blog | werkgroep caraïbische letteren

In memoriam Henry Coffi

door Jos de Roo

In de nacht van 26 op 27 december is op 78-jarige leeftijd een van de grote geesten van Aruba overleden na een maandenlange ziekte die zijn lichaam sloopte. Henry Coffi was een unieke persoonlijkheid door een zeldzaam voorkomende combinatie van eigenschappen. Hij had allereerst een goed internationaal zakelijk inzicht gekoppeld aan grote managementcapaciteiten.

 

Henry Coffi

Zo klom hij in de olie-industrie op tot general manager van de Lago en was hij ook de man die het noodlijdende Air Aruba er bovenop moest helpen. Daar stopte hij mee, toen de toenmalige megalomane minister hem dwong ruimschoots gratis tickets te geven aan onder meer sportteams. Hier toonde zich een tweede eigenschap van hem: zijn onkreukbaarheid. Hij was verder een man die meer dan normaal begaan was met het lot van de allerzwaksten uit de samenleving: misbruikte of mishandelde kinderen die in Casa Cuna werden opgevangen. Als voorzitter van het bestuur van Casa Cuna schreef hij menige ingezonden brief uit verontwaardiging dat de overheid dit tehuis zo stiefmoederlijk aan zijn financiële lot overliet. Uit die brieven bleek dat hij helemaal geen last had van overmatige eerbied voor gezagsdragers. Hij vond dat ze moesten doen waarvoor ze waren aangesteld en dat ze pas enig gezag kregen als ze dat inderdaad deden.
In andere ingezonden brieven bleek nog een karaktertrek van hem: hij had een scherp oog voor absurditeiten en kon daar als een speelse geest de spot mee drijven, zoals een cabaretier dat doet. Zelf tot op het bot integer nam hij zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid zoals hij die zag toen een partij werd opgericht die dit als voornaamste actiepunt had. Zouden anderen met een carrière als de zijne slechts sympathisant van RED worden, hij ging zich er als penningmeester actief voor inzetten. Hij was als onafhankelijke geest tevens waarschijnlijk het meest kritische lid die het lang niet met alle partijstandpunten eens was, wat hij tegen de partijleider zei en ook buiten de partij als men hem ernaar vroeg.
Door de combinatie van eigenschappen was het steeds een genot om hem te ontmoeten. Was hij aanvankelijk voor mij een vraagbaak als het om de raffinaderij of om de luchtvaartpolitiek, of om de Arubaanse maatschappij ging, hij werd steeds meer een baken voor me. Een baken van integriteit, een baken voor de instelling dat je wel met iemand fors van mening kunt verschillen maar dat diegene daarom nog niet per definitie een vijand is, een baken voor het feit dat ernstige zaken ook altijd vermakelijke absurde kanten hebben en vooral: een baken voor het feit dat je op Aruba wel kunt zeggen en schrijven wat je denkt als je maar niet bang bent.
Twee weken voor zijn dood zijn we hem thuis wezen opzoeken. Hij kon eigenlijk niets meer, maar zijn geest was helder. Hij legde onder meer uit wat de deal over de raffinaderij ging worden en waarom Venezuela die deal nodig had. Over zichzelf hield hij zich op de vlakte: het was afwachten of de medicijnen nu zouden aanslaan. Ik had hem zo graag willen bedanken voor het feit dat hij voor mij een baken was geweest, maar ik kon niet. Het zou als een in memoriam zijn geweest, terwijl hij leefde en is hoop niet de enige kracht die in leven kan houden? Die hoop is nu gedood. Hij laat een verschrikkelijke leegte na op Aruba.

 

1 comment to “In memoriam Henry Coffi”

  • Begin jaren ’70 woonde ik op Aruba en was in die tijd dik bevriend met Henry. Na vele jarn vroeg ik me ineens af hoe het toch met hem zou zijn. Nu zie ik tot schrik dat ik precies een paar maanden te laat ben. Wat jamm

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter