blog | werkgroep caraïbische letteren

Nieuwe aanwinst Amsterdam Museum: Ken Doorson, Manumission Pauline

door Tom van der Molen

De allernieuwste aanwinst van het Amsterdam Museum is een schilderij van Ken Doorson (Moengo, 1978): Manumission Pauline. Voor de in Paramaribo werkzame schilder Doorson is zijn afkomst – als nazaat van voorouders die tot slaaf gemaakt zijn – een belangrijk thema. Het schilderij is één van een serie schilderijen die allemaal manumissiebrieven als vertrekpunt hebben. Manumissiebrieven zijn bewijzen dat een tot slaaf gemaakte is vrijgekocht. Doorson kopieert de brief en schildert er een – fictief – portret bij. Fictief of niet, het portret geeft leven, een gezicht aan de naam en het document uit het verleden. Het zorgt ervoor dat de beschouwer zich emotioneel betrokken kan voelen bij het stukje papier in de hand van Pauline, dat een deel van de slavernijgeschiedenis vertelt.

 

Ken Doorson, Manumission Pauline, Amsterdam Museum 2016

 

Vrijgekocht

Jacoba Paulina Huizum (geboren 1820), werd op 26 augustus 1861 vrijgekocht door Jan Houthakker. Een intrigerende man, deze Houthakker. Tussen 1849 en 1863 (het jaar van de afschaffing van de slavernij) kocht hij maar liefst 129 slaven vrij. De eerste twee waren Hendrika Elisabeth Gassel en Magdalena Diana Gassel, moeder en dochter. Jan trouwde vervolgens Hendrika. Naar alle waarschijnlijkheid kocht hij dus eerst zijn eigen gezin vrij. We weten helaas (nog) niet hoe hij het geld bij elkaar bracht voor deze vrijkopingen.

Jan Houthakker was zelf ook ex-slaaf. In 1838 werd hij vrijgekocht. De mannen die hem vrij kochten waren Gregoris Carel de L’Isle, Nathaniel Vollenbeek en Johannes Zwiep. Die laatste twee waren op hun beurt vijf jaar eerder al vrijgekocht. Zwiep kocht tien mensen vrij, Vollenbeek twee.
Maar Houthakker spant dus echt de kroon, naast zijn vrouw en dochter koopt hij nog eens 127 mensen vrij, waaronder Pauline, die nu van Ken Doorson een gezicht heeft gekregen. Doorson geeft met zijn serie een andere aspect van de slavernijgeschiedenis weer. Vaak wordt gezegd dat slaven in 1863 de vrijheid ‘kregen’ van Koning Willem III (hoewel ze nog tien jaar op de plantages moesten blijven werken). Maar er waren dus ook al eerder vrije niet-blanken.

 

Een manumissiebewijs

Rolmodel Houthakker

Tot en met 20 november is in het Amsterdam Museum nog de tentoonstelling Zwart Amsterdam te zien met beelden, verhalen en voorwerpen die te maken hebben met bekende en onbekende zwarte rolmodellen van Amsterdammers. Aan het eind van de tentoonstelling en in speciale rondleidingen word je als bezoeker uitgenodigd ook eens in de vaste opstelling te kijken hoe de geschiedenis van zwarte Amsterdammers daar vertegenwoordigd is. Die hebben vooralsnog weinig sporen nagelaten in de collectie. Plantage-eigenaren lieten wel zichzelf of hun plantage schilderen, maar niet de mensen die ze uit Afrika haalden om voor hen te werken. We zijn echt verguld met het werk van Doorson en de mogelijkheden die het geeft weer wat meer van de slavernijgeschiedenis te vertellen, nog wel vanuit het perspectief van de mensen die onder de slavernij geleden hebben.

Jan Houthakker had als rolmodel in de tentoonstelling niet misstaan. In de periode dat Engeland en Frankrijk de slavernij al af had geschaft wachtte hij niet af tot Nederland eindelijk zou volgen, maar nam het heft in eigen handen om vele van zijn ex-lotgenoten te bevrijden.

[van de site van Amsterdam Museum, 14 november 2016]

1 Trackback/Ping

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter