blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Hatterman Nola

Open lezing: Ellen de Vries – Nola Hatterman en de kunst in Suriname

Op vrijdag 21 april 2017 geeft onderzoeker en publicist Ellen de Vries een lezing over Nola Hatterman en de kunst in Suriname. Het is de laatste lezing in de Framer Framed Lectures 2017. read on…

‘Discussie over koloniale geschiedenis heeft de hoogste urgentie’

door Dirk Wolthekker

Vanwege de grote belangstelling voor de koloniale geschiedenis organiseert hoogleraar Nederlands–Caribische letteren Michiel van Kempen [in samenwerking met de Stichting Framer Framed] de komende maand de lezingenreeks ‘Framer Framed Postcolonial Meetings 2017’. Die serie draait om de invloed van het Nederlands imperialisme en kolonialisme op de beeldende kunst en de literatuur. read on…

De Framer Framed Postcolonial Meetings 2017

De invloed van Nederlands imperialisme en kolonialisme op kunst en literatuur /
The influence of Dutch Imperialism and colonialism on shaping cultural and artistic expression [for English see below]

Open lezingenreeks

De leerstoel Nederlands-Caraïbische Letteren van de Universiteit van Amsterdam (bekleed door prof. dr. Michiel van Kempen) en de Stichting Framer Framed organiseren een reeks bijeenkomsten waarin ingegaan wordt op de wijze waarop de koloniale geschiedenis en structuren de kaders hebben gevormd van wat op dit moment in het zogenaamde westen als kunst wordt gedefinieerd. read on…

Sophie & Nola in Bijlmer Parktheater

Sophie & Nola – theatervoorstelling over Sophie Redmond en Nola Hatterman – van Ben De Hosselaer Urban Myth is sexy, swingend, naakt in waarheid, confrontatie en eigenheid. read on…

Sophie & Nola Talkshow

In aanloop naar de voorstelling Sophie & Nola (31 maart Bijlmer Parktheater en 3 april Stadsschouwburg Amsterdam) van Urban Myth, kun je deze donderdagavond 5 maart in Bijlmer Parktheater naar de Sophie & Nola talkshow (gratis toegang) met live muziek, panelgesprek en een korte theaterscene. Sophie & Nola, over dr Sophie Redmond en Nola Hatterman. read on…

Nola Hatterman

Kunstenares en kunstdocente Nola Hatterman staat weer in de belangstelling. Op 12 augustus was het 115 jaar geleden dat ze geboren werd in Amsterdam. Ter gelegenheid daarvan organiseerde het naar haar genoemde kunstinstituut bij Fort Zeelandia in Paramaribo een tentoonstelling met werk van haar, die nog tot en met de 19de duurt. read on…

Een culturele trip: Suriname mei/juni 2014

door Nico Eigenhuis

Vooraf:
Suriname heeft ten onrechte bij vele bezoekers de reputatie weinig cultureel vertier te bieden, Hierbij wordt veelal gewezen op het ontbreken van grote musea en theaters. Wie goed kijkt ziet tijdens een verblijf aldaar vele kleinschalige culturele uitingen. Opgeteld bieden deze een zeer rijke schakering die de nodige aandacht verdient. Onderstaand verslag is een bundeling van informatie over Suriname en Surinamers naar aanleiding van een aldaar genoten vakantie. read on…

1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis

De heilige Cunera
door Els Moor

In 2013 kwam in Nederland een boek uit met wetenswaardigheden over 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. De eerste is Cunera, beschermheilige tegen keel- en veeziekten, uit de vierde eeuw na Christus, de laatste is Karin Adelmund (1949-2005), vakbondsbestuurster en politica van de PvdA. Het is een loodzwaar boek met 1555 pagina’s en weegt minstens 1½ kilo. De tekst is samengesteld door historica Els Kloek, hoofd van het instituut voor digitale naslagwerken, het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis en de vormgeving is van Irma Boom. Die vormgeving maakt het tot een boek dat je ondanks de zwaarte met plezier doorbladert en heeft een functionele systematiek, wat het zoekwerk vergemakkelijkt. Heel aantrekkelijk is dat er bij veel van de besproken vrouwen in de tekst zwart-witafbeeldingen van die vrouwen staan en dat na iedere periode meer dan dertig portretten in kleur op volle pagina’s worden weergegeven van geschilderde portretten en uit de laatste eeuwen foto’s. De 1001 vrouwen zijn uit verschillende tijdperken, de middeleeuwen tot en met de 16de eeuw, de 17de, 18de, 19de en 20ste eeuw en wat betreft die laatste eeuw: alleen vrouwen die niet meer leven. Alle vrouwen passen binnen een categorie, een rubriek, waarvan er ook een register is. Enkele voorbeelden van die rubrieken: adel, elite en politie/ beeldende kunst/ dicht- en letterkunde/ kerk en godsdienst/ onderwijs en wetenschappen/  podiumkunsten/ maatschappij en emancipatie (inclusief feministen)/ sport/ toverij en hekserij.

Voor ons is de rubriek koloniën belangrijk. Daar vinden we behalve vrouwen uit de Kaapkolonie, Brazilië, Oost-Indië, Amerika en de Antillen uiteraard ook Surinaamse vrouwen en in Suriname wonende Nederlandse vrouwen die in de Surinaamse en/of Nederlandse geschiedenis een rol gespeeld hebben. Zo staat in deze rubriek Elisabeth Samson (1715-1771), een zwarte zakenvrouw over wie Cynthia Mc Leod-Ferrier binnen de serie ‘Bronnen voor de studie van Afro-Surinaamse samenlevingen’ een uitgebreide bijdrage heeft geleverd (1993). Ook Maria Susanna du Plessis (1739-1795) komt voor onder ‘koloniën’. Zij was dochter van welgestelde ouders, trouwde jong en werd al vroeg weduwe. Ze hertrouwde met Frederik Cornelis Stolkert, eigenaar van plantage  Nijd en Spijt. Met dit huwelijk liep het mis. Haar bekendheid heeft ze te danken aan haar wreedheid als slavenhoudster. Er werden veel verhalen over haar verteld. Het bekendste is dat over slavin Alida van wie zij uit jaloezie (haar echtgenoot zou een oogje op haar hebben) een van haar borsten afsneed die ze aan haar echtgenoot als maaltijd voorzette. Bekendheid in de geschiedenis kun je dus krijgen door goede daden en hoge prestaties maar ook door gruweldaden. Er is veel over Susanna geschreven. Van Hilde Neus-van der Putten kwam in 2003 een studie over Susanne du Plessis uit, de eerste monografie over een blanke vrouw uit de Surinaamse plantagegeschiedenis. Helaas is deze belangrijke studie vanuit Suriname niet opgenomen, terwijl wel andere literatuur genoemd wordt over Du Plessis.

Betje Wolf en Aagje Deken

We kijken even naar de verschillende periodes in het boek. Welke rol speelden vrouwen daarin? In de middeleeuwen domineerden adel en kerk, vaak met veel machtsstrijd. Logisch dat er onder de in deze periode genoemde vrouwen veel adellijke vrouwen en nonnen zijn.

De 17de eeuw heeft de bijnaam ‘Gouden Eeuw’. Dat zegt veel over welvaart en bloei van kunst en cultuur. Veel vrouwen uit de hoogste kringen komen voor, vooral ook uit ‘het huis van Oranje’. In de tweede helft van de eeuw komt er veel geweld en neemt de welvaart af, met als dieptepunt 1672, het ‘Rampjaar’. Naast de ‘hoge vrouwen’ zijn er al veel vrouwen die kunsten beoefenen.
De 18de eeuw is de eeuw van de verlichting. Maatschappelijk komt er meer aandacht voor de vrouw, vooral ook voor de moeder. Het bekende schrijfstersduo Betje Wolff en Aagje Deken besteedde in hun werk aandacht aan de moeders, maar waren ook tegen de slavernij. ‘Adel en elite’ beginnen af te nemen, onderwijs en opvoeding krijgen meer aandacht.
De 19de eeuw is de tijd van industrialisatie en democratisering. Vrouwen beginnen op te komen voor hun rechten. Voor het eerst worden er in deze periode vrouwen beschreven met grote sportprestaties.
En dan de twintigste eeuw met veel bekende namen van al overleden vrouwen. Vrouwen spelen nu een rol in de politiek en het feminisme krijgt vorm in deze eeuw. Veel kunstenaressen en schrijfsters zijn er, met name ook van kinderboeken. Verzetsstrijdsters in de Tweede Wereldoorlog hebben een plaats gekregen. En wie is de jongste van allemaal? Ja, Anne Frank (1929), het Joodse meisje, dat met het gezin moest onderduiken in het ‘Achterhuis’. Ze schreef daar in haar dagboek. In 1944 werd er verraad gepleegd en vielen de Duitsers het Achterhuis binnen. Anne en haar zus kwamen in het concentratiekamp Bergen Belsen terecht, waar ze in 1945, niet lang voor de bevrijding, stierven. Door haar, gelukkig bewaarde, dagboeken is Anne Frank wereldberoemd geworden.

Dit zijn enkele beelden van wat we in 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis tegenkomen. Een aantrekkelijk boek. Je blijft bladeren. Maar de vrouwen die een rol speelden in Suriname? Sommige grote figuren zijn helemaal niet genoemd. Wie ik het meest mis is Nola Hatterman (1899-1984), kunstenares, die in 1953, kennis gemaakt hebbend met Surinaamse kunstenaars van ‘Wie eegie sanie’ naar Suriname verhuisde en daar een kunstopleiding opzette. Ze was dé grote stimulator van werkelijk Surinaamse kunst. Nola voelde zich naar eigen zeggen ‘een neger’. Ze komt niet in het boek voor! Maria Sybilla Merian (1647-1717), gelukkig wel. Deze vrouw van Duitse afkomst heeft lang in Nederland gewoond. Met haar twee dochters ging ze in 1700 naar Suriname en tekende en schilderde daar reptielen, insecten, amfibieën in combinatie met prachtige planten en bloemen: schitterend werk. Veel boeken over haar leven en werk zijn verschenen. Jammer dat ‘Maria Sybilla Merian & dochters’ van Ella Reitsma niet genoemd is, een biografie met veel afbeeldingen van haar werk. Uit de negentiende eeuw is er niemand uit Suriname in het boek en uit de twintigste eeuw alleen Sophie Redmond, arts en schrijfster.

Hoe heeft het onderzoek dat aan de basis van dit boek plaatsvond zich afgespeeld? Is het zo’n beetje toevalzoeken geweest? Is de biografie van Nola Hatterman door Ellen de Vries niet bekend? De samenstelster Els Kloek is toch specialiste op internetgebied, in internetonderzoek? 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenisis een aantrekkelijk boek, maar is het ook wetenschappelijk verantwoord?

Els Kloek (samenstelling): 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Nijmegen: uitgeverij Vantilt, 2013. ISBN 978 94 6004 141 9

Boek Surinaamse vrouwen in de geschiedenis?

Foto: Moniza Reit
 
door Jerry Dewnarain
 
Al jaren verschijnt het Jaarboek voor vrouwengeschiedenis. Het zevende nummer, dat uitkwam in 1986 (bij uitgeverij SUN te Nijmegen) was (als eerste) gewijd aan vrouwen in de koloniën. Veel bijdragen gaan over vrouwen in de Oost, enkele over hen in de West. Wim Hoogbergen en Marjo de Theije geven een overzicht van ‘Surinaamse vrouwen in de slavernij’. Marjo Oomens praat over veelwijverij in de negentiende eeuw en Maria Lenders over misi Hartman, een zendelinge voor de EBG. Deze uitgave biedt een uitdaging om meer vrouwen in Suriname tebeschrijven. Deze uitdaging is nog maar beperkt opgepakt.
Voor het Caraïbisch Gebied is dat anders. De zeer productieve auteur Verene Shepherd (van de University of the West Indies, Jamaica) heeft een bundel voor de middelbare scholen gemaakt ter introductie van Women in Caribbean History, en wel van het gebied gekoloniseerd door Engeland (Kingston: Ian Randle Publishers, 1999). Dit was een project van de afdeling Sociale Geschiedenis van de universiteit, en ze heeft dan ook dankbaar gebruik gemaakt van een aantal researchassistenten. De hoofdstukken zouden we in Suriname zo over kunnen nemen: eerst de inheemsen, de planters, de tot slaaf gemaakten, de vrije zwarten en kleurlingen en vervolgens de andere immigranten. Met aan het einde van elk hoofdstuk – heel belangrijk – stof voor de studenten om verder te lezen en bronnen voor de docenten. Net als bij het Nederlandse boek, 1001 Vrouwen in de Nederlandse geschiedenis, zou voor de twintigste eeuw kunnen gelden dat alleen vrouwen die al overleden zijn worden besproken.
In de onderstaande lijst gaat het slechts om een druppel op de hete plaat. Het zijn vrouwen die niet meer in leven zijn. Er is een keuze gemaakt, dat wil zeggen dat deze lijst onvolledig is. Het gaat in dezen om vrouwen die een bijdrage hebben geleverd aan de opbouw van Suriname op elk gebied. Zij hoeven dus niet in Suriname te zijn geboren. De volgorde van de namen is niet alfabetisch en niet volgens een bepaalde periode.
Nola Hatterman, Na Desi!, 1952

 

Ma Pansa:stammoeder van vele Pansa’s in Balingsoela, Bendekonde en andere dorpen. Toen Ma Pansa in de slaventijd met haar man Adjako wegvluchtte van de plantage, verstopte zij rijstkorrels in haar dikke vlechten, zodat ze die kon planten als ze in het binnenland aankwam. Zij was de eerste die daarmee rijst introduceerde in Boven-Suriname.
Miep Dekker, 1922-2002: zendingsarts van het Zeister Zendingsgenootschap. Haar eerste standplaats was Kabel. Vanaf oktober 1960 werkte Miep Dekker in Botopasi. Vanaf maart 1962 tot haar pensionering in 1989 was ze werkzaam in Ladouani. Door de Binnenlandse Oorlog bleef Miep Dekker ruim twee jaar langer dan haar pensioengerechtigde leeftijd op haar post, omdat ze de mensen in het binnenland niet in de steek kon laten. Dat was typerend voor haar plichtsbesef en haar grote liefde voor Suriname.
Jaja Dande:een Saamaka gaanmuye (wijze vrouw), de moeder van granman Johannes Arabi, naar wie het ziekenhuis te Djumu is genoemd.
Mata Gauri: hindostaanse contractarbeidster die veel sociaal werk heeft verricht.
Tetary: hindostaanse contractarbeidster die in verzet kwam. Opvallend genoeg is het een moslimvrouw geweest die
meer dan enige leider het beste voorbeeld is geweest van de vasthoudendheid, opoffering en strijdbaarheid die de hindostanen hebben getoond in hun strijd tegen het kolonialisme.
Grace Schneiders-Howard, 1869-1968: politica en socialiste, was de eerste vrouw die gekozen werd in de Staten van Suriname in 1938.
Sophie Redmond, 1907-1955: eerste zwarte vrouwelijke dokter in Suriname en toneelschrijfster.
Elisabeth van der Woude, 1657-1698: schrijfster van reisverslagen en egoducumenten. Egodocumenten van Nederlandse vrouwen uit de 17de eeuw zijn nogal zeldzaam.
Maria Susanna du Plessis, 1739-1795: was een plantagehoudster in Suriname. Du Plessis stond bekend als een van de meest wrede plantagehoudsters in de Surinaamse geschiedenis.
Koningin Wilhelmina, 1880-1962: in het binnenland hangen er nog steeds foto’s van haar! En het standbeeld te Fort Zeelandia.
Coba Cobelens:directrice van drukkerij Eldorado. De drukkerij die nadrukkelijk haar stempel zou zetten op de jaren 1957-1975. Onder het strenge bewind van Coba Cobelens rolden daar vele zeer verzorgde uitgaven van de persen. Eldorado drukte Moetete, maar ook het werk van praktisch alle auteurs rond dit tijdschrift, alsook de boeken die vanaf 1969 uitkwamen bij het Bureau Volkslectuur.
Silvia Wilhelmina de Groot-Rosbergen, 1918-2009: was wetenschapper en Surinamist, gespecialiseerd in de geschiedenis van de Surinaamse marrons en zich bewegend op het grensvlak van geschiedenis, sociologie en antropologie.
Elfriede Baarn-Dijksteel
Nola Henderika Petronella Hatterman, 1899-1984: kunstenares. In 1953 vestigde zij zich als beeldend kunstenaar in Suriname. Na haar dood werd door oud-studenten het Nola Hatterman Instituut opgericht.
Johanna Isidoro Eugenia Schouten-Elsenhout, 1910-1992: was dichteres. Elsenhout debuteerde in 1962 in het tijdschrift Soelaen kwam daarna met twee poëziebundels in het Sranan: Tide ete (Vandaag nog, 1964) en Awese (Begeesterd, 1965).
Isabella Richards, onderwijzeres en parlementariër van 1963-’69.
 
Elfriede Baarn-Dijksteel, 1948-2010: heeft zich met hart en ziel ingezet voor cultuurbehoud van Afro-Surinamers en was jarenlang voorzitter van de culturele organisatie NAKS. Daarnaast vervulde zij een voortrekkersrol op het gebied van gender en ontwikkeling.
Wilhelmina Angelica Adriana Merian Rijburg alias Maxi Linder, 1902-1981: was een Surinaamser prostituee die tot ver over de grenzen van Suriname bekend is, doordat er in 1999 een roman van Clark Accord verscheen over het leven van deze vrouw.
Carmelita Fereira, 1955-2013: was heel sociaal voelend en heeft zich ingezet voor de belangen van sociaal zwakkeren. Ferreira was hoofdbestuurslid van de Nationale Partij Suriname (NPS) en is tien jaar lang volksvertegenwoordiger geweest in de periode 2000-2005 en van 2005-2010.
Betsy Ramkaly Gonesh (Zuster Gonesh), 1908- ?: begon op haar twintigste de speciale opleiding voor vroedvrouwen, die speciaal opgezet was voor vroedvrouwen die in de landelijke districten te werk zouden worden gesteld. Ze staat te boek als de eerste hindostaanse vroedvrouw in Suriname.
Het is duidelijk, dat vrouwen in het verleden een kleine rol speelden in overgeleverde geschriften. In het leven vol strijd en moeilijkheden zullen ze zeker belangrijk geweest zijn. Maar als heldinnen de geschiedenis ingegaan? Zoals Boni en andere helden? Wel is de moeder van Boni natuurlijk een belangrijke figuur, die, zwanger van haar meester, vluchtte en beviel van haar zoon in een marrondorp. Ze is vastgelegd in het toneelstuk van Bruma. Deze lijst geeft voorbeelden van vrouwen die besproken zouden kunnen worden in een Surinaams alternatief van het Nederlandse vrouwenboek. 1001 zullen wij niet halen!

Museum voor Moderne Kunst Arnhem koopt werk Nola Hatterman

Nola Hatterman – Jazz (1934)

Op de veiling Impressionistische en Moderne Kunst bij Christie’s Amsterdam heeft het Museum voor Moderne Kunst Arnhem (MMKA) twee schilderijen weten te verwerven die een prachtige aanvulling zijn op de collectie vooroorlogs realisme van het museum, een van Kasper Niehaus (1889-1974) en een van de Nederlands-Surinaamse kunstenares Nola Hatterman (1899-1984). Het opvallende werk, getiteld Jazz (1934), toont in groene en gele kleuren een gestileerde weergave van een jazzorkest en geeft daarmee een beeld van de uitbundige, vooroorlogse jazzcultuur. Het werk weerspiegelt Hattermans voorkeur voor de cultuur van mensen met een donkere huidskleur en kan als prelude worden gezien voor haar latere vertrek naar Suriname. De schilderijen die Hatterman omstreeks de jaren dertig maakte vertonen uitgesproken kenmerken van de nieuwe zakelijkheid. Het MMKA heeft van haar een stilleven uit 1929 in langdurig bruikleen van het Stedelijk Museum Amsterdam dat te zien is in de collectiepresentatie.

De aankopen zijn mogelijk gemaakt door de BankGiroloterij.

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter