blog | werkgroep caraïbische letteren
Posts tagged with: Fatah-Black Karwan

Slavernijmoment in Hoofddorp onthuld

Op 1 juli 2018 is een slavernijmonument in Hoofddorp onthuld in Hoofddorp Een mooie bijeenkomst, ingewijd door onder meer dominee Stefan Bernard van de Haarlemse Evangelische Broedergemeente, die hoopte dat ook de voorouders met dit monument enige rust zouden krijgen. read on…

Postkoloniale Beeldenstormen

Gert Oostindie geeft 5de Daendelslezing in het Rijksmuseum

 

Historicus Gert Oostindie neemt onze omgang met het koloniale verleden kritisch onder de loep. Ook het actuele, soms hoog oplopende publieke debat daarover komt aan bod. read on…

De Verzwegen Geschiedenis van Anton de Kom

Wat kunnen we leren van het verzet van Anton de Kom? Daarover organiseren New Urban Collective en The Black Archives op 25 februari een avond bij The Black Archives in Amsterdam. Met een expositie, lezingen én een filmpremière. Over het leven van de man die streed tegen de onderdrukking van zwarte arbeiders – en tegen de Duitse bezetting. read on…

Vasthouden aan koloniale nostalgie helpt niemand verder

Ieder tijdsgewricht ruziet over wie held is en wie schurk, schrijft . Hij reageert op historicus Piet Emmer die vindt dat nakomelingen van slaven niet moeten ‘rondzeuren’ in het verleden.

De JP Coenstraat in Tilburg en Utrecht, de Stuyvesantstraat in Amsterdam, de Van Heutzstraat in Enschede, het standbeeld voor Coen in Hoorn en een beeldje voor Stuyvesant in Amsterdam – eerbetoon aan koloniale houwdegens vinden we in heel Nederland. read on…

Zo hoog blazen we niet van de toren

Dat de Leidse rechtsgeleerde Hugo de Groot zich niet druk maakte over Nederlandse slavenhandel is geen onzorg­vuldige vaststelling, noch een onterechte veroordeling achteraf, vinden historici Gert Oostindie en Karwan Fatah-Black.

read on…

22 oktober Konmakandra Surinaamse Genealogie

Konmakandra
Zaterdag 22 oktober 2016
Christus Triumfatorkerk – Den Haag read on…

Slaven waren niet machteloos

Interview De jonge historicus Karwan Fatah-Black krijgt een Heineken Young Scientists Award voor onderzoek naar koloniale geschiedenis en slavernij. read on…

Geen schuldgevoel? Dan ook geen trots

door Karwan Fatah-Black

Schuldgevoel is in bepaalde gevallen gepast. Bijvoorbeeld voor degene die zich wentelen in koloniale nostalgie en zeeheldenverering

Het boek Roofstaat van Ewald van Vugt presenteert een lange lijst aan misdaden die onder Nederlands gezag overzee gepleegd zijn. Bijna gelijktijdig verscheen White Innocence van Gloria Wekker. Een boek met een hedendaagse en dus ongemakkelijkere boodschap. In beide boeken komen vragen over schuld en onschuld op. Wat moeten we daarmee? Moet je je schuldig voelen over daden die anderen, in een ver verleden hebben gepleegd? En wat is het verband met hedendaags onrecht? read on…

Slavernij in internationaal vergelijkend perspectief: een verkenning

Op dinsdag 15 september 2015 organiseert het Netwerk Slavernijverleden Amsterdam: Wetenschappelijk Onderzoek en Erfgoed (VU-CLUE+) het symposium Slavernij in internationaal vergelijkend perspectief: een verkenning. read on…

(Post)koloniale literatuur nu ook pluricontinentaal bekeken

 
door Karwan Fatah-Black
Op het omslag van Shifting the Compass; Pluricontinental Connections in Dutch Colonial and Postcolonial Literature, geredigeerd door Jeroen Dewulf, Olf Praamstra en Michiel van Kempen,  prijkt een kaart met daarop prominent een windroos in beeld en een tekening van een zeventiende-eeuws scheepje. Het vaartuigje oogt weifelend; hoewel het vóór de wind lijkt te gaan, wappert een van de zeilen doelloos langs de mast. Aan de randen van de kaart zien we drie onherkenbare continenten.
De bundel is een verzameling essays waarin verschillende auteurs pogingen doen om de Nederlandse koloniale literatuur en geschiedenis te bezien vanuit een pluricontinentaal perspectief. Daarmee verschuiven de auteurs de verteltrant richting de veelheid aan verbindingen en relaties die er ontstonden als gevolg van de Nederlandse kolonisatie in de Amerika’s, Afrika en Azië. In plaats van de nog steeds dominante nadruk op de relatie en verhouding tussen kolonie en kolonisator, zoeken de auteurs juist naar de verbindingen tussen ‘Oost’  en ‘West’. Deze opzet is geslaagd. Hoewel dergelijke bundels vaak maar moeizaam tot coherentie en eenheid komen, lukt het in Shifting the Compass wel degelijk overtuigend een stap voorbij het postkolonialisme te zetten.
V.l.n.r. Olf Praamstra, Adriaan van Dis, Ena Jansen
Naast de academische artikelen die de hoofdmoot van de bundel vormen, verzorgen Adriaan van Dis en Giselle Ecury aan het begin en het einde van het boek een persoonlijke reflectie op het thema. Van Dis doet dat vanuit zijn rijke ervaring in postkoloniale literaire kringen, om te eindigen met een bespiegeling over wat postkoloniale schrijvers heeft verbonden: ervaringen met racisme, discriminatie, maar vooral ook het onderzoek naar de Nederlandse cultuur en het verschil met het eigene. Ecury schetst een genealogische geschiedenis die reikt van de Antillen tot Duitsland en die eindigt rond de opening van een museum in het gebouw dat ooit haar overgrootmoeders shap (winkel) was. De twee stukken leggen sterk de nadruk op levenslopen en familiegeschiedenissen, wat ook een aantal andere artikelen in de bundel kenmerkt. Naast dergelijke ‘microgeschiedenissen’ biedt de bundel ook onderzoeken naar koloniale inspiratiebronnen voor Nederlandse literatuur, en meer historische bijdragen.
Het is uiteraard niet mogelijk om alle artikelen in de zo uiteenlopende bundel recht te doen, mijn aantekeningen in het boek zelf en op mijn kladblok overschrijden ruim de gestelde limiet aan het aantal woorden dat in OSO beschikbaar is voor een recensie. Het zal moeten volstaan om er drie stukken wat meer uit te lichten, en in een afrondende alinea de balans van het gehele project op te maken.
Rudolf Mrazek
Op het stuk van Van Dis volgt het artikel van Rudolf Mrazek. In vier delen bespreekt hij het overlappende werk en leven van drie mannen: Dr. Louis Schoonheyt, Chalid Salim, en Anthony van Kampen. De belangrijkste decors voor het verhaal zijn de gevangenenkampen Boven Digoel waar vanaf het einde van de jaren 1920 tot 1943 (vermeende) Indonesische communisten werden opgesloten en Jodensavanne waar (vermeende) Indische nazi-sympathisanten tijdelijk vast zaten. Aan de randen van het uiteenvallende Nederlandse imperium schetst Mrazek hoe Schoonheyt, geïnterneerd in Jodensavanne vanwege zijn NSB-sympathieën na vijftien jaar arts te zijn geweest in Boven Digoel, er niet aan ontkomt de parallel te zien tussen hemzelf en de opgesloten communisten. Salim daarentegen, in zijn jonge jaren als communist opgesloten in Boven Digoel, schrijft zelfs na de massamoord van Soeharto op de Indonesische communistische beweging bewonderingsvol over ‘onze president’. De vervlechting van de verhalen en levenslopen en de schuivende ideologische perspectieven lenen zich voor bespiegelingen over de manier waarop aan  geschiedenis en literatuur betekenis wordt gegeven en hoe die zelden goed lijken te rijmen met de beleving van degenen die de ideologisch geïnterpreteerde gebeurtenissen doormaakten.
Nicole Saffold Maskiel
Een andere bijdrage aan de bundel waarin de interkoloniale uitwisselingen en netwerken sterk worden geïntegreerd is het mooie onderzoek van Nicole Saffold Maskiel naar de lange lijnen van slaafeigendom tussen de Nederlandse Caraïben en Nieuw Nederland (tegenwoordig New York). In het artikel bespreekt Maskiel de lange ketens van slaafeigendom die door de geschiedenis van de Noord Amerikaanse heersende klasse lopen. Via de familie Stuyvesant die van Curaçao naar Nieuw Amsterdam ging, is slavernij onlosmakelijk onderdeel van de familiegeschiedenis van het vooraanstaande geslacht Bayard geworden. Maskiel laat zien dat via interkoloniale en interimperiale handelsverbindingen slaafgemaakte Afrikanen in Noord Amerika terecht kwamen, en hoe de vertrouwdheid met het eigendom van mensen door overerving van generatie op generatie werd doorgegeven.
Michiel van Kempen
Suriname en de Caraïben keren in de gehele bundel regelmatig terug. Aan het eind van de verzameling zit een stuk van Michiel van Kempen waarin hij onderzoekt hoe men in ‘nieuwe naties’ literatuur begint te lezen, en komt tot ‘postkoloniale canonformatie.’ Hij richt zich in het stuk met name op Suriname, maar het gebrek aan resultaat van de Surinaamse canoncommissie haalt de angel wat uit het stuk. Het is duidelijk dat er ook zonder een formele canon, iedereen met kennis van de Surinaamse literatuur zonder problemen een lijst op zou kunnen stellen van belangrijke werken. Typisch Surinaams-Nederlandse vraagstukken, zoals of de diaspora wel op zo’n lijst mag figureren spelen natuurlijk onmiddellijk op. Van Kempen legt veel nadruk op de celebrity culture dynamiek in Suriname. In het stuk van Van Kempen blijft het ‘pluricontinentale’ aspect buiten beeld.
Over het geheel genomen is de bundel een boeiende verzameling van stukken geworden. Het verschuiven van de aandacht van postkoloniaal naar pluricontinentaal is door de meeste auteurs met succes omarmd. De redacteuren zijn er in geslaagd om in een pluricontinentaal project een lezenswaardige en belanghebbende eenheid te creëren.
Jeroen Dewulf, Olf Praamstra en Michiel van Kempen (ed.), Shifting the Compass; Pluricontinental Connections in Dutch Colonial and Postcolonial Literature.Newcastle upon Tyne: Cambridge Scholars, 2013. 286 p., ISBN 978 14 4384 228 0,  prijs £ 44,99.

 

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter