blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Hindi

Leenwoorden in het Sarnámi en het Hindi

door Bris(path) Mahabier

1 Enkele opmerkingen over het Sarnámi

Niet het Hindi, zoals velen beweren, maar het Sarnámi is de moedertaal van de meeste Surinaamse en Nederlandse Hindoestanen. Vooral árya samáji geleerden uit India, maar ook pandits en parcáraks van Surinaamse bodem hielden de kalkattiyá’s (of kantráki’s), hun kinderen en kleinkinderen voor, dat het Hindi hun moedertaal was en dat ze moreel verplicht waren om deze taal te behouden en te cultiveren. Hindispecialisten en ook de andere medewerkers van het Indian Cultural Centre (ICC) maken gretig gebruik van elke gelegenheid, die hen in Suriname geboden wordt om dit standpunt steeds te herhalen. Deze taalpolitieke opvatting van het ICC is geheel in overeenstemming met de wens van de Indiase regering, maar is vooral voor de strijdbare sarnámisten niet acceptabel. read on…

Noodzaak voor verder onderzoek van het Sarnámi

Verslag in woord en beeld van het Sárnami congres

 

Deze pagina is geheel gewijd aan de vorige week (5/6 mei 2017)  gehouden Sarnámi-conferentie, gehouden in het Universiteits guesthouse in Paramaribo. Moderatoren tijdens de discussies waren Indra Djwalapersad, Radjen Baldew, Bhola Narain en Maurits Hassankhan. Op deze literaire pagina zijn korte verslagen van de gepresenteerde lezingen opgenomen, gemaakt door Sita Patadien [SP] en Hilde Neus [HN]. Er was ook vertier. In de avonduren werden er baithak gana liederen ten gehore gebracht door Kries Ramkhelawan en zijn gezelschap. Op de tweede dag waren er diverse auteurs die voordroegen uit eigen werk. Ook presenteerde de toneelgroep Hasti Masti onder leiding van Shanti Matai een sketch die mooi aansloot bij het thema van de conferentie: grootouders die moeite hebben om te communiceren met hun kleinzoon, omdat die het Sarnámi niet spreekt. Vastlegging en overdracht is belangrijk bij het voortbestaan van een taal. Voor het Sarnámi is de prognose positief en deze conferentie draagt daar zeker aan bij. Alle foto’s: Michiel van Kempen. read on…

Hindi blad moet taal promoten

 

door Donovan Mijnals

Paramaribo – Kavita Malviya is laaiend enthousiast over de Hindi newsletter die door het Indian Cultural Centre (ICC) uitgegeven wordt. De docent Hindi van het centrum coördineert het project dat tot doel heeft die taal te promoten. Alle artikelen die in het blad verschijnen zijn door studenten van het cultureel centrum geschreven. “We zijn een maand geleden begonnen. De volgende editie moet in december verschijnen”, vertelt ze.
Moniza Varsha Reit
Schrijven in Hindi moet ook het taalgevoel onder studenten naar een hoger niveau stuwen. De Suriname Halchal, zoals het blad heet, is volgens Malviya bovendien echt Surinaams. “De topics zijn bewust heel Surinaams, zodat de lezers zich er heel goed in kunnen herkennen en zich verbonden voelen.” Daarmee doet de Suriname Halchal haar naam eer aan.
Malviya legt uit dat het woord Halchal voor gebeurtenissen staat. “De studenten schrijven dus over al hun gebeurtenissen.” Op dit moment verschijnt het blad alleen in het Hindi, maar daar komt mogelijk verandering in. “We hebben gesproken over een samenvatting van de artikelen in het Nederlands, maar we zijn er nog niet uit.”
Hoewel de docent vanwege het enthousiasme van haar studenten het project nu al een succes vindt, onderkent ze dat er nog een lange weg te gaan is. Een newsletter of magazine uitbrengen is bepaald geen makkie, weet ze. Waar ze zich op dit moment voor wil inzetten is de continuïteit. “Er zijn een heleboel bladen die opstarten maar een poos daarna ophouden te bestaan. Ik wil voorkomen dat zo iets met de Suriname Halchal gebeurt.”
Malviya heeft nog meer pijlen op haar boog om Hindi te promoten, maar daarover wil ze in dit stadium nog niet veel kwijt. “We hebben nog meer ideetjes in de pijplijn”, laat ze alleen maar ietwat geheimzinnig los. Door dit project beleven de studenten in ieder geval veel plezier. En daar gaat het haar om. “Als ze hun naam bij de artikelen lezen zie je hun gezichten oplichten. Ze moeten zich goed voelen wanneer ze met hun taal bezig zijn.”
[uit de Ware Tijd, 16/11/2013]

Jan Soebhag wint eerste Hindipopfestival

door Sabitrie Gangapersad

Paramaribo – Met zijn compositie ‘He Pa Tudje Pranaam’ gaat Jan Soebhag de geschiedenis in als winnaar van het eerste Hindipopfestival. ‘Soniya’ van Sachin Bhikharie is met een verschil van vijf punten geëindigd op de tweede plek, terwijl ‘Yakeen’ van Viresh Oeditram goed was voor de derde plaats.
Een zeer blije Jan Soebhag is met zijn compositie ‘He pa tudje pranaam’ de eerste winnaar van het Hindipopfestival. Naast hem staat een eveneens tevreden Sachin Bhikharie, die met vijf punten verschil de tweede plaats veroverde. (Foto:  Jason Leysner)
In Bollywood
Het winnende nummer van Soebhag werd gepresenteerd door Avishka Jhinkoe en Ilhaam Ahmadali. De dames zongen prachtig en er was een goede onderlinge afstemming. De jury onder leiding van Sonny Khoeblal lette bij de beoordeling niet zozeer op de presentatie, maar meer op inhoud, tekst en arrangement. ” ‘He Pa Tudje Pranaam’ is een Vaderdagslied. Er zijn geen andere liedjes in dit genre. Er zijn wel bepaalde bidesia-liedjes of khachri’s waarin er ode aan de vader wordt gebracht, maar een echt Vaderdagslied was er niet. Ik heb het nummer vorig jaar geschreven met mijn vader in gedachten. Ik herinnerde me hoe hij met me bezig was en me naar culturele en religieuze activiteiten meenam”, vertelt Soebhag. De componist is erg blij met het Hindipopfestival. “Het is voor het eerst in 140 jaar dat er zoiets is georganiseerd.” Met ‘He Pa Tudje Pranaam’ heeft Soebhag de smaak van het componeren te pakken gekregen. Hij is bezig met een aantal nieuwe nummers waaronder een ghazal waarin de connectie tussen een verdrietig hart en tranende ogen wordt blootgelegd. Farish Barsatie en Radjinder Lakhichand eindigden respectievelijk op de vierde en vijfde plaats. Dienesh Malhoe van Ra-Ni entertainment zegt dat er met de top vijf een professionele videoclip zal worden gemaakt die internationaal zal worden gepromoot. Malhoe: “Binnen enkele jaren moeten onze liedjes in bollywoodfilms worden opgenomen”.

Cultuurontwikkeling
Van de 21 ingezonden composities zijn twaalf geselecteerd voor de finale. De selectie vond vrijdagavond in de Anthony Nesty Sporthal plaats. “We hebben jarenlang de verschillende hoogtijdagen gescheiden gevierd, maar het is nu tijd om samen, gecoördineerd en landelijk belangrijke hoogtijdagen te gedenken”, sprak Henk Herrenberg, voorzitter van de Nationale Commissie Jubileajaren, de aanwezigen toe. Ashwin Adhin van de Culturele Unie Suriname (CUS) vindt dat het Hindipopfestival cultuurontwikkeling stimuleert.
Na de korte toespraken werden alle twaalf composities achter elkaar vertolkt. De muzikale begeleiding was in handen van Yaadgaar Orchestra onder leiding van Riaz Ahmadali. De meeste Hindipopnummers zijn door de componisten zelf gezongen. De melodie, tekst en presentatie oogstten veel waardering van het publiek. “De jury heeft het moeilijk. Alles klinkt geweldig. Dit is een prijzenswaardig initiatief. Ons talent doet niet onder voor dat van de rest van de wereld”, merkten verschillende aanwezigen op.

[uit de Ware Tijd, 03/06/2013]

Herinneringen ophalen aan munshi Rahman Khan

De munshi (geestelijk leidsman) Rahman Khan was een Brits-Indische contractarbeider die naar Suriname ging en daarover een unieke autobiografie heeft geschreven. Het IISR en het Sarnamihuis organiseren op 3 juni een bijzondere bijeenkomst. Vrienden en familieleden van Rahman Khan gaan herinneringen ophalen aan deze opvallende schrijver. De herinneringen worden op video opgenomen als deel van de orale geschiedschrijving van contractarbeid. De bijeenkomst is openbaar. Iedereen is welkom.

Entree: gratis
Datum: zondag 3 juni 2012
Tijd: 14.00-17.00 uur
Locatie: Sarnamihuis, Brouwersgracht 2 Den Haag

Debuutbundel Devanand Sewradj

Paramaribo – Abhilasha is de eerste gedichtenbundel van schrijver en dichter Devanand Sewradj. De stichting voor Vrienden van de Literatuur in Suriname (Sahaitya Mitra Sanstha) zal het boek woensdagavond feestelijk presenteren in Mata Gauri.

Sewradj schrijft zowel in het Sarnami als Hindi. Zijn werken verschenen eerder in verschillende tijdschriften, kranten en in de bundel Ek Bag ke Phul. In Abhilasha zijn 44 van zijn gedichten zowel in het Devnagri als in het Romaanse schrift opgenomen. Opmerkelijk is dat geen van de gedichten een titel hebben. De onderwerpen, thema’s en betekenis zijn veelomvattend en de schrijver laat de invulling van de titel over aan de lezer.

Devanand Sewradj kapt riet op de kaft van Abhilasha.

Aan het boek heeft Sewradj ruim drie maanden gewerkt. De inspiratie voor zijn gedachtegoed put hij uit het dagelijkse leven en de omstandigheden. Een idee voor een volgend project heeft hij al klaar. Als tekstschrijver wil Sewradj graag zijn liederen bundelen waarin het verhaal vanaf de immigratie tot het moderne leven van vandaag is verwerkt.

Devanand Sewraj is geboren op 13 mei 1944 en komt uit een landbouwersgezin. Als de oudste van veertien kinderen moest hij vroeg meehelpen in het gezin. Toen hij negen jaar oud was, bezocht hij de school. Lang bleef hij er niet, omdat de verantwoordelijkheid van de familie groot was en hij met veel taken moest helpen. Toen hij wat ouder werd, volgde hij technische opleidingen en trad in dienst van de overheid. Met het Hindi kwam Sewradj op een bijzondere manier in aanraking. Tijdens een spel met vrienden, raakte een door hem weggeslagen bal de maulvi (moslimvoorganger) Mohamed Husein. Als straf moesten hij en zijn metgezellen op Hindiles. Zo werd Husein zijn eerste Hindiguru en legde de basis voor Sewradj’s verdere studie in die taal, die hij afrondde tot het niveau van Parichay op het Indiaas Cultureel Centrum.

Sewradj: “Studie is belangrijk om je kennis te verrijken. Het is moeilijk te zeggen waarom en hoe een gedicht wordt geschreven. De aanzet komt meestal regelrecht uit het leven. Wanneer de landbouwer na arbeid in weer en wind, zijn wuivende rijstvelden ziet en zich verheugt op een goede oogst, uit dat gevoel zich in poëzie. Zo ook met mijn gedichten en liederen.”

[uit de Ware Tijd, 27/06/2011]

Sarnami moet worden gestandaardiseerd

door Sabitrie Gangapersad

Paramaribo – Het Sarnami, de moedertaal van de Surinaamse Hindostanen, moet worden gestandaardiseerd en behouden worden als spreektaal. Het Hindi moet echter op academisch niveau in het onderwijs worden ingevoerd. Dit voorstel kwam dinsdagavond tijdens een presentatie over de ontwikkeling van het Sarnami naar voren. De Indiase wetenschapper Vimleshkanti Varma was ook aanwezig en deelde zijn kennis met het publiek.

In eerste instantie leek het alsof de presentatie identiek zou zijn aan de vele discussies die al jaren over dit onderwerp worden gevoerd. Dit gebeurt meestal rond de herdenking van de immigratie. Er wordt dan weleens geopperd dat Sarnami en Hindi helemaal zullen verdwijnen door de dominantie van de Nederlandse taal en het Sranan. De bijeenkomst in Stichting Hindi Parishad dreigde hetzelfde patroon te volgen toen Marlene Oemrawsingh de stoute schoenen aantrok en vroeg wat zuiver Sarnami is. Dit werd gevolgd door interessante visies van Maurits Hassankhan, Indra Djawalapersad en Varma. Hassankhan vindt dat er een instituut moet komen waarin experts van India en de landen in diaspora bijeen moeten komen om na te gaan hoe de verschillende moedertalen te standaardiseren en te versterken. Hij vroeg de Indiase overheid om Surinamers in de gelegenheid te stellen op Indiase universiteiten Hindi te studeren met Bhojpuri (dit komt enigszins overeen met Sarnami) als specialisatie. Djawalapersad meent dat iedereen kennis moet maken met alle moedertalen op de basisscholen. Op junioren en senioren niveau kan dit als keuzevak worden opgenomen, terwijl op academisch niveau het Mandarijn en Hindi moeten worden ingevoerd. Beide zijn grote wereldtalen met bestaande curricula en docenten in Suriname. Varma gaf aan dat India met veel lokale talen met hetzelfde probleem zat. “Een spreektaal onderwijs je niet.”

“Hoewel in India audhi, gujarathi, marahti enzovoorts wordt gesproken, is het onderwijs in Hindi.” Oemrawsingh toonde zich bezorgd over een duidelijk standpunt omdat de taalwet actueel is. “Laten we bijeenkomen en een besluit nemen. Ouders moeten Sarnami met hun kinderen praten, maar het onderwijs moet in Hindi. Met Sarnami kun je nog niet naar buiten treden, omdat de standaarden ontbreken. Met de opleving van India als wereld mogendheid, zal Hindi voor ons ook erg nuttig blijken.” Moti Marhé (foto rechts) die ook het woord voerde, zei dat de relatie tussen Hindi en Sarnami belangrijk is. “Je moet in de promotie van Hindi, Sarnami meenemen.” Dit lijkt de Indiase overheid ook van plan te zijn. Ambassadeur Kanwaljeet Singh Sodhi zegde toe alle publicaties in Sarnami te zullen ondersteunen.

[uit de Ware Tijd, 23/06/2011]

Commentaar redactie CU
Klaarblijkelijk vergeet men dat het Sarnami al sinds 1986 (commissie-Adhin) een gestandaardiseerde spelling heeft.

OHM brengt boeken over Hindi en Indian Pop

De Stichting Organisatie Hindoe Media Suriname (OHM) heeft onlangs twee nieuwe boeken uitgebracht. Zowel Hindi conversation course als Indian pop hits in staff notation voldoen aan een grote behoefte, meent de organisatie. In juni 2009 bracht OHM reeds twee bundels uit, namelijk het bhajan notenboekje met twintig religieuze liederen in westers notenschrift en Smaran, een verzameling van negentien liederen die vooral bij overlijden van pas kunnen komen.

Door het grote succes hiervan werden eind vorig jaar wederom twee nieuwe publicaties op de markt gebracht. In Indian pop hits in staff notation heeft de artiest Riaz Ahmadali zestien bollywood filmhits en vier lokale populaire liederen op notenschrift gesteld. Naast de muzieknoten geeft hij een korte introductie over de verschillende tonen in de Indiase muziek en een korte historie van de hindostaanse popmuziek in Suriname. “Het idee om populaire Indiase liederen op het westerse notenschrift te zetten, ontstond in 1986 toen ik door wijlen Effendi Ketwaru als muziekleraar werd aangetrokken voor de CCS Volksmuziekschool.

Door gebrek aan middelen was het toen onmogelijk om dit uit te voeren. In 2009 kreeg ik van OHM de opdracht om religieuze liederen in westers notenschrift te maken. De pophits zijn daarvan een vervolg”, schrijft Ahmadali in de introductie. “Indiase muziek is vaak niet in westers notenschrif terug te vinden, omdat de nuances erg belangrijk zijn. Deze nuances kunnen alleen van een guru worden geleerd of door zeer zorgvuldig te luisteren naar het origineel. Ahmadali adviseert musici die zijn notenschrift zullen gebruiken dan ook om te luisteren naar de originele liederen, de nuances te bestuderen en dan proberen te spelen.

Het tweede boek, Hindi conversation course, is een hulp voor mensen die de taal willen spreken of beter begrijpen. In het boek wordt onder andere ingegaan op familierelaties, gramatica, maanden en dagen, lichaamsdelen, hindoenamen, groentenamen, fruitsoorten, specerijen, dieren en getallen. Volgens OHM-voorzitter Bhagwan Gangaram Panday is het conversatieboek een aangepaste versie van een eerder uitgegeven bundel. “In dit boek zijn er woorden toegevoegd en waar nodig correcties aangebracht. Het boek is nuttig voor hen die de basisregels willen kennen om in het Hindi te converseren. We hopen dan ook dat de bundel niet alleen in Suriname, maar ook in Nederland, Amerika en in het Caribisch gebied zal worden gebruikt.”

Ruime belangstelling voor Hindi-examens

In de leslokalen van het Surinaams Pedagogisch Instituut (SPI) hebben 463 leerlingen zondagochtend de Hindi-examens voor Prathima (eerste deel), Madhima (tweede deel) en Uttama (derde deel) afgelegd. Simultaan deden ook 69 leerlingen in Nickerie hieraan mee.
De stichting Hindi Parishad neemt jaarlijks op de laatste zondag in januari de examens af voor de lagere delen van het Hindi-onderwijs.

Vrolijk kwamen de leerlingen in de pauze de gang op om te genieten van een broodje en drank. “Het werk was makkelijk. Ik begreep alles goed en ik denk dat ik het haal”, werd over het algemeen opgemerkt. Jong en oud deden mee aan de examens. “Er is geen leeftijdsgrens voor participatie, benadrukken enkele Hindi-leerkrachten.
Het aantal examenkandidaten voor de eerste drie delen van het Hindi varieert jaarlijks rond de vijfhonderd. Vorig jaar werd een piek genoteerd met 615 participanten. Het slagingspercentage ligt elk jaar rond de 80.

Het examenwerk wordt volledig gecoördineerd door de examencommissie van de stichting Hindi Parishad, onder leiding van Balram Patandin. Bij de hogere examens vanaf het vierde deel wordt het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling betrokken. “Het eerste deel is de basis. Je leert eenvoudige zinnen maken, enkel- en meervoudsvormen invullen en het onderscheid tussen mannelijke en vrouwelijke woorden. Er is ook een onderdeel stillezen, waarbij je eenvoudige vragen uit de tekst moet beantwoorden.

In het tweede deel wordt veel aandacht besteed aan grammatica en verrijking van de woordenschat. Ook komen er synoniemen en tegenstellingen bij. Bij het derde deel komen bijvoeglijke naamwoorden en tekstanalyses erbij”, vertelt Jagnarain Baran, secretaris van de examencommissie.

Zelf geeft Baran op drie Hindi-scholen les. Opvallend is dat het overgrote deel van de examenkandidaten Hindostanen zijn. “Taal is in zeker zin religie gerelateerd. Er komen weinig niet-hindostanen, tenzij ze echt heel erg gemotiveerd zijn. Zelfs bij moslims is de belangstelling voor Hindi gering. Die kiezen eerder voor het Urdu.”

De stichting Hindi Parishad houdt landelijk toezicht op ruim 55 Hindi-scholen. Bholanath Narain, voorzitter van Hindi Parishad, verwacht dat het aantal scholen in de toekomst zal toenemen.
De organisatie heeft van diverse buurten aanvragen voor Hindi-les gehad. Nagegaan wordt in hoeverre de beschikbare leerkrachten daar kunnen worden ingezet voor het onderwijs.

[uit de Ware Tijd, 02/02/2011]

Liefde voor Hindi met prijzen beloond

door Sabitrie Gangapersad

Paramaribo – Op feestelijke wijze werden maandagavond in theater Thalia de certificaten en prijzen uitgereikt aan de winnaars van de Hindicompetities. In verband met Wereld Hindidag op 10 januari, hield de Indiase ambassade in vijf districten wedstrijden.

Belangstellenden konden in Paramaribo, Wanica, Commewijne, Saramacca en Nickerie participeren in de categorie voor beste Hindi-handschrift, gedichtenvoordracht, verhaal schrijven of vertellen, zang en Ramayana-recitatie. Het verhaal over Hindileraar Haridew Sahtoe, geschreven door Krishnakumari Bikharie, won de eerste plaats in de categorie Verhaal schrijven.

.

.

Jaya en Gyan Panchoe wisten met hun stem de harten van het publiek te veroveren. (Foto: Claudio Barker)

De schrijfster belichtte in haar stuk het harde werk dat Sahtoe heeft verzet om het Hindi te behouden en te onderwijzen in Suriname. Ze ging ook in op de beperkingen die de Hindileraar nu heeft met zijn zicht, waardoor het werk moet worden overgenomen door de jonge generatie. Tenslotte riep ze de samenleving op om Sahtoe te waarderen en te koesteren. De participanten aan de opstelwedstrijd konden voor hun verhaal kiezen tussen twee thema’s: ‘de relatie tussen Suriname en India’ of ‘een Surinaamse dichter of schrijver voor het voetlicht plaatsen’.

De zesjarige Jaya Panchoe uit het district Saramacca maakte met haar vierjarige broertje Gyaan ook grote indruk op het publiek met haar zang. Ze won de eerste prijs in deze categorie met haar bhajan (religieus lied) ‘Jai Shiva Shankar’. Rustig, vlot en met een heldere uitspraak zong ze het lied voor de honderden aanwezigen.

Minister Wonnie Boedhoe van Financiën en parlementsvoorzitter Jenny Geerlings-Simons genoten zichtbaar. Ook de studenten van het Indiaas Cultureel Centrum (ICC) lieten zich van hun beste zijde zien tijdens diverse zangnummers. Het publiek werd ook vergast op tabla-demonstraties, een variatie van tabla en sitar en yoga. Volgens de Indiase ambassadeur Kanwaljeet Singh Sodhi volgen gemiddeld zevenhonderd mensen Hindi, muziek-, dans-, tabla- of yoga-lessen bij het ICC.

“Dit jaar is bijzonder voor ons, omdat we de 150ste geboortedag van de Indiase filosoof, dichter, schrijver en Nobelprijswinnaar Rabindrenath Tagore gaan herdenken. In dit kader zal er gedurende het hele jaar door activiteiten worden georganiseerd. Ik roep u op om zoveel mogelijk mee te doen.” De ambassadeur las ook de boodschap van de Indiase premier Manmohan Singh voor in verband met Wereld Hindidag. De premier sprak daarin wederom de hoop uit voor internationale erkenning van het Hindi.

[uit de Ware Tijd, 19/01/2011]

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter