aan een slopende gang langs politiemensen, die me sinds oktober 2011 van het kastje naar de muur hadden gestuurd, de papieren kwijt waren geraakt en me dus maar weer opriepen om hetzelfde verhaal opnieuw te komen doen, weer op een ander bureau, weer bij een andere agent.
Ze zouden het dossier sluiten, maar het rapport bewaren voor wanneer meneer nog eens zo’n ‘AKKEFIETJE’ had.
Ik weet het Elfde Gebod (behalve dat het een heerlijk Belgisch biertje is), en stel bij deze voor dat het ook in huwelijks- en samenlevingscontracten wordt opgenomen:
Gij zult een fotostudio induiken om fraaie opnames in bevallige pose van uw kapotgeslagen lijf te laten maken.
Dat is namelijk het enige wat geldt als bewijs van mishandeling.

Ik geloof niet dat ze twijfelden aan mijn verhaal. Maar ze kunnen niks met die waarheid. De Nederlandse wet is nu eenmaal dol op blauw; blauw op straat, blauw op je lijf………..
Voor degene die in de veronderstelling verkeert dat het hier weer om een allochtoon akkefietje zal gaan…..een ding moet ik deze rasechte, Drentse boer’nzoon van weinig woorden nageven: waar Aziatische types je dichterlijk voorliegen de sterren van de hemel voor je te plukken als je belooft je vrijheid voor ze op te geven, liet hij me sterren zien. Daar is niks moeilijks aan. Gewoon de – ahum, geliefde- weerloos maken, door deze tegen het aanrecht te drukken met de handen op de rug, en dan met de vlakke hand van links naar rechts in het gezicht te zwiepen. Die hele Richard Branson kan dan inpakken met zijn kostbare ruimtereizen. Een reis door de Melkweg is verzekerd, gratis en voor niks.

Advies aan slachtoffers van ‘huiselijke akkefietjes’:

Je denkt, hierna gebeurt het niet meer. Hij heeft spijt getoond, en misschien wel nog harder dan jij zitten huilen. Misschien troost je hem zelfs, omdat hij (of zij, vrouwen kunnen ook heel goed geweldpleger zijn) zichzelf maar niet in de hand kan houden. Misschien bied je aan te helpen met zijn drankprobleem, ook wel een beetje voor jezelf: als hij dronken is komen de klappen harder aan. En je wilt die grauwsluier die over je leven is gevallen, zo snel mogelijk weer weg hebben. Misschien is je partner wel heel liefdevol wanneer de duivel niet in hem vaart, en neem je het geweld – een tijdlang – voor lief. Het duurt ook even voordat je tegenover jezelf toegeeft dat je in een patroon zit. Je schaamt je, want je laten slaan is een blijk van zwakte, en het hoort toch thuis bij mannen en vrouwen in lagere sociale klassen!
Zit je nog in de fase dat je gelooft dat het goed komt, ga toch maar alvast naar de huisarts. Toon je beschadigde lichaam bij een vertrouwenspersoon met gezag. Niet de politie. Die vraagt je het hemd letterlijk van je lijf, wat sommigen (frappant genoeg zijn dat vrouwen!) behoorlijk vernederend kunnen overbrengen, omdat sociale omgang niet hun sterkste punt is.

Het telefoonnummer in de folder over huiselijk geweld, bel dat ook maar niet. Je wordt te woord gestaan door een plichtsmatig knuffelkonijn, dat vraagt of je een plek in het Blijf van mijn Lijf huis wilt. Als je nee zegt, is ze volledig van de kaart. Dan verbindt ze je door met iemand die ook niet weet wat ze daar doet. Die zegt dat ze je telefoonnummer noteert, waarop je nooit meer wordt gebeld. Als jij na geduldig wachten vervolgens zelf de telefoon pakt om te vragen waarom ze niet hebben gebeld, blijkt je telefoonnummer nooit te zijn genoteerd.

Ik hoop maar dat het vrijwilligers zijn. Het is weggegooid belastinggeld, als dit betaalde krachten zijn…..

Geachte heer B.
Onlangs ben ik bij u geweest om de aangifte wegens huiselijk geweld af te ronden. Inmiddels heb ik bericht van uw collega ontvangen. Zoals ik verwachtte, heeft mijn gewezen partner ontkend, en is het dossier gesloten. Toch wil ik met name u bedanken voor de menselijke behandeling, die mij zeer veel kracht heeft gegeven.
Het was mij meer waard dan een praatsessie bij de psycholoog. Mocht u ooit een uurtje de tijd hebben, bezoekt u dan mijn website: www.malakishoendajal.com Ik heb daar mijn ervaringen opgeschreven. Dit in de hoop, zoals ik ook vermeld, dat er ooit in de toekomst, wel iets ondernomen kan worden tegen deze sluikcriminaliteit, waarvan met name veel vrouwen de dupe zijn.

[Dit is deel 5b van de Amuses van de site van Mala Kishoendajal; deel 5a verscheen hier]

Politie-, advocaten-, rechterstaal, Kishoendajal kent ze inmiddels allemaal…

door Mala Kishoendajal

Op 2 februari sloot ik de hartrevalidatie af. Het was best plezierig geweest, dat bewegen onder begeleiding in het Haga ziekenhuis, en het opnieuw opzoeken en bepalen van je grenzen. Voordat ik ziek werd had ik stevig gesport bij een club, en kon dus heel goed meten hoe mijn uithoudingsvermogen was afgenomen vergeleken met mijn gezonde periode. Het was een goede manier om je met je neus op het feit te drukken dat je een operatie had ondergaan, en niet zo’n kleine ook.
Het sporten deden we allemaal ook met kinderlijk enthousiasme. Nou ja, sporten…. badminton met ballonnen, volleyballen als pasgeboren lammetjes.
‘Haga Open’, grijnsde ik naar mijn tegenspeler tijdens een van de spelrondes.
‘Hahha, Haga Open Hart’, kaatste hij de ballon.
Tijdens het fietshalfuurtje zat ik een paar keer naast een heel erg sympathieke meneer van tachtig, die ook een klep had laten vervangen (alsof we auto’s zijn). Hij vertelde, zoals meer hadden gedaan, dat hij de beroemde ‘tunnel’ in was geweest, en het licht had gezien.‘Was het niet gewoon de MRI-scan?’, vroeg ik met gespeelde ernst.
‘Nee, nee…..’, hij hield op, toen hij door had dat ik hem in het ootje nam. Hij vertelde van de kleuren die hij had gezien, en de stem die hem terugstuurde. Voordat ik de operatie inging, had ik het gehoopt, zo’n bijna-doodervaring, met een weerzien met mijn ouders, mijn zoontje, mijn oma. Maar niks van dat alles. De gladgeschoren, Hindostaanse anesthesist had gezegd: ‘Denk aan iets leuks, voordat je inslaapt na het spuitje’. Ik denk nog vaak aan hem.
Maar toch. Ik had moeite met het ‘wij hartpatiënten’-deel. Tijdens het fietsen reageerde ook iedereen op elkaars besognes, en de mededelingen die de begeleiders naar elk individueel deden. Er is een heel dun wandje tussen begaan zijn en bemoeizuchtig zijn. Het was een rare omstandigheid, waarin ik niet goed wist of die bemoeizucht juist heel erg nodig was voor de revalidanten (revaliderende passanten verzin ik zelf maar een term, voor mensen die in een groep worden gegooid, maar niks met elkaar te schaften hebben) om mij heen.

Ik trapte dus door, gehuld in stilzwijgen, en stak om de vijf minuten de hand op om aan te geven hoe zwaar ik dat vond. Dat doe je door een cijfer tussen 6 voor heel licht en 20 voor heel zwaar te geven op een zogeheten Borgschaal. Dan werd het vermogen (wattage, zoals sommigen heel lelijk zeggen) bijgesteld, of niet. Ik kwam tot 75 Watt bij 30 minuten. Dan sloeg mijn hart rond de 150 per minuut. Toen ik ziek werd sloeg mijn hart dat ook, maar dan zonder die fysieke inspanning.

Ik praat graag, en vaak te veel, wanneer het gaat over boeken, politiek, filosofie, ervaringen met normale en paranormale zaken, de complexiteit van relaties, de narigheid in de wereld. Maar niet over wie wat slikt, en hoeveel, en wie waar last van heeft en hoe vaak. Ik ga liever, zoals vanouds, met mijn vriendinnen dansen op lawaaiige muziek, genietend van een slechte wijn, die ik daags daarna wegspoel met een fruitige Chablis of een volle Chateauneuf du Pape, of zo.

Foto: @ Egor Shapovalov

Ik trok na het sporten meteen mijn jas aan en liep zo snel als me lukte, het ziekenhuis terrein af. Ook de laatste keer. De begeleidster noteerde mijn vorderingen en opmerkingen. Ik gaf iedereen een handje, bedankte voor de goede zorgen, en weg was ik.

Het was een prettig gevoel om weer een stukje minder hartpatiënt te zijn, een stuk meer de persoon die ik was – een goedhartige bitch – voordat ik een bloederig bezoek bracht aan de tandarts, bacteriën mijn schildklier infecteerden, en ik de ziekte van Graves kreeg, waardoor mijn hart op hol sloeg. Toen werd de hartafwijking geconstateerd, die ik al als foetus had ontwikkeld, en waar ik mee oud had kunnen worden zonder er iets van te merken, als door al die overactiviteit mijn aortaklep niet dusdanig was verkalkt dat hij met spoed vervangen moest worden.
Volgens een neef van mij, bij wie de afwijking ook is gevonden, komt een bicuspide aortaklep bij 1 op de 10.000 mannen voor, en bij vrouwen 1 op de 30.000, of zoiets. Ik heb niet heel goed geluisterd, want zodra dat ‘wij hartpatiënten’ in de lucht hangt, sluit ik mij af. Het is in elk geval redelijk zeldzaam bij een vrouw.
Misschien heeft dat leven van mij wel zo’n eigenaardige loop vanwege dat eigenaardige hart van mij. Wie zal het zeggen.
De vrieskou voelde gewoon fantastisch toen ik van het ziekenhuis naar mijn ‘logement’ liep. ‘Naar huis’ is een term, die mij op brute wijze is ontnomen in de tijd dat ik doodziek was.
Ik keek naar de strakke lucht en prevelde: ‘Dankjewel voor deze dag’ tegen de Kracht, die zich misschien daarachter schuilhield, en ervoor had gezorgd dat ik uit dat benepen jaar 2011, dat voelde als een doodskist, was gekropen.
Ik wist dat er dagen in het verschiet lagen, die minder dankbaar zouden zijn. Alleen wist ik niet dat het de volgende dag al was. Tja, zo snel gaat dat.
Op 3 februari 2012 werd ik door de politie gebeld met de mededeling dat mijn aanklacht tegen mijn Blauwe Maandag-partner wegens, wat ze zo snoezig ‘huiselijk geweld’ noemen, dat je bijna denkt dat het een synoniem is van ‘keukenbenodigdheden’, ongegrond is verklaard.
Ik deed de aangifte overigens zonder enige fiducie dat degene tegen wie de aanklacht liep, daadwerkelijk zou worden vervolgd. Zo rijp is de Nederlandse rechtstaat niet.
En toch ben ik blij dat ik door die hele molen, want je wordt emotioneel vermalen tot moes, ben gegaan. Noem het therapie.
In elk geval had ik aan het schelden en snotteren tegenover de politie meer dan aan het verstandelijk beredeneren bij de psychologe, terwijl ze met een schuin oog in de gaten bleef houden dat het binnen de drie kwartier gebeurde. Die heb ik ook maar meteen afgebeld. Ja, ik ben mijn (psyche-)medisch dossier stevig aan het saneren.
En minstens zo belangrijk! Ik ben de – onterechte – schaamte voorbij.

[Amuses 5a, van de site van Mala Kishoendajal]

[vervolg klik hier]

Bovenste foto: @ Jan Blanken

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter