blog | werkgroep caraïbische letteren

De Oranjetuin: slepen aan een dood paard

Nee, niet de Henck Arronstraat, dit is en blijft de Gravenstraat met rechts de Nieuwe Oranjetuin.

Het verhaal van Audry Wajwakana in de Ware Tijd van vandaag, “Stichting Oranjetuin wacht op grondbeschikking”, maakt weer eens pijnlijk duidelijk hoe machteloos goedwillende burgers staan bij hun pogingen ons nationale erfgoed te conserveren. In 1985 heeft Rotary Club Paramaribo bij haar 35-jarig bestaan de Oranjetuin geadopteerd en heeft zij de taak op zich genomen de begraafplaats te beheren en te onderhouden, waartoe in 1988 de Stichting Oranjetuin werd opgericht. Het bevreemdt mij dan ook de voorzitter van de stichting, Gerard Alberga, nu te horen zeggen geen beschikkingsrecht te hebben op de begraafplaats, want hoe is beheer mogelijk zonder beschikkingsrecht? Of is het wellicht zó dat in 1985 een toezegging is gedaan die nooit is verzilverd?

Gezicht op het Oranjekerkhof van Paramaribo, buiten de stad. (Litho uit: 
P.J. Benoit, Voyage à Surinam, 1839)

In Country Report Suriname, The Atlantic World and the Dutch, 2006, publiceerden Jack Menke & Jerome Egger een casestudy “Oranjetuin”, waaruit blijkt dat Rotary ook een plan had ontwikkeld om wandelpaden aan te leggen op de begraafplaats en een er genealogisch onderzoekcentrum te ontwikkelen, plannen die veel steun kregen vanuit de gemeenschap. De eerste stap bestond uit een inventarisatie van alle daar begraven personen. Netwerken van de leden van het stichtingsbestuur hebben waardevolle gegevens uit in het verleden gedaan onderzoek boven water gebracht. Een goed aanknopingspunt werd bovendien verkregen met de publicatie van Grafzerk en Suikerwerk*), namen op oude grafstenen in Suriname en Brits Guyana, door de Stichting voor Surinaamse Genealogie in 2006.

In dit boek zijn te vinden:
      * de namen en andere gegevens op de grafzerken in de begraafplaats Nieuwe Oranjetuin in Paramaribo;
      * de namen en andere gegevens op de grafzerken in en rond de Hervormde Kerk in Paramaribo;
      * de namen en andere gegevens op grafzerken elders in Suriname en in Brits Guyana, op plantages en in Georgetown;
een en ander zoals opgeschreven door Frederik Oudschans Dentz in het begin van de vorige eeuw. Er zijn de namen in aan te treffen van de eerste generaties van oude Surinaamse families, zoals Halfhide, Wesenhagen en Stuger. Sommige van de door Oudschans Dentz beschreven grafstenen zijn inmiddels niet meer terug te vinden, omdat de begraafplaats is opgeruimd, of omdat de stenen op andere wijze zijn verdwenen, bijvoorbeeld omdat ze door omwonenden zijn gebruikt als stoeptegels.

Helaas heeft ook dit aanknopingspunt nergens toe geleid, althans níet voor de Oranjetuin. Mencke & Egger concluderen dan ook dat 18 jaar later (inmiddels zijn we 24 jaar later!) nog praktisch niets van deze plannen is uitgevoerd. Want zeggen ze, het geeft aan hoe moeilijk het is een dergelijk project te ontwikkelen wanneer het geld niet beschikbaar is en wanneer de specialisten om alle aspecten van het plan aan te pakken niet of niet makkelijk zijn te vinden. Bovendien klinkt het eenvoudig: samenwerking tussen de diverse specialismen, maar zoiets is slechts moeizaam te realiseren.

Graf van Cornelis Jongba 

Punwasi wilde Oranjetuin wegbulldozeren
De in 1926 gesloten Nieuwe Oranjetuin werd in 1951 weer opengesteld, echter voor slechts tien jaar. In die periode werden de medeoprichter van de Nationale Partij Suriname (NPS) Frederik Lim a Po en de oprichter van de Surinaamse Luchtvaart Maatschappij (SLM) Rudi Kappel er begraven. Minder bekend is dat er ook christelijke Hindoestanen in de Nieuwe Oranjetuin werden begraven. In de archieven van Centraal Bureau Burgerzaken (CBB) zijn 1.600 graven geteld, maar Alberga vond er slechts 900 terug. In 1985 trachtte een cultuurbarbaar, de toenmalige minister van Justitie Subhaas Punwasi, de begraafplaats weg te bulldozeren om er een paleis van Justitie neer te zetten. Maar door tegenstand vanuit de gemeenschap werden deze plannen godzijdank niet doorgevoerd.”

Onbegrijpelijk is voor mij de afsluitende frase van Alberga tegenover Audry Wajwakana: “Ik ben hoopvol gestemd dat deze president wel een open oor heeft om de investering voort te laten gaan.” Dit is geslijm. Nog nooit in die ruim 32 jaar heeft Bouterse zich ingezet tot behoud van ons erfgoed. Zijn minister Subhaas Punwasi wilde in 1985  nota bene de Oranjetuin – duidelijk met instemming van Bouterse – wegbulldozeren, en dan zou hij nu opeens een open oor hebben? Come on Alberga! Nee, het blijft voorlopig slepen aan een dood paard.

*) “Suikerwerk” is de oude benaming voor suikerplantage. Voor het begraven op de oudste begraafplaatsen van Suriname moest met ponden suiker worden betaald.

11 comments to “De Oranjetuin: slepen aan een dood paard”

  • Ik ben opgegroeid aan de Jodenbreestraat. Pas op volwassen leeftijd drong het door dat de meeste van mijn voorouders van moederszijde begraven liggen op de Nieuwe Oranjetuin. Bij mijn laatste bezoek aan Paramaribo (2012) was de begraafplaats overwoekerd. Binnenkort kom ik weer, hopelijk is de begraafplaats nu toegankelijker. Het besef moet doordringen dat begraafplaatsen onderdeel zijn van het culturele erfgoed, en dat veel Surinamers in de diaspora op oudere leeftijd terugkeren op zoek naar hun wortels. Niet allen Surinamers zijn geïnteresseerd maar ook andere toeristen komen niet alleen voor de unieke houten binnenstad, maar ook voor de begraafplaats en andere sporen van het verleden.

  • Bij mijn stamboomonderzoek stuitte ik op vele fam en
    aanverwante personen die daar begraven zijn. Elk met
    Hun eigen geschiedenis en hun rol in die van ons land.
    Het kan er bij mij niet in dat na 30 jr er nog niets gerealiseerd
    is. Misschien moet een andere organisatie zich
    hiermee bemoeien.

  • De Gravenstraat is feitelijk de vertaling van The Lords road uit de tijd van Willoughby. Mooi toch dat de naamgeving van Gravenstraat is omgezet Henck Arronstraat en die van het Oranjeplein is omgezet naar Onafhankelijkheidsplein. Aanpassing van Oranjetuin naar Onafhankelijkheidstuin ligt meer voor de hand. Het plaatst de graven ter plaatse direct in een ander perspectief.

    • Gravenstraat is genoemd naar de straat naar de graven van de Nieuwe Oranjetuin! Daarvoor was het de Soldatenstraat of het Garnizoenspad van het Fort Zeelandia naar de twee forten aan de Saramaccarivier. Zeerovers konden anders via de Saramacca rivier via de Kwattaweg een aanval doen op Fort Zeelandia, dus moest je aan de Saramacca river forten hebben. Het Saramacca kanaal was er toen nog niet, dus gingen de soldaten te voet van Fort Zeelandia naar de Saramacca rivier, en heette het daarom de Soldatenstraat. Pas toen de Nieuwe Oranjetuin werd aangelegd heette het de Gravenstraat. Het begin van de Kwattaweg ter hoogte van de Wanicastraat heette in de jaren ’60 nog Soldatenstraat.

      Op de Nieuwe Oranjetuin mag je geen wandelpaden aanleggen want die zijn er nooit geweest. Want bij de Protestants Christelijke kerken was de begraafplaats rondom de kerk altijd een tuin. Het kerkhof heet daarom ook Oranjetuin en Nieuwe Oranjetuin. Het is een tuin waar de grafzerken kris kras door elkaar liggen zonder paden. Vooral dat karakter moet zo blijven want dat is de kern van de Protestants Christeljke geloofsleer, de gelovige bepaalt zelf hoe hij de teksten in de bijbel uitlegt. Hij bepaalt dus zelf hoe hij zijn grafzerk plaatst.

      • Beste Hildegaard,

        Dank voor jouw uitleg en toelichting. Ik begreep inmiddels dat Oranjetuin van de sinaasappelbomen is afgeleid. Dat laat mij dan weer twijfelen over de herkomst van de naam Oranjeplein.

        Laten we blijven puzzelen

        Mvg
        Nico

  • In sommige bronnen tref ik de bevinding aan dat een van de eerste Surinaams(-Nederlands)e dichters, Paul Francois Roos (1751-1805) gestorven is in ‘het laatste huis van de Soldatenstraat noordzijde, nabij de Fiottebrug’. Dat maakt de kans groot dat hij begraven is nabij de Hervormde Kerk (waarvan hij lidmaat was) in of bij de Oranjetuin. Kan iemand met meer historische expertise dan ik (en meer toegang tot relevante bronnen) dat bevestigen?

    • Geachte heer Couzijn,

      100 % zekerheid kan ik u niet geven, maar het is wel zeer aannemelijk dat Roos begraven ligt op de N.O.T. daar hij op 27 maart 1801 een plaats naast zijn vrouw Johanna Francina Seonnet ( 1762 –
      1796) bespreekt. “P.F.Roos, 17 maart 1801, Aan de kerkegerechtigheid voor ‘t koopen van den begraafplaats op de N.O.T. naast deszelfs huijsvrouw. Betaald 14 april 1801 Per Cassa f 60,-” Nationaal Archief, Oudarchief Burg. Stand Suriname, 30/69/27 – 3- 1801

      Hopelijk kunt u met deze gegevens uit de voeten.

      Ik treed overigens graag met u in contact, daar ik bezig ben met een proefschrift waarin Roos een zeer grote rol inneemt. Mijn promotor is Michiel van Kempen.

      Ik hoor graag van u.

      Met vriendelijke groet,

      Paul Hollanders (hollanders@planet.nl)

      • Geachte heer Hollander

        Paul Roos was de broer van mijn overgrootmoeder’s grootvader. Dat is dus heel ver weg in het verleden.

        Maar toch vraag ik me af of er nog een grafsteen is met zijn naam en of er nog nazaten van hem zijn die leven.

        Ik ben van 2 tot 7 november in Paramaribo (vanuit Canada). Mijn doop namen zijn Cornelis Francois en komt van de Roos familie

        Met vriendekijke groeten

        Kees van Linden Tol

        • Geachte heer Van Linden Tol,

          Wat prachtig om uw bericht te mogen ontvangen. De broer van Paul Francois Roos (1751 – 1805), Corneille (vooral bekend als Cornelis) Sebille Roos (1754 – 1820) is dus uw verre voorzaat, naar ik begrijp. Zoals ik geschreven heb aan de heer Couzijn, ben ik bezig met een proefschrift over Paul Francois. Ik beschik over zeer veel informatie. Maar zoals altijd is er meer wat je niet weet dan wat je wel weet. Zo is het ook bij mij.
          Ik ben dus zeer geïnteresseerd in bv. of u het graf zult kunnen lokaliseren.
          Ik heb vele vragen en ik kan u heel veel vertellen. Is het mogelijk dat wij via de mail rechtstreeks contact opnemen?
          mijn mailadres luidt: hollanders@planet.nl

          Ik hoop snel van u te horen.

          Met vriendelijke groet,

          Paul Hollanders

          • Heb je een email gestuurd , weet niet of je het ontvangen hebt

  • Onze pappa, harrypersad ramdhani, 07031911,
    Ligt in de oranjetuin on front
    Row met kappel en faijks en mahabier ramdhani, en ook
    an de kant graven straat ligt mijn schoonvader hermann philip schliessler.

    Hoop de verbeterde entourage binnenkort ter plekke te zien met veel dank aan allen die dit mogelijk hebben gemaakt. hetty schliessler-ramdhani mede namens otto schliessler.

Your comment please...

  • RSS
  • Facebook
  • Twitter